Kamers van geluk & verdriet

Literaire pareltjes van maatschappelijke gebeurtenissen.

zandmannetje
Lid geworden op: 02 feb 2003, 23:15
Locatie: Het land met meer ministers dan inwoners

30 mei 2005, 14:04

Zoals de aandachtige lezers ongetwijfeld nog weten, ging zandmannetje zich voor een retraite van een 3-tal weken terugtrekken in het klooster. Om ongestoord verder te kunnen werken aan het herschrijven van de bijbel, in een rustig celletje in het klooster van Montserrat, dat voor die tijdspanne dan zijn kamertje van geluk zou worden…
Kom en lees hier nu hoe het mij verging!
Nadat ik de zware klopper op de immens grote toegangspoort had laten bonken, werd een klein luikje geopend in dezelfde immens grote toegangspoort en het gezicht van de pater van wacht verscheen achter datzelfde kleine luikje.
Het was wel degelijk het gelaat van de pater van wacht, al dacht ik verkeerdelijk eerst dat het de facie van een buldog was.
Waarschijnlijk had men deze pater die taak toevertrouwd omdat hij gemakkelijk ongewenste bezoekers kon afblaffen met zijn uiterlijk, of ze desnoods bijten.
Op mijn mededeling dat zandman verwacht werd, dat er een rustig celletje gereserveerd was, werd ik een klein wachtkamertje gelaten.
Dra voegde zich prior Benedictine VII bij mij, die een heel ander voorkomen bezat. Meteen had ik spijt geen fotocamera bij de hand te hebben. Dat had mij weeral geld kunnen opleveren, zijn foto verkopen aan een of andere trappistenbrouwerij, om zijn blozende vollemaansgezicht op de etiketten van de flesjes blonde of bruine trappist te kleven! Dat had gegarandeerd geleid tot een stijging van 13,5% van de consumptie van voornoemde goederen…
Zijn blozende enzovoort staarde mij welwillend glimlachend aan
“Dag zandman, je bent op de hoogte dat je eerst een kleine test moet afleggen vooraleer toegelaten te worden ?”
Natuurlijk was ik daar niet van op de hoogte, ik dacht dat voldoende euro’s neertellen voor de huur van een celletje voldoende was. Schijnbaar niet dus…
Maar vermits ik nu toch reeds van een behoorlijk deel van de bijbel op de hoogte ben, en ik kan de catechismus opzeggen van voor naar achter en van achter naar voor “Brand maar los met jouw test mijn beste prior!”
“Was Jezus een mens of was hij God?”
Poeh, dat is een makkie. Daar zou ik eens uitgebreid op antwoorden zie:
“Jezus was de zoon van God, daarom was hij God en tegelijkertijd mens. Daarbij komt nog dat hij bezeten was van de heilige geest, wat maakt dat hij eigenlijk 3 personen in 1 was. In onze tijd nu zou hij eigenlijk best een interessant geval voor een psychiater zijn, duidelijk een geval van verregaande gespleten persoonlijkheid, als je het mij vraagt…”
Lichtelijk overdonderd, tamelijk verbouwereerd kijkt Benedictine VII mij aan. Als hij eerlijk is kan hij alleen mijn versie beamen natuurlijk, maar dat is een eigenschap die hij kennelijk ontbeert want na een teken van hem aan de buldog, voert deze laatste me met zachte dwang naar buiten. Mijn retraite zal voor een andere keer zijn…

Dit is hoe het had kunnen zijn, maar het niet was!
Bovenstaand verhaal is van a tot z verzonnen , want mijn verlofperiode kende een heel andere wending. Wegens mijn routeplanner!!!
Lees morgen meer daarover, in de topic anekdotes...
Zo, dat was het dan.
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
Gast

30 mei 2005, 18:01

Zandmanneke, koop je eens een goeie GPS in plaats van altijd op een gewone routeplanner te vertrouwen. (Toch op Maporama niet vertrouwd zeker?)
In alle geval, laat maar komen, Zandmanneke. 'k Zit te wachten, 't begin was al prima !

