Waar vandaan: Anekdote > Jezelf (138) > 10 Dagen in Quarantaine
10 Dagen in Quarantaine
Na ’n acute ontsteking aan de urinewegen moest ik de huisarts inschakelen. Zo veel pijn had ik nog nooit gehad bij het plassen. Ik moest frequent naar het kleinste kamertje en telkens was het afzien om door het speldenkussen te geraken. Het was ook iedere keer hopeloos, ik had het gevoel dat ik over het huis kon stralen……maar dat viel zwaar tegen. Er was geen straal en na enige druppels was het afgelopen. De remedie van de jonge dokter was.. : antibiotica. De diagnose: ontsteking aan de prostaat, met ’n duidelijk verzoek ’n specialist op te zoeken, ik kreeg toen al ’n angstgevoel, maar als de dokter gelijk had, als het bij ’n ontsteking bleef, beloofde ik hem ’n fles champagne op de goede afloop. De uroloog was duidelijk in zijn nopjes, want ik mocht dezelfde week nog bij hem passeren. Na ’n gesprek en ’n onderzoek kreeg ik andere pillen. Hij bleef bij zware ontsteking. Toen ik de vraag stelde "Of ik me ongerust moest maken" was zijn antwoordt duidelijk " absoluut niet". Als de medicamenten na enkele dagen geen resultaat opleverden, moest ik binnen komen voor ’n diepgaand onderzoek. Dit laatste had ik gelukkig niet verstaan, ik ben n.l. nog al hardhorig, anders had ik van de schrik de receptie van het ziekenhuis niet meer terug gevonden. De dagen die volgden had ik geen pijn meer, maar er was duidelijk geen verbetering. Toen mijn vrouw er op wees dat ik binnen moest komen bij status-quo, brak het angstzweet me uit. Binnenkomen in een ziekenhuis……ik ben 66 en nog nooit ziek geweest. Gedver…. En dan de prostaat, ik had liever gehad dat ze mijn rechterbeen moesten amputeren. En ja, de pech bleef me achtervolgen; ik moest me melden voor ’n groot onderhoud. Met mijn reiszak van Neckermann, met ’n pyjama en wat toiletgerief stond ik aan de balie. Het was helemaal anders dan in Zaventem waar ik gewoon was in te checken met zonnebrandolie en buitenlands geld, gelukkig was het maar voor enkele dagen. De juf van de receptie straalde een en al rust uit en ja het zou wel eenmaal ophouden. Ik werd opgenomen en kreeg kamer 127, dat was ’n nummer met ’n vrij goed gevoel. Het was die week zeer warm, ik "lag " aan de voorkant waarvan s’morgensvroeg de stralende zon stond. Het ziekenhuis was aan restauratie toe, er was geen airco en zonnewering, dat bestond er in die tijd nog niet. Om het extreme klimaat wat op te vangen, had men spiegelglas geplaatst. Het venster met vliegenraam stond open, alsook mijn toegangsdeur. De jonge en zeer vriendelijke verpleegsters volgden mekaar snel op. Bloeddruk, temperatuur, ’n pil voor dit en één voor dat, er werden ’n stel baxters opgehangen en in mijn arm ingebracht. Er werden foto’s gemaakt van hart en longen en voor de rest liet men mij gerust. Ik was op vakantie in ’n Roemeens hotel met ’n low-budget. Zeer vriendelijke bediening, het ontbijtbuffet miniem en de diners waren steeds met vers leidingwater. Bovendien moest ik geen fooien en na ’n druk op de bel stond ’t er. Mijn vrouw bracht me alle dagen mijn lievelingskrant.. Wat was het leven mooi. Dat duurde zo 4 volle dagen tot de uroloog plots op mijn kamer verscheen. Met ’n vrij ernstig gezicht gaf hij uitleg over mijn situatie. Van de zenuwen verstond ik er geen woord van: hij sprak Roemeens. Ik vroeg of hij dit op papier kon uitleggen. Ik heb het A4 formaatje wel 7 keren gelezen, maar telkens moest ik geopereerd worden. Mijn prostaat was wel 3 maal zo groot als normaal en moest dus naar de oorspronkelijke maat. Het goede nieuws was dat ik naar huis mocht, maar…. Ik moest na 1 week weer binnenkomen voor de ingreep. De geleden pijn indachtig en het gesprek met de dokter deden voor mij wonderen, ik vond het plots niet meer zo beangstigend en waarom zou het niet meevallen?
