Historie van Kerken.

Dit is de plaats voor cultuur en historie. Ook voor nostalgie en geschiedenis van steden, dorpen, kerken, rivieren, enz. kan je hier terecht.

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

27 nov 2005, 14:32

Afbeelding
Beilen, Hervormde kerk
Beilen is een esdorp dat ontstond in de vroege middeleeuwen op de hogere zandgronden nabij de Berkelstroom. Het aan de weg van Meppel naar Groningen gelegen kerkdorp ontwikkelde zich tot hoofdplaats van het gelijknamige dingspel. Door een grote brand in 1820 verloor Beilen een belangrijk deel van het oorspronkelijk agrarische karakter. Na de Tweede Wereldoorlog is het dorp met name aan de oost- en zuidzijde uitgebreid.

De Hervormde kerk, oorspronkelijk gewijd aan Sint-Stephanus, is een éénbeukige kerk met driezijdig gesloten koor, een schip met versneden steunberen en een toren van vier geledingen met traptoren en ingesnoerde spits. De kerk wordt voor het eerst vermeld in 1139. De huidige gotische kerk kwam rond het jaar 1500 tot stand.
De toren wordt stilistisch gerekend tot de zogenaamde Drentse torenfamilie van Johan die Werckmeyster. In de toren hangt een in 1883 door A.H. van Bergen hergoten klok. Na een brand in 1607, waarbij het gebouw op de muren na werd verwoest, volgde herstel. De kerk is gerestaureerd in 1937-&Mac226;38 en in 1990. Aan de zuidzijde van het schip bevindt zich een moderne achtzijdige consistorie. Het kerkinterieur wordt gedekt door een houten tongewelf (schip) en stenen kruisribgewelven (koor). Tot de inventaris behoren een orgel, gebouwd in het eerste kwart van de negentiende eeuw door P. van Oeckelen voor de Broerkerk in Groningen (1840 overgebracht), en een preekstoel uit 1938.
****************
Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

28 nov 2005, 13:53

Afbeelding
De
Garstermolen

Geschiedenis
De Garstermolen in Nigtevecht is in 1876 gebouwd om zijn voorganger die afgebrand was te vervangen. De poldermolen heeft tot 1960 de polder Garster bemalen. In 1960 werd de vijzel eruit gesloopt en de molen is nu een woonhuis. Er zijn plannen dat de Garstermolen de maalfunctie van het gemaal weer gaat overnemen. Er zal dan weer een vijzel in komen te liggen. De molen staat nu al 4 jaar stil de technische staat gaat zeer snel achteruit.
***
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

28 nov 2005, 13:57

De
Broekzijdermolen

Afbeelding

Geschiedenis

De molen is in 1641 gebouwd als binnenkruier, dat is tegenwoordig nog goed aan de dikte van de molen te zien. Onbekend is wanneer de molen is omgebouwd tot een buitenkruier. De molen is in 1952 voorzien van het wieksysteem Half Dekker om meer rendement uit de wind te kunnen halen. In latere jaren is de binnenroed weer van oud-Hollandse ophekking voorzien(dit wordt waarschijnlijk weer ongedaan gemaakt met de aankomende restauratie, zie stukje hierboven.). In 1968 ging het beheer van de molen over in Stichting De Utrechtse Molens. De molen heeft tot 1980 de polder Broekzijds bemalen
****
Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

29 nov 2005, 15:47

Sint-Niklaaskerk
Het oudste gebouw van Gooik nog in functie met een Romaanse toren van in de 12de eeuw. Het koor werd in de 16de eeuw in gotische stijl uitgevoerd. Bezienswaardig zijn vooral de 13de-eeuwse doopkapel en het geklasseerd orgel

Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

29 nov 2005, 15:49

Bezienswaardigheden in Strijland

Woestijnkapel
De woestijnkapel is gelegen op de voormalige bedevaartsroute van Compostella en genoot in de dertiende eeuw grote faam bij bedevaarders wegens de aflaten die paus Bonifatius VIII verleende aan iedereen die hier op bedevaart kwam. Delen van de huidige constructie dateren uit de 14de en 15de eeuw, maar de huidige kapel werd opgetrokken in 1600 en onderging een eeuw later een eerste grondige verandering. In 1758 werd het huidige gewelf aangebracht. De naam "Woestijn" komt van "wastijn", een onbebouwde woestenij, zoals deze streek er destijds uitzag
***
Afbeelding

Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

30 nov 2005, 13:34

Berendrecht (Antwerpen), Antwerpen

Afbeelding
Beschrijving / geschiedenis

Op Westmolengeest, langsheen de steenweg op Zandvliet, bouwde aannemer Jacob Royers in 1822 een stenen windmolen. Voor 1834 staat de molen ingeschreven op naam van Jan Baptist Woumans-Hanegraeff, landbouwer te Berendrecht. Hij verkocht de molen in 1833 aan Anna Demoor, weduwe van Jozef Verbeeck. Deze weduwe liet de molen in 1842 over aan Carolus Verbeeck-Besseleers, eigenaar van de Solftmolen, een andere stenen stellingmolen te Berendrecht. In 1880 kwam de molen in handen an de molenaarsfamilie Philips. Petrus, Maria, Angelina, Franciscus, Carola en Joanna zijn de nieuwe eigenaars. Petrus Van de Moer-Tuitjens, brouwer te Berendrecht, kocht in 1890 de molen en liet hem in 1904 over aan molenaar Antoon Van de Moer-Tuytjens. Deze maalde zonder onderbreking tot in 1947. Hij werd in 1965 als eigenaar opgevolgd door Alfons Van de Moer-Van Hoydonck, molenaar te Berendrecht.

Deze verkocht de molen in 1980 zijn molen aan bakker Antoon Verbraak met het oog op een volledige restauratie. Die kwam er na een lange lijdensweg: in 1989 werd de kap gerestaureerd en pas in 1996 was de molen weer maalvaardig. Ontwerper was architect Gevers uit Kasterlee; uitvoerder was molenbouwer Caers uit Retie. Na het plotse overlijden van Antoon Verbraak kwam de molen weer stil te staan. Tot in 2004 liet zijn zoon Patrick de molen uitbaten door Michael Jordan en zijn leerling Marijn Kaufman, die er graan maalden voor dierenvoeding en voor de bakker. Momenteel (2005) is er geen molenaar meer.
****
Er bestaat geen enkele windmolen meer, die nog in staat is tot het malen van graan. De enige die nog overeind staat en die grondige herstelling nodig heeft om te kunnen overleven, is de Westmolengeest, eigendom van Alfons van de Moer tot in 1981. Hij werd gebouwd in het jaar 1822. Naast baksteen en hout, kalk en cement, werd er ook roggemeel als bouwstof gebruikt. Niet ver van daar stond vroeger een houten molen, de Oostmolengeest, die volgens oude kaarten o.a. van 1748 stond aan de wijk, thans in de volksmond gekend als de negerwijk, omdat de woningrijen zo laag zijn, wat niets afdoet aan het comfort dat deze huizen bieden. In deze wijk staat ook nog een klein polders monument, nl. de schandpaal van Wilmarsdonk. De Westmolengeest werd gebouwd door de Berendrechtse aannemer Royers. De familie Philips verkocht hem in 1895 aan Piet van de Moer en in 1905 ging hij over in handen van zijn broer Antoon.

Tot in 1947 heeft hij gewerkt, meestal tijdens de daguren, maar ook tijdens de nachtelijke uren, wanneer er veel graan op de molen lag te wachten, na perioden van windstilte. " Hoe ge 's nachts durft malen ", zei een bijgelovig vrouwtje, " weet ge dan niet, dat 's nachts de heksen hand in hand rond de molen dansen ". Een variante op het verhaal van de heksen van Zandvliet, die tijdens de nachtelijke uren hand in hand rond de kerk dansen. Zeer actief was de molen tijdens de laatste wereldoorlog; er werd gemalen volgens de officiële normen, maar ook in 't zwart, graan dat gekocht werd op de " zwarte markt " om het karig broodrantsoen van 225 gram aan te vullen. Van september tot oktober 1944 was alle contact met het overige deel van het land verbroken, ingevolge de krijgsverrichtingen. Toen was de molen de enige leverancier van meel voor het broodbakken. Immers, het dorp was zonder energiebronnen, zodat alleen de wind als krachtbron kon worden aangewend. Thans is het zeer stil om en op de molen geworden, maar zolang er leven is, is er hoop dat hij zijn vroegere glorie zal herwinnen. Die hoop zou kunnen bewaarheid worden, want in 1981 heeft Antoon Verbraak uit Kalmthout hem aangekocht tegenover de familie Van de Moer. Met behulp van officiële instanties, met tijd en geduld, kan dit Berendrechts exemplaar, nog enig in zijn soort, zijn herstelling tegemoetzien.

