Gedichtenhoekje van Nienka.(TE BEWAREN!!)
-
lief - Lid geworden op: 19 apr 2005, 20:55
De dagen die lengen, de winter vergaat.
Donkere dagen die ons verlaten.
Ik zit in de auto met de lichten aan .
Zie honderde lichtjes aan mij voorbij gaan.
Waar rijden ze allen zo haastig naar toe
Zijn sommigen echt hun leven moe ?
Het regent zachtjes ,dat vergroot het effect.
Van duizende lichtjes op mijn weg.
Mijn gedachten zweven, ik denk aan thuis.
Aan degene die wacht in dat verre huis.
Denkt hij aan mij en voelt hij zich blij?
Doe mijn pinklichtje aan en ga opzij.
Nog even geduld ,mijn hart wordt warm.
Als ik denk aan mijn liefste die mij omarmt .
De rit is ten einde ,ik draai de sleutel om.
Doe de lichten uit ,de motor is nu stom.
Donkere dagen die ons verlaten.
Ik zit in de auto met de lichten aan .
Zie honderde lichtjes aan mij voorbij gaan.
Waar rijden ze allen zo haastig naar toe
Zijn sommigen echt hun leven moe ?
Het regent zachtjes ,dat vergroot het effect.
Van duizende lichtjes op mijn weg.
Mijn gedachten zweven, ik denk aan thuis.
Aan degene die wacht in dat verre huis.
Denkt hij aan mij en voelt hij zich blij?
Doe mijn pinklichtje aan en ga opzij.
Nog even geduld ,mijn hart wordt warm.
Als ik denk aan mijn liefste die mij omarmt .
De rit is ten einde ,ik draai de sleutel om.
Doe de lichten uit ,de motor is nu stom.
-
Spoeter - Lid geworden op: 16 dec 2003, 14:56
ONS OUDERHUIS
Vaak denk ik nog aan ’t ouderhuis,
al is ’t reeds lang niet meer.
Ik zie het vóór mijn geestigoog
en ’t komt en ‘ komt steeds weer.
‘k Zie ons bij ’t licht der olielamp,
des winters rond de stoof geschaard.
Het jongste zit op moeders schoot,
of rijdt op vaders knie te paard.
Soms hoor ik ’t ritselen der linde
in ’t zomerbriesje voor de deur.
‘k moeders bloemen in het hofje
en snuif hun milde, zachte geur.
Helaas, ’t is alles maar verbeelding,
wellicht door heimwee voortgebracht.
Maar toch, hoe schoon is het te dromen
van wat het ouderhuis ons bracht.
GERARD GALLE

Vaak denk ik nog aan ’t ouderhuis,
al is ’t reeds lang niet meer.
Ik zie het vóór mijn geestigoog
en ’t komt en ‘ komt steeds weer.
‘k Zie ons bij ’t licht der olielamp,
des winters rond de stoof geschaard.
Het jongste zit op moeders schoot,
of rijdt op vaders knie te paard.
Soms hoor ik ’t ritselen der linde
in ’t zomerbriesje voor de deur.
‘k moeders bloemen in het hofje
en snuif hun milde, zachte geur.
Helaas, ’t is alles maar verbeelding,
wellicht door heimwee voortgebracht.
Maar toch, hoe schoon is het te dromen
van wat het ouderhuis ons bracht.
GERARD GALLE

Ik heb in mijn leven meer geleerd door te luisteren dan door te spreken
-
lief - Lid geworden op: 19 apr 2005, 20:55
Ik vond vanmorgen een haarspeldje
bij het kuisen van mijn huis.
O,dekselse, klein speldeke
waar hoor je ergens thuis?
Je brengt herinneringen boven
van een wondermooie dag
Laat mij een beetje dromen
hoe ik het toen allemaal zag.
Je was haast niet in te tomen
hield mijn haren in de plooi.
Omdat je niet uit dat haar zou komen
werd een beentje omgeplooid.
Het was dan ook de mode
Je kapsel mooi omhoog.
Het maakte je wat groter
Zodat je heel slank oogt.
Nu ligt je hier in mij hand
ik kijk je met weemoed aan.
Je was getuige van een band
die mijn leven lang zal bestaan.
bij het kuisen van mijn huis.
O,dekselse, klein speldeke
waar hoor je ergens thuis?
Je brengt herinneringen boven
van een wondermooie dag
Laat mij een beetje dromen
hoe ik het toen allemaal zag.
