Fietsperikelen
-
Gast
De dagrit beloofde goed te worden in Hamont. In alle geval hadden we weinig druppels opgevangen maar toch trok ik mijn regenjasje aan. Na een vijftal kilometers vloog het jasje terug uit. Niks voor mij om nog een extra kledingsstuk aan te doen. Verleden jaar fietsten we hier al in deze streek en nu was het bijna een kopie van verleden jaar. Valkenswaard wilde ik toch al eens bezichtigen van op de fiets. Vanaf je fiets bekijk je de wereld met andere ogen. Plekjes waar je anders niet met de fiets komt zie je nu aan je voorbij flitsen. De wegbewijzering was voldoende zichtbaar en verdiende zeker een dikke proficiat van uit mijn standpunt. Ook mocht de bevoorrading er zijn. Dikke repen koekjes met chocolade erop, wat wil je nog meer krijgen onderweg? Erwtensoep? Soep nuttigen we op het eind van de rit, het sterkt je weer aan. Vlakke stukken waar je fiets dol op is nodigen je uit om er een sprintje van te maken met de voorbij vliegende renners. En zie je iemand staan langs de weg met een platte band, zal niemand weigeren om zijn reserveband boven water te halen.
Maar dan komt het. Na plat doe je toch gewoon een ritje Hagelandse erbij. Je merkt dat het niet druk is aan de weersomstandigheden en je ziet er een beetje tegen op. Maar niks kon me tegenhouden om mijn 70 km hier in het zakje te doen. Alhoewel de eerste 20 km toch goed gingen kreeg je de indruk dat het maar schijn was. Aan de Leuvense Vaart hebben we nu al zeker drie keer ons deel gekregen: namelijk regen! Achter roept er iemand dat zijn schoenen vol water staan en de handschoenen laten al wat druppels door. Het goot letterlijk bakken uit de hemel en ik durf zelf te zeggen, hele grote containers. Ook blies de wind je meer achteruit dan vooruit langs het kanaal. Hier moet je oppassen dat je niet gaat zwemmen. Gelukkig draaiden we van de vaart weg, we zagen het in de verte ook wat opklaren. “Zouden we het nu droog gaan houden,” hoorde ik vragen, “voor de rest van vandaag?”Eventjes leek het erop dat we de zon zagen verschijnen. Maar dat was allemaal maar schijn, schijn zonder zon. Ik zag Tervuren aan mij voorbijglijden en Overijse. Slechte fietspaden en sommige straten waren met dikke knobbels beton aangelegd. Bergaf kan je daar wel je hartje ophalen totdat het weer steil omhoog gaat en je je weer kleintjes voelt. We draaiden af naar het veld. Een betonnen fietspad recht door het veld en er kwam geen einde aan. Ik zei stil tot mezelf: “voor mij zie ik een luchtspiegeling, een fata morgana.” Dit was duidelijk niet licht heuvelachtig zoals de beschrijving had aangegeven. Dit was licht overdreven en mocht zelfs zwaar genoemd worden. Er volgde nog een kasseiweg die je liet denken aan Parijs-Roubaix. Wind die eerst licht blies, was nu tot bijna een storm of een wervelwind uitgegroeid. En juist op die kasseien begon het te hagelen. Hier deed het Hageland zich alle eer aan met de twee eerste lettergrepen. Iemand trok onzichtbaar aan je fiets en hield je tegen. Geen meter zonder dikke hagelbollen in je gezicht te krijgen. Dikke witte bollekes die je gezicht opbliezen en je striemen meegaven. Bijna werden we hier gedwongen om op te geven maar ik riep: jamais! Wat je kan doen in zulk weer is gewoon ergens een schuilplaats opzoeken en maar hopen dat deze kelk vlug aan je voorbij gaat. Maar je kan niet lang van je fiets ergens staan schuilen, je koelt af en dan word je ziek. Terug op de fiets werd ik bijna letterlijk van mijn fiets geblazen. Dit was geen enkel weertype meer, dit was dikke misèrie. Zwoegen, trekken, blazen, zuchten, ik had alle geluiden uit mijn jas getoverd om maar boven te geraken. Plots kreeg je nog de ingang van een tunnel voor je. Alles was opeens duister voor je. Op je gevoel cross je verder en je bent blij dat je terug in het licht fietst. Bijna zijn we er maar de laatste loodjes die je doen parkeren in een of andere goot die wegen zwaar. Zie ik hier Bertem staan en Erps-Kwerps? Kampenhout zijn we al voorbij en in gedachten meet ik de afstand die we nog moeten afleggen van bij ons thuis tot aan het kanaal. Met een laatste krachtinspanning naderen we terug ons doel, Winksele komt in zicht. We zijn hier compleet leeggezogen door de weersomstandigheden. Nat tot in mijn ondergoed kwam ik de sporthal binnen. Iedereen keek alsof er een spook was verschenen. Ze konden niet geloven dat er een vrouw het einde gehaald had. Zelfs de koffie was op en geen erwtensoep meer te verkrijgen en ik verlangde naar soep en naar een warme douche. Onze fietsen die gisteren na de rit terug proper waren gemaakt, stonden nu verlegen te gapen. Onherkenbaar waren ze. Hoeveel punten heb ik nu verdiend?
