mijmeringen

Dit is de rubriek die volledig voor poëzie en proza is voorbehouden.

Bosrankje
Lid geworden op: 20 dec 2005, 20:42
Locatie: Antwerpen

27 mei 2008, 00:07

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding

Lieve Gustilpe,

Je foto's van Hongarije zijn zo mooi dat ik echt zin kreeg om een
ppt van je gedicht te maken. Hopend dat het je bevalt :wink: :D

Lieve groetjes in vrede en vriendschap van Alter en Rankje
Ik hou van het leven en geloof in de mensen !
Schrijven is als vrijen met de schoonheid van
woord en zin.....

ferry
Lid geworden op: 19 feb 2007, 14:59
Locatie: brasschaat

27 mei 2008, 00:42

mooi Gustilpe : " Hongarije" heel mooi
de beschrijving , de foto's en de bewerking van bosrankje !!
Om van te genieten !!
Wij wensen jullie de goede gezondheid om terug te gaan naar Roemenië!
Zoals je schrijft , vele druppels maken een plas en wij zijn bij de gelukkigen dat wij hier geboren zijn !
Wij zijn naar de plantentuin van Meise geweest en in de serres
( het merendeel zijn ze nu aan het vernieuwen) moest ik aan jou denken
in de serre van de kaktussen stond een hoopje planten bij elkaar met
het plaatje Namakwaland , ik trok er een foto van !
Misschien erken je de bloemen ! Liefs Fernanda


Afbeelding
Een glimlach keert steeds naar u terug

gustilpe
Lid geworden op: 04 okt 2007, 20:52
Locatie: vlaams brabant

27 mei 2008, 08:29

bo,

ja, de natuur is mooi in Hongarije, geen hoge bergen, geen zee, maar zoveel uitgestrekte velden, ik hou van wilde pure natuur!

Rankje,

bedankt voor de mooie ppt die je ervan maakte en ja, je doet me daar zeker plezier mee hoor!

Ferry,

bedankt voor jou bezoek hier en voor de foto van de Plantentuin in Meise, die foto doet mij denken aan Zuid-Afrika in het algemeen, overal kom je alwijnen (kaktussen) tegen, en zeker ook aan Namakwaland!

lieve groetjes,
gustilpe
vriendschap is het kostbaarste geschenk!
Gast

27 mei 2008, 13:21



Zijn mooie streken dat U heeft bezocht
De verhalen kregen ook mij aandacht
De foto’s komen zo uit van Gogh,
Nooit heb ik er anders aan gedacht.

Na de verhalen goed te hebben gelezen
Kan dat in een paradijs,de hel beleven?
Zijn wij dan allen dom, doof en blind,
zo dicht bij ons en men geen eten vindt?

Die priester moet zeker geholpen worden
Om zijn goed werk te kunnen verder zetten
Ik ben dan ook een beetje fan geworden,
En wil dan ook mijn deeltje bij leggen.

U laat maar weten, beste,waar en hoe ,
Wekelijks komt tonnen voeding op de belt
Dit te vernietigen kost dan nog eens geld,
Met alles wat wij hier samen wegsmijten,
Kan men daar eten als de rijken!


gustilpe
Lid geworden op: 04 okt 2007, 20:52
Locatie: vlaams brabant

28 mei 2008, 11:12

kindje klein
wonderbaarlijk wezentje
zeven centimeter groot
‘k zag je echofotootje
veilig geborgen
in mama’s schoot

‘k heb geen woorden
‘k ben gelukkig
ben je meisje,
ben je jongen?
welkom ben je
't is om 't even

‘k vind het zo fantastisch
je kan al trappelen
zwaaien met je handjes
mama, papa, broertje Gust
wachten met vertedering
ontroering maakt zich
van mij meester

welkom in die harde wereld
met veel liefde
wil ik je omringen
je behoeden
voor het kwade
met veel warmte omarmen

het samensmelten van
één eicel en één zaadcel
’t is een hemels wonder
dank je Vader
‘k bid je op mijn blote knieën
een voorspoedige geboorte morgen!

het wachten duurt nog lang!

gustilpe
vriendschap is het kostbaarste geschenk!