Tillie
Lid geworden op: 28 jul 2004, 23:20
Locatie: Kempen

30 mei 2005, 18:46

En ik zat nog wel te wachten, op het relaas van die zelfkastijding en dat boetekleed, en de paternosterbollekenslezerijen.
Zonder vrouwen gaat het niet, dat heeft zelfs God moeten toegeven.
Duse
Gast

04 jul 2005, 14:56

Lang heeft ze niet op de wachtlijst gestaan, die mevrouw met het hartinfarct. Na een viertal keren van bed en hospitaal te zijn veranderd kon ze eindelijk tot rust komen in een home ergens aan de Maaskant. Ze had zich al rot gevraagd naar mij, waar ik toch zo lang bleef, was ik haar vergeten? Neen, ik was het vrouwke niet vergeten, integendeel. Als ze telkenmale zegt dat haar eigen kinderen haar niet meer willen, dan maakt mij dat ook down, maar ze begrijpt het niet zo goed. Haar kinderen willen haar wel maar het is moeilijk om een hulpbehoevend mens thuis te hebben, terwijl iedereen werken is. Wil men zo een mens thuis houden, dan moet er gemobiliseerd worden en duidelijke afspraken maken. De thuisverpleging wordt ingeschakeld en de poetsdienst helpt een handje want zelf een oudere verzorging gaat moeilijk als je er niet in gespecialiseerd bent. Je hebt ook lastige ouderen, waar geen land mee te bevaren is, juist deze personen moeten door derden geholpen worden. Het maakt ook een wereld van verschil als je een dementerend of iemand die verlamd is en in een rolstoel zit, moet verzorgen. Je huis moet aangepast worden en het hele gezin wil wel meehelpen maar dat is alleen in het begin. Zo gauw de grote kinderen merken dat het goed gaat en niet immer willen dag en nacht beschikbaar zijn voor de grootouders zijn ze ribbedebie. Veelal is men zelf nog een kwikke veertiger of vijftiger en heeft men nog kinderlast thuis. Studerende kinderen of kleinkinderen die graag op bezoek willen komen maar nu argwanend naar huis komen en oogluikend toekijken. Het is een hele opgave om de ganse dag in dienst te staan van je hulpbehoevende ouders. Vier generaties onder één dak hebben en iemand moet zijn of haar werk aanpassen, los het maar eens op! De hele tijd krijg je vreemde mensen over de vloer, de koffiezet staat heel der tijd te pruttelen en de tafel staat altijd gedekt met koek. De afwas, dat doet toch het afwasmachine of niet en het machine wast zich blauw? Daarom besluiten dan ook de meesten om de ouderlingen in een home te doen, niet omdat men er vanaf wil maar gewoon omdat men geen andere keuze heeft. Er is ook nog een leven na het hartinfarct van va of moeke. Met spijt in het hart zie je dan hoe de menskes stillekesaan aftakelen. Alhoewel tanteke het beter doet dan maanden geleden pinkt ze veel tranen weg. Ze is nog nuchter genoeg om haar inventaris op te maken.
Eventjes moest ik mijn weg zoeken, de parkeergelegenheden waren een beetje aangepast maar als een rasechte Maaslandse vond ik toch direct mijn weg door de smalle weggetjes. Achter het kasteel heb je een prachtig zicht op de Maas maar niemand van de oudjes heeft er deugd aan, ze hebben liever lijfelijk contact. De eikenbomen die statig over de parking waken, zijn in hun ogen vervelende dingen die het uitzicht belemmeren.
