Anekdotes...
-
zandmannetje - Lid geworden op: 02 feb 2003, 23:15
- Locatie: Het land met meer ministers dan inwoners
Door een zelfanalyse te maken, kom ik tot het besef een gespleten persoonlijkheid te hebben. Er huizen als het ware twee verschillende individuen onder één schedelpan bij mij.
Wanneer ik met mijn auto rijd, ben ik doorgaans heel rustig, dikwijls zelfs voorkomend op de weg.
Als de een of andere laagvlieger mij voorbijzoeft, zie ik daar geen graten in. Hoogstens slijkspatten op de voorruit, als het geregend heeft.
“Vlieg er maar op los jong” zeg ik dan bij mezelve “vroeg of laat breekt het je toch zuur op”
Maar niet zodra ik op de fiets stap, dan word ik plots een ander persoon. Dan kan ik niet verdragen dat ik door een andere fietser voorbijgestoken word, dan beginnen er onvermoede processen te werken in mijn binnenste, dan komen er oerinstincten bovendrijven en begin ik te koersen. Deze afwijking heb ik reeds van toen ik nog zeer jong was.
Al is mijn huidige fiets niet om over naar huis te schrijven, het is de oude fiets van mijn echtgenote.
Toen ikzelf nog in het bezit was van een lichtgewicht toeristenfietsje met dunne bandjes en 21 versnellingen, keek ik smalend neer op haar fiets. Die is meer van het zware kaliber, met slechts 3 versnellingen die dan soms nog haperen.
Maar toen mijn fiets die amper 6 maanden oud was gepikt werd op de Antwerpse Groenplaats, (moge de dief gestraft worden met alle mogelijke kwalen, waaronder de pest, de pokken, aids, kinkhoest, delirium tremens, een snotvalling en melaatsheid, met malaria en het vliegende diarree,) toen veranderde ik mijn ingesteldheid.
Ik vertikte het om een nieuwe te kopen, konden ze die ook weer pikken zekers!
Ik zou voortaan mijn verplaatsingen in de stad en omliggende wel maken met het openbaar vervoer, dat was tenslotte gratis dank zij de gouverneur van Limburg.
Maar als je anderhalf uur onderweg bent voor een verplaatsing die je met de fiets op een half uurtje afhaspelt, ben je toch weer geneigd naar dat tweewielig vehikel te grijpen. Gisteren was het weer van dattem. Ik moest aan de andere kant van de stad zijn, ik had alle tijd van de wereld, het was een mooi weertje, en toch bekaf thuiskomen, met trillende benen en glazige blik.
Of het nu een tiener is of een twintiger die me voorbijsteekt, ik kan het niet hebben hé!!!
Zou ik misschien met Epo…
Eigenlijk wou ik een moraal vastknopen aan dit verhaal, maar ik ben vergeten dewelke…
Och ja, het was een raad aan die stommeriken die tegenwoordig die nieuwe rage bedrijven, het autoracen op de openbare weg, daarbij hun eigen leven (wat uiteraard niet belangrijk is) maar ook dat van andere mensen in gevaar brengende. Zet uw auto aan de kant stomme hufters, en hou die race met de fiets. Geeft veel meer voldoening als je daarmee de winnaar bent!
Wanneer ik met mijn auto rijd, ben ik doorgaans heel rustig, dikwijls zelfs voorkomend op de weg.
Als de een of andere laagvlieger mij voorbijzoeft, zie ik daar geen graten in. Hoogstens slijkspatten op de voorruit, als het geregend heeft.
“Vlieg er maar op los jong” zeg ik dan bij mezelve “vroeg of laat breekt het je toch zuur op”
Maar niet zodra ik op de fiets stap, dan word ik plots een ander persoon. Dan kan ik niet verdragen dat ik door een andere fietser voorbijgestoken word, dan beginnen er onvermoede processen te werken in mijn binnenste, dan komen er oerinstincten bovendrijven en begin ik te koersen. Deze afwijking heb ik reeds van toen ik nog zeer jong was.
Al is mijn huidige fiets niet om over naar huis te schrijven, het is de oude fiets van mijn echtgenote.
Toen ikzelf nog in het bezit was van een lichtgewicht toeristenfietsje met dunne bandjes en 21 versnellingen, keek ik smalend neer op haar fiets. Die is meer van het zware kaliber, met slechts 3 versnellingen die dan soms nog haperen.
Maar toen mijn fiets die amper 6 maanden oud was gepikt werd op de Antwerpse Groenplaats, (moge de dief gestraft worden met alle mogelijke kwalen, waaronder de pest, de pokken, aids, kinkhoest, delirium tremens, een snotvalling en melaatsheid, met malaria en het vliegende diarree,) toen veranderde ik mijn ingesteldheid.
Ik vertikte het om een nieuwe te kopen, konden ze die ook weer pikken zekers!
Ik zou voortaan mijn verplaatsingen in de stad en omliggende wel maken met het openbaar vervoer, dat was tenslotte gratis dank zij de gouverneur van Limburg.
Maar als je anderhalf uur onderweg bent voor een verplaatsing die je met de fiets op een half uurtje afhaspelt, ben je toch weer geneigd naar dat tweewielig vehikel te grijpen. Gisteren was het weer van dattem. Ik moest aan de andere kant van de stad zijn, ik had alle tijd van de wereld, het was een mooi weertje, en toch bekaf thuiskomen, met trillende benen en glazige blik.
Of het nu een tiener is of een twintiger die me voorbijsteekt, ik kan het niet hebben hé!!!