Je was haast niet in te tomen
hield mijn haren in de plooi.
Omdat je niet uit dat haar zou komen
werd een beentje omgeplooid.
Het was dan ook de mode
Je kapsel mooi omhoog.
Het maakte je wat groter
Zodat je heel slank oogt.
Nu ligt je hier in mij hand
ik kijk je met weemoed aan.
Je was getuige van een band
die mijn leven lang zal bestaan.
-
W T - Lid geworden op: 11 sep 2003, 20:26
- Locatie: Vallei de zwarte beek
Ik mis de blauwe wolken.
Waarachter de zon soms verdwijnt.
Met bonte mengelingen.
Van geuren en kleuren.
De grauwe hemel van vandaag.
Doet mij hopen en wachten.
Op het voorjaar met al haar.
Bloemenpracht...

Heb me er zo al eentje meegebracht.
Waarachter de zon soms verdwijnt.
Met bonte mengelingen.
Van geuren en kleuren.
De grauwe hemel van vandaag.
Doet mij hopen en wachten.
Op het voorjaar met al haar.
Bloemenpracht...

Heb me er zo al eentje meegebracht.
-
lief - Lid geworden op: 19 apr 2005, 20:55
Opeens gaat .....het licht uit,
Je toekomst is geen toekomst meer.
Er liggen zorgen in 't verschiet
Geen lichtpunt.. alles wordt nacht.
Lam geslagen....voel je je dan,
En toch moet je weer voort
Een lach op je gezicht getoverd
Ook al is er nog... zo'n verdriet
Hoe gaat dat gaan ...is nu de vraag
Waarom en hoe ,staan vooraan
Geen weg terug ...de tijd gaat door
Je weet dat hij voor jou niet eeuwig is.
Langzaam komt dan ....'t besef
Wij leven van dag op dag
Dus maken we er het beste van
Wat dat ook.....geven mag.
Je toekomst is geen toekomst meer.
Er liggen zorgen in 't verschiet
Geen lichtpunt.. alles wordt nacht.
Lam geslagen....voel je je dan,
En toch moet je weer voort
Een lach op je gezicht getoverd
Ook al is er nog... zo'n verdriet
Hoe gaat dat gaan ...is nu de vraag
Waarom en hoe ,staan vooraan
Geen weg terug ...de tijd gaat door
Je weet dat hij voor jou niet eeuwig is.
Langzaam komt dan ....'t besef
Wij leven van dag op dag
Dus maken we er het beste van
Wat dat ook.....geven mag.

-
nienka. - Lid geworden op: 15 dec 2004, 18:38
Gedichten ontstaan vanuit een gevoel
Je weet nooit wanneer er een komt en met welk doel
Ze kunnen op elk tijdstip ontstaan
Overdag, of s nachts het komt gewoon spontaan
Soms door wat je leest of waar je even aan dacht
Voor de tijd weet je het niet het komt altijd onverwacht
Door een paar woorden of gebeurtenissen
Het komt spontaan op, zijn echt geen muizenissen
Soms vrolijk, soms minder
Wat je op dat moment bezig houd schrijf je zonder hinder
Iets kleins kan je al tot een gedicht aanzetten
Je pakt dan je pen, niemand kan je dat dan beletten
Op zo n moment wil je iets kwijt
Het vloeit uit je pen, zonder na te denken of spijt
Van wat je hebt geschreven
Of hoe je graag iets zou beleven
Het komt allemaal uit jezelf
Dat is iets dat ontstaat vanzelf
Dit is het mooie, onverwachte van gedichten
Je kunt je op van alles en iedereen richten
Zonder dat je iets of iemand bewust persoonlijk bedoeld
Kun je weergeven hoe of wat je op dat moment denkt en voelt
Het blijft anoniem alleen jij weet wat je schrijft
Je zorgt er wel voor dat het daar ook bij blijft
Je gedachten vrij laten zweven
In rijm of gedichtvorm dat is niet iedereen gegeven
Daarom probeer je het mensen te laten lezen
Zodat ze het zelf ook eens proberen, dat het kan is wel bewezen...
KLIKJE Nienka...
