Welke gebeurtenis uit jouw jeugdjaren staat onuitwisbaar in je geheugen geprent, zodat je slechts de ogen hoeft te sluiten om de film opnieuw te zien afdraaien, op het scherm van jouw herinnering?
Bij mij is dit alleszins het geval, al is het geen opwekkend verhaal, het is een verschrikkelijk drama.
Het gebeurde luttele jaren na WO II, en het speelde zich af in de wijk Luchtbal, ten Noorden van Antwerpen, waar ondergetekende zijn jeugdjaren gesleten heeft.
We waren woonachtig in de Canadablok, een wooncomplex van een sociale huisvestingsmaatschappij.
Tijdens de oorlog was het blok ingenomen door de Duitse bezetters, die er een kazerne hadden van gemaakt.
Nadat de wapens waren neergelegd werd het complex stormenderhand terug ingenomen door de Belgen.
(Deze Belgen zijn er nu, op enkele uitzonderingen na, allemaal verdwenen ten gunste van inwijkelingen.)
Om ons naar de stad te begeven maakten we gebruik van de boerentram. Dat was indertijd zowat het enige vervoermiddel, onze fiets te buiten gelaten. Deze tram reed aan de overkant van de Noorderlaan.
Die Noorderlaan, de grote verbindingsweg tussen de stad en de haven, is nu 8 rijstroken breed en de tram is vervangen door autobussen, maar in die tijd was het gewoon een kasseien tweevaks rijweg, die we telkens moesten oversteken om de tramhalte te bereiken.
En op die onheuglijke dag stapte een jonge moeder met haar zoontje, een knul van zeven, van de tram en op de terugweg naar huis steekt ze de rijweg over en stapt op het fietspad.
Het jongetje had van zijn mama in de stad een zeilbootje gekregen, zo’n ding van een 30cm. lengte, dat hij in zijn handje geklemd hield. Wat zijn mama echter niet gezien had, op zo’n anderhalve meter voor ze het fietspad bereikten, had hij zijn bootje laten vallen. Dus rukt hij zich los van mama's hand en loopt terug om het ding op te rapen.
Nu reden er in die tijd nog niet veel vrachtwagens. Maar toen naderde er juist wel een. De chauffeur ziet het kereltje juist voor zijn camion de straat oplopen, doet al het mogelijke om hem te ontwijken want remmen was er niet meer mee gemoeid. Hij slaagt daar ei zo na in en rijd rakelings naast de jongen.
De wielen waren aan de as bevestigd met van die grote bouten die een heel eind uitstaken. Die bouten grijpen in de kleren van ons knulletje en draaien hem rond. Slaan met zo’n ontzettende kracht zijn hoofdje tegen de kasseien, dat er van zijn hoofdje niets meer overblijft. De stukken vliegen meters ver in het rond.
Ik hoef dus alleen maar mijn ogen te sluiten als ik daaraan terugdenk, om die film in slowmotion terug te zien, het is zo ongeveer de eerste herinnering die mij altijd is bijgebleven.
Een hysterisch krijsende mama, de chauffeur die uit zijn cabine komt geklauterd en meteen door de knieën zakt, rechtgeholpen word door toegesnelde mensen en op de grasberm gelegd, waar hij krijtwit en als levenloos blijft liggen, mensen die komen toegelopen en ook mijn eigen moeder die me bij de hand wegtrekt van het hele gebeuren.
Maar niet dan nadat ik nog gezien had dat ook de papa van het kereltje op de plek was toegekomen, en met een versteend gezicht het bootje opraapte waaraan niets mankeerde…
Amper een maand later zijn de ouders verhuisd naar een ons onbekende bestemming.
Hopelijk lees ik hier wat prettigere herinneringen van de senioren!
Bij mij is dit alleszins het geval, al is het geen opwekkend verhaal, het is een verschrikkelijk drama.
Het gebeurde luttele jaren na WO II, en het speelde zich af in de wijk Luchtbal, ten Noorden van Antwerpen, waar ondergetekende zijn jeugdjaren gesleten heeft.
We waren woonachtig in de Canadablok, een wooncomplex van een sociale huisvestingsmaatschappij.
Tijdens de oorlog was het blok ingenomen door de Duitse bezetters, die er een kazerne hadden van gemaakt.
Nadat de wapens waren neergelegd werd het complex stormenderhand terug ingenomen door de Belgen.
(Deze Belgen zijn er nu, op enkele uitzonderingen na, allemaal verdwenen ten gunste van inwijkelingen.)
Om ons naar de stad te begeven maakten we gebruik van de boerentram. Dat was indertijd zowat het enige vervoermiddel, onze fiets te buiten gelaten. Deze tram reed aan de overkant van de Noorderlaan.
Die Noorderlaan, de grote verbindingsweg tussen de stad en de haven, is nu 8 rijstroken breed en de tram is vervangen door autobussen, maar in die tijd was het gewoon een kasseien tweevaks rijweg, die we telkens moesten oversteken om de tramhalte te bereiken.
En op die onheuglijke dag stapte een jonge moeder met haar zoontje, een knul van zeven, van de tram en op de terugweg naar huis steekt ze de rijweg over en stapt op het fietspad.
Het jongetje had van zijn mama in de stad een zeilbootje gekregen, zo’n ding van een 30cm. lengte, dat hij in zijn handje geklemd hield. Wat zijn mama echter niet gezien had, op zo’n anderhalve meter voor ze het fietspad bereikten, had hij zijn bootje laten vallen. Dus rukt hij zich los van mama's hand en loopt terug om het ding op te rapen.
Nu reden er in die tijd nog niet veel vrachtwagens. Maar toen naderde er juist wel een. De chauffeur ziet het kereltje juist voor zijn camion de straat oplopen, doet al het mogelijke om hem te ontwijken want remmen was er niet meer mee gemoeid. Hij slaagt daar ei zo na in en rijd rakelings naast de jongen.
De wielen waren aan de as bevestigd met van die grote bouten die een heel eind uitstaken. Die bouten grijpen in de kleren van ons knulletje en draaien hem rond. Slaan met zo’n ontzettende kracht zijn hoofdje tegen de kasseien, dat er van zijn hoofdje niets meer overblijft. De stukken vliegen meters ver in het rond.
Ik hoef dus alleen maar mijn ogen te sluiten als ik daaraan terugdenk, om die film in slowmotion terug te zien, het is zo ongeveer de eerste herinnering die mij altijd is bijgebleven.
Een hysterisch krijsende mama, de chauffeur die uit zijn cabine komt geklauterd en meteen door de knieën zakt, rechtgeholpen word door toegesnelde mensen en op de grasberm gelegd, waar hij krijtwit en als levenloos blijft liggen, mensen die komen toegelopen en ook mijn eigen moeder die me bij de hand wegtrekt van het hele gebeuren.
Maar niet dan nadat ik nog gezien had dat ook de papa van het kereltje op de plek was toegekomen, en met een versteend gezicht het bootje opraapte waaraan niets mankeerde…
Amper een maand later zijn de ouders verhuisd naar een ons onbekende bestemming.
Hopelijk lees ik hier wat prettigere herinneringen van de senioren!
Zo, dat was het dan.
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !
Heb nog een goed leven en we zien mekaar misschien weer in de hel.
Tot zolang dan zal zandmannetje jou wel in slaap lullen !