Maar dan komt het. Na plat doe je toch gewoon een ritje Hagelandse erbij. Je merkt dat het niet druk is aan de weersomstandigheden en je ziet er een beetje tegen op. Maar niks kon me tegenhouden om mijn 70 km hier in het zakje te doen. Alhoewel de eerste 20 km toch goed gingen kreeg je de indruk dat het maar schijn was. Aan de Leuvense Vaart hebben we nu al zeker drie keer ons deel gekregen: namelijk regen! Achter roept er iemand dat zijn schoenen vol water staan en de handschoenen laten al wat druppels door. Het goot letterlijk bakken uit de hemel en ik durf zelf te zeggen, hele grote containers. Ook blies de wind je meer achteruit dan vooruit langs het kanaal. Hier moet je oppassen dat je niet gaat zwemmen. Gelukkig draaiden we van de vaart weg, we zagen het in de verte ook wat opklaren. “Zouden we het nu droog gaan houden,” hoorde ik vragen, “voor de rest van vandaag?”Eventjes leek het erop dat we de zon zagen verschijnen. Maar dat was allemaal maar schijn, schijn zonder zon. Ik zag Tervuren aan mij voorbijglijden en Overijse. Slechte fietspaden en sommige straten waren met dikke knobbels beton aangelegd. Bergaf kan je daar wel je hartje ophalen totdat het weer steil omhoog gaat en je je weer kleintjes voelt. We draaiden af naar het veld. Een betonnen fietspad recht door het veld en er kwam geen einde aan. Ik zei stil tot mezelf: “voor mij zie ik een luchtspiegeling, een fata morgana.” Dit was duidelijk niet licht heuvelachtig zoals de beschrijving had aangegeven. Dit was licht overdreven en mocht zelfs zwaar genoemd worden. Er volgde nog een kasseiweg die je liet denken aan Parijs-Roubaix. Wind die eerst licht blies, was nu tot bijna een storm of een wervelwind uitgegroeid. En juist op die kasseien begon het te hagelen. Hier deed het Hageland zich alle eer aan met de twee eerste lettergrepen. Iemand trok onzichtbaar aan je fiets en hield je tegen. Geen meter zonder dikke hagelbollen in je gezicht te krijgen. Dikke witte bollekes die je gezicht opbliezen en je striemen meegaven. Bijna werden we hier gedwongen om op te geven maar ik riep: jamais! Wat je kan doen in zulk weer is gewoon ergens een schuilplaats opzoeken en maar hopen dat deze kelk vlug aan je voorbij gaat. Maar je kan niet lang van je fiets ergens staan schuilen, je koelt af en dan word je ziek. Terug op de fiets werd ik bijna letterlijk van mijn fiets geblazen. Dit was geen enkel weertype meer, dit was dikke misèrie. Zwoegen, trekken, blazen, zuchten, ik had alle geluiden uit mijn jas getoverd om maar boven te geraken. Plots kreeg je nog de ingang van een tunnel voor je. Alles was opeens duister voor je. Op je gevoel cross je verder en je bent blij dat je terug in het licht fietst. Bijna zijn we er maar de laatste loodjes die je doen parkeren in een of andere goot die wegen zwaar. Zie ik hier Bertem staan en Erps-Kwerps? Kampenhout zijn we al voorbij en in gedachten meet ik de afstand die we nog moeten afleggen van bij ons thuis tot aan het kanaal. Met een laatste krachtinspanning naderen we terug ons doel, Winksele komt in zicht. We zijn hier compleet leeggezogen door de weersomstandigheden. Nat tot in mijn ondergoed kwam ik de sporthal binnen. Iedereen keek alsof er een spook was verschenen. Ze konden niet geloven dat er een vrouw het einde gehaald had. Zelfs de koffie was op en geen erwtensoep meer te verkrijgen en ik verlangde naar soep en naar een warme douche. Onze fietsen die gisteren na de rit terug proper waren gemaakt, stonden nu verlegen te gapen. Onherkenbaar waren ze. Hoeveel punten heb ik nu verdiend?
-
telloorlekker - Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46
Hey Kwezelke, jij speelt vals; vrouwen hebben meestal twee punten extra, zelfs nog voor vertrek...
Maar nu snap ik stilaan wel waarom het te doen is; de ravitaillering hé...
Hopende op koekjes of erwtensoep met spekjes als men de controlepost passeert, en voor de venten misschien nog een witteke als toetje ?
Een van de vervlogen dagen heeft men op een of andere kanaal van de tv een uitzending gegeven op vraag van enkele jonge kijkertjes. Gedetailleerde uitleg over heikele zaken die noch bij toerfietsers noch bij profrenners op de buis te zien zijn. De toestand met plaspauzes schijnt geevolueerd te zijn, afstijgen voor de grote boodschap blijkt nog de enige uitzondering.
Die uitzending was wel verhelderend, deze maal keek de camera op de feiten, niet ernaast !
Alleen, voor mannelijke kijkertjes werden de vrouwen uit de ploegen geweert; de kolonnes gezebrastreepten waren allemaal van het unisextype... zij deden het, vroeger, staande... op de pedalen en ernaast.
Hoe dames, in hoepelrok, hét deden werd ons niet getoond.
Die vragen van de jonge kijkertjes werden wijselijk omzeild zodat ze achteraf waarschijnlijk met nog meer onbeantwoorde vragen zaten...