Zou ik misschien met Epo…
Eigenlijk wou ik een moraal vastknopen aan dit verhaal, maar ik ben vergeten dewelke…
Och ja, het was een raad aan die stommeriken die tegenwoordig die nieuwe rage bedrijven, het autoracen op de openbare weg, daarbij hun eigen leven (wat uiteraard niet belangrijk is) maar ook dat van andere mensen in gevaar brengende. Zet uw auto aan de kant stomme hufters, en hou die race met de fiets. Geeft veel meer voldoening als je daarmee de winnaar bent!
Zo, dat was het dan.
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
-
Gast
Zandmannetje je moet niet denken dat ik veel van wielrennen afweet hoor, voor mij zijn alle fietsers wieltrenners omdat ik het zelf niet goed kan, nooit goed gekund trouwens, en zelfs nooit een eigen fiets gehad. Ik had er geen behoefte aan omdat ik liever liep.
Nu efkens over die Epo. Als ik goed gehoord heb zijn de fietsmensen al een heel stuk verder gevorderd. Bloedtransfusies, zuurstoftenten enz.is al oude koek.
Onlangs vroeg een reporter aan een koereur of hij goed ging rijden vandaag, waarop de man tot mijn verbazing antwoordde:"Als ik goede benen vind".
Zijn die mannen al aan ledematentransplantatie toe???
Nu efkens over die Epo. Als ik goed gehoord heb zijn de fietsmensen al een heel stuk verder gevorderd. Bloedtransfusies, zuurstoftenten enz.is al oude koek.
Onlangs vroeg een reporter aan een koereur of hij goed ging rijden vandaag, waarop de man tot mijn verbazing antwoordde:"Als ik goede benen vind".
Zijn die mannen al aan ledematentransplantatie toe???
-
Gast
Wie even de batterijen wil bijladen, zou ik aanraden om naar het Zuurkoolland (Sauerland) te trekken. De omgeving is door sprookjesachtige bossen en majestueuze bergen omringd. De schoonheid van ‘Het Land der Duizend Bergen’ is dan ook een goede uitvalsbasis om even op adem te komen. Wie zou niet eventjes in het hartje van het Sauerland, omringd door uitgestrekte bossen en een werelds uitzicht op de hoogste berg van het Sauerland: de Kahler Asten, willen vertoeven om tot rust te komen? Rust, gezelligheid en charme, ver weg van de alledaagse drukte, een prachtig oord! Bij mooi weer kun je ergens op een terras van een ‘Biergarten’ een fris biertje of koffie/thee drinken en wanneer het weer buiten niet zonnig is, mag je je in een solarium op enkele ontspannende en warme ogenblikken trakteren. Tijdens de winter en als er uiteraard sneeuw ligt, kun je in de buurt skiën en langlaufen maar daar zijn we dus niet voor naar ginder getrokken deze keer. De latten die hebben we al een tijdje keurig opgeborgen, de skibox ging niet mee. We zouden er wandelen en onze voeten tot het uiterste pijnigen, het zaaggerief lieten we dan ook thuis onaangeroerd. Zoonlief, die in zijn eindexamens zat, kreeg het kot voor zich alleen met zijn sprookjesprinses, die soap is al bekend.
De binnenstad van ‘Alter Flecken’ werd met onze ervaren gidse eerst aangedaan. Zij toonde ons tijdens de gezellige wandeling door de romantische straatjes allerhande historische en eigentijdse wetenswaardigheden. Bij deze wandeling hoorde ook een bezichtiging van de oude evangelische kerk waarna de tocht eindigde in het kuurpark, vanwaar je een prachtig uitzicht hebt op de schilderachtige binnenstad.
Aan de voet van de Kahle Asten, die de ‘vader der Bergen’ wordt genoemd kan je genieten van een bekoorlijk uitzicht over de weidse omgeving en de heidevelden. Of je nu in de zomer of in de winter daar wilt sport beoefenen, het maakt niet uit, je bent er in alle tijden thuis in het Paradijs of Eden. Je ademt er diep de reine lucht in, je leeft op en speelt weer, je voelt je opnieuw dol en vrolijk, je maakt een duik in het Lagunenpark, laat het je allemaal welgevallen en blijft daarbij gezond, wat wil een mens nog meer hebben buiten seks!
De bekoring van diepgroene naaldwouden en pittoreske stadjes met authentieke vakwerkhuizen, die konden we niet weerstaan, zo ook de winkelstraatjes met hun boetiekjes en niet te vergeten de vele restaurants. Degene die niet houdt van winkelen die heeft er mogelijkheden zat om zijn cultuur bij te schaven. Het gat in zijn cultuur zal vlug zijn gading vinden, men heeft er excursiemogelijkheden genoeg. Zo kan men onderanderen een bezoek brengen aan het middeleeuwse Bad Berleburg met het goed bewaarde slot. Wie geen kastelentripper is kan nog altijd terugvallen op de prachtige flora en fauna langs het stuwmeer in het natuurpark van Diemelsee. Je kan je laten verleiden door het ommuurde centrum van het vestingstadje Korbach of een stijve nek oplopen door de Atte-Höhle druipsteengrotten te vereren met een bezoek. Een tocht om nooit te vergeten is zeker de grote Sauerland natuurrondrit! Het Panoramapark met als thema: haar mooie vergezichten en het stuwmeer, de Biggesee. Kortom, Winterberg is niet alleen in de winter goddelijk maar ook in de zomer om te aanschouwen en zijn kruit te verschieten!
Wie niet genoeg krijgt van gesloten mijnen, kan nog altijd terugvallen op het originele mijnspoor in het Ertsmijnbouwmuseum. Getooid naar de laatste mode met helm en kiel kan je een toerke maken anderhalve kilometer ver de mijn in. Het neusje van de zalm blijft natuurlijk de machtige skischans zelf. Boven op de schans kan je uren ver over Winterberg kijken en je een gedacht maken hoe de durvers hier naar beneden zonder schroom glijden alsof het een makkie is. Geef mij dan maar een aardbeiencoupe met een toefje slagroom erboven op en een kannetje koffie.