Je weet nooit wanneer er een komt en met welk doel
Ze kunnen op elk tijdstip ontstaan
Overdag, of s nachts het komt gewoon spontaan
Soms door wat je leest of waar je even aan dacht
Voor de tijd weet je het niet het komt altijd onverwacht
Door een paar woorden of gebeurtenissen
Het komt spontaan op, zijn echt geen muizenissen
Soms vrolijk, soms minder
Wat je op dat moment bezig houd schrijf je zonder hinder
Iets kleins kan je al tot een gedicht aanzetten
Je pakt dan je pen, niemand kan je dat dan beletten
Op zo n moment wil je iets kwijt
Het vloeit uit je pen, zonder na te denken of spijt
Van wat je hebt geschreven
Of hoe je graag iets zou beleven
Het komt allemaal uit jezelf
Dat is iets dat ontstaat vanzelf
Dit is het mooie, onverwachte van gedichten
Je kunt je op van alles en iedereen richten
Zonder dat je iets of iemand bewust persoonlijk bedoeld
Kun je weergeven hoe of wat je op dat moment denkt en voelt
Het blijft anoniem alleen jij weet wat je schrijft
Je zorgt er wel voor dat het daar ook bij blijft
Je gedachten vrij laten zweven
In rijm of gedichtvorm dat is niet iedereen gegeven
Daarom probeer je het mensen te laten lezen
Zodat ze het zelf ook eens proberen, dat het kan is wel bewezen...
KLIKJE Nienka...Geef nooit iets op, voordat je definitief verloren hebt, en zelfs dan nog...
-
corry - Lid geworden op: 08 mar 2005, 10:15
- Locatie: Wenduine
Zo vele oude mensen
Leiden een eenzaam bestaan
Niets meer om te wensen
Geen doel meer om te gaan
De partner vaak overleden
Geen lust om door te gaan
Denken steeds meer in het verleden
Dromen stilletjes voor het raam
Veel kwalen en veel pijntjes
Het lopen in sukkelgang
Knopen aan elkaar de losse eindjes
Voelen zich vaak zo bang
Kinderen komen zelden
Ik zie zo vaak een traan
Waarom moet deze groep het ontgelden
Ze hebben al genoeg gedaan
Voel mijn hart zo vaak knijpen
Geraakt door dit stille leed
Kan het vaak niet begrijpen
Waarom men de oude mens vergeet!
Henny Klaassen
In het verleden reeds op poëzie gezet maar toch iets dat me bijgebleven is, daarom hier terug geplaatst.
Corry
Leiden een eenzaam bestaan
Niets meer om te wensen
Geen doel meer om te gaan
De partner vaak overleden
Geen lust om door te gaan
Denken steeds meer in het verleden
Dromen stilletjes voor het raam
Veel kwalen en veel pijntjes
Het lopen in sukkelgang
Knopen aan elkaar de losse eindjes
Voelen zich vaak zo bang
Kinderen komen zelden
Ik zie zo vaak een traan
Waarom moet deze groep het ontgelden
Ze hebben al genoeg gedaan
Voel mijn hart zo vaak knijpen
Geraakt door dit stille leed
Kan het vaak niet begrijpen
Waarom men de oude mens vergeet!
Henny Klaassen
In het verleden reeds op poëzie gezet maar toch iets dat me bijgebleven is, daarom hier terug geplaatst.
Corry
ik tel alleen de zonnige dagen.
-
lief - Lid geworden op: 19 apr 2005, 20:55
Ze staat daar ,o,zo mooi te wezen
mijn kleindochtertje van elf.
Zo moest ze het pashoekje in, even
een bikinitje past je toch zelf.
Het kind zijn is ze bijna ontgroeit,
puber streken komen eraan.
Vertederd kijk ik hoe ze openbloeit,
hoe ze haar eigen mannetje staat.
Haar lange ,blonde haren,
netjes samen gehouden in een dot.
En hier en daar verdwalen ,
enkele haartjes, die kwamen los..
Haar ogen zijn als diepe poelen,
waarin je verdrinken kan.
Als ze de mijne soms ontmoeten,
geniet ik er met volle teugen van.
Laat mij nog lang meebeleven,
van dit wondermooi gebeuren..
Hoe dit prachtmeisje ons gegeven,
zich klaar maakt voot het leven .
mijn kleindochtertje van elf.
Zo moest ze het pashoekje in, even
een bikinitje past je toch zelf.
Het kind zijn is ze bijna ontgroeit,
puber streken komen eraan.
Vertederd kijk ik hoe ze openbloeit,
hoe ze haar eigen mannetje staat.
