Oostende / Antwerpen
Ensor is in 1860 in Oostende geboren en is er in 1949 overleden. In 2024 is dat 75 jaar geleden. De musea die in 2024 deelnemen aan de viering van Ensors kunst, willen stuk voor stuk aantonen dat het oeuvre van Ensor, ‘le peintre des masques’, zoveel meer is dan maskers. Oostende als de stad waar Ensor geboren en gestorven is en zijn hele leven bleef wonen, Antwerpen dat met het KMSKA de grootste Ensorcollectie ter wereld heeft en ook het expertisecentrum over deze kunstenaar. Naast de spreiding in de ruimte is er ook een spreiding in de tijd: in Oostende zorgt een uitgebreid stadsfestival voor talloze activiteiten gedurende de eerste negen maanden van 2024. Vanaf oktober neemt Antwerpen de fakkel over. Samen bieden ze twee toptentoonstellingen aan, geflankeerd door talloze andere tentoonstellingen, alles samen garant voor een ambitieus en complementair jaarvullend programma.
Tentoonsteling: "Rose, Rose, Rose à mes yeux. James Ensor en het stilleven in België van 1830 tot 1930"
Tot 14 april 2024 te zien in Mu.ZEE in Oostende. Het stilleven neemt een uiterst belangrijke plaats in, in heel zijn geschilderde oeuvre en dat is bij uitstek de aanleiding om Ensors stillevens en deze van andere Belgische kunstenaars te tonen.
Mu.ZEE organiseert van 16.12.2023 tot 14.04.2024 de tentoonstelling Rose, Rose, Rose à mes yeux – James Ensor en het stilleven in België 1830 – 1930. Deze tentoonstelling, gecureerd door gastcuratoren prof. dr. Bart Verschaffel en Sabine Taevernier en Mu.ZEE-curator Stefan Huygebaert, concentreert zich voor het eerst helemaal op de stillevens van James Ensor. Een vijftigtal werken uit de belangrijke productie van Ensor op dit gebied - van de eerste burgerlijke voorbeelden over de ‘bespookte’ stillevens van de jaren ’90 tot de etherische, dromerige voorbeelden van de late periode – dient als ruggengraat en ijking voor een overzicht van het stilleven in België tussen 1830 en 1930. Meerdere talentvolle schilders zoeken in deze eeuw hoe het genre, dat verworden is tot een pronkerig, decoratief genre zonder artistieke inzet, opnieuw opgeladen kan worden, zowel picturaal en iconografisch. Ensor illustreert hier tegelijk de algemene ontwikkeling, en zijn eigen uitzonderlijke kwaliteit.
De tentoonstelling biedt vooreerst een overzicht van de 19e-eeuwse, academische, decoratieve traditie vanaf David De Noter tot Frans Mortelmans, met vele vergeten maar zeer vakkundige en in hun tijd zeer succesvolle schilders zoals Jean Robie en Hubert Bellis. Bijzondere aandacht gaat hierbij naar geheel vergeten vrouwelijke schilders zoals Alice Ronner en Georgette Meunier, alsook de geïsoleerde figuur van Henri De Braekeleer. Daarop volgt een selectie van schilders die zich, reeds binnen de geaccepteerde traditie van het modernisme, toeleggen op het stilleven, maar zelf binnen de geplogenheden van het genre blijven zoals Louis Thevenet. Daarnaast worden een aantal schilders geplaatst die, net zoals Ensor, door hun picturale aanpak en beeldopbouw, zeer eigen, sterke beelden maken zoals Leon Spilliaert, Gustave Van de Woestyne, Frits Van den Berghe en de veel minder bekende Walter Vaes. De tentoonstelling sluit af met kunstenaars die de vaste beeldruimte van het ‘theater van de dingen’ opblazen: Jean Brusselmans en René Magritte.
Een uitzonderlijke scenografie
Voor Rose, rose, rose à mes yeux, de “laatste tentoonstelling” in afwachting van de aanstaande renovatie van het museumgebouw, werd in Mu.ZEE een speciale scenografie door Kris Coremans en Guy Châtel (ssa/xx - architecten) ontworpen. Ze maakt een voorgrond voor de expositie terwijl de talrijke ruimtelijke incidenten van het bestaande gebouw naar de coulissen worden verwezen. De scenografie confronteert het voormalige warenhuis waarin Mu.ZEE is gevestigd met het model van het 19de-eeuwse museum. De ruwe houtstructuur evoceert de contouren van een klassiek museum met middenzaal en zijgalerijen. De tentoongestelde stillevens zijn opgehangen aan een zijdeachtige populierbeplating. De curatoren kozen ervoor de schilderijen dicht bij elkaar te hangen, opnieuw zoals in de 19de-eeuwse musea, om de bezoeker optimaal in staat te stellen om vergelijkend te kijken. De hoger uitgewerkte houtstructuur blijft zichtbaar in het bovenste en het onderste register van de wandopbouw. De centrale Ensorzaal vormt een schrijn. De beplating is er aaneengesloten, over de ganse omtrek. In de galerijen daarrond, waar de decoratieve 19de-eeuwse toepassing van het stilleven wordt getoond, is de beplating hier en daar onderbroken om perspectieven en doorkijken te openen, en zo het bestaande museumgebouw als zichtbare context aanwezig te stellen. De zaal die aan de modernistische bevraging en problematisering van het genre “stilleven” is gewijd, wijkt met twee schuine wanden af van de conventionele rechthoek. Ze leidt naar de Epiloog waar de schilderijen die de opheffing van het genre typeren tegen de witte museumwanden worden getoond.
De tentoonstelling toont bruiklenen uit de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, Brussel, het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen, het Museum voor Schone Kunsten van Gent, het musée d’Orsay in Parijs en van talrijke publieke instellingen en private verzamelingen uit onder meer Nederland, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland, Oostenrijk en Monaco.
Bij de tentoonstelling hoort een publicatie in drie talen (Mercatorfonds, Brussel, 2023) met, naast de cataloog van de tentoongestelde werken, bijdragen over de betekenis van het stilleven in het oeuvre van James Ensor en de geschiedenis van het stilleven in België.
James Ensor, familietentoonstelling en doe-expo in Fort Napoleon, tot 14 april 2024.
Fort Napoleon bouwde de jongste jaren een goede reputatie op bij het organiseren van kindvriendelijke tentoonstellingen. In die traditie organiseert Fort Napoleon in het Ensorjaar een unieke familietentoonstelling over James Ensor, gebaseerd op het kinderboek rond Ensor, waarschijnlijk in samenwerking met Thais Vanderheyden.
En meer in 2024 in Oostende:
- Zelfportretten – Ensorhuis, vanaf 21 maart 2024
- Oostende, Ensors denkbeeldige paradijs – Ensorhuis, vanaf 29 juni 2024
- James Ensor: Satire, parodie, pastiche – Ensorhuis, vanaf 19 september 2024
