4-daagse werkweek
Net als de oppositiepartijen willen ook de vakbonden een kortere werkweek, hetgeen volkomen haaks staat op de praktijk in de rest van Europa. Zo heeft bijvoorbeeld de vorige socialistische premier van België, Elio di Rupo, dezer dagen een vurig pleidooi gehouden voor de invoering van een werkweek van vier dagen met behoud van het volledig loon en de pensioenrechten. En de flamboyante Laurette Onkelinx, partijgenote van Di Rupo, heeft al laten weten dat de 4-daagse werkweek de inzet wordt van de Parti Socialiste (PS) bij de volgende parlementsverkiezingen. Nogal hypocriet, populistisch en duidelijk politiek geïnspireerd, wat Di Rupi en de PS voorstellen. Want juist als gevolg van de maatregelen van de regeringen-Di Rupo en –Michel moeten de Belgen langer gaan werken, waarbij we echter ook niet moeten vergeten dat de verhoging van de pensioenleeftijd een Europese aangelegenheid is.
Waarom zijn het net de Belgen, Italianen en Grieken die het kortste werken?
Zou het niet interessant zijn om nu ook een objectieve studie te verrichten naar de vraag waarom Belgen, Italianen en Grieken het kortste werken in Europa? Misschien kan dan meteen de zwarte economie in deze drie landen onderzocht worden. Over die zwarte economie doen verschillende cijfers de ronde die uiteenlopen van 18 tot 28 procent. Maar ook dat is maar een schatting omdat het juiste gewicht van dit fenomeen moeilijk te kwantificeren valt. Wel is zeker dat veel mensen in deze drie landen (en ook elders) om welke reden ook een, twee of meer bijbanen hebben. Al dan niet in het zwart. Iedereen kent in zijn omgeving wel iemand. Vaak gebeurt dat uit pure noodzaak, maar ook om zich een luxueuzer leven te kunnen veroorloven.
1/3 loopbaan niet aan het werk
Volgens de studie van het Planbureau is 30 procent van de mannelijke en 37 procent van de vrouwelijke werknemers in België maar liefst een derde van hun carrière niet aan de slag. Ze zijn werkloos, ziek of genieten van tijdskrediet. Of anders gezegd: gemiddeld is de Belg 33 jaar actief aan het werk. In Nederland is dat 40 jaar en in Zweden 41 jaar. Toch worden deze werknemers voor die niet-actieve periodes pensioenrechten toegekend. Sommige van die periodes worden volledig vergoed door de werkgever, bijvoorbeeld het gewaarborgd loon bij werknemers. Het is de bedoeling van de huidige regering-Michel om iets te doen aan die gelijkgestelde periodes.
Belangrijke gelijkgestelde periodes bij werknemers zijn werkloosheid en arbeidsongeschiktheid (ziekte en invaliditeit, beroepsziekten en arbeidsongevallen). Bij zelfstandigen zijn de belangrijkste gelijkgestelde periodes ziekte en invaliditeit. Bij ambtenaren is de algemene regel dat alle afwezigheden met behoud van salaris en de meeste onbezoldigde afwezigheden recht geven op pensioenopbouw. Als er dan toch getornd gaat worden aan die privileges is er veel voor te zeggen bij de ambtenaren te beginnen, wiens pensioenen die van de ‘gewone’ werknemers en zeker de zelfstandigen verre achter zich laten.
Ondanks de strijd ertegen, tieren de misbruiken in de sociale zekerheid welig
Minister van Pensioenen Daniel Bacquelaine (MR) kreeg dan ook de opdracht aan de gelijkgestelde periodes te gaan sleutelen en daarover dit najaar voorstellen te doen aan de sociale partners. Het is duidelijk dat er iets moet gebeuren, want dit stelsel is te royaal, beloont onder meer bedriegers en discrimineert de zelfstandigen. Wat die bedriegers betreft, denken we in de eerste plaats aan de nog steeds wijdverbreide misbruiken in de sociale zekerheid, die ondanks de strijd daartegen nog welig tieren. Het is een mythe dat er daarvoor alleen of vooral naar Wallonië gewezen moet worden. Ook Vlaanderen en Brussel staan op dat vlak hun mannetje.
Arbeidsongeschikt?