Haar lange ,blonde haren,
netjes samen gehouden in een dot.
En hier en daar verdwalen ,
enkele haartjes, die kwamen los..
Haar ogen zijn als diepe poelen,
waarin je verdrinken kan.
Als ze de mijne soms ontmoeten,
geniet ik er met volle teugen van.
Laat mij nog lang meebeleven,
van dit wondermooi gebeuren..
Hoe dit prachtmeisje ons gegeven,
zich klaar maakt voot het leven .
-
Alterego1 - Lid geworden op: 20 jan 2006, 14:05
- Locatie: Antwerpen
Met dank aan Lief
Lief,je ontroerd me met dit gedicht
wist niet dat ik dat nog vermocht
maar 'k zie zo 't lieve gezicht
van 't petekind waaraan ik ben verknocht
je gedicht is precies op haar gericht
door jouw mooie woorden ben ik weer verkocht!
Alterego
(Lief,'k vind het prachtig wat je schrijft)
To be or not to be,that's the question
Niemands meester,niemands knecht
Niemands meester,niemands knecht
-
lief - Lid geworden op: 19 apr 2005, 20:55
Ik zag mijn kat met een diertje spelen
vanuit de keuken door het raam.
Wilde ze met mij haar vreugde delen
ik keek het vol belangstelling aan.
Dacht eerst dat het een muisje was
ik draag voor ver te zien een bril.
Maar die lag nog op de keukenkast
nog eventjes een beetje geduld.
Zo...ik was klaar en volgde het spel
maar kijk... is dat nu een mol daar?
Het liep op en neer,dat zag ik wel
steeds stond mijn kat voor haar.
Heel zachtjes raakte ze het diertje aan
er kwam heus geen geweld aan te pas.
Het diertje kon het spel niet meer aan
ik dacht dat het na een tijdje moe was.
Dus ben ik dan de tuin in gegaan
met blik en borstel in mijn hand.
Keek onze Tigra heel even aan
Nam het beestje vlug aan de kant.
Terwijl ik goed naar het diertje keek
viel mij iets op ,er was een staart.
Dus wel geen mol ,ik was van streek
Een jonge woelrat heel echt waar!
Maar alle leven dat is voor mij heilig
Zelfs een spin in huis sla ik niet dood.
Dus bracht ik het diertje dan maar veilig
Aan de andere kant van de grote sloot.
vanuit de keuken door het raam.
Wilde ze met mij haar vreugde delen
ik keek het vol belangstelling aan.
Dacht eerst dat het een muisje was
ik draag voor ver te zien een bril.
Maar die lag nog op de keukenkast
nog eventjes een beetje geduld.
Zo...ik was klaar en volgde het spel
maar kijk... is dat nu een mol daar?
Het liep op en neer,dat zag ik wel
steeds stond mijn kat voor haar.
Heel zachtjes raakte ze het diertje aan
er kwam heus geen geweld aan te pas.
Het diertje kon het spel niet meer aan
ik dacht dat het na een tijdje moe was.
Dus ben ik dan de tuin in gegaan
met blik en borstel in mijn hand.
Keek onze Tigra heel even aan
Nam het beestje vlug aan de kant.
Terwijl ik goed naar het diertje keek
viel mij iets op ,er was een staart.
Dus wel geen mol ,ik was van streek
Een jonge woelrat heel echt waar!
Maar alle leven dat is voor mij heilig
Zelfs een spin in huis sla ik niet dood.
Dus bracht ik het diertje dan maar veilig
Aan de andere kant van de grote sloot.
-
W T - Lid geworden op: 11 sep 2003, 20:26
- Locatie: Vallei de zwarte beek
Elke dag,een uitnodiging.
Elke dag,komen we weer.
Elke dag,ontmoeten we ons hier.
Elke dag,om jezelf te wezen.
Elke dag,aandachtig te lezen.
Elke dag,elkaar te bemoedigen.
Elke dag,zoveel verwondering.
Elke dag,waardering voor dit leven.
Elke dag,zoveel goeds in andere.
Elke dag, houden van het leven.
Elke dag,iets op te bouwen.
Elke dag,iets nieuws te horen.
Elke dag,die we er nog mogen wezen.

Voor elke dag....
Elke dag,komen we weer.
Elke dag,ontmoeten we ons hier.
Elke dag,om jezelf te wezen.
Elke dag,aandachtig te lezen.
Elke dag,elkaar te bemoedigen.