Iemand riep mijn naam terwijl ik de lift wilde nemen, het was de stem van tanteke, klaar en duidelijk met een klein beetje melancholie erin. In de grote zaal beneden, die ooit diende als operatiekamer, stonden de tafels netjes tegen elkander geduwd. Op ieder tafeltje stond de naam van de persoon te lezen, ieder had zijn eigen plekje aan tafel. Mij liet het veeleer denken aan de kleuterklas van weleer, ieder had zijn eigen stekje met de naam erop gespeld. Het was koffiepauze en ik dacht dat het er gezellig aan toe ging. Niks van dat alles. De dames zaten bij elkaar en hier en daar gaf er eentje een snedige snauw naar de andere. Een Hollandse dame had het over het ‘Veer’ van Stokkem dat moest verdwijnen en een ander beaamde dat ze aan het zeveren was. “Hoe kan je dat dan weten,” vroeg de dame die het langst in het home was? “Ja”, antwoordde ze: “Ik kom uit Roosteren en ze krijgen de brug van Roosteren in Stokkem, en het Veer gaat wél weg.”
Achter mij aan een andere tafel, zaten de heren. Die wilden zo graag de koers zien, maar de tv die mocht pas om zeven uur opgezet worden. Anders moesten ze maar privé boven gaan kijken, maar dat moet je eerst melden en wel ’s morgens na het ontbijt. Je moet je als het ware op bestelling naar boven laten doen, anders zit je te zitten in je rolstoel tot aan het avondeten. Naast mij zetten ze plots iemand in een rolstoel neer met een baxter aan de linkerzijde. Zijn beiden benen zijn afgezet, de man lijdt aan diabetes in een erge vorm en zijn handen daar is nog nauwelijks is van te merken. Hoe kan iemand hier nog gelukkig zijn zonder de helft van zijn ledematen, dacht ik. De bereidwillige helpers komen hem eens laten nippen aan een tas koffie of andere vloeistof en meteen graaien ze de mokken die leeg stonden op de andere tafels weg. Alles moet blijkbaar vlug gaan, geen minuut mag verloren gaan, zelfs de afwas leek op de seconde onder de voeten uit te moeten. De arme meneer werd op de gang gezet, gelijk een staanklok, die verder de uren voorbij tikt. Hier kon hij naar de mensen kijken die aan hem voorbij gingen zonder dat deze zich om hem bekommerden of zonder dat zich iemand afvroeg: ”tsiens, is dat niet die Thieu van verderop?”
“Hier moet ik nu de rest van mijn leven blijven zitten,” zei tanteke, “ik kan en mag niet meer naar huis. Mijn huisje dat staat reeds te koop en de buren hebben er al een bod op gedaan. Verleden jaar rond deze tijd, was ik nog kerngezond, maar je ziet, hoe snel het kan verkeren. Als dit het verloop van mijn verdere leven zal zijn, wil ik niet meer leven, ik wil doodgaan.” Terwijl ze weer hartverscheurend weende, ging ze verder. “Alles moet ik nu vragen, terwijl ik amper een tijdje geleden, nog alles zelf kon doen. Ik wil dit niet, ik wil een leven hebben gelijk vroeger toen ik nog alles kon en zelf mijn koffiezet aanzette en ik wil niet de ganse dag tot vervelens toe hier in die rotstoel hangen te schilderen.”
Het leven gaat onherroepelijk verder en zo ik ook. Mijn tijd van bezoek en aanhoringen was om en met een deuk in mijn hart ging ik weer huiswaarts. Een zielig home vond ik het, geen animatie en geen lachende gezichten rondom de mensen, het waren robots geworden, gestuurd door de maatschappij. :twisted:

