Waar vandaan: Gezond leven > Gezondheid > Bipolaire stoornis (manisch depressieve stoornis)

Bipolaire stoornis (manisch depressieve stoornis)

Inleiding

Een bipolaire stoornis wordt gekenmerkt door het herhaald optreden van episoden met heftige en extreme stemmingschommelingen. De stemming is dan gedurende een langere periode wisselend of zeer laag zijn (depressief) of zeer uitgelaten (manisch of hypomaan) of soms gelijktijdig manisch en depressief (gemengde episode). De episoden kunnen geïsoleerd optreden, dat wil zeggen dat ze worden afgewisseld door episoden van normale stemming, maar ook direct in elkaar overgaan. De depressieve fase duurt gemiddeld drie maanden, de manische fase één maand.
Onderverdeling

  • Bipolaire I stoornis
    Bij een zogenaamde "Bipolaire I stoornis" heeft men een manische episode doorgemaakt
  • Bipolaire II stoornis
    Bij een zogenaamde "Bipolaire II stoornis" is er sprake van recidiverende depressieve en hypomane episodes


Voorkomen

Circa 1% à 2% van alle volwassenen vanaf 16 jaar en ouder heeft in meer of mindere last van een bipolaire stemmingswisselingen. In Nederland zijn er circa 100.000 volwassenen (evenveel vrouwen als mannen) met een bipolaire stoornis.
Het begint vaak tussen de 16 en 25 jaar, maar kan ook later beginnen.

Verloop

Gemiddeld treden de stemmingswisselingen elke drie tot negen jaar op, met periodes van een normale stemming tussendoor. 15 tot 20% heeft last van ten minste vier episodes van een stemmingsstoornis (depressie, manie, hypomanie of mengvorm) binnen twaalf maanden, een rapid cycling. Men veronderstelt dat rapid cycling mogelijk mede wordt veroorzaakt door antidepressiva die tijdens een depressieve episode zijn gebruikt. Hier pleit tegen dat het frequente wisselen van stemming binnen een bipolaire stoornis al in 1913 (voor het gebruik van antidepressiva) door Emil Kraepelin werd gezien.
Bij sommigen staat de manie op de voorgrond, bij anderen de depressie. Een manische episode kan worden gevolgd door een depressie, andersom is ook mogelijk.
Het kan geleidelijk beginnen, maar ook acuut, soms binnen een dag. Vroege symptomen van een manie zijn vaak een afgenomen slaapbehoefte en meer energie.
Zonder behandeling gaan de episodes wel over, maar de risico's van een onbehandelde depressie of manie zijn groot. Een onbehandelde manie kan bijvoorbeeld leiden tot levensgevaarlijke lichamelijke uitputting, een depressie tot zelfmoord.


Oorzaken
Een bipolaire stoornis wordt veroorzaakt door een combinatie van factoren.

  • Biochemische factoren
    Onderzoek heeft uitgewezen dat sprake is van een verstoring van de balans van bepaalde stoffen in de hersenen.
     
  • Biogenetische factoren
    Hoewel er zeker sprake is van erfelijke factoren bij het ontstaan is de wijze van overerving nog niet vastgesteld. Bij familieleden van een patiënt met een bipolaire stemmingsstoornis komen stemmingsstoornissen vaker voor dan bij familieleden van mensen zonder een bipolaire stemmingsstoornis. Ook tweelingstudies laten zien dat er erfelijke factoren in het spel zijn. Bij eeneiige tweelingen, die hetzelfde erfelijke materiaal hebben, komt de ziekte vaker voor bij beide helften van de tweeling dan bij twee-eiige tweelingen.
    Grofweg kan men stellen dat kinderen die een vader of moeder hebben met een bipolaire stemmingsstoornis een tienmaal zo grote kans hebben op een bipolaire stemmingsstoornis dan normaal voorkomt in de bevolking (15% tegenover 1%). Men kan dus zeggen dat er zeker een verhoogd risico bestaat bij het kind op een bipolaire stemmingsstoornis als de moeder en/of de vader en/of een familielid een bipolaire stemmingsstoornis heeft.
    Het is echter niet mogelijk om voor de geboorte onderzoek te doen om vast te stellen of er een aanleg is voor het krijgen van de stoornis. Wel kan een klinisch geneticus (een specialist op het gebied van de erfelijkheid) worden ingeschakeld om de kans op overerving in een bepaald familie zo goed mogelijk in te schatten. Het is overigens wel aan te raden tenminste 1 a 2 jaar 'stabiel' te zijn alvorens zwanger te worden.
     
  • Psychosociale factoren
    Ingrijpende negatieve (echtscheiding, dood, verlies van werk etc.) en positieve gebeurtenissen (krijgen van een kind, promotie) kunnen veel spanning (stress) oproepen. Veel stress bij iemand die er gevoelig voor is, kan leiden tot een depressie of een manie.
     
