Waar vandaan: Reisverhalen > Europa ( 520 ) > Met de caravan door Griekenland - mei 2004

Met de caravan door Griekenland - mei 2004

GRIEKENLAND 7.5.2004 – 8.6.2004

 

 

 

Vrijdag 7.5 en zaterdag 8.5.2004

We vertrekken vrijdag 13 h voor onze grote reis naar Griekenland. Het is koud en het regent. We rijden tot ca. 20h en plaatsen ons dan op een kleine camping ergens in de Vogezen. Het regent ook veel gedurende de nacht. ’s Anderendaags trekken we verder en het weer blijft guur, de temperatuur haalt amper 10°. Op de Simplonpas is het precies 0° en het sneeuwt er een beetje. Maar zodra we de Simplonpas over zijn wordt het merkbaar beter. Rond 17h30 zijn we Milaan voorbij. We rijden richting Bologna. We verlaten de autoweg om een camping te zoeken en komen terecht in een chaos van files en omleidingen en het schiet maar niet op! Rond 20 h zijn we het beu en we rijden terug de autosnelweg op en overnachten op een parking.

 

Zondag 9.5 (moederkensdag)

Ditmaal vlot het fantastisch en de zon schijnt. Tegen 13h30 zijn we nog 120 km van Bari verwijderd waar we morgenavond op de boot moeten voor de oversteek naar Patras – Griekenland. We houden halt op een camping aan zee en blijven er luieren tot morgenmiddag.

 

Maandag 10.5 – zonnig

Even na de middag, zo rond 13h30, vertrekken we naar Bari. Onderweg komen we een jong stel tegen dat met een Citroën 2CV (geit) al sinds januari op pad is, hoofdzakelijk om “wand-rotsbeklimmingen” te doen in verschillende landen.

Alles verloopt vlot en we zijn tegen 17h30 al aan boord van de boot “de Blue Horizon” die ons naar Patras zal brengen. Wij rijden met de caravan in de garage van de boot en worden dan heel deftig door de purser, die mijn WE-tas draagt, naar onze kajuit gebracht. Omdat camping-on-board sinds kort niet meer is toegestaan kregen we gratis een slaaphut ter compensatie. Wat een luxe: een eigen hut met douche en wc! De boot vertrekt om 20h en zal morgenmiddag om 12h30 in Patras aankomen. We blijven een poosje kijken naar het ongelofelijke aantal wagens en vrachtwagens die in de buik van de boot verdwijnen. We slapen goed, gewiegd door de lichte deining van het schip.

 

Dinsdag 11.5 – Zonnig 23°

Het is ruim 13h (Grieks tijd = 1 h later dan CET) als we in Patras aankomen. We moeten dwars door de drukke stad rijden om de hoofdweg te bereiken die ons naar Olympia leidt. We hebben zo een 120 km te rijden. Rond 16h zijn we in Olympia en installeren we ons op camping Alpheos op de heuvel boven het stadje. ’s Avonds gaan we eten in restaurant Bacchus (aanbevolen in de “Trotter-reisgids”) op 3 km van Olympia. We eten typisch Griekse kost. Het lekkere eten, het vriendelijke onthaal, het toetje van het huis en de wijn maken dat we ons goed in ons vel beginnen te voelen.

 

Woensdag 12.5 – Zonnig 25°

Het wordt een drukke dag. In de voormiddag bezoeken we het antieke Olympia. Olympia was een religieus centrum waar om de vier jaar spelen werden gehouden ter ere van de god Zeus. De eerste Olympische spelen dateren reeds van ca 700 jaar v. Cr. De opgravingen van het antieke Olympia dateren uit verschillende periodes: de klassieke tijd, de Hellenistische, Romeinse en Byzantijnse periode. Over het uitgestrekte terrein dwalen we langs de overblijfselen van o.a. de Zeus-tempel, het Palaestra: oefenplaats van de atleten, de Hera-tempel, Romeinse baden, niet te vergeten het Stadion, en nog veel meer…

Hierna rijden wij naar de Louisios-kloof. Eerst rijden wij een stuk verkeerd. Op veel verkeersborden staan de plaatsnamen alleen in Griekse lettertekens aangeduid, voor ons dus volstrekt onleesbaar. We rijden met de wagen tot diep in het dal. Van op de weg kan je het 17de eeuwse klooster Moni Néa Filosofou zien dat bovenop een klif is gebouwd. Beneden volgen we een voetpad (een vroeger ezelspad) dat door de kloof loopt, beginnend bij een middeleeuws brugje. In de indrukwekkende kloof ligt, ingesloten tussen de hoge wanden van de kliffen, bijna onbereikbaar een 11de eeuws klooster.. Verder is er nog een 11de eeuwse kapel en de resten van een tempel. De kloof is imposant en van een woeste schoonheid. De terugweg naar Olympia leidt eveneens door een prachtig landschap.