Dragen de vrouwelijke koereurs pampers ofzo ?
Maar nu snap ik stilaan wel waarom het te doen is; de ravitaillering hé...
Hopende op koekjes of erwtensoep met spekjes als men de controlepost passeert, en voor de venten misschien nog een witteke als toetje ?
Een van de vervlogen dagen heeft men op een of andere kanaal van de tv een uitzending gegeven op vraag van enkele jonge kijkertjes. Gedetailleerde uitleg over heikele zaken die noch bij toerfietsers noch bij profrenners op de buis te zien zijn. De toestand met plaspauzes schijnt geevolueerd te zijn, afstijgen voor de grote boodschap blijkt nog de enige uitzondering.
Die uitzending was wel verhelderend, deze maal keek de camera op de feiten, niet ernaast !
Alleen, voor mannelijke kijkertjes werden de vrouwen uit de ploegen geweert; de kolonnes gezebrastreepten waren allemaal van het unisextype... zij deden het, vroeger, staande... op de pedalen en ernaast.
Hoe dames, in hoepelrok, hét deden werd ons niet getoond.
Die vragen van de jonge kijkertjes werden wijselijk omzeild zodat ze achteraf waarschijnlijk met nog meer onbeantwoorde vragen zaten...
Dragen de vrouwelijke koereurs pampers ofzo ?
-
telloorlekker - Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46
Ik kan 't me voorstellen Kwezel. Wanneer een koersfiets geen spatborden heeft, zie je bij veldrijders die "strings" erdoor komen hé...
althans, de streep trekt zich door tot onder de nek.
-
Gast
Weer is er een week voorbij, de fietskriebels voel ik opborrelen. Vlug vergeten zijn de naweeën van het nare weekend rond het Brusselse. Als ik er aan terug denk dat regen en hagel ons geselden tot de striemen op ons voorhoofd gegriefd stonden, zou je voor minder bij de haard willen blijven. Slangenwegen hellend door de natuur waar je geen snelheid kan maken doen je kracht verminderen. Een vuile slijmerige fietsketting van door de velden te hotsen waar de boeren eerst je vooraf gegaan zijn met hun tractors, begint op een vogeltje te lijken of zijn het mijn schoenen die dit geluid voortbrengen? Ook de vele klinkerpaden waar je beurtelings vanaf moet of iets moet ontwijken, doen je dikwijls twijfelen wat je hier nog komt doen. Je hebt immers veel werk als je thuiskomt want je besteedt zeker een dikke uur aan afspuiten, afdrogen, opblinken, tandwielen proper maken en dan alles terug in elkaar knutselen. Ach het is ook al eens gebeurd dat we een schroefje teveel hadden, dan moet alles terug uit elkaar genomen worden om dat bewuste moerke zijn detailplaats te geven. Je hebt je fiets weeral in orde voor de dag erna maar dan moet je ook nog de berg vuile was die je mee naar huis brengt en je kan niet je natte spullen altijd laten opdrogen om de dag erna te gebruiken. Iedereen ruikt graag fris aan elk begin van de start. Weeral maak je het valiesje gereed met droge ontspanningskleren en reservemateriaal in. In je achterhoofd ben je al bezig met de volgend stunt die gaat volgen. Nu weten we al lang hoe heuvelachtig het kan zijn rondom Boutersem en ik durf er bijna een koffie om te verwedden dat we Oud-Heverlee zullen aandoen. Maar alleen sneeuw kan ons tegen houden, voor zo’n geweld moet je buigen, daar kunnen we niet tegenop. In alle geval wil ik die klus klaren met mijn MTB. Hiermee heb je meer grip op de natte wegen en heuvels neem je beter omdat je een andere blok op je fiets hebt. Als je niet uit een stoere koersfamilie komt moet je alles zelf ondervinden en dan duurt het een beetje langer vooraleer je eigen bent met je fiets en het wegdek. Knooppunten nafietsen zijn dan goed om bochten te leren, tevens oefen je je geheugen hiermee. Immers bij zo’n een fietsnetwerk moet je ook goed opletten dat je de nummers niet voorbij fietst. In een flits ben je er zo langs en moet je terugdraaien naar daar waar je dacht dat je nog goed zat. Ook worden er kasseienwegen geoefend en de ene kassei is al eens anders dan de andere. Echte Maaskasseien vind je in Thorn en die wat we zondag onder onze wielen kregen voorgeschoteld ergens in Kortenberg laten die van Thorn naar de achtergrond verdwijnen. Je zoekt ergens een gootje waar je door kan fietsen en plots merk je dat anderen dat ook deden. Vlug eruit om een botspartij en een val te vermijden doen je bijna je evenwicht verliezen. Ook je aandacht wordt weggetrokken maar als alles goed verlopen is, hup, maar verder met de geit. Veel erger vond ik het toen ik plots onder de autostradebrug doorgleed. Niet dat het een lange tunnel was maar toch lang genoeg om je het zicht van de ene minuut op het ander moment te ontnemen. Het lijkt wel alsof je een zwarte kale muur voor je ziet en hoopt dat het licht vlug terug zal schijnen. In zo een tunnel moet ik altijd eens een kwaak doen. Je hoort je eigen stem voor je uitdrijven door de ontzichtbare gang, hier klinkt je echo als een verdwaalde Oostenrijker in het oerwoud van Afrika. Dan zie je opnieuw licht aan het eind van de tunnel verschijnen en glimlacht dat je het even eng vond maar niet levensbedreigend. Baseren op je voorganger kan niet altijd, het gaat hier meer op je gevoel en je mag niet twijfelen aan je gevoel. Mijn fietsbril was al van plaats veranderd, na 20 kilometer duwde ik hem in mijn achterzak. Stortregens die maar niet van ophouden wilden weten gaven me een plonsbad tot aan het einde van de rit. Ik wilde dat ik ruitenwissers op mijn bril had maar zo modern ben ik nog niet. Na 45 km zitten dan ook nog eens je voeten in een emmer water die je bij je lurven nemen voor de rest van de dag. Waterdichte kleding is niet meer zo waterdicht als er op vermeld staat, niets houdt die stortregens met zijn hagelgeselingen nog tegen. Handschoenen worden onderweg uitgewrongen, terug aangedaan om vast te stellen, het heeft niks geholpen. Mijn voeten wogen zwaarder, tenen hadden geen gevoel meer in en vingers gaven de indruk dat ze niet meer tot mij behoorde maar van iemand anders waren. En toch staan we weer paraat volgend weekend… tenminste als het niet sneeuwt. Hierbij neem ik ook de gelegenheid te baat om de hardnekkige supporters te bedanken voor de vele aanmoedigingen en wens hen veel vakantiegenoegens weldra aan het eind van de wereld in Calpe.