Elke dag,zoveel verwondering.
Elke dag,waardering voor dit leven.
Elke dag,zoveel goeds in andere.
Elke dag, houden van het leven.
Elke dag,iets op te bouwen.
Elke dag,iets nieuws te horen.
Elke dag,die we er nog mogen wezen.

Voor elke dag....
-
nienka. - Lid geworden op: 15 dec 2004, 18:38
Waar ter wereld ik ook ben
Of ik je nu wel of niet echt ken
Een ding zal ik nooit vergeten
Dat wil ik toch wel even laten weten
Dat ondanks van mijn kant vele gebreken
Waardoor ik soms op antwoordt moest wachten, dagen, weken
Jij mij altijd terzijde hebt gestaan
Nooit liet je me helemaal vallen of gaan
Altijd was je daar al was je kwaad
Toch stond je even later weer voor mij paraat
Dat is wat ze noemen
Geen echte vriendschap maar vriendschap zonder iets te verbloemen
Steeds weer was die schouder daar
Al geloofde ik het zelf niet maar het was toch waar
Onverwachts op elk moment
Was die daar weer, heel attent
Zelfs een tijdje lang een luisterend oor
Het tijdstip maakte nooit uit, je ging er gewoon voor
Het was en is een grote steun
Die schouder waar ik soms nog even op leun
Door dat voelde ik mezelf nooit echt verloren
Was na een paar woorden of simpele gebaren even als herboren
Het is een steun van onschatbare waarde
Die me vaak hielp, door de woorden die je vergaarde
Als ik morgen of later ineens weg ben
Zal ik je eervol onthouden of ik je nu wel of niet echt ken
Het heeft me geleerd waarin iedereen stil in moet gaan geloven
Dat er altijd ergens iemand is die helpt je weer naar boven
Het hoeft geen vriend te zijn maar gewoon een mens
Met ook gebreken en hier en daar een onvervulde wens
Door een onzichtbare maar toch aanwezige band
Reikt die soms totaal onverwacht jou ineens een helpende hand
Op die manier kan ook jijzelf er voor anderen zijn
Als je maar eerlijk bent en niets doet voor de schijn
Eerlijk tegen elkaar ook al deed je dingen verkeerd
Respect, begrip, vergeven is waar een mens van leert
Vergeten is een andere zaak dat ligt vaak opgesloten
Herstellen kan niet altijd daarvoor heb je al genoeg tranen vergoten
Geniet, ontvang en geef van hetgeen je nog rest
Blijf overeind accepteer en doe je best
Met op de achtergrond die onschatbare waarde
Van iemand waarvan er te weinig zijn op deze aarde
Spring daar zuinig mee om
Wees niet eigenwijs en dom
Waardeer het leven zoals het nu is
Want als je zo iemand niet hebt, is dit het grootste gemis
Wees blij met dat wat je niet echt kent
Wat zich onaangekondigt, onverwacht tot je went
Dat is de onzichtbare band
Die bestaat die uitgestoken helpende hand
Niet waarneembaar
Maar goed voelbaar...
KLIKJE Nienka
Of ik je nu wel of niet echt ken
Een ding zal ik nooit vergeten
Dat wil ik toch wel even laten weten
Dat ondanks van mijn kant vele gebreken
Waardoor ik soms op antwoordt moest wachten, dagen, weken
Jij mij altijd terzijde hebt gestaan
Nooit liet je me helemaal vallen of gaan
Altijd was je daar al was je kwaad
Toch stond je even later weer voor mij paraat
Dat is wat ze noemen
Geen echte vriendschap maar vriendschap zonder iets te verbloemen
Steeds weer was die schouder daar
Al geloofde ik het zelf niet maar het was toch waar
Onverwachts op elk moment
Was die daar weer, heel attent
Zelfs een tijdje lang een luisterend oor
Het tijdstip maakte nooit uit, je ging er gewoon voor
Het was en is een grote steun
Die schouder waar ik soms nog even op leun
Door dat voelde ik mezelf nooit echt verloren
Was na een paar woorden of simpele gebaren even als herboren
Het is een steun van onschatbare waarde
Die me vaak hielp, door de woorden die je vergaarde
Als ik morgen of later ineens weg ben
Zal ik je eervol onthouden of ik je nu wel of niet echt ken
Het heeft me geleerd waarin iedereen stil in moet gaan geloven
Dat er altijd ergens iemand is die helpt je weer naar boven
Het hoeft geen vriend te zijn maar gewoon een mens
Met ook gebreken en hier en daar een onvervulde wens
Door een onzichtbare maar toch aanwezige band
Reikt die soms totaal onverwacht jou ineens een helpende hand
Op die manier kan ook jijzelf er voor anderen zijn
Als je maar eerlijk bent en niets doet voor de schijn
Eerlijk tegen elkaar ook al deed je dingen verkeerd
Respect, begrip, vergeven is waar een mens van leert
Vergeten is een andere zaak dat ligt vaak opgesloten
Herstellen kan niet altijd daarvoor heb je al genoeg tranen vergoten
Geniet, ontvang en geef van hetgeen je nog rest
Blijf overeind accepteer en doe je best
Met op de achtergrond die onschatbare waarde
Van iemand waarvan er te weinig zijn op deze aarde
Spring daar zuinig mee om
Wees niet eigenwijs en dom
Waardeer het leven zoals het nu is
Want als je zo iemand niet hebt, is dit het grootste gemis
Wees blij met dat wat je niet echt kent
Wat zich onaangekondigt, onverwacht tot je went
Dat is de onzichtbare band
Die bestaat die uitgestoken helpende hand
Niet waarneembaar
Maar goed voelbaar...
