Waar vandaan: Actueel >

Actueel - 250ste operatie op een ongeboren kind

Archief

Tien jaar geleden waren ingrepen op een kind in de baarmoeder nog een uitzondering, en behoorden deze technieken tot de experimentele geneeskunde. In de UZ Leuven vinden dergelijke operaties nu wekelijks plaats. Naar aanleiding van de 250ste operatie op een ongeboren kind in de UZ Leuven, organiseert de Afdeling Verloskunde-Gynaecologie een internationaal symposium voor gynaecologen, neonatologen en kinderchirurgen. Sommige ingrepen in het UZ Gasthuisberg blijven uniek in de wereld, en de mogelijkheden worden steeds groter.

‘Sleutelgatchirurgie’ op het ongeboren kind.

Het gebeurt zelden dat de behandeling van een aandoening bij een foetus niet kan wachten tot na de geboorte. Toch moet men soms al tijdens de zwangerschap ingrijpen om het leven van de baby te redden. De foetus is bijna “onbereikbaar” voor de chirurg: de buik van de moeder én de baarmoeder moeten hiervoor worden geopend. ‘Open foetale chirurgie’ veroorzaakt vaak vroegeboorte, en is voor moeders én artsen dikwijls een stap te ver.

Een ‘sleutelgat-operatie’ vermijdt deze problemen. Bij sleutelgatchirurgie worden een kijkbuis (endoscoop) en de nodige instrumenten doorheen de buikwand geschoven. Meestal gebeurt dat onder epidurale of lokale verdoving. In 1994 werd in het UZ Leuven voor de eerste keer in Europa een unieke ‘kijkbuisoperatie’ uitgevoerd bij een ongeboren kind, kort na de wereldprimeur in de Verenigde Staten. Door een ingreep op de navelstreng kon één lid van een tweeling gered worden. De technologie is nog verder ontwikkeld en ook de ervaring is sterk toegenomen. In Gasthuisberg beschouwt men de sleutelgatoperaties op ongeboren kinderen niet langer als experimentele chirurgie. Er worden nu wekelijks ingrepen uitgevoerd en patienten komen hiervoor van binnen én buiten Europa.

Er zijn vandaag verschillende sleutelgatoperaties mogelijk.
De meest uitgevoerde ingreep is een operatie bij een-eiige tweelingen die niet alleen de moederkoek delen maar ook de bloedcirculatie. Het gaat hier om het zogenaamde “tweeling transfusie-syndroom”. Bij dat syndroom krijgt de ene foetus teveel bloed terug van de andere, waardoor er verschillende problemen kunnen ontstaan, zoals de kans op hersenbeschadiging, vroegtijdig afsterven of vroeggeboorte van één of beide kinderen. Dankzij de kijkbuistechnologie kan men de moederkoek scheiden en de bloedvaten tussen beide kinderen dichtbranden (zie figuur). Hierdoor stijgen de overlevingskansen van de kinderen, worden ze minder vroeg geboren en daalt de kans op hersenletsels met meer dan 50%. In Leuven werden intussen zo’n 150-tal ingrepen uitgevoerd.

Een andere aandoening die bij een echografie kan worden vastgesteld, is een gat in het middenrif bij de foetus (hernia diafragmatica). Bij deze baby’s ontbreekt de normale scheiding tussen longen en buik, waardoor de darmen in de borstkast opklappen en een normale longontwikkeling verhinderd wordt. Tijdens de zwangerschap stellen zich geen problemen, maar voor 30 à 40% van de kinderen kan de geboorte fataal zijn, ondanks de beste zorgen. Bij de meest ernstige gevallen wil men de longontwikkeling stimuleren voor de geboorte. Dankzij een techniek die ontwikkeld werd aan het Centrum voor Heelkundige Technologieën van de K.U.Leuven, kunnen chirurgen op het moment dat de moeder 26 weken zwanger is via een sleutelgatoperatie de luchtpijp tijdelijk afsluiten met een ballonnetje. Hierdoor blijft het longvocht in de longen, waardoor ze gaan groeien. Op 34 weken haalt men het ballonnetje er weer uit, en na de geboorte sluit de kinderchirurg het middenrif. In Leuven bouwde men een ervaring op bij 25 patienten. Voor de kinderen met de meest ernstige aantasting stegen de overlevingskansen van minder dan 10 % zonder behandeling tot meer dan 60 % na de ingreep, en zelfs tot 90 % bij een geboorte na 34 weken.

Bescherming van de foetus.
Bij al deze operaties, zelfs bij een vruchtwaterpunctie, moet de beschermende barrière tussen de foetus en de buitenwereld (de vliezen of vruchtzak) doorbroken worden. In sommige gevallen leidt dit tot een vruchtwaterlek. De Leuvense specialisten “lijmen” in dergelijk geval het lek met het bloed van de moeder, waaruit ze de juiste hoeveelheid bloedplaatjes en bepaalde stollingseiwitten halen en die dan inbrengen in de lekkende vruchtzak. Op die manier kunnen ze tot 80 % van de lekken weer dichten, en zo de bevalling uitstellen.

Internationaal congres, zaterdag 1 mei 2004.
Op een internationaal congres dat nu zaterdag plaatsvindt, stellen specialisten uit de leidende Europese centra (London, Parijs, Hamburg, Barcelona en Leuven) deze en andere nieuwe technieken in de foetale geneeskunde voor. Zij willen de gynaecologen uit de ons omringende landen sensibliseren om deze aandoeningen bij het ongeboren kind tijdig op te sporen en dan ook te behandelen.

 

 

rss