Op het Solftplein stond een stenen molen. De Buitenmolen en de Solftmolen hoorden toe aan dezelfde eigenaar, Carolus Verbeeck-Bresseleers van Stabroek- Putte. De familie Philips uit Berendrecht kocht de West-molengeest en nam de Solftmolen in huur. Deze werd achtereenvolgens verkocht aan Vochten, Bode en Helsen uit Kapellen. De familie Vochten woonde in de molen. Louis Vochten was geboren te Brecht op 22 februari 1852 en overleed te Merksem op 20 december 1925. Voorheen was hij molenaar te 's Gravenwezel.

Het gelijkvloers was als woning ingericht, waar de molen een doorsnee had van 10 meter. In het deurportaal kon een kar staan. In dat portaal werd café of estaminet gehouden. Aan tafel had ieder een beperkte plaats. De kinderen hadden hun slaapvertrek achter de meelbakken, onder de trap of naast de graanzolder. Om klederen op te bergen was er niet meer dan één kleerkast; ieder had slechts één stel zondagse kleren. Verder was er naast de molen een bergplaats gebouwd, waar allerlei gerief kon geborgen worden en waar een stootkar stond. Op de gaanderij werden kippen gehouden, en van hieruit schouwde men over de toppen van de bomen. In 1913 sloeg de bliksem in en dit betekende het einde van de Solftmolen. Het afbraakmateriaal kwam terecht in Stabroek, bij de familie Taeymans, een familie van metsers, die er woningen mee bouwden. De molen is weg, maar de grond ligt er nog, zo zouden de Engelsen het humoristisch uitdrukken. Wanneer we dan tegenover de Solftplein, in de huidige Dorpstraat een herberg konden situeren, waar het uithangbord luidde " In 't Molenzicht " dan kunnen we maar al te goed de logica van deze herbergier begrijpen: een beter zicht op de molen had men nergens.
***********


Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
************
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

30 nov 2005, 13:40

Weelde (Ravels), Antwerpen
Afbeelding
Beschrijving / geschiedenis

Deze beschermde molen werd na brand in 1906 maalvaardig hersteld. Tot dan was het ook een oliemolen.
In 1936 werd het windmaalbedrijf stil gezet en werd meteen de mechanische maalderij naast de molen in gebruik genomen.
In 1996 werd de molen maalvaardig gerestaureerd.
Er is een koekenbreker. De mechanische maalderij heeft nog een koppel maalstenen met dieselaandrijving. De zes vrijwillige molenaars, een enthousiaste ploeg met aan het hoofd Gerard Leemans, malen op donderdagavond en zondagmorgen. In het bijgebouw is een heemkundig museum gevestigd.
De molen heeft een vang met vangtrommel en de stelling rust deels op verticale schoren en deels op een bijgebouw
****
Afbeelding
Archief Gazet van Antwerpen (anno 1955)
Afbeelding
******
Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

01 dec 2005, 16:02

Afbeelding

Het dorp Zuidwolde ontstond in de middeleeuwen op de oeverwallen van een bosrijk veengebied
ten oosten van de stad Groningen.

De Hervormde kerk is een eenbeukige kerk met driezijdige koorsluiting en een forse ongelede westtoren met tentdak.

De toren werd in de twaalfde eeuw opgetrokken uit tufsteen er is versierd met enkele rijen rondboodnissen, waarmee ze verwant is met de toren van Vries (Drenthe). Omstreeks 1638 werd de toren met bakstenen verhoogd en werden spitsbogige galmgaten aangebracht.

Het schip bestaat uit muren die in de dertiende eeuw gedeeltelijk met tufstenen werden gebouwd, hoewel in ze de negentiende eeuw achter een pleisterlaag verdwenen. In de zestiende eeuw werden de oorspronkelijke vensters vergroot.

In 1651 werd een portaal aan de zuidingang gebouwd. In 1854
werd het oorspronkelijke koor vervangen door de huidige.

In de kerk bevinden zich een preekstoel, een doophek, twee eenvoudige herenbanken en een avondmaalstafel uit het midden van de zeventiende eeuw. Het gesneden portaal naar de toren ontstond in 1643.

