goede avond iedereen,
en vooral de leerlingen van ons sympathiek klasje
hier weer tien 'wiskundige problemen en probleempjes'
1) Een wijnhandelaar heeft een vat wijn van 228 liter dat hem 4560 Fr
kost en een tweede vat van 450 liter dat hem 11700 Fr kost.
Hij wil nu 450 liter mengen die hem 24 Fr per liter kosten.
Hoeveel neemt hij daarvoor van elke soort?
(- sorry voor de Fr in plaats ven de Euro-)
2) Als bij drie opeenvolgende natuurlijke getallen, het kwadraat van het
middelste getal, één meer is dan het product van de andere twee, wat
zijn dan de drie getallen?
3) Ik heb een zinken plaat van 28 cm bij 21 cm.
Ik kan ze op twee manieren tot een cilinder lassen: eenmaal met 21 cm
als hoogte en eenmaal met 28 cm als hoogte.
Wat is het verschil tussen de inhouden van beide cilinders?
(- we nemen aan dat ze ook elk een bodem krijgen -)
4) Een Arabische puzzel van bij de start van de algebra, lang geleden.
Drie vrienden slapen naast een doos dadels.
De eerste wordt wakker en eet 1/3 van de dadels - valt weer in slaap,
de tweede wordt wakker en eet 1/3 van de overige dadels - slaapt weer,
de derde wordt wakker en eet 1/3 van de resterende dadels - slaapt in.
's Morgens liggen er nog acht dadels.
Hoeveel lagen er de avond voordien?
5) ABCD is een parallellogram.
K is midden van AD en L is midden van BC.
De bissectrice in A snijdt KL in M,
de bissectrice in C snijdt KL in N.
Bestaat er een verband tussen de afstanden AB, AD en MN?
6) Drie mannen gooien elk één dobbelsteen. Welke kans is grootst?
- niemand gooit een zes, of
- iedereen gooit een verschillend getal.
7) In een kubus met ribbe 1 past mooi een bol.
In de bol past weer mooi een kleinere kubus.
Wat is de inhoud van deze laatste kubus?
(vergast sloeberkebebo ons met een mooie figuur?)
8 ) We stellen de TIEN cijfers ( 0, 1, ..., 8, 9) in willekeurige volgorde
voor door de letters A, B, C, ..., H, I, J.
Als volgende som ABC + DEF = GHIJ,
wat zijn dan de cijfers A, B, C, ... , H, I, J?
9 ) Een leraar geeft volgend strafwerk aan een leerling:
uit een boek moet hij overschrijven -
1 woord uit hoofdstuk één,
2 woorden uit hoofdstuk twee,
3 woorden uit hoofdstuk drie,
...
Na veertien hoofdstukken heeft hij de helft van alle woorden geschreven.
Hoeveel hoofdstukken telt het boek?
10 ) Als 7a - 12 = 2a + k = 3a + 8,
dan is k = ???
succes iedereen, en ...
... nog eens ... nieuwe leerlingen graag welkom -
ze lezen wel eerst blz 1
tot morgen,
denook