lief
Lid geworden op: 19 apr 2005, 20:55

04 jul 2005, 19:33

Erg he ! Ik weet uit ervaring dat oude nonnetjes het veel beter hebben .En ik weet ook hoe het sommige oudere van dagen gaat.die kinderen hebben.Spijtig gegeven .

telloorlekker
Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46

05 jul 2005, 17:59

Niet te mistroostig worden hé... Mijn vader zaliger heeft alles gedaan om het rustoord, destijds onder beheer van een C.O.O. (het huidige OCMW) voor oudjes leefbaar te maken. Na veertig jaar bleek dat blok niet meer te voldoen aan de tand en trend des tijds. Onbegrijpelijk, maar toch... nu zijn de oudjes van toen niet bedrijvig in cyber of electronische speltoestanden, de animaties ter plekke worden gelukkig nog niet geleid door robotten, maar lang zal dat ook niet meer duren. Van duren gesproken, nog even en het wordt alles onbetaalbaar. Menige ouderling moet nu al zijn hele pensioen afstaan aan alleen de huur; voor het onderhoud en de verzorging moeten de kinderen ophoesten. Géén kinderen, ook nog geen zorg; de gemeenschap heeft nog een appeltje over, maar voor de dorst moeten ze nu iets anders aanboren. Dat appeltje van weleer wordt wellicht een kersepit... kan je lang aan zuigen voor je de smaak te pakken krijgt... :)
Ik hoop alleszins, en daarbij breek ik het werk van vader zaliger niet af, ik voor die tijd de pijp uitga... Ik wil het geenszins meemaken dat die hooligans van nu gaan bepalen hoe ik mijn ouwe dag moet slijten binnen die nieuwsoortige blokkedoos...
Gast