Het orgel werd gebouwd door N.A. en G.W. Lohman in 1817 en werd vergroot in 1836 door J. Doornbos
*******
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

01 dec 2005, 16:06

Wildervank, Oude Kerk

Afbeelding

Wildervank is een langgerekt kanaaldorp, ontstaan langs het Westerdiep dat in 1659 werd doorgetrokken
naar het zuiden.

De Hervormde kerk werd gebouwd in 1687 als zaalkerk met driezijdig gesloten koor en toren. Hieraan werden in 1777 dwarspanden toegevoegd aan de noord- en zuidzijde. In 1834 werd een achtkantig opzetstuk met een ui-vormige spits gebouwd.

In 1837 werd een klok in de toren aangebracht die was gegoten door A.H. van Bergen.

Binnenin wordt de kerk overspannen door een gestuct tongewelf met trekbalken. De inventaris bevat een preekstoel met klankbord uit circa 1694 en twee houten banken uit het tweede helft van de achttiende eeuw.

Het orgel werd gebouwd door R. Meijer in 1867.

Aan de oostkant van de kerk bevindt zich een gebeitelde gedenksteen voor Adriaen Geerts Wildervank uit 1867. Ook zijn er grafstenen te vinden van verschillende predikanten uit de achttiende en negentiende eeuw.
***********
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

02 dec 2005, 15:02

De molen van s-Gravenzande
************
Afbeelding
*****

Reeds in 1318 kende de stad s-Gravenzande 2 korenmolens: "De Voormolen", die in de omgeving van het huidige zuidwind heeft gestaan en in de tijd van de reformatie werd verwoest en "De Achtermolen", die al in 1270 bestond en gelegen was aan het einde van de huidige Molenstraat. In de vorige eeuw heette een opvolger van deze laatste molen "De Fortuin". Deze brandde in 1879 af, toen de molenaar bezig was met het smeren van het gangwerk met bijenwas. Deze molen werd niet meer herbouwd. Mogelijk werd hierna, om toch te kunnen malen, het maalderijgebouwtje aan de Naaldwijkse weg gesticht, waarin een stoommachine lag die twee koppels stenen aan kon drijven. De molenaar was Luiendijk en daarvoor was een zekere Schuddebeurs eigenaar. In 1903 kocht de vanuit Sliedrecht afkomstige Nijs Maat, de opa van de laatste eigenaar Nijs Maat, de stoommaalderij aan. in 1908 werd vergunning aangevraagd voor het bouwen van een "windbaliemolen" naast de bestaande maalderij. Voor molenbegrippen is de molen dus nog niet erg oud. Geheel in het teken van deze tijd, gebruikte men hiervoor geen nieuwe molen, maar een tweede hands houten achtkante molen.

Deze molen was oorspronkelijk een poldermolen van de polder "Kerk en Zanen" te Alphen aan de Rijn, die daar in 1869 gebouwd was en door stoombemaling overbodig geworden. Nijs Maat liet de molen hier plaatsen op een nieuw gemetselde achtkante, ruim zes meter hoge stenen onderbouw. De molen werd ingericht als korenmolen met drie koppels stenen, twee zgn. "mestingstenen" om veevoer te kunnen malen en een voor tarwemeel. Op 4 februari 1909 was de molen maalvaardig, want op het zware spoorwiel staat met potlood geschreven: "De eerste steen gebild den 4 de februari 1909 door L.H. Degenhart van Wateringen". Deze was destijds molenaarsknecht bij David Hoek op de korenmolen "Windlust" in Wateringen en stond bekend als een zeer kundig scherper van molenstenen. Toen de molen eenmaal maalvaardig was, is men zoveel mogelijk met de wind gaan malen. De bouwprijs van f 6000,- was dan ook binnen vijf jaar terug verdiend. Zo verrees dus "de molen van Maat", zoals hij door de plaatselijke bevolking werd genoemd. Nijs Maat maalde veelal in de maalderij en de molenaarsknecht Piet Verhagen maalde met de molen. In de maalderij was inmiddels in 1915 de stoommachine vervangen door een oliemotor, die twee koppels mestingsstenen kon aandrijven. Aanvankelijk werd het lijf met zinken golfplaten bekleed. Dit beviel niet, waarna er een leien bedekking werd aangebracht, iets wat maar zelden bij molens voorkwam. In de Tweede Wereldoorlog werd in werd in de molen een mengketel bijgeplaatst, die aanvankelijk door de wind en later door een elektromotor werd aangedreven. Later werd één van de koppels voerstenen ingericht als een elektrisch gedreven tarwekoppel en de andere verdween geheel om plaats te maken voor een graansilo. Met het overgebleven windgedreven koppel tarwestenen, bleef de molen nog in bedrijf tot half zestiger jaren. Toen kwam de molen stil te staan en raakte in verval. Het duurde tot 1977 eer de molen uitwendig gerestaureerd werd. Het molenlijf werd flink onderhanden genomen, er kwam een nieuwe balie en een nieuw wiekenkruis uitgerust met het systeem Fauël. Zo kwam de molen weer regelmatig in bedrijf tot 1989. Uitwendig was de molen piekfijn in orde, doch inwendig begon er steeds meer aan te mankeren. Om die reden kon er vanaf die tijd ook niet meer met de wind gemalen worden. Thans is de molen eigendom van stichting de s-Gravenzande Korenmolen en is de molen in 2002 weer geheel maalvaardig gerestaureerd zodat dit belangrijke cultuurhistorische monument voor s-Gravenzande bewaard zal blijven voor de toekomst.
****************
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