De binnenstad van ‘Alter Flecken’ werd met onze ervaren gidse eerst aangedaan. Zij toonde ons tijdens de gezellige wandeling door de romantische straatjes allerhande historische en eigentijdse wetenswaardigheden. Bij deze wandeling hoorde ook een bezichtiging van de oude evangelische kerk waarna de tocht eindigde in het kuurpark, vanwaar je een prachtig uitzicht hebt op de schilderachtige binnenstad.
Aan de voet van de Kahle Asten, die de ‘vader der Bergen’ wordt genoemd kan je genieten van een bekoorlijk uitzicht over de weidse omgeving en de heidevelden. Of je nu in de zomer of in de winter daar wilt sport beoefenen, het maakt niet uit, je bent er in alle tijden thuis in het Paradijs of Eden. Je ademt er diep de reine lucht in, je leeft op en speelt weer, je voelt je opnieuw dol en vrolijk, je maakt een duik in het Lagunenpark, laat het je allemaal welgevallen en blijft daarbij gezond, wat wil een mens nog meer hebben buiten seks!
De bekoring van diepgroene naaldwouden en pittoreske stadjes met authentieke vakwerkhuizen, die konden we niet weerstaan, zo ook de winkelstraatjes met hun boetiekjes en niet te vergeten de vele restaurants. Degene die niet houdt van winkelen die heeft er mogelijkheden zat om zijn cultuur bij te schaven. Het gat in zijn cultuur zal vlug zijn gading vinden, men heeft er excursiemogelijkheden genoeg. Zo kan men onderanderen een bezoek brengen aan het middeleeuwse Bad Berleburg met het goed bewaarde slot. Wie geen kastelentripper is kan nog altijd terugvallen op de prachtige flora en fauna langs het stuwmeer in het natuurpark van Diemelsee. Je kan je laten verleiden door het ommuurde centrum van het vestingstadje Korbach of een stijve nek oplopen door de Atte-Höhle druipsteengrotten te vereren met een bezoek. Een tocht om nooit te vergeten is zeker de grote Sauerland natuurrondrit! Het Panoramapark met als thema: haar mooie vergezichten en het stuwmeer, de Biggesee. Kortom, Winterberg is niet alleen in de winter goddelijk maar ook in de zomer om te aanschouwen en zijn kruit te verschieten!
Wie niet genoeg krijgt van gesloten mijnen, kan nog altijd terugvallen op het originele mijnspoor in het Ertsmijnbouwmuseum. Getooid naar de laatste mode met helm en kiel kan je een toerke maken anderhalve kilometer ver de mijn in. Het neusje van de zalm blijft natuurlijk de machtige skischans zelf. Boven op de schans kan je uren ver over Winterberg kijken en je een gedacht maken hoe de durvers hier naar beneden zonder schroom glijden alsof het een makkie is. Geef mij dan maar een aardbeiencoupe met een toefje slagroom erboven op en een kannetje koffie.
-
zandmannetje - Lid geworden op: 02 feb 2003, 23:15
- Locatie: Het land met meer ministers dan inwoners
Mijn zoon, schoondochter en mijn kleinzoon vertrekken binnen enkele dagen op verlof naar het buitenland, en mijn kleinzoon is op de ouderdom gekomen om een ECHTE identiteitskaart te hebben. Ten dien einde dient mijn schoondochter zich aan bij het gemeentehuis.
De vrouwelijke ambtenaar van dienst " Hebt gij dat kinderpasje bij van de kleine, mevrouw? Dat hebben wij nodig zulle!"
Neen dus, dat betekent voor mijn schoondochter de volgende dag terug naar het gemeentehuis, met het pasje deze maal . Weer aanschuiven, ditmaal zit een mannelijk exemplaar achter het loket.
"Meneer het was voor een identiteitskaart voor mijn zoontje, hier is dat vorige pasje van de kleine!"
De ambtenaar "Gooi dat pasje maar in de vuilbak mevrouwtje, of hou het bij als souvenir, WIJ hebben dat niet nodig!"
En ze krijgt een officiële I.D.kaart voor haar zoon zonder boe of ba...
Typisch Belgisch?
De vrouwelijke ambtenaar van dienst " Hebt gij dat kinderpasje bij van de kleine, mevrouw? Dat hebben wij nodig zulle!"
Neen dus, dat betekent voor mijn schoondochter de volgende dag terug naar het gemeentehuis, met het pasje deze maal . Weer aanschuiven, ditmaal zit een mannelijk exemplaar achter het loket.
"Meneer het was voor een identiteitskaart voor mijn zoontje, hier is dat vorige pasje van de kleine!"
De ambtenaar "Gooi dat pasje maar in de vuilbak mevrouwtje, of hou het bij als souvenir, WIJ hebben dat niet nodig!"
En ze krijgt een officiële I.D.kaart voor haar zoon zonder boe of ba...
Typisch Belgisch?
Zo, dat was het dan.
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
-
Gast
Na lang aarzelen heb ik besloten volgende echt gebeurde administratieve miskleun toch te plaatsen.
In de tijd dat de goede oude Belgische frank nog bestond kreeg ik van de fiscus, aangetekend , een verwittiging dat er in mijn aangifte een formulier ontbrak en dat ze dit graag zo snel mogelijk wilden hebben.
