Met dit verhaal heb ik gewacht tot de zoon van bewuste hoofdonderwijzer
en ook hoofdonderwijzer was voor mijn zoon er niet meer is.
Sorry voor de nakomelingen maar die beroemde ( beruchte ) meesters.
Ze zijn er nu eenmaal geweest met hun kwaliteiten en gebreken.
De hoofd onderwijzer was titularis van het 5e en 6e, ’t was het einde van de oorlog en van discipline was er helemaal geen sprake, waar hij uithing hebben we nooit geweten maar in de klas was hij zeker niet,waarschijnlijk op zijn duivenhok.
1944, de oorlog was voorbij maar de stemming was er nog, zo konden we kattenkwaad uithalen zoveel we wilden ( zie de topic “vlegelstreken”)
Onze dag begon met wachten op de meester, na een tijdje dook hij op, ondertussen hadden we al flink wat kabaal gemaakt. Hetgeen hij niet wist dat we hem zagen afkomen, het kopje van zijn hoed kwam bij iedere stap juist boven het muurtje dat de speelplaats scheidde van de tuin van het schoolhuis, iedereen stil op zijn plaats tegen hij binnenkwam en duidde hij iemand aan om de les op te vragen, gewoonlijk een lesje uit onze leesboek en enkele vragen uit de catechismus en als dat gedaan is
neem uw gewijde geschiedenis en lees ieder op beurt een lesje waarop hij verdween.
Zo herinner ik me nog zó levendig de afbeelding van Abraham en de brandende braamstruik, Daniel in de leeuwenkuil , Saulus die van zijn paard geworpen werd en
een stem die riep” Saulus, Saulus waarom vervolgd ge mij”.
En dan nog geen pater geworden ! ! ! ?
Rond 10.45 kwam hij gewoonlijk terug dit was het uur waarop de
inspecteur met de tram zou kunnen komen, dan werd er wat les gegeven, al wat we bij hem geleerd hebben gebeurde tot 11.45, daarna was hij weer weg met de woorden vergeet niet te bellen om 12 uur. Wanneer we hem weerzagen,? In alle geval niet vóór 2 uur, was dat nu geen onbezorgde jeugd? Tegen de middag hadden we onze boterhammekes al binnen en konden we buiten de school gaan ravotten.
In 1944 hadden de Engelsen een opleidingskamp in ons dorp, wat kon er plezanter zijn dan met hun mee op oefening te trekken, lijk echte rekruten volgden we op een paar meter hun peloton tot we een paar honderd meter van de spoorwegberm kwamen.
Daar kwamen ze in actie, beginnen met een rookgordijn en dan maar vooruitlopen, laten vallen schieten vooruitlopen, weer vallen en schieten en wij maar volgen zoals echte infanteristen, wanneer de oefening gedaan was konden we de niet afgevuurde kogels oprapen en met het poeder bommen en raketten maken
Toen de soldaten weg waren hadden we andere uitdagingen maar op de koer werd er ’s middags niet gespeeld, de bossen in de omtrek hadden ook hun aantrekking, waren we om 1 uur in de klas,? Neen, waarom, de meester was er toch niet.
Wat we er eigenlijk geleerd hebben buiten onze gewijde geschiedenis, awel ik weet het niet,‘t was daarom dat velen na ’t vierde jaar naar Brussel trokken waaronder mijn twee broers, niet dat ze slimmer waren of misschien toch wel, maar wat zouden ze daar met zo’n deugniet als ik aanvangen..Sommige ouders trokken hun kinderen ook weg wegens de dorpspolitiek..
Ons dorp was verdeeld in twee kampen met aan het hoofd een brouwer, ja bij de verkiezingen ging het er hard aan toe, ik heb mijn vader nog horen vertellen dat iemand op de dag van de verkiezing zijn vrouw in de kelder opsloot, ja het kwam er soms op één stem om de overwinning te behalen, ik heb ook nog vele nachten met verf - en papborstel er op uit getrokken tot de laatste keer toen we ’s morgens in het lokaal-aankwamen en onze eigen pint moesten betalen, neen dat was er teveel aan.
De eerste verkiezing na de oorlog was er eigenlijk gene, er was teveel gebeurd dat niet aan de grote klok.mocht gehangen worden
Toen was er een akkoord tussen de twee brouwers en onze plaatselijke doctor zou de gemoederen wel bedaren en vier jaar later zou alles wel vergeten zijn zodat er weer een verkiezingsstrijd kon doorgaan.
Ik heb nog van die verkiezingspamfletten liggen waar ze elkaar te lijf gingen.
niet wat ge zegt telt maar hoe ge het zegt.