02 dec 2005, 15:19

De molens van Houtzagerij Abraham van Stolk en Zoonen aan de Schie
********
Aan de Schie, even ten noorden van de Heulbrug, vond je begin vorige eeuw de molens en houtloodsen van de bekende houtfirma Van Stolk. De Schie is reeds lang gedempt; het gebied waar we het over hebben moet je zoeken aan de noordoostzijde van de Schiekade tussen de Bergweg en de Vlaggemanstraat. Molens zul je daar niet meer aantreffen .... We laten hieronder enige beelden zien uit de periode 1880-1905.

Maar eerst enkele gegevens. Abraham van Stolk en Zoonen is een oud bedrijf, reeds in 1727 kocht David van Stolk het stuk land dat we hierboven al aanduidden: "groot 3 morgen" ten oosten van de Schiekade. De firma, geleid door opvolgende generaties Stolken, groeide voorspoedig uit, zodat zij in 1819 de trotse eigenaresse was van zes windzaagmolens, waarvan er vijf aan de Schie stonden. Dit waren: "De Bartholomeus Everardus", "De Steur", "De Koe", "De Jonge Abraham" en "De Vlaggeman". De zesde molen, "De Notenboom", stond te Oostzaandam. Daarnaast bezat de onderneming tal van houtwerven en houtloodsen.

Van de genoemde zes molens was "De Koe" de oudste. Hij werd in 1746 door David van Stolk gekocht. De molen was toen al een eeuw oud, hij werd oorspronkelijk als verfmolen gebouwd. In de loop van de 19e eeuw werden verschillende van de genoemde oude molens afgebroken en vervangen door nieuwe, onder meer "Het Haantje" en "De Barg".

In 1925 was van de rijke molenpracht slechts weinig over: één windmolen resteerde, "De Vlaggeman", en die was toen al jaren buiten gebruik. In plaats van de windmolens kwamen stoomzagerijen, die wél traditionele namen kregen, te weten: "De Koe" en "De Bartholomeus Everardus". Het laat zich makkelijk raden, welke molens hiervoor opgeruimd werden .... "De Vlaggeman" werd uiteindelijk in 1929 ook gesloopt. Er werden plannen gemaakt om hem aan de Kralingse Plas te herbouwen, maar deze mooie ideeën zijn nooit tot uitvoering gebracht.
***********
De Schie, genomen vanaf de Heulbrug in de Bergweg, omstreeks 1905. In die tijd was het gebied ten noordwesten van de Bergweg - de Bergpolder - nog vrijwel onbebouwd. Links van het midden, houtzaagmolen "De Vlaggeman" van de firma Van Stolk. De schuiten rechts op de voorgrond zijn van de Gemeentelijke Huisvuildienst. Rechts zie je hoe de bebouwing van de Voorburgstraat en omgeving komt oprukken. Tussen deze hoge en grote - toen nog gloednieuwe - woonblokken en de Schie ligt het buurtschap de Kruiplaats, met kleine hofjes en lage en primitieve rijtjeswoninkjes.
Afbeelding
De tweede foto is ruim 10 jaar ouder (kort voor 1895) en een stukje verder naar het noorden genomen, vanaf de linker Schiekade. We zien hier, van dichterbij, opnieuw de houtzaagmolen "De Vlaggeman". Links van deze, een tweede houtzaagmolen, een paltrok, "Het Haantje" geheten. Deze werd in 1895 gesloopt, vandaar dat we hem op de voorgaande foto niet terugvinden. Helemaal links, met schoorsteen, de stoomzagerij "De Koe" die, zoals we boven reeds vermeldden, de gelijknamige oeroude windmolen verving.
Afbeelding
Deze foto is weer een jaar of vijftien eerder gemaakt (omstreeks 1880). We zien, dat er destijds nog een derde houtzaagmolen stond, "De Barg". Dit was een zeskante molen, zoals je op de foto kunt zien (als je goed kijkt). De meeste zaagmolens waren zeskant. Het molenlijf heeft dan zes stijlen, waarvan er maar twee op de zaagvloer stonden; en elk twee aan weerszijden van de zaagvloer. Hadde men de molen achtkant gebouwd, er zouden vier stijlen op de zaagvloer in de weg hebben gestaan. "De Barg" brandde op 30 maart 1881 af, vandaar dat we hem op de voorgaande foto's niet terug vinden.