-
telloorlekker - Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46
... euh... in Calpe, aan die broodberg ? Kun je daar tegenop fietsen ?
Liever daar dan aan de andere kant, waar ze ook een broodberg hebben, in Rio. Aan Calpe heb ik andere herinneringen en zéker geen waar een stalen ros aan verbonden is.
Buiten uitstekende terrasjes en Vlaamse drankjes aldaar herinner ik me het hoekje om, achter die grote bult een eveneens uitstekende duikstek.
Een eindje varen vanuit de vissershaven, maar toch... de moeite waard om de fauna en flora onder de waterspiegel te bewonderen.
Niet zoals aan de Azurenkust, waar tussen de vaat- en andere machines verzonken oud roest de bodem tussen het kelp kleurt, het heldere azuur wordt doorklieft door de meest vreemdsoortige vissen.
En ik die daar oorspronkelijk dacht dat 'peche' perzikken waren...
Liever daar dan aan de andere kant, waar ze ook een broodberg hebben, in Rio. Aan Calpe heb ik andere herinneringen en zéker geen waar een stalen ros aan verbonden is.
Buiten uitstekende terrasjes en Vlaamse drankjes aldaar herinner ik me het hoekje om, achter die grote bult een eveneens uitstekende duikstek.
Een eindje varen vanuit de vissershaven, maar toch... de moeite waard om de fauna en flora onder de waterspiegel te bewonderen.
Niet zoals aan de Azurenkust, waar tussen de vaat- en andere machines verzonken oud roest de bodem tussen het kelp kleurt, het heldere azuur wordt doorklieft door de meest vreemdsoortige vissen.
En ik die daar oorspronkelijk dacht dat 'peche' perzikken waren...
-
Gast
Trinnnng, trinnnng, doet mijn bel en ik geef te kennen dat ik een fietstoerist ben met een missie. Mijn fiets is al zoveel voor mij geworden als mijn beste maatje. Wij tweeën zijn één en we willen ons niet verliezen door naar een andere hobby over te stappen. Voorlopig blijft bowlen op de achtergrond staan met wandelen. Samen hebben we al vele avontuurkes beleefd en vele heuveltjes beklommen. Ik zou hem niet meer kunnen missen en zeker niet nu het mooie weer gaat aankomen. Hoe plezierig is het om gezwind samen door de bochten te gaan, mensen voorbij razen en af en toe een terrasje mee te pikken. Onze band wordt met de dag sterker, we begrijpen elkander zonder blikken. Ik geef de commando’s en mijn fiets zou ze moeten uitvoeren. Welk team doet beter? Dat is bijna hetzelfde als twee broers die elkaar steunen door dik en dun in vriendschap en vete. Twee broers die zich goed helpen onder elkander wanneer het er hardhandig aan toe ging vroeger. De ene sloeg ze neer, de andere hield de deur open.
