Mijn vrouw heeft nooit een strozak, laat staan een canvastent van binnen gezien; ja, toch... in de showrooms van diverse campingzaken. Maar daar is er geen ongemak, dat is licht zat en geen spatje aan de hemel.
Maar niet alle ongemak is nadelig als je gaat kamperen; zeker niet als je een onhandige nonkel mee hebt als gezelschap.
Zo herinner ik me, uit lang vervlogen tijden, dat we met drie tenten van allerlei allooi, het gekende riviertje in La Roche gingen bevolken. Ene van ons gezelschap althans. Wij bivakeerden in de biezenkant op een verhoogd talud, maar nonkeltje had een plaatsje gevonden -dacht ie- daar kon ie makkelijk drie tenten kwijt. Maar z'n zadeldaktent was zo nog niet opgezet; de kleiachtige ondergrond op de leiachtige bodem liet niet toe zijn haringen daarin te hijen waar hij ze graag wou hebben. Dan maar gehort aan de omstaande bomen, ook geen probleem.
En het was droog die dag, héél droog... de zon scheen over de kampeerplaats alsof ze zich in de woestijn waagde; het weinige loof bood nauwelijks beschutting. Wou je verkoeling moest je onder je luifel schuilen of pootje baden in het riviertje (de naam ontgaat me voor 't ogenblik).
Maar het Belgische weertje hé... eenmaal een volle dag zon, komt 's avonds het gedonder in de glazen. Donkere wolken stapelden zich op en in een mum van tijd ving de splensbui aan. Na een uurtje of zo leek het erop of de dam, een eind stroomafwaarts had het begeven en had rechtsomkeer gemaakt richting onze tentzeilen.... het goot !
Wij schuilden op ons verhoog, maar nonkeltje zat in z'n diepe dal te hozen. Het riviertje was buiten haar oever getreden en had zijn grondzeil al ingepalmd. Voor ons geen erg, wij hadden veldbedden, hij -nonkel- enkel een luchtbed.
Heel de nacht bleef het -bij hem- dwijlen met de kraan open tot ie uiteindelijk toch in slaap moest gedommeld zijn.
's Morgens een heerlijk zonnetje, maar het beekje had het omliggend terrein in een basin veranderd; ons plekje was al droog.
Bij nader toezien was dat van nonkeltje ook droog, zelfs geen luchtbed meer te bespeuren...
Wie haalt het nu in z'n hersens om 's morgens vroeg al op een luchtbed én in pijama de beek af te drijven ? Ja, hij... Het beekje was een kolkend stroompje geworden en had hem meegesleurd vanuit z'n openstaand waterreservoir...
Eenmaal moet je toch lessen trekken, niet elke vrijstaande plaats is geschikt om een tent op te zetten... Nu wist hij wel beter, dat zou hem niet nog eens overkomen...
En wij konden onze lol niet op...