KLIKJE NienkaGeef nooit iets op, voordat je definitief verloren hebt, en zelfs dan nog...
-
lief - Lid geworden op: 19 apr 2005, 20:55
Dat gevoel van onbehagen
waar komt het zo opeens vandaan,
Kan iemand dat mij verklaren.
Niets wat er op voorhand zegt
dit is moment van het gebeuren.
Geen boekje waar 't wordt uitgelegt.
Je blaast en zucht en gaat je niet
het kwam weer onverwacht.
Je hoopt dat niemand het zal zien.
Meestal kleuren in een helder rood
opeens je beiden wangen.
Loop je er zo echt mee te koop.
Iedere leeftijd vertoond zijn kuren
maar deze houd ik echt niet van.
Hoop dat ze niet lang meer duren.
waar komt het zo opeens vandaan,
Kan iemand dat mij verklaren.
Niets wat er op voorhand zegt
dit is moment van het gebeuren.
Geen boekje waar 't wordt uitgelegt.
Je blaast en zucht en gaat je niet
het kwam weer onverwacht.
Je hoopt dat niemand het zal zien.
Meestal kleuren in een helder rood
opeens je beiden wangen.
Loop je er zo echt mee te koop.
Iedere leeftijd vertoond zijn kuren
maar deze houd ik echt niet van.
Hoop dat ze niet lang meer duren.
-
corry - Lid geworden op: 08 mar 2005, 10:15
- Locatie: Wenduine
't Was buiten stoffig, warm en druk
't Was buiten stoffig, warm en druk
Door 't hete zonneschijnen,
Maar ik zat neer in stil geluk
Achter de dichte gordijnen,
In 't rustig, gedempte licht
Dacht ik alleen aan mijn doel en mijn plicht.
Maar toen zij de kamer binnentrad,
Waar ik stil te werken zat,
Over mijn boeken gebogen,
Toen viel een straal van het zonnelicht,
Over mijn werk en mijn aangezicht
En schitterde in mijn ogen.
Ik zag haar in het zonlicht staan,
Ik keek haar stil verwijtend aan
En smeekte: "Laat mij met vrede,
Ik kan, ik mag niet met u gaan".
Toen sprak ze zacht: "Kom mede".
Zij wenkte mij met streng gebaar,
Toen stond ik op en volgde haar,
Maar slechts met lome schreden.
En door het grote oude bos,
Dat blonk in gouden najaarsdos,
Liepen we samen te dwalen,
Zij liet mijn gevangen hand niet los,
Maar troonde mij mee met verhalen.
Maar toen ik mijn kamer weder betrad,
Toen haatte ik haar die ik lief had gehad,
Ik zette mij neer bij het open gordijn
En ik wist maar één ding: dat ik vrij wilde zijn.
Ik vreesde, dat ze vóór de nacht,
Nog eens zou wederkomen,
Om in de stille avondpracht
Met mij te lopen dromen,
En op verdediging bedacht,
Heb ik een wapen genomen,
Het wapen der zwakheid tegen kracht,
Der onmacht tegen overmacht,
Met een steen en een slinger heb ik gewacht,
Of ze ook zou wederkomen.