Ooit bereden we eens een tandem op verlof. De beste plaats is achter, je doet alsof je trappelt, je houdt je ingetogen achter de brede rug van je eega. Wanneer hij zuchtte omdat de wind sterker en sterker kwam opzetten langs de kustwegen, zuchtte ik gewoon harder. Aan het zuchten herkent men de berijdster. Dapper als een kleine jongen loodste hij ons door de gevaren van de stad. Volgen was makkelijk, ik hoefde immers maar de pedalen gewoon in beweging te houden. De stang die ons verbond gaf niet aan dat ik af en toe een rustpauze nam met de voeten op het stuur. Koele wind blies in ons gezicht terwijl de suisende stadsgeluiden geleken op muziek. Je voelt je zo vrij op je fiets en de toeristen denken dat je de enigste attractie bent ver in de omtrek te bespeuren. Dan komt het moment waarop je je bel moet gebruiken. Zelf heb ik me deze reflex al jaren geleden eigengemaakt. Bijna zou ik durven zeggen dat het een automatiek is geworden, dat aanhangsel aan je stuur te gebruiken. Een aanhangsel gelijk een appendicitis, iets dat je af en toe pijn bezorgd. Nu weet ik ook wel dat op een Porche geen trekhaak staat, het zou de wagen ontsieren maar op je fiets is het zo goed als verplicht alhoewel ik ze ook al durf te verwaarlozen. Mijn fietsbel laat ik dikwijls asociaal staan voor wat ze is: een zwart aanhangsel dat dient om te verwittigen wanneer ik ergens langs wil flitsen. Het gebeurt al eens dat ik eerder mijn stem laat hoogvieren, een plotse schreeuw uitstoot die door merg en been trekt van de voorliggende mensen. Op het juiste moment je fietsbel gebruiken is niet altijd makkelijk, eerder moeilijk zou ik zeggen. Immers je hebt vlugger een gil uitgestoten dan aan dat tingelingetje te trekken. Een haakje of een hamertje dat snel op de buik van de bel trilt. Een vibrerend geluid dat niet te voorspellen valt en dikwijls te laat aankomt bij mensen die wat hardhorig zijn. Je laat het haakje los en je bel gaat rinkelen met een hees geluid. Te laat, het effect is weg, de fietser is al ingehaald. Dan heb ik ook al eens de neiging om een brede voorligger langs de kant te sturen. Mijn mooiste glimlach haal ik dan boven en geef ze een hallogroet.
Oei, onze tandem ontwijkt een Spaanse schone die temperamentvol naar ons een vuist balt. We konden haar nog net ontwijken het dametje op haar omafiets. Haar stuur stond wel een halve meter hoger dan dat van ons en eerder zag ik er een paraplu in die je voor de pletsende regen moest beschermen. Met een flinke zwenk doken we een steegje in tussen de spelende kinderen door, over het marktplein met haar plechtige kerk, terug naar ons vakantiehuisje. Even kneep ik mijn ogen dicht en trok met volle macht aan de remmen om met een pardoes op het trottoir te belanden. Neen geef mij maar mijn MTB, die hoeft geen bel, alleen enkele zwarte lichtgewicht spatborden om mijn achterste niet te veel vuil te laten worden. En het claxongeluid, dat maak ik wel met mijn lippen. Laat mij maar een beetje gelijken op die Krekel, die de heuveltjes beklimt als een rasechte berggeit.
Ooit bereden we eens een tandem op verlof. De beste plaats is achter, je doet alsof je trappelt, je houdt je ingetogen achter de brede rug van je eega. Wanneer hij zuchtte omdat de wind sterker en sterker kwam opzetten langs de kustwegen, zuchtte ik gewoon harder. Aan het zuchten herkent men de berijdster. Dapper als een kleine jongen loodste hij ons door de gevaren van de stad. Volgen was makkelijk, ik hoefde immers maar de pedalen gewoon in beweging te houden. De stang die ons verbond gaf niet aan dat ik af en toe een rustpauze nam met de voeten op het stuur. Koele wind blies in ons gezicht terwijl de suisende stadsgeluiden geleken op muziek. Je voelt je zo vrij op je fiets en de toeristen denken dat je de enigste attractie bent ver in de omtrek te bespeuren. Dan komt het moment waarop je je bel moet gebruiken. Zelf heb ik me deze reflex al jaren geleden eigengemaakt. Bijna zou ik durven zeggen dat het een automatiek is geworden, dat aanhangsel aan je stuur te gebruiken. Een aanhangsel gelijk een appendicitis, iets dat je af en toe pijn bezorgd. Nu weet ik ook wel dat op een Porche geen trekhaak staat, het zou de wagen ontsieren maar op je fiets is het zo goed als verplicht alhoewel ik ze ook al durf te verwaarlozen. Mijn fietsbel laat ik dikwijls asociaal staan voor wat ze is: een zwart aanhangsel dat dient om te verwittigen wanneer ik ergens langs wil flitsen. Het gebeurt al eens dat ik eerder mijn stem laat hoogvieren, een plotse schreeuw uitstoot die door merg en been trekt van de voorliggende mensen. Op het juiste moment je fietsbel gebruiken is niet altijd makkelijk, eerder moeilijk zou ik zeggen. Immers je hebt vlugger een gil uitgestoten dan aan dat tingelingetje te trekken. Een haakje of een hamertje dat snel op de buik van de bel trilt. Een vibrerend geluid dat niet te voorspellen valt en dikwijls te laat aankomt bij mensen die wat hardhorig zijn. Je laat het haakje los en je bel gaat rinkelen met een hees geluid. Te laat, het effect is weg, de fietser is al ingehaald. Dan heb ik ook al eens de neiging om een brede voorligger langs de kant te sturen. Mijn mooiste glimlach haal ik dan boven en geef ze een hallogroet.