 

Donderdag 13.5 – Zonnig 25°

We verhuizen naar Kalamata, zo een 130 km meer naar het zuiden. Na wat zoeken komen we terecht op camping El Far. De camping ligt vlak aan zee, maar is verder niet veel bijzonders. Aan het strand hebben we wel een mooi uitzicht op de baai. In de late namiddag doen we nog wat boodschappen in Kalamata. In het niet meer gebruikte station van Kalamata staan de oude stoomlocomotieven en reiswagens nog opgesteld als openluchtmuseum. Kalamata zelf is geen mooie stad. Morgen gaan we er weer op uit.

 

Vrijdag 14.5 – Zonnig 25°

We hebben een grote trip gepland over bergachtig parcours en daarom gaan we er een tweedaagse uitstap van maken en ergens op kamers slapen. Onze engelse buren (waarvan de man als twee druppels gelijkt op de echtgenoot van Hyacinth Bucket) beloven een beetje op de caravan te passen. Rond 9h30 zijn we al onderweg naar Mystras, op 7 km van Sparti. Mystras ligt op een uitloper van het Taygetos-gebergte, werd door de Franken gesticht, maar bloeide volledig open onder de Byzantijnse heerschappij. Het bestaat uit een beneden- en een bovenstad, met op de top van de heuvel de overblijfselen van een Frankische burcht. We beginnen onze verkenning van Mystras bij de burcht en wandelen naar beneden langs de Sofiakerk (15de eeuw), het Paleis van de Despoot en komen bij het heel mooie Pandanassaklooster, dat nog bewoond wordt door nonnetjes. Een mooie binnenhof, waar ook de huisjes van de nonnen zijn, voert naar de mooi bewaarde Byzantijnse kerk. Helemaal aan de voet van de heuvel ligt in een uniek kader het klooster van Perivleptos.

Onze verkenning van Mystras neemt ruim 3,5 h in beslag. Daarna rijden we verder naar Monemvasia (betekent letterlijk: oninneembaar).

Deze stad ligt op een rotseiland 350 m boven de zeespiegel. Het eiland is door een brug verbonden met het vasteland. Monemvasia wordt wel eens het Griekse Gibraltar genoemd omdat er een grote gelijkenis is. Het stadje op de rots is heel bijzonder en het gedeelte op het vasteland heeft een heel mooi haventje en een strand. Daar vinden we in een pensionnetje,vlak aan zee, een mooie verzorgde kamer met een prachtig uitzicht. In de late avond gaan we iets eten in een havenrestaurant. Naar Griekse gewoonte worden we eerst in de keuken uitgenodigd vooraleer onze keuze uit de lekkere Griekse gerechten te maken.

 

Zaterdag 15.5 – Zonnig 25°

Na een goede nachtrust trekken we verder. In Aeropoli is er een plaatselijke markt waar we eventjes op rondlopen. Onze weg naar het zuidelijke punt voert volledig langs de kust. We picknicken op het liefelijke keienstrand van Pyrgos Douro en daarna gaat het verder langs de prachtige kust, richting Kalamata. De weg is heel mooi en praktisch onbewoond op enkele kleine dorpjes na. Als we een hoger gelegen, bijna verlaten dorpje willen bezoeken, moeten we gedwongen terugkeren want onze auto kan niet door de smalle straat en er is slechts één weg. Maar het geheel is erg schilderachtig. Rond 16h zijn we terug op onze camping. Tijd voor de luie zetel in de zon en dan een aperitiefje!