  • Psychische factoren
    Naast de genoemde factoren is het verleden (geschiedenis) van grote invloed op hoe iemand denkt, voelt en handelt, wat zijn of haar normen en waarden zijn, hoe hij of zij met zichzelf en anderen omgaat. Met name het leren inslikken van boosheid speelt een belangrijke rol bij het ontwikkelen van een depressie.
    Onverwerkte ervaringen uit het verleden leiden onder meer tot het blokkeren van pijnlijke gevoelens die horen bij die ervaringen. Het blokkeren van die pijnlijke gevoelens draagt ook weer bij tot het ontstaan van een depressieve of manische episode.
     
  • Organische factoren
    Sommige drugs (bijvoorbeeld amfetaminen, cocaïne) kunnen een manie veroorzaken bij iemand die daar gevoelig voor is.


Behandeling

In 2001 is een herziene richtlijn bipolaire stoornissen van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) verschenen. Deze richtlijn is "een binnen de psychiatrische beroepsgroep overeengekomen gedragslijn voor gepaste zorg, die gebaseerd is op actueel klinisch wetenschappelijk onderzoek naar effectiviteit en doelmatigheid van beschikbare alternatieven, rekening houdend met de situatie van de patiënt."
In de behandeling van bipolaire stoornissen staat de farmacotherapie (medicatie) in de richtlijn centraal. Farmacotherapie wordt gecombineerd met psycho-educatie (voorlichting van familie en naasten van de patiënt) en counselling (kortdurende, probleemgerichte (praktische) begeleiding, gericht op het hier en nu).

Psycho-educatie
In de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) is ondermeer het recht op informatie vastgelegd. De patiënt heeft recht op informatie in begrijpelijke taal, over zijn of haar ziekte, de behandeling, de gevolgen en risico's van die behandeling en over eventuele alternatieve behandelingen. De zorgverlener is verplicht de patiënt deze informatie te verschaffen. Een manier om deze informatie te verschaffen is middels psycho-educatie. In de richtlijn wordt psycho-educatie omschreven als "een systematisch uitgevoerd voorlichtingsprogramma, waarin aandacht wordt besteed aan de symptomen, het beloop, vroege herkenning en het omgaan met de stoornis.
Bij de behandeling van bipolaire stoornissen is psycho-educatie een effectieve interventie gebleken ter bevordering van therapietrouw en ter voorkoming of beperking van het aantal recidieven.
Een essentieel onderdeel van voorlichting is het leren herkennen van vroege symptomen. Deze vroege symptomen treden gemiddeld twee tot drie weken voor een recidief van een depressie of manie op.
Lotgenotencontact wordt als optie genoemd in de richtlijn. Deze vorm van steun kan de patiënt en zijn of haar direct betrokkenen ondermeer helpen in het leren omgaan en accepteren van de aandoening en het contact met de hulpverlening verbeteren.

Psychosociale begeleiding (counselling)
Counselling is een kortdurende, probleemgerichte (praktische) begeleiding, gericht op het hier en nu. Een vorm van gesprekstherapie is een zinvolle aanvulling op de farmacotherapie. De thema's die aan bod dienen te komen vertonen een overlap met de onderwerpen die bij psycho-educatie aan bod komen zoals het belang van therapietrouw, een vast dag- en nachtritme en het herkennen van vroege symptomen. Meer specifiek richt counselling zich op psychosociale problematiek, acceptatie van de aandoening en (het ontwikkelen van) sociale activiteiten.
In de richtlijn bipolaire stoornissen2 worden drie specifieke therapieën genoemd: * Cognitieve therapie voor bipolaire stoornissen
Het accent ligt hier op de herkenning van en anticiperen op vroege symptomen door rust te nemen bij een beginnende manie en in beweging te komen bij een beginnende depressie.

  • Interpersoonlijke en sociaal-ritmetherapie
    Een combinatie tussen interpersoonlijke psychotherapie (IPT) en een therapie gericht op het bevorderen van een vast dag- en nachtritme en een vast patroon van sociale activiteiten.
     
  • Family-focused treatment (FFT)
    Kern is de veronderstelling dat een afwijzende omgeving het beloop van de bipolaire stoornise negatief kan beïnvloeden. Voorts omvat FFT psycho-educatie, communatietraining en trainingen in het oplossen van problemen.


E-mail deze pagina | Afdrukken | In favorieten opslaan In favorieten opslaan | Share/Bookmark

Je mening is belangrijk! Was deze pagina nuttig?



Een vraag of een probleem op SeniorenNet?
Kijk dan in het Helpcentrum (klik hier). Als je het daar niet kan vinden, helpen we je via e-mail op support@seniorennet.be.

Zoek binnen SeniorenNet:

Miebi (43) uit Kalken

Heb je een vraag op de mailgroepen... na enkele minuten is er al hulp, daardoor ook een goede vriendin voor het leven gevonden, proficiat!!!!

Meer over Miebi :
  • Thuishulp
  • 43 jaar
  • Bezoekt ons dagelijks
  • Getrouwd
  • 1 kind
  • Hobby's: wandelen, fietsen, winkelen, photoshoppen

Poll

De energiemarkt is volop in beweging. Bij welke energieleverancier zit jij momenteel?