
JIM Woody woont in 't Noorden van Canada en vreest voor de komende winter.
Dus hakt hij duchtig bomen om en kapt alles in blokken, die hij netjes stapelt.
Maar nadien is hij toch niet zo zeker en vraagt raad aan een vriend, die hem voor goede raad,
verwijst naar JOE de Indiaan, die boven op de berg woont.
JIM klautert moeizaam die hoge berg op en vraagt daar aan JOE;
" Chief, wordt het een strenge winter dit jaar? "
JOE, die weinig woorden gebruikt, legt zich op de buik, met een hand boven de ogen
en wanneer hij opstaat zegt hij; "Ugh, wordt koude winter "
JIM daalt af en begint verwoed meer hout te hakken, verzagen en stapelen.
Maar blijft onzeker en kruipt weer die berg op met dezelfde vraag voor JOE.
Deze legt zich weer plat op de buik, hand boven de ogen en gromt;
"Ugh, ugh, wordt héle strenge winter "
Dus JIM naar beneden in looppas en maar verder het bos in en bomen aanslepen om te verzagen en te stapelen, zodat heel de tuin bijna vol ligt.
Maar weer sluipt die twijfel naar binnen en hij vat alle moed samen om nog eens naar JOE te klimmen.
Weer legt JOE zich bezadigd neer met de hand boven de half-gesloten ogen.
En nu bromt JOE; " Ugh, ugh, ugh...wordt verdomme heel, héél strenge winter!"
Voorzichtig vraagt de nog buiten adem zijnde JIM;
"Maar chief, hoe kan jij dat nu zo zeker weten? ".
Waarop JOE krachtig antwoordt;
" UGH, als ikke zien hoeveel hout die bleekscheet daar beneden heeft gestapeld,
moet zeker meer dan heel koude winter worden".
SW



Een Sinjoor (geen "senior") staat met een lekke band ergens tussen Bommerskonten en Schapenkrulle. Lichtjes verdwaald op 'n godvergeten stukje platteland, dat nog net aan de verkavelingswoede is ontsnapt.