(Artificiele) Intelligentie
-
Arúviel - Lid geworden op: 29 jun 2012, 13:03
Mijn gevoel is daar schuldig aan, Zondervrees.Die nonnekes vertelden alleen maar sprookjes over het kindeke Jezus en ons eigen zieltje en de engelbewaarders en zo. Die hebben er niks uitgeslagen. Dat lukte hen ook al niet.
Waarom zou er iemand (anders dan mijzelve) schuldig moeten zijn aan mijn atheisme? Wie is 'schuldig' voor jouw manier van denken?
If the universe is the answer, what was the question?
-
ebenhaezer - Lid geworden op: 16 jul 2008, 14:14
- Locatie: Vlaanderen .
Zondervrees schreef:Zo hebben de nonnekes het mij vroeger ook proberen uit te leggen. Het is veel simpeler: een mens bestaat uit lichaam und sonst garnichts.ebenhaezer schreef:Men weet hier blijkbaar niet eens meer hoe een mens in elkaar steekt ! Dan toch maar nog eens uitleggen , zoals ik dat op school leerde en verder in boeken naging .
Een mens bestaat dus uit : lichaam , ziel en geest . [...]
Nee , niet bij de nonnekes , Zondervrees , maar een officiele Staatsschool , zoals jullie allemaal , denk ik , met volwaardige diploma's ! Toch weer eens foutgedacht hé vriend !
Durf dan God vertrouwen , neem Hem op zijn Woord .
-
Fazal
Spijtig ... zo'n verspilling aan diploma's.
Diploma's, bewijzen dus alleszins de intelligentie niet.
Diploma's, bewijzen dus alleszins de intelligentie niet.
-
cappa - Lid geworden op: 17 feb 2009, 17:49
'Het kunstmatige leven is de grootste uitdaging waar de mens voor komt te staan,' schrijft de Amerikaanse natuurkundige Doyne Farmer, leider van de groep complexe systemen in Los Alamos. Farmer e.a. hebben een reeks criteria opgesteld voor wat levend zijn wil zeggen: leven is een patroon in ruimte en tijd, eerder dan een materieel object (want de atomen worden voortdurend vervangen); leven kan zichzelf reproduceren; leven bevat informatie over zichzelf in de erfelijke massa; leven kent een stofwisseling; leven kent een wisselwerking met het milieu; het leven kan zich ontwikkelen, enzovoort.
Vraag je naar deze eigenschappen bij computervirussen, dan is het moeilijk om in te zien waarom ze niet levend zouden zijn. Het zijn weliswaar maar kleine stukjes programma die net zo afhankelijk zijn van het bestaan van computers als veel parasieten dat zijn van het gastdier of de mens dat is van Gaia. Zulke virussen kunnen zich uitbreiden, omdat er stroom op een computer zit, maar er is ook geen levend wezen dat zich op deze planeet kan redden als de zon wordt uitgezet. Computervirussen kunnen zichzelf reproduceren en van gastheer naar gastheer springen. Ze kunnen de stofwisseling van elektrische signalen van de gastheer veranderen; ze bevatten informatie over zichzelf; er is een wisselwerking met hun omgeving en ze ontwikkelen zich. Computervirussen zijn net zo levend als de virussen in de biologie, waarover biologen ook discussiëren of ze levend zijn.
Net zoals biologische virussen bestaan op de grens tussen wat leeft en wat dood is, bestaan computervirussen ook op de grens.
Vraag je naar deze eigenschappen bij computervirussen, dan is het moeilijk om in te zien waarom ze niet levend zouden zijn. Het zijn weliswaar maar kleine stukjes programma die net zo afhankelijk zijn van het bestaan van computers als veel parasieten dat zijn van het gastdier of de mens dat is van Gaia. Zulke virussen kunnen zich uitbreiden, omdat er stroom op een computer zit, maar er is ook geen levend wezen dat zich op deze planeet kan redden als de zon wordt uitgezet. Computervirussen kunnen zichzelf reproduceren en van gastheer naar gastheer springen. Ze kunnen de stofwisseling van elektrische signalen van de gastheer veranderen; ze bevatten informatie over zichzelf; er is een wisselwerking met hun omgeving en ze ontwikkelen zich. Computervirussen zijn net zo levend als de virussen in de biologie, waarover biologen ook discussiëren of ze levend zijn.
Net zoals biologische virussen bestaan op de grens tussen wat leeft en wat dood is, bestaan computervirussen ook op de grens.
-
cappa - Lid geworden op: 17 feb 2009, 17:49
Het onderzoek naar kunstmatig leven heeft talloze voorbeelden onderzocht van de manier waarop eenvoudige voorschriften kunnen leiden tot ingewikkeld gedrag, als er maar tijd genoeg is. Rekentijd.