11 jul 2005, 12:44

De eerste verschijnselen van de puberteit kunnen behoorlijk hard aankomen. De hormonen gieren door je lijf, je herkent jezelf niet meer en krijgt ruzie met je moeder. Daardoor voel je je nog rotter. De aanhoudende hoofdpijn werd misschien ook wel veroorzaakt door de hormoonschommelingen in je lichaam en angstvallig stond je iedere dag voor de spiegel te gapen. Die eerste dikke puist op je neus of voorhoofd, die immense vieze etter die had zich stevig genesteld zonder pardon. Iedere dag stond je op met die verontrustende gedachte, niet er eentje bij krijgen, zo groot als een wolkenkrabber. Gelukkig heb ikzelf er weinig last van ondervonden, veel krenten eten was de boodschap. Krenten zuivert het bloed en brengt je lichaam als vrouw nog dieper in de vrouwelijke situatie. Het ergste was, dat ons lichaam zo vlug veranderde dat we onszelf niet meer terug herkenden. We voelden ons een slungel in een veel te klein lichaam, het stond op openbarsten. Binnen enkele weken was een broek al weer te klein en een truitje te smal. Pubers vallen over hun eigen benen en kunnen nauwelijks stilzitten, behalve voor de TV. Dat groeien kost veel energie. Daarom willen ze veel uitslapen, veel eten en veel op de bank hangen. Wellicht daarom wordt het puberteit genoemd, het stamt immers af van het Latijnse pubes (schaamhaar). In de volkse vertaling zou het zo klinken, ons schamen voor te veel haar of ze schamen zich voor haar. Mensen waar we eerst tegen opkeken, zoals bv. ouders of leerkrachten, vonden we nu vreselijk ouderwets of oninteressant en saaie mensen.
Onze gedachten die stonden op vrijen en knuffelen maar de leeftijd, die zat een beetje tegen. Op welke leeftijd mag men dan zijn eerste ervaring krijgen en wanneer behoren we tot de volwassen wereld om een mondje mee te mogen praten. Immers iedere keer zeiden de grote mensen tegen ons: “zwijg, als je groot genoeg bent mag je meebabbelen met ons, nu ben je nog te klein daarvoor.” Bedoelde ze eigenlijk in lengte of was het eerder de mening toegedaan, dat we nog niet zo mondig mochten zijn? Als grote mensen spreken moeten kleine kinderen zwijgen maar als ze niet met volwassene mogen meepraten, hoe kunnen ze dan iets begrijpen van die verre vreemde wereld. Ik herinner me de vele nachten in mijn slaapkamer dat ik erover nadacht, levensvragen, maar aan wie zou ik ze stellen? Hormoonopstoten kunnen je het ene moment intens gelukkig doen voelen, extra droevig en elke schakering daartussen. Deze wisselende stemmingen komen bij iedereen voor, ook bij jongens! Het ergste is je eerste liefde, de kalverliefde, dan ineens is die kalverliefde over en je wil niet meer leven, je wil gewoon dood zijn, of erger nog, je geeft de schuld aan je moeder, de bemoeial. De jeugdbeweging lonkt naar je en je voelt je ineens weer een beetje begrepen. Eerst was je gewoon lid en nu wil en mag je verantwoordelijkheid dragen, je wordt leid(st)er en je voelt je er goed bij. De mensen om je heen zitten in hetzelfde schuitje, ze zijn allemaal in hetzelfde bed ziek maar dan gezond ziek. De inspraak in het bestuur wordt meer en je krijgt een nieuwe leidraad in je leven. De roze wolken stapelen zich op voor de onweerswolken die dreigden te vallen en er is geen haar op je hoofd die nog denkt aan die kalverliefde, laat staan om aan andere nare dingen te denken. De jeugdbeweging, goddank dat die er vroeger was voor ons, ze redde ons het leven, ze lieten ons volwassen worden en zijn. Ooit, als de tijd rijp is ervoor, haal ik nog eens een herinnering op van mijn Heidebrand, de volksdansgroep die me de halve wereld heeft laten en leren kennen. Maar vandaag, zie ik hier mensen die diep in de puberteit zitten, hun kalverliefde is een beetje aan het slabakken en de zoveelste discussie heeft plaatsgevonden. Het is beter dat jonge mensen eerst zichzelf vinden, voordat ze zich in een lang onzeker avontuur storten. Hij is jeugdleider mijn jongste, beheerd de website van de afdeling en is vandaag heel ongelukkig … :?
Gast