_Nele_
Lid geworden op: 06 feb 2007, 19:20

28 mei 2008, 11:49

Lieve Gustilpe

ga je weer oma worden?

Wens het beste voor moeder en kind.

Heb genoten van het mooie Hongarije.

Spijtig genoeg veel armoede.

hopelijk kunnen de Oostbloklanden ons

in de toekomst bijbenen.

lieve groeten

Nele
Afbeelding

bo'ke
Lid geworden op: 28 apr 2007, 19:47

28 mei 2008, 12:38

Gustilpe,


Ik wens jullie het
allerbeste toe!!!!


:) bo
'zalig druk' heb ik het en ik geniet ervan

dus minder vrije tijd om te dichten en toch : ik geniet ervan

'zalig genieten'
.

Bomi
Lid geworden op: 09 aug 2002, 20:54
Locatie: Hasselt

29 mei 2008, 17:18

.


Gustilpe,


Je maakt me blij met je bezoekje, en ' kennen ' is bijkomstig zolang men waardeert wat een ander doet.

Het babyversje is ontroerend mooi, al de liefde die je toekomstige spruit gaat krijgen straalt eruit. Nieuw leven maakt toch gelukkig he!

Mvg. bomi




... ... ... Afbeelding
Dankbaar met het verleden, je blik open voor het heden!

gustilpe
Lid geworden op: 04 okt 2007, 20:52
Locatie: vlaams brabant

30 mei 2008, 08:35

Iben, Nele, Bo, Bomi bedankt om hier te komen lezen, altijd leuk om bezoekers te krijgen,
en ja Nele, als alles goed gaat wordt ik in november voor de zesde maal oma!



wonen in ’t Pajottenland
al is ‘t hier aan de buitenkant
vanuit het raam en op de stoep
een vergezicht met velden weiden, bossen
met allerlei schakeringen van groen
en paarden, koeien, vossen

’t is hier rustig wonen
al is de trein een stoorder
niet zozeer voor ons,
wij zijn ’t meer dan gewoon
bezoekers merken steeds weer op
alweer een trein, we hoorden

sinds kort komen nu vliegtuigen
Pajot zijn rust verstoren
ze scheren op lage hoogte
met denderend geluid
tot ergernis van iedereen
nieuw spreidingsplan van kracht

de lucht besmet met kerosine
en hinderlijk lawaai
werkt bewoners op de zenuwen
Pajottenland wil rust bewaren
dus aanzwellend protest
sightseeing kan hier niet

maar ’s avonds en tot middernacht
is ’t moeilijk in slaap geraken
al heb ik zelf toch minder last
of is het overdreven
ik volg ze soms en meet de tijd
om de drie minuten, ‘'t is met spijt!

gustilpe
vriendschap is het kostbaarste geschenk!

gustilpe
Lid geworden op: 04 okt 2007, 20:52
Locatie: vlaams brabant

30 mei 2008, 21:19

Wambeek, deelgenmeente Ternat

Naar aanleiding van de Wambeekse Feesten van 29 mei tot en met 1 juni (de feesten hebben slechts om de 10 jaar plaats):