 

Zondag 16.5 – Bewolkt 21°

We trekken opnieuw verder en installeren ons rond de middag op camping Blue Dolphin in Korinthië. Dit is naar Griekse maatstaven een betere camping. Hij ligt vlak aan zee en heeft een verzorgd sanitair. De bedoeling was de rest van de dag aan het strand door te brengen maar de lucht wordt alsmaar grijzer en in de verte klinkt gerommel.

Op ongeveer 6 km van de camping ligt het kanaal van Korinthië dat de Korinthische golf en de Saronische golf verbindt. Het kanaal is slechts 23 m breed, 6 m diep en 6 km lang, en werd gegraven tussen 1882 en 1893. Het zicht op het kanaal vanaf de brug van Loutraki is spectaculair. Daar ligt het kanaal zo een 70 m onder je. Vanaf die brug wordt ook aan benji-springen gedaan, wat al even spectaculair is. De rest van de namiddag wordt dus besteed aan ons bezoek aan het kanaal.

 

Maandag 17.5 – Bewolkt 18°

We blijven de hele voormiddag op de camping. Na onze “siësta” gaan we naar de opgravingen van het antieke Korinthië op slechts 5 km van de camping, aan de voet van de keuvel Acrocorinthos. Bijzonder zijn de met marmer geplaveide Lechaion-weg en de resten van de Apollotempel, alsook de bron van Peirene en het ingenieuze watergeleidingssysteem. We bezoeken ook het aan de opgravingen verbonden museum. Daarna rijden wij naar de top van de Acrocorinthos waar nog de resten van een versterkte stad staan die tot in de middeleeuwen werd bewoond. De enige toegang tot de stad leidt via 3 poorten van een verschillend tijdperk: een Turkse, een Frankische en een Byzantijnse poort. Op de resten van de uitkijktorens en van op de vestingmuren hebben we een gigantisch uitzicht op de zee en de omgeving. Ook zijn er nog de restanten van een Aphrodite tempel (maar dat stelt niet veel meer voor). Deze stad was zo goed als oninneembaar en was een bezoekje overwaard. Onder een dreigende donkere hemel komen we terug op de camping. Terwijl ik dit neerschrijf is het flink aan het regenen.

 

Dinsdag 18.5 – Bewolkt 19° en veel wind

Vandaag is het monumentendag in Griekenland en zijn alle bezoeken aan opgravingen en musea gratis. We hebben er een paar op ons programma staan, wat ons minstens 25 Euro zal besparen (de toegangsprijzen zijn bijna altijd 6 Euro/persoon).

Wij beginnen met een bezoek aan de opgravingen van Mycene. De Myceense beschaving dateert van ca. 1300 jaar v. Cr. Allereerst is er de schatkamer van Atreus: door een grote poort kom je in een cirkelvormige ruimte met een diameter van 14 m, een hoogte van 13 m en dit in de vorm van een bijenkorf: een verbijsterende bouwvorm bovenaan gesloten door slechts 1 gigantische steen. Daarna lopen we door de goed bewaarde Leeuwenpoort de ruines van de vroegere vesting binnen. Een 20-tal m verder zijn de koninklijke grafcirkels. Hier werden veel bijzondere voorwerpen gevonden o.a. gouden dodenmaskers, zwaarden en met goud belegde dolken, die nu in het Nationaal Museum van Athene worden bewaard en ook enkele in het plaatselijke museum. Verder is er nog het graf van Clytaemnesta, eveneens cirkelvormig (Tholos graven genoemd). Dit bezoek aan Mycene was bijzonder interessant en boeiend, want heel veel is redelijk goed bewaard gebleven, ondanks het feit dat de Myceense cultuur toch dateert uit de jaren 1700 tot 1100 jaar v. Chr.!

Daarna rijden we naar Nafplio. Het is een heel mooi havenstadje, met een middeleeuwse binnenstad, gedomineerd door een paar vestingen.

Aan het begin van de haven, ligt het vestingeiland Bourzi met zijn Venetiaanse burcht, die dienst deed als verdediging van de haven. In de binnenstad genieten wij op een terrasje van een heerlijke Griekse maaltijd. Hierna rijden we naar Archea Epidavros, vooral bekend om zijn goed bewaarde theater van rond de 4de eeuw v. Cr. Het is het best bewaarde theater van Griekenland, heeft 55 rijen met zitplaatsen voor 14000 mensen, en heeft een uitstekende akoestiek. Op de terugweg naar de camping stoppen we nog even bij het Agnous-Monasterie, een klein klooster met een kerkje met prachtige muurschilderingen. Het binnenhof van dit klooster waar zo een 20 nonnetjes leven is een juweeltje!