23 jul 2005, 22:12

Het schrijverselixir heeft eventjes niet meer uit mijn pen willen druipen. De zomermaanden, die dienen eigenlijk om andere horizonten te verkennen, waar dat ook mogen zijn. Velen onder ons zullen dan wel goed uitgerust zijn van een weldoende vakantie, anderen hebben het nog in het verschiet. Ook kent men al eens grijze dagen waardoor men opgeslorpt wordt door een grauwe massa. Men wordt al eens meegedreven door pendeltreinen die halt houden in groezelig ogende stations. Zoals zovele dingen in het leven lopen we allemaal meerdere keren trappen op en trappen af, schouder aan schouder schoorvoetend vooruit, uitkijkend naar oude bekenden. Wie is het opgevallen, dat we hier bijeen, opeengeprakt zitten ten prooi aan toevallige of niet toevallige aanrakingen van harde discussies? We vangen flarden van gesprekken op en we ogen in het niets, in het iele, recht voor ons uit. Meestal handelen de vragen of de polemieken over het gezin, hobby’s, het werk, het weer, de kinderen, noem maar op. Ook wordt er geregeld een helpende hand of een luisterend oor gegeven aan mensen, die het die dag nodig hebben. Mensen die zich eenzaam voelen of het eventjes niet meer zien zitten, kortom het moeilijk hebben, bijvoorbeeld door een slepende ziekte. Juist aan die mensen moet men wat meer aandacht besteden, totdat ze weer opnieuw kunnen functioneren in de maatschappij. Wie heeft er nu niet graag een beetje aandacht van een medemens, zelfs de bannelingen onder ons zijn maar gewone alledaagse mensen. Met een beetje hulp en welwillendheid langs twee kanten zal het wel lukken de lange dagen en zwoele avonden door te spartelen. We kunnen evengoed ons hoofd wegdraaien en langs elkander doorkijken, dat is toch gemakkelijk iemand negeren maar worden we zelf ook graag genegeerd, neen ik denk het niet. Waar ligt nu juist de grens tussen het scherpe beeld van individu’s en het wazige beeld van de massa? Waar gaat de focus over van dicht naar ver? Scherptediepte. Wat maakt iets of iemand uniek? We bestaan allemaal uit dezelfde bouwstenen, stof en as, Aminozuren. Wij bestaan als fractalen: kijk dichterbij tot in het DNA of kijk ver weg, diep in het heelal maar wees uniek in je doen. Wielertoeristen zwoegen op de glanzende kasseien. Malen hun trappers rond, vloeken, zweten, beuken tegen de wind. We wuiven naar het silhouet van een vrachtwagen dat in de verte opduikt terwijl zich de lijnen helemaal golvend door het zinderen van de lucht boven het hete asfalt aftekenen. Onscherp dat scherp wordt wanneer hij nadert en heimelijk kruis ik mijn vingers dat het grote gevaar aan mij voorbij zou gaan dat angstvallig denderend nadert. Mijn fiets heeft nu eenmaal een fantoomliefde voor wegen waar nogal wat monumenten staan. Af en toe adem ik dan de bezienswaardigheden in, gelijk in Leut. Niet dat het wat uitmaakt omdat Felice daar woont maar omdat je langs een molen komt die je iedere keer weer je er laat aan denken: Nieuw leven! Dikwijls stel ik me dan de vraag: wat zou hier eigenlijk de bedoeling van zijn, moeten we oude koeien laten rusten, die zijn toch al verdronken of moeten we iedere keer weer alles oprakelen? De dag van gisteren die zal toch niet meer komen, die is voorbij, die moeten we niet meer nacrossen, we haspelen dan achterop. Wat geweest is, dat is vergeten, morgen is er een nieuwe dag, een nieuw leven, een nieuw begin. Wie niet graag meer erbij is, die blijft een tijdje op de achterbank zitten, starend naar de voorbijgangers die hier passeren. Hopelijk wordt het nu terug een gezellige boel, met mensen en wensen van allerlei soort.
Gast