POL DE MONT

Pol De Mont werd geboren te Wambeek op 15 april 1857. Na zijn middelbare studies aangevat te hebben in het Frans te Ninove, kwam hij in het Klein Seminarie te Mechelen terecht. Hier werd hij lid van de studentenkring "De Jonge Taalvrienden", maakte hij zijn eerste gedichten en liet hij in 1875 zijn bundel "Klimoprankskes" drukken. In 1877 ging hij aan de Leuvense universiteit rechten studeren. Met zijn vriend Albrecht Rodenbach stichtte hij hier "Het Pennoen" (1878-1880). In 1880 publiceerde hij de bundel "Gedichten", die bekroond werd met de Vijfjaarlijkse Staatsprijs voor Vlaamse Letterkunde.
Pol De Mont begon zijn carrière als leraar aan het atheneum te Antwerpen. In 1904 werd hij benoemd tot conservator van het Museum van Schone Kunsten te Antwerpen. In 1905 was hij medeoprichter van het tijdschrift "De Vlaamsche Gids". Na in de pers van activisme beschuldigd te zijn geweest, nam hij in 1919 ontslag als conservator. Hij werd hoofdredacteur van de Vlaamsgezinde krant "De Schelde". Hier telde hij o.a. P. Van Ostaijen en Alice Nahon onder zijn medewerkers.
Pol De Mont was één van de promotors van de heroplevende Vlaamse cultuur op het einde van de negentiende eeuw en in het begin vande twintigste eeuw. Na eerst nog verscheidene bundels met impressionistische natuur- en liefdesgedichten, zoals o.a. "Claribella" en "Iris" bij elkaar geschreven te hebben, ging hij zich toeleggen op de volkskunde. "Dit zijn Vlaamssche wondersprookjes" (1896) en "Dit zijn Vlaamsche vertelsels" (1898) zijn hier het resultaat van.
Pol De Mont, die ook een erg gewaardeerd redenaar was, schreef nog het uitgebreid essay "De schilderkunst in België van 1830 tot 1921".Hij overleed te Berlijn op 29 juni 1931. Zijn stoffelijk overschot werd bijgezet op het Schoonselhof te Antwerpen (zie foto).

Bibliografie :

* Klimoprankskes (poëzie, 1875)
* Rijzende sterren (poëzie, 1879)
* Gedichten (poëzie, 1880)
* Lentesotternijen (poëzie, 1881)
* Idyllen (poëzie, 1882)
* Loreley (poëzie, 1882)
* Hendrik Conscience. Zijn leven en werken (studie, 1883)
* Idyllen en andere gedichten (poëzie, 1884)
* Fladderende vlinders (poëzie, 1885)
* Claribella (poëzie, 1893)
* Iris (poëzie, 1894)
* Dit zijn Vlaamsche wondersprookjes (volkskundige studie, 1896)
* Dit zijn Vlaamsche vertelsels (volkskundige studie, 1898)
* Drie groote Vlamingen (essay, 1901)
* Vlaamse schilders der negentiende eeuw (essay, 1901)
* De schilderkunst in België van 1830 tot 1921 (essay, 1921)
* Zomervlammen (poëzie, 1922)
* Wondervertelsels uit Vlaanderen. Uit den volksmond opgeteekend (samen met Alfons De Cock, 1924)
Laatst gewijzigd door gustilpe op 31 mei 2008, 17:31, 3 keer totaal gewijzigd.
vriendschap is het kostbaarste geschenk!

gustilpe
Lid geworden op: 04 okt 2007, 20:52
Locatie: vlaams brabant

30 mei 2008, 22:30

AAN MIJN PAJOTTENLAND

Geen vers werd, u ter eer, mijn Land, geschreven…
Geen boek dat van uw sterk-vroom volk verhaalt…
Geen zang werd van uw schoonheid aangeheven
En geen penseel heeft uw natuur gemaald…

Zo bleef dan mij, - mij, op uw grond geboren,
En die ’t vaak, voorheen, beproeven wou,
Doch te vergeefs, - ’t voorrecht en de eer beschoren,
De eerste te zijn, die u bezingen zou.

Ik was nog knaap, toen ik u moest begeven…
Wat deed dat veel te vroege scheiden zeer!
Maar onverbleekt, diep in mijn ziel, bleef leven
Uw beeld, en telkens keerde ik tot u weer…

Aan Vaders hand doorliep ik uw landouwen,
Iw schaduwrijk bos- en weeldrig akkerland…
‘k vond u de heerlijkste aller Vlaamse gouwen
en roemde u stout Oud-Brabants lustwarrand!

Ik weet geen streek, die het bij u kan halen
In vele vruchtbaarheid en schoonheidsglans.
Uw groene heuvels en nog groener dalen
Omringen Brussel met smaragden krans.