De dag was dus goed gevuld vandaag!

 

Woensdag 19.5 – Zonnig 25°

We verhuizen met de caravan naar Athene. Dit is slechts een 85 km, dus tegen 11 h staan we al op de camping “Athena” op 7 km van Athene zelf. Er is wel een schaduwzijde aan deze zonnige dag: onze caravan is serieus beschadigd door een tak. De schoorsteen is er af, er zijn enkele deuken aan de bovenkant en de inschuifrail voor de luifel is kapot. Maar daar is niks aan te doen en dus nemen we rond 12h30 de bus naar het centrum van Athene. We wandelen tot aan de Agora aan de voet van de Akropolis.

 De stad is lawaaierig, stoffig en vuil, en er is heel druk verkeer. Het prijzige toegangsticket voor de Agora is ook wel geldig voor de Akropolis, maar 12 Euro/persoon is wel duur. De Agora vormde het centrum van het openbare leven van de antieke stad. Hoogtepunt is de redelijk goed bewaarde tempel van Hephaestus. Verder zijn het grotendeels ruines. Daarna beklimmen we de heuvel naar de Akropolis die de stad domineert. Men is aan een grootscheepse restauratie bezig, dus staat een groot deel in de steigers. Toch is het geheel imposant: de zuilen van de Propygleeen, de Nikétempel, het Parthenon op de hoogste punt van de rots en het Erechthelon met de zuilen in de vorm van een vrouw. Er is ook nog een klein theater uit de Romeinse tijd dat nog steeds wordt gebruikt.

De resterende tijd wandelen we nog eens door de Plaka-wijk met zijn vele winkeltjes en gezellige pleintjes. Buiten bovengenoemde bezienswaardigheden is Athene geen mooie stad. We zullen er dan ook geen tweede dag, zoals oorspronkelijk gepland, aan besteden.

 

Donderdag 20.5 – Zonnig 25°

Vandaag maken we een uitstap naar Sounion, zo een 68 km van Athene. De weg loopt bijna volledig langs de kust. Maar leuk is wat anders. Het is overal heel druk, heel veel verkeer en alle wegen zijn één grote bouwwerf. Wegens de Olympische Spelen die dit jaar in augustus in en rond Athene worden gehouden, wordt er overal aan de wegen gewerkt, aan een Olympisch Stadion enz… en ik betwijfel ten zeerste of alles klaar kan zijn tegen augustus. Neem daarbij nog het grote parkeerprobleem en het ongedisciplineerde parkeergedrag van de Grieken en alles wordt chaotisch! De eerste 40 km is het stapvoets rijden in een gigantische file. Daarna gaat het wat vlotter, maar we hebben bijna 2,5h gedaan over die 68 km.  In kaap Sounion, op een steile klif, staat de tempel van Poseidon van 44 jaar v C., heel mooi en druk bezocht door de toeristen. Na ons bezoek vleien we ons neer op één van de vele mooie strandjes langs onze route, die trouwens prachtig is met mooie baaien, eilandjes in zee, kleine vissershavens en charmante strandjes. We nemen wel een andere weg terug, een grote omweg, maar zijn toch sneller terug.

 

Vrijdag 21.5 - Zonnig 24°

Zonder spijt verlaten we de camping in Athene. Weer moeten we het overdrukke verkeer trotseren, maar na een uurtje wordt het rustiger. We zijn op weg naar Delphi, waar we rond de middag aankomen op de heel knus gelegen camping “Delphi”. Van op onze staanplaats hebben we een prachtig verzicht tot op de zee (12 km) en de kleine eilandjes in de verte. De camping ligt hoog op een heuvel en heeft een zwembad en cafetaria, beide met hetzelfde mooie uitzicht op het omliggende landschap en de zee in de verte. In de namiddag maak ik nog een wandeling naar het lager gelegen dorpje Chrisso, terwijl mijn man een dutje doet.