De moraal is dat eenvoudige regels kunnen leiden tot ingewikkeld gedrag, als er maar rekentijd genoeg is, dus als er maar een heleboel informatie onderweg kan worden weggegooid. Er zijn geen bijzonder ingewikkelde of geavanceerde systemen voor nodig om ingewikkeld en geavanceerd gedrag te creëren. Er is tijd voor nodig, tijd om informatie weg te gooien.
Het voorschrift van iets ingewikkelds hoeft zelf niet zo ingewikkeld te zijn. Eenvoudige wetten kunnen leiden tot complex gedrag en tot complexe systemen. De sleutel is om eenvoudige mechanismen een tijd lang (een lange tijd) te laten werken.
De consequentie van dit inzicht is dat het bijzonder moeilijk is om te overzien wat je doet. Als je een simpel voorschrift maakt, zoals je die in een computervirus vindt, kan deze leiden tot niet te overziene consequenties, omdat het goed gedijt in een systeem waarin er steeds opnieuw herhalingen worden uitgevoerd, kopieën en berekeningen.
Het weggooien van informatie kan leiden tot structuren die veel rijker en talrijker zijn dan de regels die zorgen voor het weggooien van de informatie. Het waardevolle is niet om de regels te kennen, maar om de ontwikkeling ervan te kennen.
Sinds de jaren vijftig heeft het onderzoek naar kunstmatige intelligentie zich gericht op het maken van machines die intelligentie vertonen. Maar zonder succes. Onderzoekers naar kunstmatige intelligentie probeerden om mensen te begrijpen als wezens die eenvoudige en duidelijke regels volgen in hun geestelijke leven; overkoepelende regels die eenvoudig te begrijpen zijn en gemakkelijk in verband zijn te brengen met de opgave die moet worden opgelost. Regels die expliciet en duidelijk zijn.
Juist daarom is dat onderzoek naar kunstmatige intelligentie in een impasse terechtgekomen, terwijl het onderzoek naar andere computersystemen die niet de regels betreffen, maar het aanleren van ervaringen, verder is gekomen. De zogenaamde neurale netwerken zijn een voorbeeld van computersystemen die niet proberen de regels voor een ingewikkeld vraagstuk als
beeldanalyse te vinden, maar in plaats daarvan met behulp van een lange serie voorbeelden worden getraind en die ten slotte een gedrag opleveren dat lijkt op het gewenste, bijvoorbeeld het menselijke. De bedoeling is niet om de regels expliciet en duidelijk te maken, maar om de ervaringsrijkdom groot en breed te maken. Het gaat er niet om je bewust te worden hoe de machine het doet, maar om je bewust te worden wat ze doet en wat ze heeft ervaren.
Net als met het aanleren van menselijke vaardigheden is de weg naar complexiteit eenvoudig, maar lang. Het gaat erom eenvoudige handelingen vele keren te herhalen, zodat er een grote ervaringsrijkdom wordt bereikt. Het gaat niet om het aan elkaar breien van een paar eenvoudige, stevige voorschriften die overal gebruikt kunnen worden. Het gaat er niet om alles van tevoren te weten. Het gaat erom ervaringen op te kunnen doen. Meer is anders.
(Naar Norretranders)
De moraal is dat eenvoudige regels kunnen leiden tot ingewikkeld gedrag, als er maar rekentijd genoeg is, dus als er maar een heleboel informatie onderweg kan worden weggegooid. Er zijn geen bijzonder ingewikkelde of geavanceerde systemen voor nodig om ingewikkeld en geavanceerd gedrag te creëren. Er is tijd voor nodig, tijd om informatie weg te gooien.
Het voorschrift van iets ingewikkelds hoeft zelf niet zo ingewikkeld te zijn. Eenvoudige wetten kunnen leiden tot complex gedrag en tot complexe systemen. De sleutel is om eenvoudige mechanismen een tijd lang (een lange tijd) te laten werken.
De consequentie van dit inzicht is dat het bijzonder moeilijk is om te overzien wat je doet. Als je een simpel voorschrift maakt, zoals je die in een computervirus vindt, kan deze leiden tot niet te overziene consequenties, omdat het goed gedijt in een systeem waarin er steeds opnieuw herhalingen worden uitgevoerd, kopieën en berekeningen.
Het weggooien van informatie kan leiden tot structuren die veel rijker en talrijker zijn dan de regels die zorgen voor het weggooien van de informatie. Het waardevolle is niet om de regels te kennen, maar om de ontwikkeling ervan te kennen.