Van Vlaandrens Dender tot dee boord van de Zenne
Golft gij en deint in lijnen, hoog en diep…
Geen nijverheid kwam nog uw schoonheid schennen,
Uw schoonheid, ongerept, als God haar schiep.

Wat stond ik vaak, in ’t morgen zonnegloren,
Op Leeberg-heuvel of bij d’IJzeren man!
Uit ieder dorpken spichtte een spitse toren…
Op elken kouter zwoegde een paardenspan…

Op twintig hillen toonden twintig molens
Hun draaiend wiekenkruis, reusachtig groot…
In al de weiden vaarzen, paarden, volens…
Op al de daken tonig pannenrood…

Ik stond er tegen avond, als, in ’t Westen,
De zonne, heevl’nd uit de zee,
Wolken opstapelde om ter wereld vesten,
Waardoor zij lange stralen vlammen deê:

Die draaiden dan, als reuzenradrensspaken,
bloedroden schijn verwaaierend over ’t land;
van kim tot kom ging al ’t geboomte aan ’t blaken
en dal en berg bloosden in paarsen brand.

Ik stond er, als, op Gos weet hoeveel kerken,
Klokjes en klokken luidden ’t avondlicht:
Op al de stukken zag ik ’t volk het werken
Staken als op een teken; ’t aangezicht,

Nog rood van zon, afdrogen met de mouwen;
’t allaam schoonvegen; ’t schoud’ren, om dan ras
langs de weg en wegel,- mannen, meisjes, vrouwen, -
huiswaarts te schrijden met gemeten pas.

Dan zag ik in de lucht, aan ’ t schitterbleken,
Verpluimen en verwuiven al ’t geboomt’,
Van elk gebouw de strakke lijn verweken,
De weiden wit, gelijk met melk beroomd…

Op ééns was alle kleur als weggeblazen,
Geweerd een heel zacht blauw, dat heel de streek,
Van lieverlede hulde in vage wazen,
Waardoor weldra, dromend, het maantje keek.

Ik stond er soms, als t’onweer uitgewoed had
En heel het Oosten één wolk was, grauwgetint.
Dan, en of daar alles plots een eigen gloed had,
Zag ik de bomen, schuddend in de wind,

Arduinen kerken, kalkwitte kapellen,
Roodstenen hoeven, huisjes zonder tal,
Schijnbaar veel dichter, scherp omlijnd, in hellen
En fellen schijn, blinken door heel het dal.

Dan kwam het wonder, ’t eeuwig hemelwonder:
Ver aan de versten einder, steeg van zelf,
Een brug van scheemrend kleurlicht, die, van onder
Naar boven kromboog, wijd in ’t weids gewelf!

En langs die ijlerloze toverbrugge
liep vonkelend geflonker,
zevenvoud van toon en tint, nu opwaart dan terugge,
Rijk als ’t gevedert, dat de pauw ontvouwd!...

Ik stond er in de eeuwig-jongen “Uitkom”,
zoals, van ouds, ’t volk hier de Lente noemt,
als ’t al weer tiert, en bot en knopt en spruit,
om het snelst en schoonst, al bloesemt en bloemt;

als, groenend pas, de wilde hazelaren
vol “katjes” hangen, en ’t geheel gewest
schalt van de weergekeerde vogelscharen,
zoeken naar plekjes voor het nieuwe nest.

Dan moet m’ u zien, mijn Land, als heinde en verre,
Hovingen, boogaards, nu bebladerd weer,
Bepoeierd staan, als met sneeuw van sterren,
Met tere bloesems, schoner steeds en meer;

Als in elk dorp tien twintig boogaards spreiden
Hun ruikers uit op ’t eigen loofgewaad,
En gans de streek, zo ver een oog kan weiden,
Één enkele boomgaard lijkt, die bloeiend staat.