Afbeelding
De houtfirma Van Stolk .... waar de te verzagen stammen in het water dreven en waar menige Rotterdamse jongen een nat pak heeft gehaald .... Dit is een mooie foto die we ook al vrij nauwkeurig kunnen dateren. We zien hier op een rijtje van links naar rechts "De Jacobus", de paltrok "De Bruinvisch", dan in aanbouw "De Jonge Hendrik" (niet van Van Stolk) en tenslotte de paltrok "De Adelaar" (gesloopt in 1927). Waarom we de foto kunnen dateren? Wel, "De Jonge Hendrik" werd gebouwd in 1896 en brandde af in 1899.
Afbeelding
*******************
Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

03 dec 2005, 17:09

Afbeelding
De Abdij van Averbode werd in 1135 gesticht op initiatief van Arnold II, graaf van Loon. Eggebertus van Rolingen, een kasteelheer van het huidige Rullingen was getuige bij de stichting.

Het is een abdij van de Premonstratenzers, ook Norbertijnen of Witheren genoemd.

In de beginjaren overleefde de kloostergemeenschap, die oorspronkelijk uit mannen en vrouwen bestond, door landbouw waarbij de Norbertijnen hulp kregen van lekenbroeders. De zusters verhuisden aan het begin van de 13e eeuw naar een eigen abdij (Keizerbos). Deze gemeenschap bleef tot 1796 bestaan.

De Norbertijnen van Averbode hielden zich in latere tijden meer met pastoraal werk bezig. De kerk en het abdijgebouw werden in 1499 door blikseminslag zwaar beschadigd. Tijdens de 16e eeuw moesten de Norbertijnen verscheidene keren een veilig onderkomen zoeken in hun refugehuis van Diest en later Averbode verlaten om zich eerst in Sint-Truiden, daarna in Diest te vestigen. In 1604 lieten de omstandigheden het toe om terug te keren.

In 1648 voltooiden Norbertijnen de bouw van een bedevaartskapel in Kortenbos bij Sint-Truiden.

Afbeelding
De Fransen schaften in 1796 bijna alle kloosters en abdijen af; de abdij werd verkocht en het klooster afgebroken. Het monumentale kerkorgel van Robustelly werd gekocht door de St. Lambertuskerk te Helmond (Nederland), waar het nog steeds te bewonderen en te beluisteren valt. In 1802 verwierven de Norbertijnen de abdij opnieuw en na de onafhankelijkheid van België in 1830 werd het kloosterleven in Averbode hervat. In 1858 wordt het dan in België grootste romantische kerkorgel in de abdij in gebruik genomen, gebouwd door Hippolyte Loret. Dit orgel is momenteel onbespeelbaar en wacht op restauratie. Op het einde van de 19e eeuw legden de broeders zich toe op drukkers- en uitgeversactiviteiten en het aantal leden van de gemeenschap nam in die periode sterk toe. Toen vertrokken ook de eerste missionarissen naar Brazilië.

Vanaf 1920 gaf de abdij een kindertijdschrift uit: Zonneland; in 1942 telde de gemeenschap 230 leden. In hetzelfde jaar werd het hele complex behalve de kerk door brand vernield.

In de jaren vijftig van de vorige eeuw waren de Norbertijnen actief in het onderwijs door het stichten van colleges voor middelbaar onderwijs. In 1996 verkocht men de drukkerij.