Sinds de jaren vijftig heeft het onderzoek naar kunstmatige intelligentie zich gericht op het maken van machines die intelligentie vertonen. Maar zonder succes. Onderzoekers naar kunstmatige intelligentie probeerden om mensen te begrijpen als wezens die eenvoudige en duidelijke regels volgen in hun geestelijke leven; overkoepelende regels die eenvoudig te begrijpen zijn en gemakkelijk in verband zijn te brengen met de opgave die moet worden opgelost. Regels die expliciet en duidelijk zijn.
Juist daarom is dat onderzoek naar kunstmatige intelligentie in een impasse terechtgekomen, terwijl het onderzoek naar andere computersystemen die niet de regels betreffen, maar het aanleren van ervaringen, verder is gekomen. De zogenaamde neurale netwerken zijn een voorbeeld van computersystemen die niet proberen de regels voor een ingewikkeld vraagstuk als
beeldanalyse te vinden, maar in plaats daarvan met behulp van een lange serie voorbeelden worden getraind en die ten slotte een gedrag opleveren dat lijkt op het gewenste, bijvoorbeeld het menselijke. De bedoeling is niet om de regels expliciet en duidelijk te maken, maar om de ervaringsrijkdom groot en breed te maken. Het gaat er niet om je bewust te worden hoe de machine het doet, maar om je bewust te worden wat ze doet en wat ze heeft ervaren.
Net als met het aanleren van menselijke vaardigheden is de weg naar complexiteit eenvoudig, maar lang. Het gaat erom eenvoudige handelingen vele keren te herhalen, zodat er een grote ervaringsrijkdom wordt bereikt. Het gaat niet om het aan elkaar breien van een paar eenvoudige, stevige voorschriften die overal gebruikt kunnen worden. Het gaat er niet om alles van tevoren te weten. Het gaat erom ervaringen op te kunnen doen. Meer is anders.
(Naar Norretranders)
-
cappa - Lid geworden op: 17 feb 2009, 17:49
Het sleutelwoord in de nieuwe AI, maar ook voor ons begrip van het ontstaan van leven en van bewustzijn, is emergentie. Als eenvoudige regels de gelegenheid krijgen om lang genoeg bezig te zijn of om op voldoende elementen in te werken, ontstaan geheel nieuwe eigenschappen, die opduiken, doorbreken, boven komen drijven, te voorschijn komen.
Deze opduikende eigenschappen zijn niet te ontdekken als je een kleine verzameling elementen bestudeert. Ze zijn pas te zien als er zoveel zijn dat er collectieve werkingen ontstaan, groepseigenschappen.
Het begrip emergence komt voort uit de leerschool binnen de biologie die benadrukt dat wat leeft, meer is dan natuurkunde en scheikunde, dat er meer is aan levende organismen dan je ooit in de wetten van de natuurkunde en scheikunde kunt beschrijven. Het anti-reductionistische standpunt dus. Je kunt biologie niet tot natuurkunde reduceren.
Maar tijdens de laatste decennia zijn emergente eigenschappen en collectieve werkingen steeds opnieuw opgedoken binnen de beschrijving van de eenvoudigste structuren, zoals atoomkernen en simpele moleculaire systemen. Daarvóór hadden wetenschappers geen zin om na te rekenen of eenvoudige systemen emergence konden vertonen, wegens te ingewikkeld, maar de computer heeft dat niet alleen mogelijk gemaakt, maar heeft ook duidelijk gemaakt dat er niet erg ingewikkelde voorwaarden nodig zijn voordat er zulke eigenschappen optreden.
Het punt is dus niet dat er geen emergentie in de biologie optreedt. Het punt is dat biologische systemen slechts de enige voorbeelden waren van eenvoudige mechanismen die de gelegenheid kregen om lang genoeg bezig te zijn tot er emergentie ontstond. Daarom leek het alsof levende wezens heel anders waren dan dode natuur. Levende wezens hebben de eigenschap emergentie, waarvan men dacht dat deze niet in de dode natuur voorkwam. Maar met de komst van de computer is het duidelijk geworden dat emergentie een gangbare eigenschap van al het aanwezige is, zowel van de levende als van de dode natuur.
Er is aangetoond dat emergence een heel gewone eigenschap is van alle gesloten systemen. Je kunt haar niet van tevoren uitrekenen of aan de elementen zien wat ze zullen worden (algoritmische informatietheorie – Theorema van Gödel).
Bernd-Olaf Klippers schrijft: “Dat het geheel meer is dan de som der delen, geldt voor elk gestructureerd systeem, of het systeem nu levend of dood is.” Wat dit betreft is er dus geen verschil tussen levende en dode systemen. Het is alleen zo dat meer anders is.
