Er wordt vaak beweerd dat
poëzie de gaten in de dag
dicht het licht ’s nachts dooft
ons beeldend durft op te sluiten
Aan adem zal het ons dan ontbreken
het lopen naar anderen wordt lastig
hoewel we willen prevelen onzichtbaar
onze stem onderdompelen en verheffen
maar als er amper voldoende luisteraars zijn
wanneer klanken machteloos uitsterven
dan moeten we dringend ontluiken
onze laarzen bemodderen en staren
Vol bewondering en luidkeels rennen
door velden varens op heupwieghoogte
overvloedig elke zee doormidden splijten
en het wonderlijke doen geboren worden
Dit gedicht werd ingezonden door Patrick Nijs.
Schuilt er in jou ook een dichter? Stuur dan jouw gedicht naar redactie@sennetmagazine.be en wie weet lees je het wel in één van de volgende edities van SenNet Magazine!
1 reactie