Tegenwoordig (2004) vind je in de abdij een gastenkwartier, een bibliotheek en een bezinningscentrum. De gemeenschap telt 92 leden waarvan er 39 in de abdij leven en werken.
**********************Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

04 dec 2005, 12:48

Afbeelding
Carolus Borromeuskerk
De Carolus Borromeuskerk aan het Hendrik Conscienceplein in Antwerpen is een voormalige Jezuïetenkerk in barokke stijl. De kerk werd ontworpen door leden van de Jezuïetenorde, zoals Francois Aguillon en Peter Huyssens. De bouw duurde van 1615 tot 1621.


Voorgevel Carolus BorromeuskerkOorspronkelijk was de kerk gewijd aan Ignatius van Loyola, stichter van de Jezuïetenorde. Na het opheffen van de orde in 1773 werd de kerk opnieuw gewijd, ditmaal aan Carolus Borromeus. Na enige tijd gebruikt te zijn voor godsdienstonderwijs is het gebouw sinds 1803 in gebruik als parochiekerk.

De kerk is een typisch product van de contrareformatie, waarin de katholieke kerk probeerde met pracht en praal het volk weer aan zich te binden en waarin de Jezuïeten een leidende rol speelden. De voorgevel is een nabootsing van die van de Jezuskerk in Rome, de moederkerk van de Jezuïeten, en is acht meter hoger dan de kerk zelf. De kerk heeft een driebeukige, basilicale opzet. Boven de zijbeuken zijn gallerijen aangebracht. Het koor wordt gemarkeerd door een toren.

Aan de decoratie van de kerk werden belangrijke bijdragen geleverd door Pieter Paul Rubens, die zowel schilderijen als beeldhouwwerk verzorgde. Tijdens een brand op 18 juli 1718 werd het interieur zwaar beschadigd en gingen onder andere 39 plafondschilderingen verloren. Na de brand kreeg de kerk een nieuw, sober interieur. Bij de restauratie van de jaren 1980 werd de kerk opnieuw in barokke stijl heringericht. Boven het altaar hangt telkens één schilderij; door een oud mechanisme wordt dit regelmatig verwisseld door een andere.
Afbeelding
********************Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

05 dec 2005, 11:36

Afbeelding
Hoolstmolen
Beschrijving / geschiedenis

De Hoolstmolen werd voor het eerst.vermeld in een schepenakte uit 1289 waarbij de grens werd vastgelegd tussen de gemeenten Balen en Meerhout. Uit andere documenten blijkt dat deze molen (evenals de watermolen van Scheps) een banmolen was, d.w.z. dat de omwonenden verplicht waren hun graan op deze molen te laten malen. Vanaf de Middeleeuwen tot ongeveer 1780 is de geschiedenis van Hoolstmolen vrij duister. Wel zijn vanaf 1472 de opeenvolgende eigenaars en pachters vrij goed gekend.

In 1565 werd de molen door brand vernield, maar werd voor 1573 weer opgericht. In 1812 was de Hoolstmolen voor de helft eigendom van het Norbertinessenklooster van Herentals en voor de andere helft van het armenbestuur van Balen. Deze laatste verkocht de molen in 1829 aan H.J. Swinnen-Lommen. De molen blieef in handen van deze familie tot hij door erfenis toekwam aan de familie Swinnen. Later ging de molen, eveneens door erfenis, over in het bezit van de familie Vaes, aan wier nakomelingen hij nu nog toebehoort.

In de periode l800-1861 werd de molen opeenvolgend verpacht aan verschillende molenaars die echter, gezien de minder goede gang van zaken, nooit voor langere perioden de molen bemalen.

Sinds 1861 kwam de familie Van Elsen in het bezit van de molen, met als eerste Petrus Van Elsen, geboren te Westerlo. Bij zijn dood in februari 1894 volgt zijn zoon Karel hem op. De zonen van Karel staan hem bij in zijn werk tot hij rond de eeuwwisseling stopt met malen. Vanaf dan zetten Karels zonen Fons, Jef en Vic het werk verder. Fons trekt na zijn huwelijk met Leonie Cuypers naar de windmolen (Koningsmolen) te Lommel en vandaar naar de watermolen te Meerhout. In 1930 overleed Karel Van Elsen. Vic Van Elsen bleef op Hoolstmolen tot 1994, dan vertrok hij naar Straalmolen samen met zijn vrouw Isabelle Geyskens. Isabelle kookt het potje voor Vic op Straalmolen en hielp vrijgezel Jef Van Elsen bij het malen op Hoolstmolen. In 1957 kreeg Isabelle echter last van het meelstof en werd alzo gedwongen om met haar werk te stoppen; hierdoor stopt Jef Van Elsen eveneens met het malen op de molen en trok mee naar Straalmolen. Bij het vertrek van Jef heeft Karel Van Elsen, een zoon van Fons Van Elsen, de molen nog een tijdje bemaald. In 1967 werd er echter volledig gestopt met malen op de molen.