Bewustzijn, tussen haakjes, is een verschijnsel dat gekenmerkt wordt door dezelfde omstandigheid. Er ontstaan eigenschappen die je niet kunt afleiden uit of begrijpen door het geïsoleerd bekijken van eenvoudige regels en elementen.
Een volledig uitgevoerde uitgave van een set eenvoudige regels kan eigenschappen vertonen die je niet in de regels zelf kunt vinden. De reden waarom je de eigenschappen niet in de regels kunt vinden, is een algemene voorwaarde van de wereld, die is beschreven in het theorema van Gödel en in Chaitins uitwerking ervan. Juist omdat je nooit kunt bepalen of een berekening stopt of niet, zoals Turing bewees, kun je ook niet op voorhand overzien waar wetten toe zullen leiden.
(Naar Norretranders)
Deze opduikende eigenschappen zijn niet te ontdekken als je een kleine verzameling elementen bestudeert. Ze zijn pas te zien als er zoveel zijn dat er collectieve werkingen ontstaan, groepseigenschappen.
Het begrip emergence komt voort uit de leerschool binnen de biologie die benadrukt dat wat leeft, meer is dan natuurkunde en scheikunde, dat er meer is aan levende organismen dan je ooit in de wetten van de natuurkunde en scheikunde kunt beschrijven. Het anti-reductionistische standpunt dus. Je kunt biologie niet tot natuurkunde reduceren.
Maar tijdens de laatste decennia zijn emergente eigenschappen en collectieve werkingen steeds opnieuw opgedoken binnen de beschrijving van de eenvoudigste structuren, zoals atoomkernen en simpele moleculaire systemen. Daarvóór hadden wetenschappers geen zin om na te rekenen of eenvoudige systemen emergence konden vertonen, wegens te ingewikkeld, maar de computer heeft dat niet alleen mogelijk gemaakt, maar heeft ook duidelijk gemaakt dat er niet erg ingewikkelde voorwaarden nodig zijn voordat er zulke eigenschappen optreden.
Het punt is dus niet dat er geen emergentie in de biologie optreedt. Het punt is dat biologische systemen slechts de enige voorbeelden waren van eenvoudige mechanismen die de gelegenheid kregen om lang genoeg bezig te zijn tot er emergentie ontstond. Daarom leek het alsof levende wezens heel anders waren dan dode natuur. Levende wezens hebben de eigenschap emergentie, waarvan men dacht dat deze niet in de dode natuur voorkwam. Maar met de komst van de computer is het duidelijk geworden dat emergentie een gangbare eigenschap van al het aanwezige is, zowel van de levende als van de dode natuur.
Er is aangetoond dat emergence een heel gewone eigenschap is van alle gesloten systemen. Je kunt haar niet van tevoren uitrekenen of aan de elementen zien wat ze zullen worden (algoritmische informatietheorie – Theorema van Gödel).
Bernd-Olaf Klippers schrijft: “Dat het geheel meer is dan de som der delen, geldt voor elk gestructureerd systeem, of het systeem nu levend of dood is.” Wat dit betreft is er dus geen verschil tussen levende en dode systemen. Het is alleen zo dat meer anders is.
Bewustzijn, tussen haakjes, is een verschijnsel dat gekenmerkt wordt door dezelfde omstandigheid. Er ontstaan eigenschappen die je niet kunt afleiden uit of begrijpen door het geïsoleerd bekijken van eenvoudige regels en elementen.
Een volledig uitgevoerde uitgave van een set eenvoudige regels kan eigenschappen vertonen die je niet in de regels zelf kunt vinden. De reden waarom je de eigenschappen niet in de regels kunt vinden, is een algemene voorwaarde van de wereld, die is beschreven in het theorema van Gödel en in Chaitins uitwerking ervan. Juist omdat je nooit kunt bepalen of een berekening stopt of niet, zoals Turing bewees, kun je ook niet op voorhand overzien waar wetten toe zullen leiden.
(Naar Norretranders)
-
Clausewitz - Lid geworden op: 15 mei 2009, 18:22
- Locatie: Vlaams Brabant
EB:
Welke boeken mogen dat geweest zijn?Ziel is gewoon een uitvindsel van de pasters dat op niks is gebaseerd.Geest is ons grote brein van de geëvolueerde homo sapiens.Men weet hier blijkbaar niet eens meer hoe een mens in elkaar steekt ! Dan toch maar nog eens uitleggen , zoals ik dat op school leerde en verder in boeken naging . Een mens bestaat dus uit : lichaam , ziel en geest .
Wie bewaakt de bewakers.