 

Zaterdag 22.5 – Zonnig 26°

Het wordt een warme zonnige dag en we vertrekken in voormiddag naar het klooster Osios Loukas, een middeleeuws klooster.  De weg ernaartoe voert door een heel mooi berglandschap, met heel veel olijfbomen op de flanken. Het klooster zelf is een prachtig gebouwencomplex, rustig gelegen. Daarna gaan we naar de opgravingen van Delphi. Onderweg stoppen we in het dorpje Arachova waar vooral tapijten van zijde en katoen worden verkocht.  Van de opgravingen in Delphi is mij vooral de tempel van Apollo, het Romeinse theater en het uitzonderlijk goed bewaarde stadion waar vanaf 582 jaar v. C. de Pythische spelen (atletiek) plaatsvonden, bijgebleven. Onder de brandende zon wandelen wij ook naar het heiligdom van Athena Pronaia, waar de ronde tholos tot de verbeelding spreekt (4de eeuw v. C.) De functie van dit gebouw is onbekend.

Rond 15h30 zijn we terug op de camping en luieren nog wat aan het zwembad.

 

Zondag 23.5 – Zonnig 27°

In de late voormiddag rijden we naar Galadaxi, zo een 35 km. Galadaxi is een mooi vissersstadje. We hebben op een terrasje aan de haven lekker gegeten. Op de terugweg hebben we mossels gekocht bij een mosselkwekerij: zo uit de zee geschept  om lekker met lookbrood klaar te maken voor avondmaal. Ik heb nog even gezwommen in het zwembad op de camping, wat in de zon gelegen, gebabbeld met onze Hollandse buren… en elke avond zien en horen we de geitenhoeder terugkomen met zijn troep geiten (de belletjes hoor je al van ver klingelen), die in een grot voor de nacht worden ondergebracht.

 

Maandag 24.5 – Zonnig 27°

We verhuizen naar een camping in de omgeving van Volos: op camping Sikia-Fig Tree  in Kato Gatzea op 16 km van Volos. Het is een heel mooie camping in terrasvorm, vlak aan een mooi zandstrand. Rond de middag zijn we al geïnstalleerd en de rest van de dag is stranddag.

 

Dinsdag 25.5 – Bewolkt 19°

Het heeft de hele nacht flink gewaaid en vandaag is het een stuk koeler. We rijden naar het dorpje Miliès niet zo ver hier vandaan. Van Miliès naar Volos rijdt er tijdens de weekends een treintje. Het kleine, ouderwetse stationnetje is de startbasis voor onze wandeling. Wij volgen een poosje de spoorweg die langs de flank van de heuvel naar beneden richting kust loopt. Op een bepaald moment hebben we een schitterend panorama over de kust. We wandelen verder over een pad tussen de olijfbomen en daarna volgen we een muilezelpad dat vroeger de verbinding tussen de dorpjes vormde, om zo terug in Miliès te komen. Deze ruim 2h durende wandeling was prachtig: de vele bloemen langs het pad, veel plantengroei, alles groen en de rust van de olijfboomgaarden heeft ons deugd gedaan. Na een picknick met zicht op zee rijden we nog verder langs kleine schilderachtige dorpjes tot we in Volos komen. Volos is een havenstad met een zeedijk die een beetje aan Blankenberge doet denken( maar dan zonder strand). Daarna gaan we terug naar de camping. Helaas geen strandweer, want nog steeds is er die koude zeewind.

 

Woensdag 26.5 – Zonnig 22°

In de voormiddag maken we een wandelingetje vanaf de camping langs het strand naar het dorp Kato Gatzea. Het is een charmant vissersdorp met enkele leuke terrasjes. Na de middag doen we een ritje door de Pilio via Afissos naar Platania. Dit laatste is eveneens een vissersdorp en een echt schilderijtje! Voor Platania liggen enkele eilanden. Aan de kaai liggen de in de loop van de dag binnengelopen vissersschuiten. Langs de kust, door een schitterend landschap, rijden we terug naar de camping. We houden nog even halt in Milina.

Nog wat zonnebaden op het strand en na ons aperitiefje gaan we eten op een van die leuke terrasjes van Kato Gatzea.