Vermits ze zelf in hun brief gedetailleerde opgave met bedrag gedaan hadden van het betreffende formulier, vond ik het voldoende hun aangetekend te schrijven dat ze reeds over alle gegevens beschikten en dat ik akkoord ging met hun zienswijze, en dat ik het ontbrekende bedrag direkt overgeschreven had (met bewijs van betaling erbij).
Enkele dagen later krijg ik terug een aangetekend schrijven van de fiscus.
Blijkbaar waren ze tevreden met mijn prompte regeling, maar gezien tussen de dag dat ik de hoofsom moest betalen en de uiteindelijke afrekening van het saldo een bepaalde tijd verstreken was rekenden ze me de volgende interesten aan enz. enz.
Daar had ik nu een heel zwaar probleem mee zie.
Ik terug in mijn pen gekropen om (aangetekend) te vragen of het mogelijk was mijn openstaande interestschuld af te betalen.
Tot mijn verbazing kreeg ik (weer aangetekend) de toestemming om mijn schuld af te lossen in 4 schijven.
Dit heb ik dan ook gedaan en per gewone post heb ik de brave ambtenaar bedankt voor zijn begrip en medeleven.
Waar zit nu de clou??????????
De interestnota van de fiscus bedroeg:.........8 FRANK.
In de tijd dat de goede oude Belgische frank nog bestond kreeg ik van de fiscus, aangetekend , een verwittiging dat er in mijn aangifte een formulier ontbrak en dat ze dit graag zo snel mogelijk wilden hebben.
Vermits ze zelf in hun brief gedetailleerde opgave met bedrag gedaan hadden van het betreffende formulier, vond ik het voldoende hun aangetekend te schrijven dat ze reeds over alle gegevens beschikten en dat ik akkoord ging met hun zienswijze, en dat ik het ontbrekende bedrag direkt overgeschreven had (met bewijs van betaling erbij).
Enkele dagen later krijg ik terug een aangetekend schrijven van de fiscus.
Blijkbaar waren ze tevreden met mijn prompte regeling, maar gezien tussen de dag dat ik de hoofsom moest betalen en de uiteindelijke afrekening van het saldo een bepaalde tijd verstreken was rekenden ze me de volgende interesten aan enz. enz.
Daar had ik nu een heel zwaar probleem mee zie.
Ik terug in mijn pen gekropen om (aangetekend) te vragen of het mogelijk was mijn openstaande interestschuld af te betalen.
Tot mijn verbazing kreeg ik (weer aangetekend) de toestemming om mijn schuld af te lossen in 4 schijven.
Dit heb ik dan ook gedaan en per gewone post heb ik de brave ambtenaar bedankt voor zijn begrip en medeleven.
Waar zit nu de clou??????????
De interestnota van de fiscus bedroeg:.........8 FRANK.
-
Gast
kwezel schreef:, Geef mij dan maar een aardbeiencoupe met een toefje slagroom erboven op en een kannetje koffie.
Meer moet dat niet zijn Kwezel, ik zou zelfs meer zeggen. Meer moet dat niet zijn.
-
Gast
Wat is er prettiger dan met je eigen fiets erop uit te trekken? Je zinnen verzetten, eventjes je gedachten op nul terugdraaien, gewoon langs rivieren trappelen en natuurlijk een klein beetje genieten van het voorbijvliedende landschap. Ieder vrij weekend kiezen we dan ook het hazenpad, niet alleen in vrije weekends maar ook door de week, laat ik me verleiden om dat stalen ros te gebruiken. Als het zonneke dan nog van de partij wil zijn, zijn we de koning te rijk. Fietsen door berg en dal, langs kastelen en kerken, het kan allemaal op zo’n dag. Zondag zijn we naar Vaals gefietst, een heerlijke tocht is dat, moeten jullie beslist ook eens doen. Wie geen fietsfanaat is, kan nog altijd met de auto er geraken, de weg is maar even ver. Als je de Maas in Maasmechelen (Kotem) oversteekt kom je ook over het Julianakanaal. Het kanaal is bevaarbaar (anders was het geen kanaal) en grote plezierboten juichen je toe bij het overfietsen. De streek is enorm boeiend om erdoor te peddelen tegen een sappig tempo. Zo kronkel je mee door Meerssen en Houtem naar Oud-Valkenburg. Wil je niet over de Maasberg je benen vernielen, kan je nog gewoon door het veld gaan. Je fietst tussen de blauwe korenbloemen met aan je rechterzijde het grote kanaal dat je de weg wijst en aanmoedigt om eventjes op adem te komen langs de dijk. Valkenburg zelf heeft de beroemde en de beruchte Cauberg op haar naam staan. Maar men hoeft zich niet te pijnigen, er zijn genoeg toeristische plekken, iedereen vindt er wel zijn gading. Een rondwandeling door de oude stad is op zichzelf al alleen de moeite om naar daar te trekken. Af en toe kan je in het reuzenrad over de Maasstreek kijken en wie kinderen bij heeft, kan zich vermaken in de Valkenier. Wie toch van een uitdaging houdt en niet bang is om zijn benen te gebruiken, kan naar Gulpen waarna de weg je leidt naar Vaals. Gulpen neemt op toeristisch gebied een bijzondere plaats in en dat is niet alleen vanwege zijn ligging in het stroomgebied van de Geul en de Gulp! Ten noorden van Gulpen ligt Wijlre. Alleen de aanblik van het dorp wordt al meer dan honderd jaar mede bepaald door de oude Brand-Bierbrouwerij. In de glimmende koperen ketels die je vanaf de straat in de brouwerij kunt zien staan, laat men het gerstemout gisten, samen met o.a. hop, gist en water. Vlakbij het centrum ligt bovendien het in de 17e eeuw gebouwde kasteel Wijlre. De carrévormige binnenplaats met keibestrating dateert uit de 18e eeuw. De watermolen, een unieke onderslagmolen bepaalt mede het straatbeeld van Wijlre. De topper is en blijft het Drielandenpunt. Wil je er geraken, moet je flink in je kuiten bijten en wie niet op tijd schakelt zit in het verkeerde verzet. Hier krijg je de kans om je kleinste blad aan je trapas te gebruiken, tenminste als je een trippel hebt. De glooiingen door Wittem en Vaals geven je een adembenemend vérgezicht.en wie niet genoeg krijgt van de vele prachtige afdalingen die je midden in het historische Vaals doen belanden, kan nog naar de kermis zich te goed doen. Het Drielandenknooppunt waar je met één wiel in Duitsland en met een ander in Nederland staat, biedt een panoramisch romantisch overzicht. Je geraakt er zo verliefd op en wenst dat je er kon verblijven voor een tijdje. Hier laat iedereen zijn zorgen eventjes aan de kant, men ademt er pure nostalgie in. Degene die denkt dat hij niet kan fietsen en dat hij liever er zou rondwandelen, dat kan tot in het oneindige. Laat je echter niet verrassen in het labyrint dat onderweg spuitende fonteinen heeft staan om de bezoekers aangenaam te verkoelen. Enfin, wie zich verveeld onder het ‘groot verlof’ en de zorg heeft voor kleinkinderen, kan nog altijd een daguitstap maken naar die oude omgeving. Voor ieder wat wils, enne blijf er niet rondhangen, keer op tijd terug over Simpelveld.dat je zo weer opnieuw doet belanden in Oud-Valkenburg. 
