Gelukkig oud worden: ook Thieu Vanhees droomt ervan.
Vele mensen koesteren de verzuchting om oud te worden. Maar oud zijn brengt voor sommigen niet altijd de gewenste zegen mee. Kwaaltjes en ongemakken durven de leeftijdspret wel eens komen bederven.
Het is helemaal geen geheim dat ons welvaartspeil de levensverwachting de laatste decennia steeds maar omhoog duwt. We mogen gelukkig steunen op een mooie levensstandaard, op keurige zorgvoorzieningen, op gezondere voeding. Elementen die het streven naar een hoge leeftijd niet zo onbereikbaar ver van ons verwijderd houden. Daar kunnen we blij om zijn.
Toch vallen nog te veel mensen uit de welvaartsboot. Slachtoffers van oorlogsellende, van natuurrampen, van gebrekkige ontwikkeling. Spijtig!
Ah, je viert je tachtigste verjaardag. Prachtig! Gefeliciteerd man! Je hoort het wel vaker. De ondertoon is er een van bewondering.
Ofwel : “Negentig jaar ? Whaw, zeg! En nog zo goed te been, proficiat! Doe er nog maar wat jaartjes bij!” Normale menselijke reacties, meestal heel oprecht. En dan zijn er ook die vele dappere oudjes die zich nog dagelijks vlot onder de mensen begeven, die heel actief in het leven staan, met of zonder rollator, maar goed te been en helder van geest. En de meesten met een benijdenswaardige glimlach op het gelaat.
Echte uithangborden met ‘t juiste recept voor “waardig en gelukkig oud zijn”. Het is helaas niet iedereen gegeven. En we hebben niet te kiezen, hoezeer we ook ons best doen voor een gezonde levenswijze. Al te vaak maait de dood jonge vitale krachten genadeloos weg uit dit aardse leven. Het oud worden wordt vaak bestempeld als een kwestie van veel geluk hebben. Misschien is dat zo. Maar het geluk lijkt toch wreed en onrechtvaardig te werk te gaan.
Ik genoot dezer dagen het voorrecht een bijzonder mens te mogen ontmoeten. Puur toeval eigenlijk! In de winkelrayon schoof ik beleefd mijn kar op zij om hem te laten passeren. Jawel, hij steunde op een rollator. Bij het passeren hield hij even halt en keek me met een dankbare glimlach aan. Ik vond het gepast deze toevallige ontmoeting te bezegelen met een klassiek routine babbeltje, terwijl ik stiekem gokte naar zijn leeftijd.
“Fijn dat we er nog mogen zijn, nietwaar mijnheer? Ja ik had de keuze. Ofwel in mijn zetel blijven zitten, ofwel van wat menselijk gezelschap komen genieten. En dat lukt me aardig met deze babbel.”
Omdat ik ervan uitging dat we beiden tot dezelfde leeftijdscategorie behoorden, fluisterde ik hem discreet mijn al aardig gevorderd aantal jaren toe. Hierop kreeg ik een verpletterende respons. Een ogenblik stond ik perplex. Zulk een antwoord had ik helemaal niet verwacht.
“Mijnheer, ik ben honderdendrie jaar, maar ik vind dat niet zo belangrijk. Het leven is maar waardevol door de mensen om me heen. We moeten niet op alles het label “zinvol” gaan plakken. Het leven is op zich al mooi genoeg. En dat maakt het voor mij juist zo waardevol.”
Hier sprak een levensfilosoof pur sang. Graag had ik deze jeugdige eeuweling nog verder horen filosoferen. Maar het banale tijdsbesef verhinderde dat. Onbewust en onverwacht had ik een waardevolle ontmoeting met de concrete tastbare zin van het leven.
Ik kreeg zomaar gratis een handleiding mee om met andere ogen naar het leven en naar de mensen te kijken. Om elke dag weer opnieuw te beseffen hoe waardevol een mensenleven is, als je jezelf maar wil toelaten te leven met het nodige respect voor elk ander leven.
Mogelijk heb je dan toch de kans gehad om het geluk van dichtbij te kunnen ervaren.