Wat te zeggen van de recente controles van het RIZIV (Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering), waarbij werd ontdekt dat een op de drie gecontroleerde zieken (‘arbeidsongeschikte werknemers’) in dit land in het zwart aan de slag was. Meer concreet: controles door het RIZIV vorig jaar uitgevoerd bij 980 arbeidsongeschikte werknemers toonden aan dat 304 van hen in het zwart werkte. Deze fraudeurs bleken eerder al aan meerdere medische controles te zijn onderworpen door hun huisartsen en aan een evaluatie door adviserende geneesheren van de verschillende ziekenfondsen in dit land. Dan mag de conclusie luiden dat deze fraudeurs handige simulanten zijn of dat de betrokken huisartsen en ziekenfondsen om welke reden ook in de fout zijn gegaan, wat weer vragen opwekt over hun competentie of verantwoordelijkheidszin.
Maar ook de overheid treft schuld. Want eind vorig jaar telde België 370.400 werknemers en zelfstandigen die langer dan een jaar echt of zogenaamd ziek waren. Dat was meteen een absoluut record. Wanneer men bedenkt dat van dat leger langdurig zieken, dat langer dan een jaar niet deelnam aan het arbeidsproces, nog geen duizend mensen (0,3 procent) werden gecontroleerd, mag men stellen dat de politiek eens te meer faalt bij de controle op misbruiken tegen de sociale zekerheid. De uitkeringen ter waarde van 4,7 miljard euro, die vorig jaar deels zonder serieuze controle naar deze categorie arbeidsongeschikten gingen, werden door de belastingbetalers betaald. Die hebben dan ook het recht om van de overheid (RIZIV) te eisen dat hun geld op verantwoorde wijze wordt besteed en niet in de zakken van sjoemelaars verdwijnt.
Het excuus dat het RIZIV aanvoert om het falen van de controles goed te praten, dat het ‘niet gemakkelijk is om in het zwart werkende langdurig zieken te betrappen’, klinkt wat goedkoop. Hetzelfde geldt voor de uitleg dat het om een ‘tijdrovend proces gaat omdat deze “zieken” moeten worden betrapt, terwijl ze aan het werk zijn’. Er zijn vandaag de dag heel wat technische middelen voorhanden om serieuze controles uit te voeren. Nu wordt alleen gecontroleerd na verklikking door buren of andere mensen, op vraag van de inspectiediensten, ziekenfondsen of op vraag van het RIZIV. Wanneer dat allemaal samen tot niet meer dan 980 controles heeft geleid in 2015, is er iets fundamenteel mis met het huidige controleapparaat. Dat geldt trouwens onverkort nog altijd in hoge mate voor de bouw en de horeca, waar zwartwerk ondanks alle genomen maatregelen nog troef is.
Auteur: Jan Schils
11 reacties
Er zijn inderdaad profiteurs bij de mensen die op ziekenkas staan maar dat is geen 30% hoor
dat zijn er een pak minder,ben zelf nu voor de 2de maal thuis na een zeer zware rugoperatie die ook weer lange tijd in beslag zal nemen,denk jij nu echt dat ik niet veeeeel liever zou gaan werken?
De regering moet ingrijpen?Dat ze dit op de juiste manieren doen en niet alle mensen die op ziekenkas staan veroordelen het zijn er enkelingen en die zullen wel een andere manier vinden om ervan te profiteren.ik zelf werk bijna 30jaar volcontinu shift.Ik en het overgrote deel gaat werken voor centen binnen te brengen en niet om te profiteren!Om de studies van men kids en huis te kunnen betalen en dat kan ik niet als ik maanden moet revalideren hoor,blijkbaar heb jij JAN zelf nog niet veel meegemaakt en oordeel je maar zoals zovelen doen.
Zelf ben ik op rust sinds mijn 55 jaar. Na mijn (gemengde) loopbaan zijn er voor mij 51,8 loopbaanjaren geregistreerd...
Wie doet beter ?
Ik "begon" pas op 16 jaar. Mijn loopbaanjaren zijn wel berekend door de RVP, en die doen u heus niks cadeau : Van de 12 jaar in privé mag ik er 6 inleveren, vanwege de 45/45 regel. Gelukkig zijn de overige 39 jaren (wordt naar beneden afgerond) in overheidsdienst gepresteerd, de meeste onder het regime van "zwaar beroep" (1 jaar = 14 mdn).
Vandaar.