-
telloorlekker - Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46
Ik geef Piet het nakijken... waarom hij een optrekje in Les Vans gekozen heeft om zijn culinaire bekkentrekkerij te verkondigen ? Maar eerlijk is eerlijk; het hééft gesmaakt, en toegegeven ... nergens heb ik dergelijke kwaliteit van Franse en Belgische mengelmoes mogen waarderen. Le Lutin Gourmand is een uitstekend typisch zuiders optrekje dat slechts een 40 tal gasten kan ontvangen, en dat ontvangt het ook... vier dagen in de week. De overige dagen is Piet moe... Naar eigen zeggen is hij daar naartoe getrokken om in de zomermaanden rust te nemen, slechts voor een zevental gasten te koken; wat volgens hém al voldoende was om rond te komen. Nu dwijlt hij daar de running af voor al die Van's uit Belgie; Van Avermaet's, Van Steenbergen's, Van Bergen's, Van Tourenhout's e.v.a. "vans". Toevallig niet mijn familienaam. Het spellen bij de reserveringen hield datzelfde risico in als wat Fransen met zijn naam aanknoeien. Maisontruite, Huisentruit, Huy... (ik stop maar, want de ellenlange mogelijkheid overschreidt de volgorde en aantal van zijn menu's) En áls je daar niet voorafgaandelijk reserveert kom je er niet in, zelfs niet als er slechts één tafeltje onbenut in een hoekje wordt gedrumd. De master himself overloopt eigenhandig alle ingeschreven namen en, sta je er niet op vermeld kom je er niet in zelfs al noem je Montgommery of Tuysentfloot. Zelf ondervonden; dan mocht hij nog zijn RR stallen tegenover die uitbating, die dikke nek kon later nog wel eens terugkomen. Piet is niet om te kopen, ook al heb je een dikke beurs. Het extra groene briefje heeft hij beleefd afgewimpeld, en die gedistingueerde heer met een druilgezicht afgedropen terug in zijn Engels statussymbool op zoek naar een andere eetgelegenheid.
Eigenlijk spijtig dat het zo ver is, en dat zijn menu's zo prijzig zijn... je zou, in de tijdspanne dat je ginder op verlof gaat, je hele budget erdoor souperen als je vier dagen na mekaar van zijn culinair genot zou willen proeven...
TLL
Eigenlijk spijtig dat het zo ver is, en dat zijn menu's zo prijzig zijn... je zou, in de tijdspanne dat je ginder op verlof gaat, je hele budget erdoor souperen als je vier dagen na mekaar van zijn culinair genot zou willen proeven...
TLL
-
Gast
De tijd dat de kinderen klein waren en ons aanzagen als hun God, die ligt al heel ver achter ons. Ooit had ik eens een discussie met de zonen, een levensprobleem dat dringend zou besproken worden. Het leek wel alsof ik aanvoelde dat ze met prangende vragen zaten te sukkelen en er toch maar niet mee voor de dag wilde komen. Je moet kinderen nu eenmaal niet dwingen om hun verhaal te doen, je moet ze tijd laten om zelf naar je toe te komen met hun vragen. Maar als de baksteen te zwaar op hun maag wordt, kan men ze ook aanmoedigen om hun ding te vertellen.
De oudste kwam schoorvoetend een paar keer voorbij me geslenterd terwijl de jongste met argusogen dit alles gadesloeg. In eerste instantie dacht ik van: die willen iets te weten komen over de zoemende bijen en de witte bloemkolen, of over de ooivaar die alsmaar vaker neerstreek in de familie. Ik had al vele herinneringswoorden in mijn gedachten vastgelegd zoals: maar jongen toch,… kijk zoon… en dan kwam ik op het lumineus idee, dat is een klus voor de vader. Als de jongens voorlichting willen, dan is de vader de aangewezen persoon daarvoor. Hij zou ze het wel kunnen vertellen waar de bloemkool symbool voor stond en dat ooievaars maar doodgewone vogels waren en zelfs hun nest maar bouwden op fabrieksschouwen. Mijn motto is nog altijd: weer kinderen niet af en laat ze schaamteloos hun lichaam ontdekken. Zeg niet dat ze ergens niet aan mogen komen alsof dat vies is of beschamend. Benoem alles als vanzelfsprekend, je noemt je neus toch ook je neus en niet anders. Aan jongens voorlichting geven lijkt mij moeilijker dan aan meisjes, maar als je geen meisjes hebt en je altijd jongens om je heen gehad hebt, lijkt het me evident dat we ons ook hier een inspraak verschaffen. Daarnaast gaat seksuele voorlichting ook over liefde, verliefd zijn, houden van en respect hebben voor elkaars grenzen. Ook het omgaan met het eigen lichaam en eigen gevoelens is iets waar nu al over gesproken kon worden.