En toen het avond geworden was,
Toen zag ik van ver op het donkere gras,
Een lichte gedaante die nadertrad
En die ik zo lief, o! zo lief had gehad,
Zij scheen mij reiner en schoner dan ooit,
Het lichtblonde haar was met bloemen getooid
En schitterend wit was haar slepend gewaad,
En donker haar ogen en blank haar gelaat,
Haar ogen waren zó diep, zó zacht
Als een heldere, warme najaarsnacht.
Ik zond haar van verre mijn welkomstgroet,
Ik liep haar langzaam tegemoet,
Toen greep ik een steen en ik mikte goed
En van haar voorhoofd druppelde bloed....
Zij viel in de struiken, dood en zwaar,
De takken sloten zich boven haar.
En ik ben stil naar binnen gegaan
En sloot de gordijnen weder,
Ik stak mijn kleine studeerlamp aan
En zette mij rustig neder,
Ik werkte voortaan ongestoord
Aan 't werk, dat ik mijn plicht dacht, voort.
En eindelijk, op een winternacht,
Had ik mijn zware taak volbracht,
Toen heb ik weer aan haar gedacht
Met nameloos groot verlangen,
Een grote angst voor de eenzaamheid
En voor de langen, lege tijd
Heeft toen mijn hart bevangen,
En in mijn droefheid, bang en groot,
Riep ik tot haar, maar zij was dood!
"Vergeef mij, ik dwaalde, ik weet het nu,
Ik kan niet leven zonder U,
Het enige, dat ik niet geven mocht,
Dat heb ik weggegeven,
Het doel, dat ik met mijn arbeid zocht,
Ik heb het veel te duur gekocht,
Ik kan zonder U niet leven!"
Toen keek ik op en zag haar staan,
Haar donkere ogen zagen mij aan,
Met innig medelijden,
Ze trok mijn hoofdje aan haar borst,
Vanwaar 'k niet tot haar opzien dorst,
Maar stil mijn vonnis beidde....
"Kan ik die droeve ogen zien,
Die arme, moede ogen,
Kan ik de bleke wangen zien
Zonder mededogen?
Die zilveren draden door 't lokkenblond,
Die rimpels, die sporen van lijden?"
Ze drukte mij zachtkens een kus op de mond,
Ik boog het hoofd en schreide.
Schrijver: Jacqueline v/d Waals
Inzender: F.B., 30-08-2004
even terug opgepikt.......immens mooi was de commentaar.....
't Was buiten stoffig, warm en druk
Door 't hete zonneschijnen,
Maar ik zat neer in stil geluk
Achter de dichte gordijnen,
In 't rustig, gedempte licht
Dacht ik alleen aan mijn doel en mijn plicht.
Maar toen zij de kamer binnentrad,
Waar ik stil te werken zat,
Over mijn boeken gebogen,
Toen viel een straal van het zonnelicht,
Over mijn werk en mijn aangezicht
En schitterde in mijn ogen.
Ik zag haar in het zonlicht staan,
Ik keek haar stil verwijtend aan
En smeekte: "Laat mij met vrede,
Ik kan, ik mag niet met u gaan".
Toen sprak ze zacht: "Kom mede".
Zij wenkte mij met streng gebaar,
Toen stond ik op en volgde haar,
Maar slechts met lome schreden.
En door het grote oude bos,
Dat blonk in gouden najaarsdos,
Liepen we samen te dwalen,
Zij liet mijn gevangen hand niet los,
Maar troonde mij mee met verhalen.
Maar toen ik mijn kamer weder betrad,
Toen haatte ik haar die ik lief had gehad,
Ik zette mij neer bij het open gordijn
En ik wist maar één ding: dat ik vrij wilde zijn.
Ik vreesde, dat ze vóór de nacht,
Nog eens zou wederkomen,
Om in de stille avondpracht
Met mij te lopen dromen,
En op verdediging bedacht,
Heb ik een wapen genomen,
Het wapen der zwakheid tegen kracht,
Der onmacht tegen overmacht,
Met een steen en een slinger heb ik gewacht,
Of ze ook zou wederkomen.
En toen het avond geworden was,
Toen zag ik van ver op het donkere gras,
Een lichte gedaante die nadertrad
En die ik zo lief, o! zo lief had gehad,
Zij scheen mij reiner en schoner dan ooit,
Het lichtblonde haar was met bloemen getooid
En schitterend wit was haar slepend gewaad,
En donker haar ogen en blank haar gelaat,
Haar ogen waren zó diep, zó zacht
Als een heldere, warme najaarsnacht.
