HLN schreef:
Partijen worden nog wat rijker: dotaties stijgen ondanks veel geroep over besparingen
“We zetten de hervorming van de partijfinanciering verder”, klonk het ambitieus in het Vivaldi-regeerakkoord in september 2020. Maar van die broodnodige hervorming is de voorbije vier jaar niets in huis gekomen. Sterker nog: de subsidie die politieke partijen jaarlijks krijgen, is fors omhoog gegaan, blijkt uit nieuwe documenten die HLN kon inkijken.
De federale basissubsidie voor politieke partijen is de voorbije vier jaar gestegen van 32 miljoen euro in 2020 naar 36,4 miljoen euro in 2024. Dat blijkt uit de ontwerpbegrotingen van Kamer en Senaat die onze redactie kon inkijken. De documenten worden binnenkort goedgekeurd door beide plenaire vergaderingen. Maar het stopt niet bij dat ene basisbedrag. Via allerhande zijwegen krijgen de politieke partijen in de Kamer en de Senaat extra geld toegestopt. Zo stijgt in de Kamer de werkingstoelage voor de politieke fracties tot 11,46 miljoen euro in 2024 — een stijging met 11,5 procent in twee jaar tijd. Dat geld staat nog los van de lonen van de politieke medewerkers, die de Kamer in 2024 ruim 34 miljoen euro zullen kosten.
Geen vodje papier
Groen-Kamerlid Kristof Calvo, die van politieke vernieuwing zijn stokpaardje heeft gemaakt, ziet de budgettaire ontsporing met lede ogen aan: “De deadline ligt voor mij op 31 januari: na lang aandringen verschijnt dan het burgerplatform ‘We need to talk’ terug voor de bevoegde Kamercommissie. Het is de hoogste tijd om de beloofde hervorming uit het regeerakkoord door te voeren. Dat laatste is voor mij geen vodje papier. Na 31 januari is het dossier vrij: met Vivaldi als het kan, zonder Vivaldi als het moet.”
Met pijn in het hart keurt Calvo’s groene fractie binnenkort waarschijnlijk toch de begrotingstabellen voor 2024 goed. Vanuit de partijhoofdkwartieren is er namelijk weinig appetijt voor een extra ‘haircut’ in de laatste maanden voor de verkiezingen.
Een verkiezingsjaar is vaak duurder: er zijn heel wat personeelswissels en uittredingen die bekostigd moeten worden
Onderzoeker en expert partijfinanciering Gunther Vanden Eynde (KU Leuven)
Ook in de Senaat slaagt men er niet in om de aangroeiende partijsubsidies een halt toe te roepen. Opvallend daar is de forse stijging van het budget voor politiek personeel. Concreet stijgt dat bedrag in één jaar tijd met 14,7 procent, van 11,67 miljoen euro in 2023 naar 13,37 miljoen euro in 2024. Onderzoeker Gunther Vanden Eynde (KU Leuven) is nog mild voor die stijging: “Belangrijk is dat de begroting voor 2024 nog maar een raming is, een voorlopige inschatting dus. Daarnaast is een verkiezingsjaar vermoedelijk doorgaans duurder: er zijn mogelijk heel wat personeelswissels en uittredingen die bekostigd moeten worden.”
‘Njet’ van Franstaligen
Senaatsvoorzitter Stephanie D’Hose (Open Vld) benadrukt van haar kant dat ze een ‘njet’ heeft gekregen van Franstalige politieke partijen — met name MR en PS — om te snoeien in het politiek personeel. Voorts legt D’Hose uit dat de Senaat in 2024 verplicht is om twee loonindexeringen uit te betalen van telkens 2 procent aan al haar personeel. Tot slot herhaalt ze dat er opzegvergoedingen zijn, bijvoorbeeld voor niet-herverkozenen. Dat zijn wettelijke verplichtingen waar niet zomaar op kan worden beknibbeld.
De onvermijdelijke stijgingen omwille van de automatische indexverhogingen komen vaak terug als argument in het dossier van de partijfinanciering. Maar volgens professor arbeidseconomie Stijn Baert (UGent) valt het wel mee met die verplichte loonindexeringen: “Reken op 2 procent erbij voor overheidspersoneel in 2023 en 4 procent in 2024.” D’Hose houdt wel vol dat de Senaat in twee jaar tijd effectief 15 miljoen euro heeft bespaard zoals de federale regering van haar vroeg.
Maar die beloofde verminderingen zijn er niet gekomen op de kap van de partijen, stelt onderzoeker Vanden Eynde vast: “De aangekondigde besparingen op het politieke personeel zijn deze legislatuur niet gebeurd, waardoor de hele inspanning is afgewimpeld op de instelling zelf en op haar werkingsmiddelen.” Dat blijkt ook uit de ontwerpbegroting van de Senaat. Terwijl het budget voor politiek personeel daar met 14,7 procent toenam, bleef de loonkost van de ambtenaren onder controle: die stijgt in 2024 ‘slechts’ met 2,2 procent tot 22,37 miljoen euro.
De oppositiepartijen richten al langer hun pijlen op de aanzwellende partijsubsidies. De radicale partijen PVDA en Vlaams Belang vinden elkaar in hun gemeenschappelijke eis om de partijdotaties te halveren
Bevriezing
Wie de bovenstaande bedragen optelt, komt al snel uit op ruim 61 miljoen euro aan jaarlijkse partijsubsidies uit de geldkassen van Kamer en Senaat. Door die forse toename is de Senaat zelfs genoodzaakt om haar jaarlijkse overheidsdotatie gevoelig op te trekken. Vorig jaar vroeg én kreeg de Senaat al een beperkt extra budget van 250.000 euro van de regering-De Croo, goed voor een overheidsdotatie die klimt van 40,75 naar 41 miljoen euro. Maar voor 2024 vraagt en krijgt de Senaat liefst 3,6 miljoen euro extra uit de federale begroting. Dat brengt haar totale overheidsdotatie op 44,6 miljoen euro.
De oppositiepartijen richten al langer hun pijlen op de aanzwellende partijfinanciering. De radicale partijen PVDA en Vlaams Belang vinden elkaar in hun gemeenschappelijke eis om de partijdotaties te halveren. N-VA stelt een bevriezing van de indexeringen voor. Bovendien willen de Vlaams-nationalisten extraatjes, zoals bijvoorbeeld een ‘gewone’ en een ‘buitengewone’ subsidie van ongeveer 1,4 miljoen euro in de Senaat, onmiddellijk schrappen.
https://www.hln.be/binnenland/partijen- ... ace8851db/