 

Donderdag 27.5 – Zonnig 25°

We verhuizen naar het bekende Meteora-gebergte met de middeleeuwse kloosters hoog op de rotspieken. Even na de middag komen we aan op camping Vrachos in Kastraki. Een kraaknette camping, een supervriendelijk onthaal en we voelen ons onmiddellijk thuis. De camping ligt vlak aan de Meteora Monasteri, de hangende kloosters, die tot de mooiste bezienswaardigheden van Griekenland behoren. Boven op de rotspieken van het grillige gebergte (het lijken wel reuzelmenhirs!) liggen nog een 6-tal 14de – 15de eeuwse kloosters. Een bezoek aan de kloosters vraagt nogal wat inspanning want ze zijn alleen te bereiken via kleine paadjes en heel veel trappen. Heel vroeger werden goederen en geestelijken via manden of netten omhooggehesen langs de loodrechte rotswand. Ons bezoek aan de kloosters is gepland voor morgen, toch kunnen we het niet laten om even met de auto op verkenning te gaan. Het eigenaardige rotslandschap is iets wat we nog nergens hebben gezien, er is weinig verklaring voor, maar het is adembenemend en uniek. Ik kijk al uit naar morgen.

 

Vrijdag 28.5 – Zonnig 24°

Vandaag gaan we dus de kloosters bezoeken. Rond de middeleeuwen waren er op de rotsen van Meteora zo een 23 kloosters, daarvan zijn er nog 6 overgebleven. De kloosters waren vroeger heel moeilijk te bereiken, via smalle, steile paadjes en soms alleen via een ophaalnet of ladder. Tegenwoordig zijn er trappen in de rotsen uitgehouwen om de kloosters toegankelijker te maken. De ligging van de kloosters in het bizarre rotslandschap is spectaculair. Ons eerste bezoek is aan het klooster Megalo Meteora. Er wonen nog 20 monniken. In de kerk van het klooster zijn prachtige muurschilderingen en heel fijn houtsnijwerk. Je mag er alleen correct gekleed binnen: lange broek voor de mannen, lange of halflange rok en bovenstuk met mouwen voor de vrouwen. De oude eetzaal van het klooster is als museum ingericht: gedekte houten tafels met tinnen eetgerief uit de 13de eeuw, houten zitbanken en aan de muur iconen en houten kruisen en andere religieuze voorwerpen. De keuken is nog precies zoals in de 13de eeuw, met een grote metalen kookketel boven een open vuur, een soort oven enz… En al zijn de kloosters makkelijker toegankelijk dan vroeger, toch zagen we 2 geestelijken die zich via een goederenwagentje aan een kabel naar beneden lieten zakken.

Vervolgens rijden en klauteren we naar het klooster Ajos Stefanos, bewoond door zusters. Het is het oudste klooster, klein en met een museum met rijk versierde misgewaden en oude boeken.

Omdat de toegangsprijzen laag zijn, doen we er nog ééntje: Het klooster van Roussano. Het staat op een heel smalle piek, is binnen nog heel authentiek, met lage deuren, houten vloeren en hele mooie patio’s die naar de cellen leiden. Prachtige fresco’s ook in het kleine kerkje.

Op onze camping is ondertussen een grote groep Nederlanders toegekomen (23 caravan die in groepsverband reizen), een stuk drukker dus.

 

Zondag 30.5 – Bewolkt en regen 18°

Onder een bewolkte hemel trekken we weg van Kastraki en verhuizen naar camping Limnopoula in Ioannina. Tegen de middag zijn we er. Het is een kleine camping aan een meertje. Na de middag krijgen we een flinke hagelbui. Op de camping ontmoeten we opnieuw de man die naast ons stond in Delphi. Met de regenjas aan wandelen we nog naar Ioannina, 20 minuutjes stappen tot de stad. We worden door een regenbui overvallen. Als verzopen katten komen we terug op de camping. Ik hoop dat het morgen beter weer is.