Dan blijft het een hele tijd rustig rond Hoolstmolen tot in 1982 een groep vrijwilligers werk beginnen te maken met de restauratie van de molen, zowel de graanmolen als de slagmolen. Op 27 februari 1983 werd door deze groep de vereniging "Molenvrienden Balen - Olmen" opgericht; welke de molen weer volledig maalvaardig maakten.

Tot 1911 waren er nog twee houten waterraderen in gebruik. Thans is er één plaatstalen onderslagrad in gebruik, met een diameter van 1,8 meter, een breedte van 0,9 meter en met 48 schoepen.
In de jaren 1914-1919 werd het houten gebouw vervangen door het huidige stenen gebouw. Deze werd op 12 januari 1987 beschermd als monument en samen met de omgeving als dorpsgezicht.
De korenmolen heeft een koppel kunststenen van 1,4 meter en een koppel kunststenen (motoraandrijving) van 1,2 meter, beide met zwaaipandscherpsel. Verder is er een sleepluiwerk en een haverpletter.
De olieslagerij wordt door hetzelfde onderslagrad aangedreven en bestaat uit een kollergang, fornuis (vuister) en een slagbank.
Een hoogtepunt vormde ongetwijfeld het bezoek door koning Boudewijn aan de Hoolstmolen in 1984.
****************


Afbeelding
Toestand rond 1900.
**
Afbeelding
Kollergang oliemolen
******
Afbeelding
Foto: Archief Gazet van Antwerpen.
**************
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet

majke
Lid geworden op: 01 jan 2005, 00:20
Locatie: europa

05 dec 2005, 11:47

Hofmolen

Afbeelding

Beschrijving / geschiedenis

De Hofmolen van Viersel ligt nabij het aloude kasteel van Hovorst, waarvan de geschiedenis nauw verbonden ligt met die van de watermolen. Hij bestond al in 1210. Dan ontving de abdij van Tongerlo van Hertogin Oda haar aandeel in de molen van Viersel ("molendini di Viersela").

Tijdens de godsdiensttroebelen op het einde van de 16e eeuw geraakte de watermolen buiten gebruik en in verval. Op 10 april 1630 kreeg Augustijn van de Werve toelating van de Rekenkamer van de Hertog van Brabant om de watermolen te herbouwen. Jaarlijks zou hij daarvoor een erfelijke cijns van 24 ponden Artois moeten betalen. De bouw van de watermolen (in hout, met strodak) vergde verchilende jaren. In maart 1633 werd de grofmid van Scherpenheuvel, Jan van den Goor, betaald voor het geleverde ijzerwerk. In 1638 legden timmerlieden en strodekkers de laatste hand aan de gebouwen. De molenstenen werden gekocht bij Peeter van der Veken, mulder te Hogerheide, op 23 juli 1638.

In 1662 werd de molen wederom herbouwd, maar dan in steen en met schaliedak. Dat jaartal staat trouwens op een balk op de tweede verdieping van het molenhuis en is ook te lezen op muurankers.

De huidige gebouwen dateren echter pas van 1882-'86, naar een ontwerp van architect J. Claes te Antwerpen. De laatste pachter-molenaar was Louis Verbist. Hij stopte met malen in 1963. De watermolen ligt sindsdien stil. De verzanding van het spaarbekken en de Molen- of Prullebeek, de slechte staat van het ijzeren waterrad waarvan vele houten schoepen ontbreken, maken de werking onmogelijk. Gelukkig is de watermolen thans beschermd als monument en samen met de omgeving als dorpsgezicht. We hopen dat de molen opnieuw in werking kan gesteld worden. (LD
**********
Afbeelding
***********
Afbeelding
Oude prentkaart
*****************
Afbeelding
als je je zelf niet helpt
een ander kan dat niet