“Kom eens hier mijn zoon,”zei ik , “wat bedrukt je zo. Je lijkt wel een schilderij waar ik een naar tafereel zie opstaan. Komaan, vuur die vragen maar af, iemand van ons twee zal ze wel kunnen beantwoorden.”
“Het is niet dat wat je bedoelt,” antwoordde hij een beetje verlegen. “Die stomme bloemkolen vanuit de diepvries en over dat geneukt tussen grote mensen, dat hebben ze ons al lang in de school uitgelegd. Over condooms en drugsgebruik, preventie en Pauskwesties daar heeft de leraar Biologie al meerdere lessen over versleten, dat is het niet.”
“Oei,” dacht ik, ”nu gaan we het krijgen, wat zou er nu weer schelen? Zou hij niet graag meer naar school gaan,” schoolmoeheid dat stond bovenaan in zijn agenda.
Ineens vuurde hij dan toch maar de kwellende vragen af die hem zolang bezighielden. “Mam, wat is scheiden, waarom scheiden de mensen en wat gebeurt er dan met de kinderen? Worden die ook gescheiden en waarom zijn jullie niet gescheiden?”
Veel had ik wel verwacht maar zoiets, hier stond ik eventjes perplex met een volle mond, ik had weer al mijn tanden terug.
“Tja jongen, dat is een moeilijke vraag, waarom bedrukt je dat zo?”
Hij noemde wel negen namen op waarvan de kinderen leefden in een gescheiden gezin. Denkelijk was hij er bang voor, om in een nieuw gezin terecht te komen, bang voor de toekomst. Maar ik verzekerde hem dat het nog niet zo ver was bij ons, het liep nog allemaal prima. Weliswaar werden de gemoederen al eens verhit, maar dat duurde niet lang. Mensen moeten met elkander kunnen praten, elkaar een beetje loslaten, gewoon er zijn voor elkaar. Als het niet meer gaat en men begint elkaar verwijten naar de kop te slingeren, dan is het beter dat ze uit elkaar gaan en elders opnieuw beginnen. Het voornaamste is: als er nog een sprankeltje liefde is, zal het wel niet zo een vaart lopen. Dit deed hem wellicht herademen en hij dook met een flinke sprong terug het zwembad in. Het moeder-zoon gesprek deed hem alleszins deugd. De jongste kon blijkbaar ook niet zijn vraag inslikken, die vuurde ook met een grote levensvraag. “Mam, ben ik geadopteerd,” vroeg hij en hij was blij dat hij onmiddellijk kort op de bal speelde.
“Neen mijn jongen, je bent ons eigen vlees en bloed. Trouwens, kijk eens in de spiegel, dan zie je je vader staan.” Met een diepe zucht alsof een loodzware steen van zijn klein hartje viel, sprong ook hij als een wilde poema in het zwembad. Van kinderkwesties gesproken! Je wordt ouder als je het nu wil of niet, de kinderen laten je eraan denken.
De oudste kwam schoorvoetend een paar keer voorbij me geslenterd terwijl de jongste met argusogen dit alles gadesloeg. In eerste instantie dacht ik van: die willen iets te weten komen over de zoemende bijen en de witte bloemkolen, of over de ooivaar die alsmaar vaker neerstreek in de familie. Ik had al vele herinneringswoorden in mijn gedachten vastgelegd zoals: maar jongen toch,… kijk zoon… en dan kwam ik op het lumineus idee, dat is een klus voor de vader. Als de jongens voorlichting willen, dan is de vader de aangewezen persoon daarvoor. Hij zou ze het wel kunnen vertellen waar de bloemkool symbool voor stond en dat ooievaars maar doodgewone vogels waren en zelfs hun nest maar bouwden op fabrieksschouwen. Mijn motto is nog altijd: weer kinderen niet af en laat ze schaamteloos hun lichaam ontdekken. Zeg niet dat ze ergens niet aan mogen komen alsof dat vies is of beschamend. Benoem alles als vanzelfsprekend, je noemt je neus toch ook je neus en niet anders. Aan jongens voorlichting geven lijkt mij moeilijker dan aan meisjes, maar als je geen meisjes hebt en je altijd jongens om je heen gehad hebt, lijkt het me evident dat we ons ook hier een inspraak verschaffen. Daarnaast gaat seksuele voorlichting ook over liefde, verliefd zijn, houden van en respect hebben voor elkaars grenzen. Ook het omgaan met het eigen lichaam en eigen gevoelens is iets waar nu al over gesproken kon worden.
“Kom eens hier mijn zoon,”zei ik , “wat bedrukt je zo. Je lijkt wel een schilderij waar ik een naar tafereel zie opstaan. Komaan, vuur die vragen maar af, iemand van ons twee zal ze wel kunnen beantwoorden.”
“Het is niet dat wat je bedoelt,” antwoordde hij een beetje verlegen. “Die stomme bloemkolen vanuit de diepvries en over dat geneukt tussen grote mensen, dat hebben ze ons al lang in de school uitgelegd. Over condooms en drugsgebruik, preventie en Pauskwesties daar heeft de leraar Biologie al meerdere lessen over versleten, dat is het niet.”