Oei, onze tandem ontwijkt een Spaanse schone die temperamentvol naar ons een vuist balt. We konden haar nog net ontwijken het dametje op haar omafiets. Haar stuur stond wel een halve meter hoger dan dat van ons en eerder zag ik er een paraplu in die je voor de pletsende regen moest beschermen. Met een flinke zwenk doken we een steegje in tussen de spelende kinderen door, over het marktplein met haar plechtige kerk, terug naar ons vakantiehuisje. Even kneep ik mijn ogen dicht en trok met volle macht aan de remmen om met een pardoes op het trottoir te belanden. Neen geef mij maar mijn MTB, die hoeft geen bel, alleen enkele zwarte lichtgewicht spatborden om mijn achterste niet te veel vuil te laten worden. En het claxongeluid, dat maak ik wel met mijn lippen. Laat mij maar een beetje gelijken op die Krekel, die de heuveltjes beklimt als een rasechte berggeit.
-
telloorlekker - Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46
Hela, hela... hier geef je je te kennen als een rebel die aan alles wat verkeersdeskundig gepaplepeld wordt een hekel schijnt te hebben.kwezel schreef: Neen geef mij maar mijn MTB, die hoeft geen bel, alleen enkele zwarte lichtgewicht spatborden om mijn achterste niet te veel vuil te laten worden. En het claxongeluid, dat maak ik wel met mijn lippen. Laat mij maar een beetje gelijken op die Krekel, die de heuveltjes beklimt als een rasechte berggeit.
Durf jij je, met de MTB, op de openbare weg te begeven ?
Wat ontbreekt nog allemaal op dat stalen ros ? (nee, ik bedoel niet die haarspelden in je gouden lokken, maar de noodlottige attributen op die tweewieler)
Je weet toch wel wat essentieel is aan een MTB, buiten die overmaatse ballonbanden met het profiel van een landbouwtractor.
De bel... men zou die zand- en keikrossers, die een ratelaar binnen handbereik missen, een koperen handbel moeten verplichten te dragen of een oude bronzen scheepsbel aanbinden.
Zonder de kat de bel aan te binden wil ik hier maar duiden dat roepen en tieren naar op je pad kruisende of meefietsende soortgenoten niet tot de verplichte signalisatie behoort, en dus ook niet dient opgevolgd te worden.
"... en ik had nog zo hard geroepen, of gefloten..." helpt niet bij een onzachte aanrijding hoor...
Meer nog, onze lokale zegswijze zou je toch tot bezinning mogen brengen : "Fluitende meisjes en brullende koei zijn zelden goei..."
-
Gast
Met goede moed vertrokken we dan toch in Boutersem, de Parelroute zou op ons palmares komen te staan. Als we aankwamen was het zo druk dat we zeker weeral een tweetal kilometers verder moesten parkeren. Ellenlange rijen aan de betaaltafel en dan moest je nog voorzichtig zijn dat niemand op je tenen trapte met die koersschoenen aan. Het vertrek was massaal om de rose pijlen te volgen. In groep lukt dat goed maar als de groep stevig doorduwt op de pedalen kan het zijn dat je na een tiental kilometers al moet lossen. Je zoekt onderweg wel iemand anders om mee naar boven te klimmen. Het begin van een lange karwei leek het eerder maar we hadden de zondag ervoor goed geoefend en met nog flinke wind in de benen zou het wel lukken. Bij de start zou men denken aan regen maar dat gefiezel dat uit de lucht viel, was niet zo als die gietregen die we al eens hebben ontmoet. Amper 4° C stond op de thermometer, brrr zou dat koud zijn? Neen, goed gekleed kan je er best tegen en af en toe zoek je iemand waarachter je kan schuilen gaan. Maar bergop stayeren ze gewoonlijk achter mij, ik zal een brede rug hebben om de wind tegen te houden. Stayeren, dat is vlak achter iemand zijn wiel fietsen, iemand die de wind opvangt voor je, iemand die je uit de wind zet. Wanneer je uit de groep bent geschud, moet je natuurlijk met zijn tweeën of alleen je plan proberen te trekken. Dan gaat het niet zo snel en soms wil het ook niet zo vlot opschieten maar dan volg je de route op je eigen tempo. Fietsers zijn zo al de kwetsbare onderwerpen van de straat en als je bedenkt dat we hele slechte paden hebben gezien of nog een slechtere verbinding door kasseien waardoor je voorwiel even een andere richting uit gaat kijken. Kleine Drogenbos, in mijn ogen leek het eerder een bergpas met hier en daar modder die uit een gletscher kwam aangespoeld. In Holsbeek kenden we het parcours, we deden het verleden jaar vanuit een andere locatie. Erger was het in die momenten dat we daar passeerden waar een fietser zwaar ten val kwam. Niet iedereen kan helpen en je hoopt maar dat goed voor hem gezorgd wordt. Witte markeringen op de weg kunnen glad zijn, die vermijd je best. Tot nu toe ging het tamelijk goed. Mijn rug moest ik eens strekken door recht te staan op de pedalen en voor je het weet zie je links voor je de Basiliek van Scherpenheuvel opduiken. Jammer, alweer niet erlangs gereden en ik wilde toch wel dat gewijde kaarsje meesleuren in mijn achtertas. Het ergste vond ik nog de weg naar Kaggevinne. Ergens verscholen tussen groene hagen dook zo maar een dikke vette