Ik zag vandaar des Zomers kleurenweelde!
Hier golvend graan of tarwe, gelend al…
Daar witte boekweit, waar wat rood in speelde…
Ginds koolzaad, als een gele waterval…

De weiden, tintelgoud in ’t zonneflitsen,
En, tussen stuk en stuk, gelijk een muur,
Olmen en populieren, die hun spitsen
Of stompen kop opstaken in ’t azuur.

En zie! ’t Is oogst! Op alle kouters klinken
De kromme “pikken” in der maaiers hand.
Als bliksemschichten zie ‘k de sneden blinken;
Het topzwaar graan valt, root bij root, in ’t zand.

Dra staan, in onafzienbaar lange reken,
De “tienlingen te dromen in de zon,
Zo dat men de aren “kesteren” hoort en sppreken”…
De zanter raapt, wat men niet binden kon.

‘t “inhalen” zie ik! Rond een ladderwagen,
die vederlicht over de stoppels reed,
één lopen is ’t een slepen, draven, dragen:
knapen, meisjes, aangezicht bezweet

en rood van hitte onder de hoedrand, reiken,
gooien en gaffelen de schoven aan,
die zorgzaam dan de “laders” nederstrijken
in laag op laag, totdat zij eindlijk staan

op een vijf meter hogen berg van gele
rakende tarwe, en, in de avondgloed,
planten de “mei”, waarrond hun kindren, vele,
zitten en zingen…Hoor! De horen toet!

De meester geeft het sein… de felle paarden
Trekken; dissel en raadren kraken; de as
Buigt van ’t gewicht; de wagen zinkt in de aarde
En de dieren kreunen, krochen!...Op dit pas

Springt voor zijn span de voerman, grijpt met beide
Zijn knuisten ’t steigerend koppel bij het zeel
En trekt en sleurt en wringt, totdat zij,-mijde,
Maar moetend, mak- wéér aanleggen met heel

De macht en kracht van kossem, pezen, spieren!
Gejoel, gezang! Houd, in het houd der kim,
Terwijl de kinderen met meien zwieren,
De wagen bolt, vol flikrend lichtgeglim!

‘k Zag er de Herfst het hele landschap malen
in mauve en bruin, daarna in ros en goud…
elk’ avond vult een fijne mist de dalen!
Elk’ ochtend zijn de heuvels nat bedauwd!

De gele en rosse bossen lijken branden
Van hele dorpen in de laai der zon,
En de aarde der braakliggende akkerlanden
is donkerpurper gelijk bloed, dat ron.

En dan de boogaards! Hesperidentuinen,
Weeldriger, rijker dan de Fabel leert.
Tot de aarde bukken de overladen kruinen
Der appelaars, verwrongen en verweerd.

De bomen zijn niet langer bomen! Mijten
Zijn’t, stapels, bergen geurig, saprijk ooft,
De wandlaar nodend, om er in te bijten,
Zo, wij! De zon met haar warmte stooft.

Ik stond er ’s Winters ook als, ongenadig,
Sneeuwbui na-bui heenkruinde heinde en ver,
En ’t witte manna neerviel, overdadig,
In millioenen vlokken…Her en der

Ging dan een dorp, en wéér een dorp, aan ’t blanken,
tot elke berg en berm in heel de gouw,
een bont van hermelijn droeg om zijn flanken,
en ’t al één witheid was, omzoomd met blauw!

Eens stond ik er, de dag van Allerzielen,
Als uit de bomenkruinen, half reeds kaal
Geschud, dwarlend de leste blâren vielen,
Spreiden op de aarde een deken, voos en vaal…

Dan hoorde ik twintig klokken, ginder diepe,
Uitsnikken haar deernisvolle klacht,
Alsof uit diepe graven tot mij riepen
De vrome zielen van het voorgeslacht…

O, schilder zijn, mijn Land, om die schoonheid
Te vangen, -vast te houden, in één slag,
De afwisselende pracht, die gij ten toon spreidt…
O Rubens, Rubens zijn één enklen dag!

