Waar vandaan: Actueel >
Actueel - De Nieuwe haring is morgen in het land
| Archief |
Morgen, 2 juni is hij er weer: de nieuwe haring. De “maatjes”. Officieel mag de nieuwe haring niet worden verkocht vooraleer morgen het startsein is gegeven met de veiling van een eerste tonnetje verse, vette vis. Natuurlijk zijn er altijd viswinkels, ook in Nederland, die al vooruit lopen. Of die nog haring van vorig jaar verkopen als nieuwe.
Komen de nieuwe haringen altijd uit Nederland? Niet altijd. En er zijn ook vele haringsoorten. Je moet al een kenner zijn om te proeven of de vis uit de Noordzee komt of in de Oostzee werd gevangen.
Maar om de naam “Hollandse Nieuwe” te mogen dragen moet de vis ten minste 16 procent vetgehalte hebben en vanop een Nederlandse schuit zijn gevangen.
Haringen hebben een lange, koude winter zonder eten achter zich. De haring leidt in de wintermaanden een sober bestaan en is letterlijk graatmager tot de lente eraan komt. Wanneer het water wat warmer is geworden krijgen de haringen een hongerbui en plunderen zij de inmiddels opgroeiende plankton. Vanaf april tot mei vreet de haring zich letterlijk vet. Dat vet hebben ze nodig om in de zomer hom en kuit te kunnen produceren. Voor zover ze ondertussen al niet in de vissersnetten verstrikt zijn geraakt.
De gevangen vis wordt aan boord van de visserschepen “gekaakt”. Haringkaken is het schoonmaken van de vis door de kieuwen, keel en ingewanden op de pancreas na, te verwijderen. Met zout wordt de vis dan “rijp” gemaakt of eventueel ingevroren voor later. Het is ook de gebruikte hoeveelheid zou die voor verschillende smaken zorgt.
Ondertussen hebben de uitgevaren vissers ook nog de handen vol met de race om als eerste een vaatje “nieuwe haring” aan wal te kunnen brengen in de haven van Vlaardingen nabij Rotterdam. Dat allereerste tonnetje wordt geveild en de opbrengst daarvan komt ten goede aan een charitatief doel.
Die dag, dit jaar dus woensdag 2 juni, kan iedereen die zo’n maatje lust de nieuwe maatjes kopen en toehappen.
Eten we de maatjes nu in stukjes gesneden, al dan niet met uitjes? Of pakken we de vis bij de staart en happen de malse haring zo naar binnen? Een kwestie van smaak en gewoonte. Maar er is ook een praktische kant aan: in stukjes gesneden (op “zijn Amsterdams” zeggen ze in Nederland aan de viskraampjes) eet je de vis met prikkertjes en maak je je handen niet vuil en vies. De “vis van de staart” eten vergt wel wat handigheid en liefst ook een extra servetje.
En dan de door elke Nederlander gekend gezegde: “De nieuwe haring is in ’t land, zet de dokter aan de kant” verwijst naar de versterkende werking van haring-eten voor wie gezond wil blijven.
JLB