kuitenbijter op. Hier ben je gewaarschuwd als je niet op tijd je juiste verzet genomen hebt. Alles lukte prima, alhoewel ik als allerlaatste boven kwam. Niet iedereen kan het eerst boven aankomen, er moeten ook rode lantaarndragers zijn. Dan krijg je een zodanige beloning op je bord met een afdaling van jewelste, dat je moet voorzichtig zijn om niet over kop te gaan. De snelheidsmeter wees 48 aan en ik kneep even op mijn rechterrem, geen verdere risico’s meer nemen, is nergens goed voor. Dan komen de laatste 15 kilometers in zicht. Nu ben je zeker dat je nog goed zit en dat je nog niet hopeloos verloren zijt. Achterom kijkend merk ik dat ik iemand verloren ben onder weg. Zou ik de pas inhouden of zou ik doorzetten dacht ik nog. Maar dat zou niet fair zijn ten opzichte van hem, dus hield ik even de pas in. Met nog een laatste sprint duwde ik door de laatste bochten die in de verte opdoken. We hadden het bijna droog gehouden en dan moesten die weergoden toch zeker niet komen kijken achter hun wolkendek uit. Even gooiden ze met hun dunne regenstralen ons nat maar op het einde van de rit vinden we dat niet erg meer. Tevreden zoals altijd deponeerden we ons stempelkaartje in de urne. Eerst nog eens goed nakijken of we niet in de prijzen met de tombola gevallen zijn, jammer weer niks. Nog een flinke slok fruitsap achterover kieperen, een pijnpleister mee nemen voor de volgende pijnlijke rit en weg ben je weer, naar huis. Hier douchen zou moeilijk gaan. Met zoveel volk was het water vlug koud en koude douchen heb je al genoeg als je kletternat bent geworden. Een laatste groet naar de bekenden en dan je auto proberen te zoeken die je ergens ’s morgensvroeg ver weg geparkeerd hebt. En morgen…dan zijn we er weeral bij, we staan paraat ondanks het zomeruur dat vannacht ingaat.
-
telloorlekker - Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46
Niet moeilijk dat men erbij is, de échte wielertoerist herkent men toch aan z'n auto; de trekhaak met daarop de beugels en stangen om het stalen ros te bevestigen. De rage van het "gemak" wordt dan verdoezeld door de opgelopen smarten breeduit in de sage te spuien.kwezel schreef: Nog een flinke slok fruitsap achterover kieperen, een pijnpleister mee nemen voor de volgende pijnlijke rit en weg ben je weer, naar huis. Hier douchen zou moeilijk gaan. Met zoveel volk was het water vlug koud en koude douchen heb je al genoeg als je kletternat bent geworden. Een laatste groet naar de bekenden en dan je auto proberen te zoeken die je ergens ’s morgensvroeg ver weg geparkeerd hebt. En morgen…dan zijn we er weeral bij, we staan paraat ondanks het zomeruur dat vannacht ingaat.
Douches, dat zou van de natuurelementen moeten komen, niet via leidingen volgend op de boiler.
Jullie willen toch afzien, je lichaam Spartaanse opvoeding toedienen en na de behaalde inspanning hét orgasme beleven... Welaan, wat let jullie dan om van de luxe af te zien ? Milaan-San Remo, Parijs-Roubaix etc. worden in één ruk gereden door mannesputters die ervoor betaald worden, de toerist aapt wel, maar niet zonder de luxe thuis te laten... de auto hoort er altijd bij. Misschien zijn er zelfs tussen, die hun uitstap organiseren vanuit hun rijdend salon met anex-badkamer. Nog even, en men organiseert heeldere bivakplaatsen met caravans, mobilhomes of rollende chalets waarbij de fiets het excuus moet betekenen.
Sorry Kwezel, ik volg je relaas vanuit een heel ander standpunt; bij sommige anekdotes kan ik nauwelijks mijn buikspieren in bedwang houden (in zoverre daar nog sprake van is...) Misschien zal jij het mij kwalijk nemen als ik meedeel soms de lachkramp te krijgen van je lijdensweg, de Kalvarie waarvoor jijzelf gekozen hebt.
Alhoewel het boeiend blijft je wedervaren te lezen, gaat er bijna geen detail voorbij waarbij ik innerlijk pret beleef. Telkens in de rede vallen gaat ook vervelen hé.. vandaar ook slechts zo'n toegeving als deze....
-
Gast
Ach TLL, hou jij je maar bij je staande wip, ik heb tenminste al een stukje van ons landje mogen zien vanaf mijn fiets.
Als vrouw mag ik daar zeker trots op zijn want er zijn ook vrouwen die houden de haard vast. Die zien de wereld aan hun neus voorbij gaan vanaf de divan.
Als vrouw mag ik daar zeker trots op zijn want er zijn ook vrouwen die houden de haard vast. Die zien de wereld aan hun neus voorbij gaan vanaf de divan.
-
Fikske - Lid geworden op: 16 dec 2003, 12:31
- Locatie: W-O 1970
Je kan ook veel zien wanneer je (langzaam) met de auto rondrijdt hoor Kwezel maar toch moet ik je gelijk geven als je echt meer wil zien dan mag je niet te snel rijden en dan is de fiets het beste alternatief.
Mijn vrouw zegt altijd dat je heel wat meer ziet - en van geniet -als het wat trager gaat ... Daarom hebben we deze namiddag een lange wandeling door het Zoniënwoud gemaakt. Het was een heerlijk weertje om buiten te komen vandaag. En na de fikse wandeling een ijsje gaan eten in Tervuren dat was ook niet slecht.