24 jul 2005, 19:27

Mmmmmmm...om van te snoepen, Kwezel. Zeker niet ophouden. Doe voort! (riep mijne champetter vroeger). :oops: :lol:

telloorlekker
Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46

24 jul 2005, 20:08

Maar Zorro, in andere omstandigheden kan ik aannemen dat jouw champetter zoiets in je oor fluistert, tenzij je een andere houding hebt aangenomen. Of daar ook een oor staat betwijfel ik; en dat oog daar hangt waarschijnlijk een hele dag in het zeil zodat dit niet gezien heeft wat ze zo graag heeft dat je voort doet... :lol:
Gast

04 aug 2005, 21:47

Het is bijna de dag dat de wereld voor mijn jongere zus is stil blijven staan. Zij was 17 en hij was 20, amper nog in hun tienerjaren maar al volwassen mensen. De verkering vonden ze heerlijk en daaruit bleek dat ze algauw zwanger was. Zoals iedere fatsoenlijke aardbewoner kondigden ze heuglijk het nieuws aan, er zou een kind geboren worden in augustus maar de vraag was: en nu? Er volgden dagen van grote spanning tussen ons vader en de toekomstige schoonzoon, immers hij had zijn dochter zwanger gemaakt en ze hadden nog geen toekomstplannen kunnen maken. Mijn zus zat in haar laatste jaar en was tot 18 schoolplichtig, ze mocht haar school afmaken van vader maar ondertussen konden ze zich wel al eens gereedmaken om te trouwen. Ongetrouwde dochters die bovendien nog zwanger waren, daar hielden ze thuis niet zo veel van. De bruiloft werd zoals iedere bruiloft er een zou zijn, een feestmaal voor alle genodigden. Zij was nog een kindbruidje, zo tenger en onvolwassen in mijn ogen maar de natuur had deze twee mensen van de ene dag op de andere een volwassen blik gegeven. Angstig om wat komen zou, blijdschap omdat er nieuw leven in haar groeide. Augustus naderde en de tijd van bevalling kwam dichtbij en zo geschiedde het. Een flinke stoere knaap zag het levenslicht en schreeuwde zijn eerste kreten over deze planeet. Het jonge gezin weerde zich dapper en ging alleen wonen, ze kochten meubels van het karige geld dat hij verdiende en zij werd een goed moederke terwijl ze zelf nog naar school ging. Nu weet ik uit ondervinding hoe moeilijk het is tegelijkertijd studeren en moeder wezen maar ik had het geluk dat ik ingetrouwd was. Zij stond dapper op haar eigen benen, ze wilde niemand tot last wezen. De kleine groeide als kool en zette zijn eerste wankelende stappen rond de tafel, zijn eerste geluiden werden harder en vormden al klanken, nog onherkenbaar maar in schril contrast met dierengeluiden, waren ze van elkaar te onderscheiden. Mijn schoonbroer die hield van Freddy Breck, hij verafgode de schlagerzanger en het toeval was dat hij in de buurt kwam voor een optreden. Op dat ogenblik waren ze bijna één jaar getrouwd en mijn zus die zag er geen graten in dat hij met zijn motor naar dat optreden ging kijken. De uren vergleden in de nacht en ze werd bang, ze voelde een zekere angst opkomen die haar koude en warme rillingen bezorgden. Ikzelf kon de slaap niet vatten, ik wriemelde in bed van links naar rechts en voelde ergens ver weg dat er iets op til stond. Er zou iets gebeuren, dat voelde ik aan mijn zesde zintuig en wandelde bijna de ganse nacht door de gang van de slaapkamer naar de keuken en het toilet. De nacht was zo goed als voorbij en ik herademde, het was enkel een nare droom, goddank en ik vleide mij terug onder de donsdeken. Plots werd er met geweld op het venster gebonkt en een luide stem riep heel verward op mij dat ik dringend moest opstaan. Het raam dat altijd op een kier stond opende ik vlug om te zien wie luidkeels om hulp riep. Mijn pasgetrouwde zus zwaaide met haar kind in de armen en brabbelde wartaal uit. Eerst dacht ik nog van: ze heeft een postnatale depressie opgelopen na de bevalling, ik zal ze maar hier laten slapen op het reservebed. Neen, dat was het helemaal niet, ze huilde en tierde dat haar man juist verongelukt was in Elen en dat ik dringend met haar naar Maaseik moest. Ze kon niet autorijden en ik was de zus die het kortste bij haar woonde. Vliegensvlug scheerden we door de bochten van de Maaskant op weg naar het ziekenhuis van Maaseik. Het prille geluk dat zo mooi was eindigde hier in één ogenblik van onoplettendheid. Na de voorstelling van Freddy Breck wilde mijn schoonbroer zo vlug mogelijk terug naar zijn gezin en hij schatte een bocht verkeerd in. Zijn motor gleed uit de bocht waar ze werken in uitvoering bezig waren en hij knalde tegen een deksel die midden op het wegdek uit de grond omhoog stak. Tijdens zijn overbrenging naar het ziekenhuis in allerijl is hij aan zijn zware verwondingen overleden, hij was 21 en zij was 18. De dag dat de kleine één jaar werd is hij ten graven gedragen, zijn moeder verloor in dat jaar voor de derde keer een kind. Wat je in je jeugd beleefd hebt, dat zal je nooit meer vergeten, het tekent je voor de verdere verloop van je leven. Het toeval wil dat haar tweede man jarig is op de sterfdag van haar eerste geliefde. Zo zie je maar weer eens, vreugde en verdriet liggen heel dicht bij elkaar.
Gast

