Waar vandaan: Anekdote > Ouders/grootouders (79) > In stil gepeins

In stil gepeins

In stil Gepeins uit 1920, een verhaal van mijn moeder!

In stil gepeins verloren - aan de oever van het meer
Zit een schone Jonkvrouw – in’t avonduur te neer.
Waar dwalen hare zinnen – waar dwaalt haar hartje heen.
Of blikken soms haar ogen – naar het avondrood alleen.
Tik tak klinkt de machine – in gindsch fabrieks gebouw.
Tik tak klinkt het hier ook – in ’t hart der jonge vrouw.
Maar ach die stoommachine – weet zelf niet wat zij doet,
Zou ’t meisje ook niet weten – wat omgaat in ’t gemoed.
Gij lacht en denkt aan amor – en aan de liefde pijn,
Maar kan het niet wat anders – soms niet wat droevigs zijn.
Ach zoek niet altijd minne – in ’t peinsen van de maagd,
Die het kleed van twintig zomers – in ’t rood der wangen draagt.
Ach zoek niet altijd amor – in ’t zachte maagden oog,
Want velen zijn gevonden – waar hier de schijn bedroog.
Wat omgaat in het harte – van ieders menschen kind,
Dat lijdt, of stijdt, of tweifelt – dat haat of welbemind.
Wie waagt het uit te leggen – of weet de maat er van.

 

Anekdote ingestuurd door Wil Gipman op 12-04-05 (ID 374)