Vinden op mijn palet, neen zoeken, maken,
Engen en menglen zo de smijd’ge spijs,
Dat elk in hoog’ren luister zou zien blaken
De wulpse schoonheid van uw paradijs!

Eilaas! Ik heb geen kleuren geen penselen!
Ik heb maar woorden, en hoe kil en koud
Vind ik die nu! Wat is mijn ritmenspelen
nu tam en lam, en alle beelden oud!

Vlammen moesten de woorden-, meteoren
De beelden zijn, de maat een loutre dans,
Om in een vers een glimpje te doen gloren,
Needrig Pajottenland, van al uw glans!

Pajottenland, gij land van brave mensen,
-van rijke niet, van brave des te meer,-
kan wel uw kind u mildren zegen wensen,
dan dat gij blijft, als ik u zag weleer…

deze arme verzen, ver van u geschreven,
maar vol van u, zoals mijn hart ook blijft,
u worden zij tot onderpand gegeven,
dat ware trouw tot in de dood beklijft!


Dit gedicht is een van de meest bekende over het Pajottenland. Het is een ode, vol van de heimwee, van Pol de Mont aan zijn geboortestreek.
Beurtelings bezingt hij het landschap en de landbouwactiviteiten gedurende de vier seizoenen.
vriendschap is het kostbaarste geschenk!

gustilpe
Lid geworden op: 04 okt 2007, 20:52
Locatie: vlaams brabant

30 mei 2008, 22:46

nog een gedicht van Pol de Mont, ditmaal een liefdesgedicht


O kom met mij in de lentenacht

O kom met mij in de lentenacht!
kom dwalen over de bloemenwei -
de roze slumert, de sterre lacht,
in stille dromen wasemt de hei.

O kom met mij in de lentenacht!
het leeft, en het hijgt en het mint daar al!
de leveren lspelen, het windje smacht,
en donkere wegelen lokken door 't dal.

O kom met mij in de lentenacht!
de heuvel glimt in de maneschijn, -
daar hellen ons hoofden te saam, zo zacht
en gans de natuur zal ons eigen zijn
.
vriendschap is het kostbaarste geschenk!

ferry
Lid geworden op: 19 feb 2007, 14:59
Locatie: brasschaat

30 mei 2008, 23:47

Gustilpe :
"kindje klein"
zo liefdevol, teder en zacht verwoord door deze verwachtende oma !!Prachtig !
Ik vind het ook een hemels wonder, telkens weer ! Liefs Fernanda


Afbeelding
Een glimlach keert steeds naar u terug

gustilpe
Lid geworden op: 04 okt 2007, 20:52
Locatie: vlaams brabant

31 mei 2008, 17:27

Fernanda,
bedankt dat je hier kwam lezen en voor wat je schreef!


WAMBEEK

Afbeelding
vriendschap is het kostbaarste geschenk!

Bosrankje
Lid geworden op: 20 dec 2005, 20:42
Locatie: Antwerpen

31 mei 2008, 23:26

Afbeelding

Voor de zesde keer oma, Gustilpe, wat een geluk !
Het wachten duurt nog lang zeg je, maar zo'n bezig
bijtje als jij zal de tijd niet zien voorbij gaan en voor
dat je 't weet, zal je nieuw schatje in je armen liggen !
Dat wensen wij je van harte !

In je gedicht over 't Pajottenland, voelen wij je liefde
voor je woonstreek maar ook je angst voor vervuiling
en rustverstoring door vliegtuigen ! Hopelijk komt er een
oplossing aan ?

Een goed gedacht om dan het gedicht van Pol De Mont
te plaatsen alsook een schets van zijn leven.
Alter heeft ooit iets over hem geschreven en ik heb zijn
naam leren kennen toen wij in het Archiefmuseum waren
op zoek naar documentatie over Alice Nahon.

Het was een interessante en gezellige wandeling in
jouw topic, Gustilpe !

Lieve groetjes van Alter en Rankje voor jullie beiden
Ik hou van het leven en geloof in de mensen !
Schrijven is als vrijen met de schoonheid van
woord en zin.....