Zodra je ouder wordt neemt de kans op slaapproblemen toe. Het zorgt er vaak voor dat je moeilijker kunt inslapen, ‘s nachts vaker wakker wordt of ‘s morgens veel te vroeg ontwaakt. Je slaapt daardoor minder goed en dat kan in het ergste geval vervelende gezondheidsklachten met zich meebrengen. In dit artikel leggen we uit waarom goed slapen soms moeizamer gaat als je ouder wordt en geven we drie praktische tips over hoe je hiermee omgaat.
Waarom slaap ik slechter naarmate ik ouder word?
‘s Nachts vinden er verschillende slaapstadia plaats: de lichte slaap, de diepe slaap en de REM- of droomslaap. Deze stadia wisselen elkaar voortdurend af. Naarmate je ouder wordt maakt je lichaam minder melatonine aan. Dit is het stofje dat ervoor zorgt dat je slaperig wordt en makkelijker inslaapt. Daardoor neemt de hoeveelheid diepe slaap af en dat is juist de slaapfase die je nodig hebt voor lichamelijk en geestelijk herstel.
Als je ouder wordt slaap je vaak lichter. Hierdoor heb je sneller last van omgevingsgeluiden omdat je hier ‘s nachts vaker wakker van wordt. Dat zorgt ervoor dat je rommelig slaapt, je meer draait op je hoofdkussen en dat de diepe slaap uiteindelijk dan ook korter is. Je ontwaakt daardoor minder uitgerust.
Je slaappatroon kan ook veranderen doordat je op hogere leeftijd geen of een minder gestructureerd dagverloop hebt. Je gaat bijvoorbeeld op verschillende uren slapen en staat ook op verschillende uren op of doet overdag een middagdutje. Hierdoor wordt je biologische (slaap)klok verstoord en dat brengt je slaappatroon uit evenwicht, waardoor je minder goed slaapt.
Drie tips om goed te slapen op hogere leeftijd
Een goede nachtrust is heel belangrijk. Langere tijd niet goed slapen kan uiteindelijk leiden tot een chronisch slaaptekort met onplezierige klachten, zoals constante vermoeidheid, concentratieproblemen, sombere gevoelens, prikkelbaarheid en een verminderde weerstand. De onderstaande tips kunnen je helpen om beter te slapen.
Tip 1. Zorg voor de juiste slaapkamertemperatuur
Om goed te kunnen slapen moet je slaapkamer niet te warm of te koud zijn. De ideale slaapkamertemperatuur ligt doorgaans tussen de 15 en 18°C. Zorg ook dat je zelf de juiste temperatuur hebt. Kies bijvoorbeeld voor een dekbed van ademend materiaal. Zo blijft je lichaam ‘s nachts constant op een gelijke temperatuur waardoor je beter slaapt. Trek een pyjama met lange mouwen en pijpen of een dik slaapkleed aan zodat je het aangenaam warm hebt.
Tip 2. Drink geen opwekkende stoffen
In veel drankjes zit cafeïne en cafeïne zorgt ervoor dat je energie krijgt en alert blijft. Daardoor wordt het een stuk lastiger om te kunnen inslapen. Drink daarom in de namiddag na 15u geen opwekkende stoffen meer, zoals koffie, thee en cola. Drink ‘s avonds ook niet meer teveel. Zo wordt je nachtrust niet verstoord doordat je ‘s nachts moet opstaan om te plassen.
Tip 3. Zorg voor een regelmatig slaappatroon
Een regelmatig slaappatroon kan je helpen om beter te slapen. Ontwikkel daarom een vast slaap-waakritme door zoveel mogelijk rond hetzelfde tijdstip te gaan slapen en op te staan. Zo went je lichaam aan het vaste ritme en zal je makkelijker kunnen inslapen. Het bevordert ook de kwaliteit van je slaap en dat is belangrijk voor een goede nachtrust.