“Oei,” dacht ik, ”nu gaan we het krijgen, wat zou er nu weer schelen? Zou hij niet graag meer naar school gaan,” schoolmoeheid dat stond bovenaan in zijn agenda.
Ineens vuurde hij dan toch maar de kwellende vragen af die hem zolang bezighielden. “Mam, wat is scheiden, waarom scheiden de mensen en wat gebeurt er dan met de kinderen? Worden die ook gescheiden en waarom zijn jullie niet gescheiden?”
Veel had ik wel verwacht maar zoiets, hier stond ik eventjes perplex met een volle mond, ik had weer al mijn tanden terug.
“Tja jongen, dat is een moeilijke vraag, waarom bedrukt je dat zo?”
Hij noemde wel negen namen op waarvan de kinderen leefden in een gescheiden gezin. Denkelijk was hij er bang voor, om in een nieuw gezin terecht te komen, bang voor de toekomst. Maar ik verzekerde hem dat het nog niet zo ver was bij ons, het liep nog allemaal prima. Weliswaar werden de gemoederen al eens verhit, maar dat duurde niet lang. Mensen moeten met elkander kunnen praten, elkaar een beetje loslaten, gewoon er zijn voor elkaar. Als het niet meer gaat en men begint elkaar verwijten naar de kop te slingeren, dan is het beter dat ze uit elkaar gaan en elders opnieuw beginnen. Het voornaamste is: als er nog een sprankeltje liefde is, zal het wel niet zo een vaart lopen. Dit deed hem wellicht herademen en hij dook met een flinke sprong terug het zwembad in. Het moeder-zoon gesprek deed hem alleszins deugd. De jongste kon blijkbaar ook niet zijn vraag inslikken, die vuurde ook met een grote levensvraag. “Mam, ben ik geadopteerd,” vroeg hij en hij was blij dat hij onmiddellijk kort op de bal speelde.
“Neen mijn jongen, je bent ons eigen vlees en bloed. Trouwens, kijk eens in de spiegel, dan zie je je vader staan.” Met een diepe zucht alsof een loodzware steen van zijn klein hartje viel, sprong ook hij als een wilde poema in het zwembad. Van kinderkwesties gesproken! Je wordt ouder als je het nu wil of niet, de kinderen laten je eraan denken.
-
zandmannetje - Lid geworden op: 02 feb 2003, 23:15
- Locatie: Het land met meer ministers dan inwoners
Wanneer je net als ik een kruiswoordraadselfreak bent, weet je dat in de Nederlandse taal heel veel woorden bestaan met een dubbele betekenis. Hierna volgen er enkele die wel eens voor verwarring zorgen.
Is dit eigenlijk wel nodig, die verwarring? Waarom niet een nieuw woord introduceren, het is toch maar enkele letters achter mekaar schikken of herschikken!
Een voorbeeldje: het woord kennis heeft de betekenis van iemand die je kent, een relatie dus. Het betekent evengoed iets dat je weet, een wetenschap die je meedraagt. Een heel andere verklaring!
Waarom dan in de tweede betekenis het woord niet verandert in kennik? Want het mag uiteraard geen reeds bestaand woord zijn, anders zitten we met hetzelfde probleem!
Nog eentje: mijn schoonbroer heeft thuis een mooie piano staan, een vleugel. Vanmorgen zag ik een vogel met een gebroken vleugel. In de tweede betekenis, waarom bvb. geen vliegel?
Maar eerst nog een prangende vraag, waar ik mee zit:
Zijn alle koetsiers überhaupt homo?
Waarom zitten ze altijd op de bok?
Beleg, is dat toespijs op de boterham, of een omsingeling?
Mijn arm doet pijn, ben ik nu arm?
Is een hit een topsong of een paard?
Idem dito voor een moor, een fluitketel of een Arabier?
Wat is AS nu feitelijk, een spil, afval van vaste brandstof of een begaafde kerel? Of de naam van een stad in onze provincie Limburg?
Vers is een lied, zeker niet oudbakken...
Staal is een metaal, of een monster of proefaanbod?
En daarop volgend, is een monster een staaltje of een ondier?
Een beker ijs is een coupe, of wordt een haarsnit bedoeld?
Een roos is een bloem, en zeker geen schietschijf, of toch?
Overgave, is dat toewijding of “ we stoppen ermee”?
Want schoenmaker, blijf bij uw middel, ik bedoel taille, ik wil zeggen leest...
Is dit eigenlijk wel nodig, die verwarring? Waarom niet een nieuw woord introduceren, het is toch maar enkele letters achter mekaar schikken of herschikken!
Een voorbeeldje: het woord kennis heeft de betekenis van iemand die je kent, een relatie dus. Het betekent evengoed iets dat je weet, een wetenschap die je meedraagt. Een heel andere verklaring!
Waarom dan in de tweede betekenis het woord niet verandert in kennik? Want het mag uiteraard geen reeds bestaand woord zijn, anders zitten we met hetzelfde probleem!
Nog eentje: mijn schoonbroer heeft thuis een mooie piano staan, een vleugel. Vanmorgen zag ik een vogel met een gebroken vleugel. In de tweede betekenis, waarom bvb. geen vliegel?
Maar eerst nog een prangende vraag, waar ik mee zit:
Zijn alle koetsiers überhaupt homo?
Waarom zitten ze altijd op de bok?
Beleg, is dat toespijs op de boterham, of een omsingeling?
Mijn arm doet pijn, ben ik nu arm?
Is een hit een topsong of een paard?
Idem dito voor een moor, een fluitketel of een Arabier?