De week dat ik terug naar huis ging, was best leuk; mijn vrouw kookte telkens mijn lievelingsgerecht en we praatten over alles behalve mijn operatie, het was tenslotte toch nog 7 dagen. Ik had geen pijn meer, moest wel die pillen slikken maar in mijn achterhoofd bleef die datum steeds hallucinerend korter bij komen. Wanneer ik voor de 2de sessie inschreef was de stralende juf aan de balie vervangen door ’n kouder type, het werd kamer 129, ditmaal ’n kleine kamer én aan de achterkant. Mijn comeback was niet meer zo flitsend dan ’n week vroeger. Ik moest om 16u aanwezig zijn, en in mijn gedachten zag ik nog ’n lekker souper op het programma. Op mijn inschrijvingsblad stond immers "Nuchter van af 00.u". Dat gedacht wordt licht getemperd als de wagen van C2, dat is mijn afdeling, 2 sneetjes brood met filterdun beleg aflevert. Er is ook nog ’n kopje bruin water bij met de veelzeggende glimlach van de keukenjuf. Zo kom ik stilaan weer thuis in deze medische wereld. Als ik tegen 21uur door ’n bloedmooie verpleegster van mijn pyjama word ontdaan en voor ik het goed en wel besef op ’n lavement word getrakteerd is het hek van de dam. Wat ’n nare ondervinding. Plots herinner ik me uit mijn jeugd, thuis, ’n wit geëmailleerd apparaat op ’n zolderkamer, met ’n rode draad van ’n meter of 4 en aan het uiteinde ’n zwart gebogen pijpje, nu weet is waarvoor dit eigenlijk diende. De hele avond zal het in mijn buik blijven rommelen. Het volgende bezoek, worden mijn kuiten en de lengte vanaf mijn hiel tot diep tussen mijn benen gemeten. Eerst denk ik dat "ze" na afloop zeker willen zijn van dezelfde maten af te leveren, tot dat de lieve juf van het lavement me met ’n glimlach ‘n stel witte lange kousen aantrekt. Made in Lommel. Met ’n beetje verbeelding pas ik zo in ’n Breugheltafereel. En het wordt nog drukker op kamer 129. Een met witte vinylhandschoenen en ’n blinkend scheermes zwaaiende juf komt me vakkundig kaal scheren op de plek waar iedere man het vreest. De joystick in de kinderafdeling van de openbare bibliotheek heeft het minder te verduren dan mijn jonge heer. Panklaar ga ik de nacht in. Als ik ’s anderendaags vroeg door Rianne, dit is ’n lieve verschijning met ’n Brigitte Bardotkapsel uit de jaren 60, waar iedere bouwvakker ’n dubbele fluittoon voor overheeft, in het bekende nachtkleedje wordt gestoken en mijn bed in de richting van het operatiekwartier vertrekt, is het menens. Men parkeert je in ’n kiemvrije hal, en van dan af aan gaat het snel, de dames en de heren in het groen lopen af en aan en voor je het weet ben je in de eeuwige jachtvelden………………….. Wanneer je in je kamer tot het besef komt dat je terug bent, voel je met je handen instinctief onder het laken wat er allemaal veranderd is. Je bent aan je bed gekluisterd met diverse leidingen die op vervelende plaatsen zijn ingebracht. Het is nu ’n tijd van wachten. Ik voel helemaal geen pijn en ben lichtjes opgelucht dat het nu slechts aftellen wordt. De crew van het verplegend personeel staat nu dag én nacht klaar om je met de beste zorgen door deze moeilijke tijd heen te helpen. Zo word je 2 maal daags gewassen en voorzien van een keurig ingepakte penis. Dit moet wel Las Vegas wel zijn, alleen…… je hebt geen enkel gevoel meer, je bent klinisch dood. Dit gaat zo dagen en nachten verder, je krijgt bezoek van de dokter, je zegt automatisch " ik voel me goed"terwijl de plastic zakken aan je bed donkerrood kleuren. Je bloedt als ’n rund, je krijgt helemaal niets te eten en de kamer is precies groter geworden. Vier volle dagen later komt er ’n kleine verandering in het programma, ’n lieve dame met ’n weekmenu komt vragen wat ik wel zou willen eten de dag erop. Ik bestel als ’n ontsnapte gevangene die zich plots in ’n Carestel bevind, maar dit wordt slechts met 1 beschuit en ’n vreselijke bouillon beantwoordt. De 3 volgende dagen zijn telkens mét beschuit, wat ik ook bestel, ik krijg onveranderd hetzelfde menu. Goed dat men dit even over de grens niet weet, want dan lag het hier vol met Hollanders. Gratis beschuit. Als de neuroloog eindelijk inziet dat het bijna fataal wordt voor mij, krijg ik ’n groentesoepje als lunch. De baxters die verwijderd worden uit mijn arm geven me ’n beetje meer vrijheid. Ik kan nu uit mijn bed en ’n eerste wandelingetje maken. De verdoving is uitgewerkt en heb het gevoel of de dokters ’n tang en ’n knipmes in mijn buik vergeten zijn. Als ik s’nachts ’n beetje ben uitgeslapen en ’n uitstapje doe door de lange schaars verlichte gang zie ik dat de deuren van de kamers half open staan, er is weinig beweging. Tot plots Ellen, naast me staat en me met ’n vragende blik aankijkt. " Even de benen strekken " verduidelijk ik haar. De verpleegster met nachtdienst is ’n jonge slanke dame die niet zou misstaan op de cover van het mannenblad Che. Het valt me ook op dat ze s’nachts ’n modieuze bril draagt, wat haar nog mooier maakt dan in dagdienst. Als je stilaan ’n ancien bent, dan begin je de namen van al deze lieve dames te kennen. Vooral door hun onuitputtelijke service. Zo heb je Lieve ’n mooie blondine met ’n madonnaface, waar iedere twintiger van droomt en die extra lief is voor senioren. Dit alles maakt het voor zieken minder zwaar, waarvoor dank! Wanneer ik eindelijk van de laatste hindernis verlost word en hulp krijg van Mia en Dianne ben ik ’n beetje verlegen. Mannen zijn watjes moet ik bekennen. Dagen lang heb ik liggen zeuren over de schrik die ik had, bij het verwijderen van het vervelende darmpje ingebracht in mijn lid. Het is ’n korte beweging van de verpleegster, die je het gevoel geeft je binnenst buiten te trekken. Maar met veel vakkennis uitgevoerd. Het is inderdaad pijnloos. Er valt ’n geweldige last van mijn schouders en dit is het sein om terug op eigen benen te staan. De dokter helpt me over de laatste drempel heen met me te ontslaan en ’n diep gelukkig mens terug naar huis te sturen. Lieve dames van C2, dit is uit het hart geschreven. Ik ben jullie eeuwig dankbaar, jullie waren voor mij "De sterren in quarantaine"
Maurice Breeur.
Anekdote ingestuurd door Maurice Breeur op 16-11-03 (ID 131)