Ik zond haar van verre mijn welkomstgroet,
Ik liep haar langzaam tegemoet,
Toen greep ik een steen en ik mikte goed
En van haar voorhoofd druppelde bloed....
Zij viel in de struiken, dood en zwaar,
De takken sloten zich boven haar.
En ik ben stil naar binnen gegaan
En sloot de gordijnen weder,
Ik stak mijn kleine studeerlamp aan
En zette mij rustig neder,
Ik werkte voortaan ongestoord
Aan 't werk, dat ik mijn plicht dacht, voort.
En eindelijk, op een winternacht,
Had ik mijn zware taak volbracht,
Toen heb ik weer aan haar gedacht
Met nameloos groot verlangen,
Een grote angst voor de eenzaamheid
En voor de langen, lege tijd
Heeft toen mijn hart bevangen,
En in mijn droefheid, bang en groot,
Riep ik tot haar, maar zij was dood!
"Vergeef mij, ik dwaalde, ik weet het nu,
Ik kan niet leven zonder U,
Het enige, dat ik niet geven mocht,
Dat heb ik weggegeven,
Het doel, dat ik met mijn arbeid zocht,
Ik heb het veel te duur gekocht,
Ik kan zonder U niet leven!"
Toen keek ik op en zag haar staan,
Haar donkere ogen zagen mij aan,
Met innig medelijden,
Ze trok mijn hoofdje aan haar borst,
Vanwaar 'k niet tot haar opzien dorst,
Maar stil mijn vonnis beidde....
"Kan ik die droeve ogen zien,
Die arme, moede ogen,
Kan ik de bleke wangen zien
Zonder mededogen?
Die zilveren draden door 't lokkenblond,
Die rimpels, die sporen van lijden?"
Ze drukte mij zachtkens een kus op de mond,
Ik boog het hoofd en schreide.
Schrijver: Jacqueline v/d Waals
Inzender: F.B., 30-08-2004
even terug opgepikt.......immens mooi was de commentaar.....
Laatst gewijzigd door corry op 30 jan 2006, 19:26, 2 keer totaal gewijzigd.
ik tel alleen de zonnige dagen.
-
'zonneke' - Lid geworden op: 14 nov 2005, 10:35
- Locatie: Antwerpen
Broos...

ik slurp mijn koffie, lees mijn krant
kijk door het raam waar ik niemand zie staan
tranen verhinderen mij te kijken en te zien
de schoonheid van de dag of is die er nog niet misschien
zal deze dag mij geluk brengen of verdriet
ach wat is geluk, wat is verdriet
het zit vanbinnen, niemand die het ziet
ik voel het wel maar verwerk het nog niet
waarom die pijn bij triestig zijn
waarom die lach bij happy zijn
toegeven zal ik niet aan verdriet
wil ook niet dat iemand het ziet
zal me gedragen als een dame
stel me dus geen verdere vragen
het wordt allemaal weer goed
met veel geduld en goede moed
je weet dat elke dag een dag is
en dat je verder moet
dat elke dag een dag is
die je leeft en beleven moet
geluk, verdriet, gezondheid, pijn,
elke dag zal toch weer anders zijn
geluk…
geluk ontmoet je door tevreden te zijn

ik slurp mijn koffie, lees mijn krant
kijk door het raam waar ik niemand zie staan
tranen verhinderen mij te kijken en te zien
de schoonheid van de dag of is die er nog niet misschien
zal deze dag mij geluk brengen of verdriet
ach wat is geluk, wat is verdriet
het zit vanbinnen, niemand die het ziet
ik voel het wel maar verwerk het nog niet
waarom die pijn bij triestig zijn
waarom die lach bij happy zijn
toegeven zal ik niet aan verdriet
wil ook niet dat iemand het ziet
zal me gedragen als een dame
stel me dus geen verdere vragen
het wordt allemaal weer goed
met veel geduld en goede moed
je weet dat elke dag een dag is
en dat je verder moet
dat elke dag een dag is
die je leeft en beleven moet
geluk, verdriet, gezondheid, pijn,
elke dag zal toch weer anders zijn
geluk…
geluk ontmoet je door tevreden te zijn
Vriendschap zet alles in beweging