 

Maandag 31.5 Zonnig 23°

’s Morgens hangt er een heel dikke mist en is het koud. Maar het klaart op en de zon komt erdoor. Met de picknick trekken we er op uit. We rijden naar de Vikos-kloof (38 km) in het Zagoria-gebied in het Pindosgebergte. Het is een uitermate woeste streek, bijna onbewoond op enkele dorpjes na. Deze dorpjes zijn zeer oud, met geplaveide straatjes, huizen van kalksteen met leisteen daken, heel authentiek. In dit gebied zouden nog beren en wolven leven. Eerst houden we halt in Vista, een pittoresk dorpje, het is net of de tijd er is stilgestaan. Daarna rijden we naar Monodendri, een bergdorpje, en van daaruit volgen we een 7 km lange, hobbelige bosweg door niemandsland tot op het eindpunt. Een pad brengt ons dan op een punt waar we een machtig uitzicht hebben over de Vikoskloof. De steile rotswanden tot 914 m diep doen je duizelen. Nog in Monodendri ligt het Aja-Parakeviklooster, niet meer bewoond, maar nog in redelijke staat. Het is tegen de rotswand gebouwd en hangt zo een 350 m boven de ravijn – heel mooi !

Op de terugweg gaan we toch nog even naar Ioannina, want daar hebben we gisteren niet veel van gezien. We wandelen naar de Citadel, met zijn vestingmuren. Even verder is er nog een moskee met ernaast het paleis van een Turkse heer. En hiermee was onze dag weer goed gevuld.

 

Dinsdag 1.6 – Zonnig 23°

We gaan opnieuw op verkenning in het Zagoriagebied. Voordat we Kipi, een piepklein oud dorpje binnenrijden, zien we een prachtige boogbrug met 3 bogen, gebouwd in de 17de eeuw, en eigenlijk deel uitmakend van een muilezelpad. We wandelen een stukje het pad op, dat de rivier volgt. De natuur is er adembenemend mooi. Daarna rijden we naar Koukouli, alweer een oud, bijna verlaten dorp, en vandaar naar Tsepolovo dat met zijn 500 inwoners nog het actiefste dorp is. Nabij Tsepolovo doen we nog een wandeling naar het 11de eeuws Ronghovuklooster, nu geheel verlaten. Het is ons al meer opgevallen dat de oude kloosters, en er zijn er heel veel, bijna allemaal ver van de bewoonde wereld en vrij moeilijk te bereiken zijn, maar wel zijn gelegen midden in de mooie natuur.

 

Woensdag 2.6 – Bewolkt –regen 20°

We verhuizen voor de laatste maal, slechts 100 km verder en we plaatsen ons op een camping aan zee. Camping Kalami Beach ligt slechts 8 km van Igoumenitsa, waar we zaterdagmorgen de boot naar Bari Italië nemen. We hopen op nog enkele zonnige, zalige stranddagen, maar vandaag zal daar toch niets van komen. Het is de hele dag zwaar bewolkt en het regent. We doen wat boodschappen en hopen op morgen beter weer.

 

Donderdag 3.6 Bewolkt – regen 22°

Gisterenavond had ik erge rugpijn en deze morgen kan ik alleen nog maar met behulp van een stok lopen. Maar we hebben voor ieder kwaaltje wel een pilletje bij. Het weer is ook niet dat, zwaar bewolkt, en af en toe regen. We rijden naar Parga, een zeer mooi, gekend kustplaatsje. Als we onderweg even stoppen om het schitterende uitzicht te filmen en daarbij worden gehinderd door een afspanning, nodigt een vriendelijke Griek ons uit in zijn zeer mooi gelegen huisje, en mogen we filmen van op het terras in zijn tuin. Zijn vrouw presenteert ons chocolaatjes en mijnheer toont ons trots een fotoboek over de streek, met een heleboel uitleg in voor ons onverstaanbaar Grieks. Dat is toch pure gastvrijheid! In Parga zelf gaan we eten op één van de vele terrasjes. In de late namiddag komt de zon er af en toe door en kunnen we rustig luieren in de zetel.

 

Vrijdag 4.6 - Bewolkt 22°

Ik heb nog steeds die rugpijn, en dit voor onze laatste dag in Griekenland. Ik had me zo graag gekoesterd in het zonnetje vandaag, maar de hemel is de hele dag grijs, af en toe een spatje regen, en veel wind. Jammer! Morgen moeten we om 6h30 reeds in de haven staan, want onze boot vertrekt om 8h30.

 

Zaterdag 5.6 Bewolkt – regen

Ook op de boot moeten we niet in het zonnetje zitten, want er is veel wind en het regent veel. Er is heel weinig volk mee met deze boot. Om 17h zijn we in Italië en we rijden nog tot rond 22h en slapen op een parking.