04 aug 2005, 23:40

Kwezel, bedankt! Nog van da...
Gast

10 aug 2005, 14:32

Jaren geleden, ik zou bijna durven zeggen en schrijven heel lang geleden, hoorde ik mijn moeder eens zeggen. Die mensen ginder op het hoekske, die vieren hun gouden bruiloft in het jaar des Heren 2000. Mijn handje was te klein om zoveel getallen bij elkaar op te tellen. Ik zou uren nodig gehad hebben om dan de tel weer kwijt te raken. Het magische jaartal later, waarin de gebraden mussen door de lucht zouden vliegen, opperde mijn opa. Oma voorspelde dat er ooit mensen door de lucht zouden vliegen. Als ik er over nadacht, zou ik in dat magische Christusjaar ouder zijn dan mijn moeder op dat ogenblik was. Met één sprong sloeg ik mijn jeugd en mijn puberjaren over. Wellicht had ik dan al grote kinderen en zou ik bijna oma kunnen zijn. Dat allemaal vond ik een beetje griezelig om drie decennia verder te kijken. Wat als mijn ouders of mijn grootouders er niet meer waren of nog erger, ikzelf. Dan zou de toekomst er anders uitzien, geen kinderen zien groot worden, geen kleinkinderen in mijn armen houden. Van computers hadden we nog geen kaas gegeten, telefoon dat was weggelegd voor de buren, die waren familie van de burgermeester. Zovele jaren later beweerden men dan weer stellig dat ieder pc zou crachen en weer een fanatiekeling hield bij hoog en laag vol dat de wereld zou vergaan. Pc’s zijn gelukkig niet naar de verdoemenis geholpen en de wereld draait nog altijd zwierig in het rond. De ietwat achterdochtige mensen kregen geen waar voor hun geld, alles bleef bij het oude.
In ons smalle straatje werd een hevig geroffel waargenomen, mensen dromden er samen om zoals altijd hun nieuwsgierigheid uit te buiten. Nu werd in de jaren zestig bij een tweede huwelijk flink op zelfbedachte instrumenten geslaan. Ketelmuziek noemden de grote mensen dat. Weduwen en weduwenaars die voor de tweede maal de stap waagden, werden door dat ketelmuziek een beetje bloot gezet. Iedereen in de omgeving wist nu, dat ze zouden hertrouwen. Het nieuwe geluk dat ze gevonden hadden werd hierdoor dik in de verf gezet en niet alleen dat, het toekomstige koppel zou niet voor niks die ketelslagen mogen aanhoren. Ieder die deelnam aan de tamtam werd uitgenodigd om in een oude schoolzaal iets te drinken. Toen werd er nog publiekelijk een ton gestoken, het gerstenat vloeide rijkelijk over menig lippen. Over bierbuiken werd met geen woorden gesproken, dat was een beetje eigen aan de mensen, de riem kon losjes gedragen worden. Het was geen schande om te hertrouwen, doodnormaal feit, beter dan alleen achter te blijven en zitten te kniezen of zich aan herinneringen te blijven vasthouden. Mensen die gescheiden waren in die tijd, die werden met de vinger nagewezen, alsof het misdadigers waren. Niet alle huwelijken blijven duren tot er goud in de lucht hangt. Het schip kan al eens zwabberen bij papier. Een gescheiden vrouw, als die de kerk binnen wilde gaan om tot rust te komen zoals al de anderen die er zaten te niksen, werd de communie geweigerd. Alsof die vrouw er iets aan kon doen, dat haar man een scheefrijder was geweest. Als een gescheiden koppel een nieuw leven probeerde op te bouwen, werd helaas geen tromgeroffel gehouden en geen zaal besproken waar men gratis drankjes kon bekomen. Ze werden eerder met arendsogen in het oog gehouden, om te zien of er dit maal geen kromme schaats gereden werd, van de buren moet je het hebben. Ondertussen is dat koppel bijna aan hun gouden bruiloft toe. Hopelijk halen ze juni 2016 en geven ze weer die heerlijke zelfgebakken wafels van vroeger en mogen we weer op het feest komen maar dan met onze kinderen en kleinkinderen erbij, die we gelukkig hebben mogen beleven. Gouden bruiloften, zijn er heden massaal, zoals vier op een rij, de krant staat er vol van.
Achter twee jaar zijn wij hier aan de beurt, de voorbereidingen beginnen al gedaante aan te nemen, alleen het koppel moet zich proberen gezond te houden. Mijn schoonouders zijn nog jonge mensen, jonge overgrootouders maar men moet altijd hout vasthouden. De zus van mijn schoonpapa stierf juist een paar weken voor hun gouden jubileum, en de opa van mijn man stierf luttele jaren na de gouden bruiloft. Maar het tromgeroffel, het ketelmuziek, ligt nog vers in mijn slakkenhuis na te daveren. :oops:

telloorlekker
Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46

10 aug 2005, 19:45

Toch kan ik het allemaal niet meer volgen, die bruiloften. Papieren, kortonnen, blikken, koperen, zilveren, gouden... Alleen die van Kanaan is me bij gebleven, ook al snapte ik van die bijbelse verhalen niet eens de achtergrond.
De laatste tijd wemelt het rondom ons van de bruiloften, en dat terwijl wij een van de eersten van onze generatie waren die de grote stap waagden. Tellen ze tegenwoordig soms Romaans ? 2o van "een III is geen 3 maar 11 + 1 ... :lol: ?" En daarvoor hebben wij dan 22 jaren na de laatste catastrofe ons deel bijgedragen om toe te treden bij die orde die ons nu de loef afsteekt.
Ik heb nog geweten dat tantekes en nonkeltjes hun huwelijksdag vierden; is dit dan alweer zolang geleden ? En nu zijn die enkele overblijvenden aan hun 50ste huwelijksverjaardag toe... Eén ervan mag dit feit "Goud" noemen, hij was -in zijn beroepsleven- toch bankier geweest. :lol: Voor de overigen zal dat waardegebeuren slechts een mislukte obligatie zijn vermoed ik; zij hielden er niet veel van over, tenzij een hele meute kleinkinderen.
Ook wij kunnen dat vieren -zoals Kwezel ook haar tel kwijt is- na nogeens zoveel twee jaren... :lol:
TLL