-
cappa - Lid geworden op: 17 feb 2009, 17:49
En die geest is waarschijnlijk in de eerste plaats adaptief, een instrument tot aanpassing aan de steeds wisselende omgeving. Overleving dus. Ons huidige brein vertoont in zijn dagelijkse werking nog steeds bij grote voorrang deze kenmerken. Redeneervermogen, nadenken is slechts later gekomen. Uit het simpele is meer complexe intelligentie gegroeid.
En zo is ook het leven zelf ontstaan. Uit vorige stukken blijkt dat het absoluut niet apart gecreëerd hoeft te zijn. Het kan best ontstaan zijn uit levenloze stof. Eenmaal de omgeving complex genoeg is kan er emergentie ontstaan, wat een kenmerk van leven is. Er moet alleen tijd genoeg zijn. Tijd om uit simpele dingen complexe structuren te bouwen. Maar tijd was er genoeg in de evolutie.
Intelligentie blijkt ook niet iets wat centraal, laat staan van boven, tot stand komt.
Intelligentie is juist een zaak van eenvoudige perceptie-actie koppelingen die samen complex gedrag voortbrengen. Intelligentie bevindt zich niet tussen de oren, maar is een zaak van voortdurende interactie tussen brein, lichaam en wereld.
En ook bewustzijn kan gegroeid zijn volgens gelijkaardige principes.
En zo is ook het leven zelf ontstaan. Uit vorige stukken blijkt dat het absoluut niet apart gecreëerd hoeft te zijn. Het kan best ontstaan zijn uit levenloze stof. Eenmaal de omgeving complex genoeg is kan er emergentie ontstaan, wat een kenmerk van leven is. Er moet alleen tijd genoeg zijn. Tijd om uit simpele dingen complexe structuren te bouwen. Maar tijd was er genoeg in de evolutie.
Intelligentie blijkt ook niet iets wat centraal, laat staan van boven, tot stand komt.
Intelligentie is juist een zaak van eenvoudige perceptie-actie koppelingen die samen complex gedrag voortbrengen. Intelligentie bevindt zich niet tussen de oren, maar is een zaak van voortdurende interactie tussen brein, lichaam en wereld.
En ook bewustzijn kan gegroeid zijn volgens gelijkaardige principes.
-
janx - Lid geworden op: 02 okt 2008, 19:52
Het gaat er niet om alles van tevoren te weten. Het gaat erom ervaringen op te kunnen doen.
En die geest is waarschijnlijk in de eerste plaats adaptief, een instrument tot aanpassing aan de steeds wisselende omgeving. Overleving dus. Ons huidige brein vertoont in zijn dagelijkse werking nog steeds bij grote voorrang deze kenmerken. Redeneervermogen, nadenken is slechts later gekomen. Uit het simpele is meer complexe intelligentie gegroeid.
In feite is dit grotendeels juist. De mens heeft al deze stappen doolopen om te komen dat wat deze nu is. Enkel de bouwstenen zijn anders en de drive. Die drive is wat ik leven noem, en beslist geen dode stof. Hierin zijn we verschilend cappa.Intelligentie blijkt ook niet iets wat centraal, laat staan van boven, tot stand komt.
Intelligentie is juist een zaak van eenvoudige perceptie-actie koppelingen die samen complex gedrag voortbrengen. Intelligentie bevindt zich niet tussen de oren, maar is een zaak van voortdurende interactie tussen brein, lichaam en wereld.
Alles is Één en die Éne is Alles.
-
Wil. - Lid geworden op: 15 nov 2005, 19:41
Nog eentje erbij.cappa schreef:Zen.wil schreef:Een prachtig, diepgaand antwoord...
Je bent weer aan het eind van je bobijntje, Cappa. Zodra er bedenkingen worden naar voor gebracht die buiten je hobby "knippen - plakken" vallen, dan komen de 'schrandere opmerkingen' boven.
De inhoud blijft pijnlijk afwezig. Je bent vervallen tot de drieletterwoordjes. Het schiet me net te binnen dat jij onlangs nog iemand vergeleek met een jongetje dat durfde 'PIS' roepen. Ook drie lettertjes, Cappa.
Als je goed nadenkt ken je er vast nog wel een paar. Je hebt het in je.

pSorry, hoor, dat ik je beledigd heb; ik had moeten liegen.-
Zondervrees - Lid geworden op: 04 jul 2010, 22:00
Wil., je verpest elke discussie door je stokpaardje er bij te slepen. Terwijl je zelfs weigert dat stomme beest, die 'vrije wil' van je, te definiëren.Wil. schreef:En ook vrije wil.
Ni Dieu, Ni Maître