 

Zondag 6.6 Bewolkt – zonnig 23°

Er is veel regen als we ’s morgens doorrijden. We zien ook enkele zware accidenten langs de autoweg. Tegen 12h zijn we op camping Adriatico in Cervio, ca. 25 km boven Rimini. Het is een mooie camping, druk bezet, want veel Italianen komen hier tijdens de weekends. Cervio zelf is een mondain badstadje met een groot strand. De zon schijnt en we genieten van de rust.

 

Maandag 7.6 Zonnig

We zouden hier normaal een paar dagen aan zee blijven, maar het is ondertussen heel erg met mijn rug, ik heb veel pijn, en kan bijna niet meer zitten of lopen, ik wil naar huis. Dus vertrekken we in de loop van de voormiddag. Om 11 h hebben we pech met de wagen en het duurt tot 18 h voordat  we verder kunnen rijden. Toch zijn we laat in de avond bijna aan de Zwitserse grens.

 

Dinsdag 8.6 – zonnig

Na een nacht van weinig slaap en veel pijn, vertrekken we reeds vroeg in de ochtend en tegen 22h komen we thuis. De volgende dag wordt ik in het ziekenhuis opgenomen, waar ik 10 dagen zal blijven, voor een serieuze hernia.

 

BESLUIT

Al was het einde van de vakantie voor mij niet zo goed, toch is het zo dat Griekenland een onvergetelijke indruk heeft nagelaten en dat we een heel mooie reis hebben gehad.

Het is moeilijk de overdaad aan indrukken over Griekenland kort samen te vatten. Het is een fascinerend land, met een schat aan archeologische vindplaatsen, allen gelegen in mooie natuurlandschappen.

Er zijn de prachtige kusten, met schilderachtige baaien, kleine idyllische strandjes en vissershaventjes. Er zijn ook de woeste bergmassieven en de vele kleine authentieke dorpjes, en niet te vergeten de vriendelijke, gastvrije Grieken.

Onze tocht begon in de Peloponnesus, ging via centraal-Griekenland om te eindigen in Noordwest-Griekenland.

De in het dagboek beschreven bezienswaardigheden waren allemaal bijzonder boeiend en een bezoek meer dan waard.

Maar ook de kleine dorpjes, de vissershaventjes met hun leuke terrasjes waar je heerlijk kunt eten, de wandelingen door de mooie berglandschappen of langs één van de mooie stranden, dit alles maakt dat Griekenland je een warm gevoel geeft, een aantrekkingskracht, en dat je er graag bent.

Bij de vele tochtjes en uitstapjes kom je nog vaak een schaapherder of een geitenhoeder tegen, die met zijn kudde door de bergen trekt, al dan niet met een ezel als bagagedrager. In de kleine dorpjes zijn de oudere vrouwen helemaal in het zwart gekleed, en zitten de mannen op een terrasje in de schaduw van de platanen een ouzo te drinken en te spelen met hun “komboloï” (een soort kralensnoer dat ze onophoudelijk in hun hand bewegen).

Heel vaak zie je langs de weg een soort kapelletje staan, ter nagedachtenis van een overledene. Meestal staat er water, droog voedsel, een brandend lampje en een icoontje in.

Minder leuk zijn de vele zwervende honden, soms in groep, die je een onveilig gevoel geven. Minder leuk ook: de slechte wegaanduidingen, soms alleen in voor ons onleesbare Griekse lettertekens, en ook het ongedisciplineerd parkeergedrag van de Grieken. Je wordt ook nooit gewoon aan het feit dat overal op de pechstrook wordt gereden, zodat een tweevaksbaan gewoon een viervaksbaan wordt.

Maar heel charmant is het dan weer dat als je ergens in een restaurantje gaat eten, je soms wordt uitgenodigd om even in de keuken een kijkje te nemen, en in sommige handelszaken en campings krijg je als welkom steeds een stukje zoetigheid. De Grieken zelf zijn altijd heel vriendelijk en gastvrij en maken graag een praatje.

 

Griekenland heeft in ieder geval een plaatsje in mijn hart veroverd. Het is een mooi, een boeiend en een gastvrij land.

 

 

                                                            

 

 

 

Reisverhaal ingestuurd door annieop 26-06-04 (ID 157)