Mysterie Man schreef:
Anderzijds is het zo dat er wel meerdere apocriefen/evangelieën enz. bestaan die een ander beeld geven van Jezus en/of zijn apostelen. De Pistis Sophia begint bijvoorbeeld ook met een uitspraak die velen zal verbazen (namelijk dat Jezus elf jaar onderricht gaf na zijn kruisiging als ik me niet vergis). Het is volgens mij dus mogelijk dat het 'Geheime Marcusevangelie nooit in die vorm bestaan heeft of dat die brief van Clemens een vervalsing zou zijn, dat betekent niet dat andere, alternatieve opvattingen over Jezus per definitie onjuist zouden zijn.
Mysterie Man,
Inderdaad geven de apocriefe evangeliën een ander beeld van Jezus, en daarom claimt o.a. talisman dat de N.T. boeken vervalst zijn, of zeggen anderen dat de Evangeliën veel later zouden geschreven zijn.
Jij schrijft : "dat betekent niet dat andere, alternatieve opvattingen over Jezus per definitie onjuist zouden zijn .... ". Nader onderzoek bewijst echter het tegenovergestelde !
Een gemeenschappelijk kenmerk van het gnosticisme is : dat verlossing en vergeving alleen kunnen worden ervaren door kennis. Het vlees (het fysieke) kan niet verlost worden. Daarom is er geen verrijzenis van het lichaam uit de dood mogelijk. (vandaar de claims dat Jezus niet in het vlees zou gestorven zijn, en niet uit de dood is opgestaan).
Het feit alleen al dat de gnostici het nodig achtten deze dingen te ontkennen, is omdat juist deze dingen verkondigd werden in het primitieve christendom, en op basis van deze kennis het lijden in het vlees en de dood van Jezus trachtten te ontkrachten.
De gnostische invloeden begonnen pas 50 tot 60 jaar na de geboorte van het Christendom het geloof te beïnvloeden. De bijbel en de eerste kerkvaders waarschuwden de Gemeenten tegen deze valse leer.
Anti-gnostische verzen werden alleen geschreven tegen het einde van de eerste eeuw, bv. in I Johannes. Johannes 4:2-3 schrijft onder meer dat Jezus Christus in het
vlees gekomen is.... Deze tekst, geschreven in de periode 80-90 AD ontkent gnostische claims dat de Goddelijke Jezus geen mens (“vlees”) kon zijn geweest. Gnostici argumenteerden dat al het vlees, ofwel de gehele fysieke wereld, slecht is..... Indien inderdaad het gnosticisme een grote zorg voor de apostelen was geweest, dan zouden we verwachten veel meer
anti-gnostische verzen in de Bijbelboeken aan te treffen. Niet dus !
Veel van de schrijvers van de vroege kerk bestreden met hand en tand de gnostische invloeden in hun brieven aan de Christelijke gemeenschap. waarvan ik in een vroegere posting reeds van Ignatius (ca. 105-107 AD) de brief aan Tralles en Smyrna vermeldde, die over hetzelfde probleem ging, alsook Justinus de Martelaar (ca. 160 AD), Hegesippus (ca. 170 AD), Irenaeus (ca. 170-180 AD), Clemens van Alexandrië (ca. 195 AD) en Tertullianus (ca. 210 AD).
Dit impliceert dat "Traditioneel Christendom"en "Gnostisch Christendom”"
niet in parallel zijn ontwikkeld. Het traditioneel Christendom was reeds breed geaccepteerd, bijna alle boeken van het N. T. waren reeds geschreven ruim
voor de gnostische concepten begonnen op te spelen. Vóór het einde
van de eerste eeuw bestond het "Gnostisch Christendom" nog niet.
Daarom kan deze geen alternatieve interpretatie van het onderricht van Christus zijn met dezelfde historische basis als het Bijbel gebaseerde Christendom.
En tenslotte nog dit :
De welbekende “apostolische geloofsbelijdenis” (Engels: Apostles’ creed) dateert uit de
derde eeuw en was ontwikkeld in de Christelijke gemeenschap om met name het Gnosticisme te bestrijden (met nadruk op de antignostische uitspraken):
“Ik geloof in een God en Vader Almachtig. En in Jezus Christus
zijn enige Zoon onze Heer, die ontvangen is van de Heilige Geest, geboren
uit de Maagd Maria; Die is gekruisigd onder Pontius Pilatus en begraven. De derde dag
verrezen uit de doden , die opgestegen is ten Hemel, zit aan de rechterhand van God de Almachtige Vader, van daar zal Hij komen oordelen de levenden en de doden.
Ik geloof in de Heilige Geest; de heilige Kerk; de vergeving van de zonden;
de verrijzenis van het lichaam."
Klik
Met al de tegenstrijdige verhalen over Jezus zoals : het koppel "Jezus en Maria Magdalena" zijn verblijf in Indië, de Pistis Sophia dat Jezus elf jaar onderricht gaf na zijn kruisiging, en nu de bewering dat hij homosexueel zou geweest zijn, is het duidelijk dat al die verhalen zeer in contrast staan met de toch wel overeenkomstige verhalen tussen de verschillende schrijvers van het N.T.