Fietsen kan ons Tineke niet meer zo goed, - ze heeft vroeger nochtans heel veel gefietst - maar 'marcheren' kan ze als de beste militair. Ik heb verdorie last om haar bij te houden.
Nog veel fietsplezier en laat je niet doen hé! Elk diertje zijn pleziertje! Geniet er maar van!

Mijn vrouw zegt altijd dat je heel wat meer ziet - en van geniet -als het wat trager gaat ... Daarom hebben we deze namiddag een lange wandeling door het Zoniënwoud gemaakt. Het was een heerlijk weertje om buiten te komen vandaag. En na de fikse wandeling een ijsje gaan eten in Tervuren dat was ook niet slecht.
Fietsen kan ons Tineke niet meer zo goed, - ze heeft vroeger nochtans heel veel gefietst - maar 'marcheren' kan ze als de beste militair. Ik heb verdorie last om haar bij te houden.
Nog veel fietsplezier en laat je niet doen hé! Elk diertje zijn pleziertje! Geniet er maar van!
Wie tevreden is met wat hij heeft,
is de rijkste die er leeft.
is de rijkste die er leeft.
-
telloorlekker - Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46
Fikske, begrijp jij die wielerterroristen dan ? Ik heb het er moeilijk mee, geef ik grif toe. Om van de omgeving te genieten met doldraaiende tandwielen en de afstand 'genieten' aan 38 km/h kan er bij mij niet in.
Als de omgeving beperkt blijft tot het element waarom die rubbers draaien, tja dan ... want de meeste 'hardrijders' kijken nauwelijks nog omhoog of opzij, ze zien hoogstens de achterband van de voorligger.
Inderdaad, met de auto in z'n één kun je confortabeler de omgeving en de landschappen bewonderen; zelfs dan haal je moeilijk de voornoemde snelheid.
Maar wat Kwezels' vrouw-aan-de-haard betreft is niet helemaal correct. Er zijn heel wat soortgenoten die de halve wereld al aanschouwd hebben vanuit hun luie zetel of van voor het pc-scherm. En die hebben geen hinder van uitlaatgassen, CO², stof- en roetdeeltjes en bezwete lichamen...
Als de omgeving beperkt blijft tot het element waarom die rubbers draaien, tja dan ... want de meeste 'hardrijders' kijken nauwelijks nog omhoog of opzij, ze zien hoogstens de achterband van de voorligger.
Inderdaad, met de auto in z'n één kun je confortabeler de omgeving en de landschappen bewonderen; zelfs dan haal je moeilijk de voornoemde snelheid.
Maar wat Kwezels' vrouw-aan-de-haard betreft is niet helemaal correct. Er zijn heel wat soortgenoten die de halve wereld al aanschouwd hebben vanuit hun luie zetel of van voor het pc-scherm. En die hebben geen hinder van uitlaatgassen, CO², stof- en roetdeeltjes en bezwete lichamen...
-
zandmannetje - Lid geworden op: 02 feb 2003, 23:15
- Locatie: Het land met meer ministers dan inwoners
Lieve Kwezel,
misschien trap ik een open deur in met deze mededeling, misschien ook niet.
In het TV-programmaboekje "Primo TV-gids" van deze week zit als bijlage een fietsroute voor een happening die TV4 plant op Paasmaandag 9 April.
Een fietshappening zowel voor amateurs als professionals, met verschillende af te leggen afstanden, met als max. route 85Km.
En heel voornaam, deze happening gaat door zo ongeveer door in jouw eigen voortuintje, met vertrek aan het stadion van R.Genk, en de keuze uit een vijftal routes.
En even hoogstwaarschijnlijk heb jij al deze routes al platgereden, en kan je misschien voor gids spelen voor de VT4 vedettes die ook van de partij zouden zijn?
Voor mijn part mag je er wel een paar in de gracht duwen onderweg, er zijn BV's genoeg...
misschien trap ik een open deur in met deze mededeling, misschien ook niet.
In het TV-programmaboekje "Primo TV-gids" van deze week zit als bijlage een fietsroute voor een happening die TV4 plant op Paasmaandag 9 April.
Een fietshappening zowel voor amateurs als professionals, met verschillende af te leggen afstanden, met als max. route 85Km.
En heel voornaam, deze happening gaat door zo ongeveer door in jouw eigen voortuintje, met vertrek aan het stadion van R.Genk, en de keuze uit een vijftal routes.
En even hoogstwaarschijnlijk heb jij al deze routes al platgereden, en kan je misschien voor gids spelen voor de VT4 vedettes die ook van de partij zouden zijn?
Voor mijn part mag je er wel een paar in de gracht duwen onderweg, er zijn BV's genoeg...
Zo, dat was het dan.
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
-
Gast
Dat is de Vivavelo happening. Jaren geleden hebben we er vijf van de zeven meegedaan. Je kan er zelfs iets mee verdienen. Vroeger kregen we daar een minifietspompje voor en verleden jaar een fleecedekentje.
Echter dit jaar hebben we andere plannen en gaan onze wegen ergens anders naar toe.
Toch alvast bedankt voor je positief berichtje.
Echter dit jaar hebben we andere plannen en gaan onze wegen ergens anders naar toe.
Toch alvast bedankt voor je positief berichtje.