De eminente bioloog en onverschrokken kritische denker, Rupert Sheldrake, beschrijft en onderwerpt aan kritische onderzoek, in zijn boek: "The science delusion", wat hij beschouwt als de tien geloofspunten die de meeste wetenschappers aanhangen.
Ik geef hier een opsomming van die tien punten (in mijn vertaling uit het Engels).
Let wel: dit is geen kritiek, maar een nuchtere opsomming van de vaststelling hoe hedendaagse wetenschappers werkelijk denken!
[...]Hier volgen de tien kernovertuigingen die de meeste wetenschappers als vanzelfsprekend aannemen.
1. Alles is essentieel mechanisch. Honden bvb zijn complexe mechanismes, eerder dan levende organismen met eigen doelen. Zelfs mensen zijn machines, "stuntelende robotten", in de levendige frase van Richard Dawkins, met breinen die zijn als genetisch geprogrammeerde computers.
2. Alle materie is onbewust. Ze heeft geen innerlijk leven of subjectiviteit of gezichtspunt. Zelfs menselijk bewustzijn is een illusie, geproduceerd door de materiële activiteiten van het brein.
3. De totale hoeveelheid van materie en energie is altijd dezelfde (met de uitzondering van de Big Bang toen al de materie en de energie van het universum plotseling verschenen).
4. De natuurwetten liggen vast. Zij zijn dezelfde vandaag zoals ze waren in het begin, en ze zullen dezelfde blijven voor altijd.
5. De natuur heeft geen doel en de evolutie heeft doel noch richting.
6. Alle biologische overerving is materieel, gedragen door het genetisch materiaal, DNA, en andere materiële structuren.
7. Geesten bevinden zich in het hoofd en zijn niets anders dan de activiteiten van breinen. Als je naar een boom kijkt, dan is het beeld van de boom, dat je ziet, niet 'daar buiten', waar het lijkt te zijn, maar binnenin je brein.
8. Herinneringen zijn opgeslagen als materiële sporen in het brein en worden uitgewist bij de dood.
9. Onverklaarde fenomenen als telepathie zijn illusoir.
10. Mechanische geneeskunde is de enige soort die echt werkt.
Te samen, vormen deze tien geloofspunten de filosofie of ideologie van het materialisme, waarvan de centrale aanname is dat alles in essentie materieel of fysiek is, zelfs de geest. Dit geloofssysteem werd dominant binnen de wetenschap in de late negentiende eeuw, en wordt nu als vanzelfsprekend aangenomen.
Vele wetenschappers zijn er zich niet van bewust dat het materialisme een aanname is: zij denken er simpelweg over als 'wetenschap', of als de wetenschappelijke visie op de realiteit, of het wetenschappelijk wereldbeeld.
Dit wordt hun niet feitelijk onderwezen, nog wordt hun de kans gegeven hierover te discussiëren. Zij absorberen dit door een soort intellectuele osmose.[...] ~Rupert Sheldrake: "The science delusion"