Wat is AS nu feitelijk, een spil, afval van vaste brandstof of een begaafde kerel? Of de naam van een stad in onze provincie Limburg?
Vers is een lied, zeker niet oudbakken...
Staal is een metaal, of een monster of proefaanbod?
En daarop volgend, is een monster een staaltje of een ondier?
Een beker ijs is een coupe, of wordt een haarsnit bedoeld?
Een roos is een bloem, en zeker geen schietschijf, of toch?
Overgave, is dat toewijding of “ we stoppen ermee”?
Want schoenmaker, blijf bij uw middel, ik bedoel taille, ik wil zeggen leest...
Zo, dat was het dan.
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
-
Gast
Zandmannetje, dan zijn er nog de ongelukkige vertalingen:
Staal zonder waarde = Cockeril Sambre
Broekstraat = rue du Pantalon
Of de ongelukkige versprekingen:
Basiliek van Koekelberg = Koekeliek van Baselberg.
Mijn stoere borstkas = mijn boere stortkas
Staal zonder waarde = Cockeril Sambre
Broekstraat = rue du Pantalon
Of de ongelukkige versprekingen:
Basiliek van Koekelberg = Koekeliek van Baselberg.
Mijn stoere borstkas = mijn boere stortkas
-
Gast
Met verkrachte eenden...
De golf en de zeven weitjes
En zo zijn er nog talloze. Ik ben echter nog op zoek naar een redevoering vol van dergelijke versprekingen... Weet iemand hierover meer?
(vb. met verkrachte eenden hebben wij ons harig kutje enz...)
De golf en de zeven weitjes
En zo zijn er nog talloze. Ik ben echter nog op zoek naar een redevoering vol van dergelijke versprekingen... Weet iemand hierover meer?
(vb. met verkrachte eenden hebben wij ons harig kutje enz...)
-
telloorlekker - Lid geworden op: 26 nov 2002, 17:46
Zorro, zit er geen -gewezen- leraar of onderwijzeres in ons midden. Die van de eerste opstellen kunnen er een aardig mondje over meepraten. De eersten die pas schrijven konden moet ook dat gedacht hebben : " kribbel, kribbel, schrijf, schrijf... kijk eens hoe mooi mij dat allemaal gaat... later zal ik leren lezen, om te kijken wat er staat..." 
-
Gast
Voor Zorro.
Er leefde eens heel ver weg on en koot grasteel een scheel hoon meiske en dat heette Weeusnitje.
Maar in de koot grasteel woonde er nog iemand: de oze biefstoeder van Weeusnitje. En iedere dag trok de moze biefstoeder haar kloonste scheedje aan en ging voor het spandwiegeltje staan en zei:"Wiegeltje, wiegeltje aan de spand, wie is e vroonste schouw van lans het gand?" En dan zei het wiegeltje:"Miefstoeder, gij zijt scheel hoon, maar Weeuwsnitje is nog muizendaal honer".
En dan werd de moze biefstoeder weel hoest.
Op dekere zag ging de biefstoeder naar de joze bager en zei:"Joze bager, gij gaat Weeusnitje nidkappen en achterlaten in het wonkere doud".
En de joze bager, de leersmap, nam zijn wietgescheer, sprong met zijn klatte zoten op zijn perk staard en smeet Weeuwsnitje in het heupelkrout.
Weeusnitje zat daar re schruilen van de hik, want het het zat daar vol woze bolven.
Toen kwamen plots de deven zwergen. Met verkrachte eendentrokken de bakouterkes Weeuwsnitje naar hun haddenspoelenstuisjes.
Op dekere zag kwam de pronge jins. Hij was matroos en had jeven zaar op een slip gescheten.
Weeuwsnitje had zich verklist in een fruk stuit dat ze van een houte steks gekregen had. Natuurlijk werd de pronge jins zapelstot van Weeusnitje.
Hij streek haar kak in de ogen,en muste haar kond.
Ze trouwden veel, hadden lange kinderen,en gaven voor iedereen een poenekakkenfeest.
Veel lol.
Er leefde eens heel ver weg on en koot grasteel een scheel hoon meiske en dat heette Weeusnitje.
Maar in de koot grasteel woonde er nog iemand: de oze biefstoeder van Weeusnitje. En iedere dag trok de moze biefstoeder haar kloonste scheedje aan en ging voor het spandwiegeltje staan en zei:"Wiegeltje, wiegeltje aan de spand, wie is e vroonste schouw van lans het gand?" En dan zei het wiegeltje:"Miefstoeder, gij zijt scheel hoon, maar Weeuwsnitje is nog muizendaal honer".
En dan werd de moze biefstoeder weel hoest.
Op dekere zag ging de biefstoeder naar de joze bager en zei:"Joze bager, gij gaat Weeusnitje nidkappen en achterlaten in het wonkere doud".
En de joze bager, de leersmap, nam zijn wietgescheer, sprong met zijn klatte zoten op zijn perk staard en smeet Weeuwsnitje in het heupelkrout.
Weeusnitje zat daar re schruilen van de hik, want het het zat daar vol woze bolven.
Toen kwamen plots de deven zwergen. Met verkrachte eendentrokken de bakouterkes Weeuwsnitje naar hun haddenspoelenstuisjes.
Op dekere zag kwam de pronge jins. Hij was matroos en had jeven zaar op een slip gescheten.
Weeuwsnitje had zich verklist in een fruk stuit dat ze van een houte steks gekregen had. Natuurlijk werd de pronge jins zapelstot van Weeusnitje.
Hij streek haar kak in de ogen,en muste haar kond.
Ze trouwden veel, hadden lange kinderen,en gaven voor iedereen een poenekakkenfeest.
Veel lol.