Parochie Sint-Pieter-en-Paul.
***

.
Geschiedenis.
******
De Mechelaar noemt ze "Sint-Pieterskerk", maar in werkelijkheid heet ze officieel "Kerk van de H.H. Apostelen Petrus en Paulus". Bij de bouw in de jaren 1670 tot 1677 werd ze toegewijd aan de H. Franciscus Xaverius, de Spaanse Jezuïet (1506-1552), één der eersten die als missionaris naar Indië vertrok. Hij werd bekend als "Apostel van India" en werd 70 jaar na zijn dood, in 1622, heilig verklaard. De Jezuïetenorde zelf werd opgericht door Ignatius Van Loyola in 1540 als strijdende orde tegen de Reformatie (Protestantisme).
In Mechelen vestigden de Jezuïeten zich in 1580. In 1611 werd een noviciaat opgericht in de gebouwen van het vroegere Prinsenhof of Keizershof. Dit is het Hof waar in het begin van de 16de eeuw de latere Keizer Karel V in Mechelen werd opgevoed onder toezicht van zijn tante, Margaretha van Oostenrijk. De laatste resten van dit Hof vormen nu de Stadsschouwburg naast de kerk. In 1611 werd een eerste kapel ingewijd door de toenmalige aartsbisschop van Mechelen, Mathias Hovius. Na de Heiligverklaring van Franciscus Xaverius vergrootte de toeloop zodanig dat de kapel moest vervangen worden door een grotere die weldra ook te klein was. Toen werd het plan opgevat een grotere kerk te bouwen. Dit gebeurde met het geld van de twee paters Losson en naar het plan van Antoon Losson. Begonnen in 1670, werd ze voor de eredienst opengesteld op 23 mei 1677. Slechts op 8 augustus 1694 werd ze plechtig geconsacreerd door Aartsbisschop Humberto A Precipiano. Na de opheffing van de Jezuïetenorde in 1773 werd het een parochiekerk toegewijd aan de H.H. Apostelen Petrus en Paulus. Tijdens de Franse Revolutie diende ze vanaf 1798 als Tempel van de Rede. Na het Concordaat met Napoleon werd ze op 25 april 1802 opnieuw opengesteld voor de katholieke eredienst. Tussen 1970 en 1980 werd de kerk aan de buitenzijde volledig gerestaureerd. In 1982 en 1983 werd de vloer van de kerk vernieuwd. Bij die gelegenheid werden archeologische opgravingen uitgevoerd.
***
Gevel en toren.
**********
Tot 1782 stak de toren juist boven het dak uit. Toen werd hij een weinig hoger opgetrokken om er de parochieklokken in op te hangen. In de toren hangen vijf klokken, alle gegoten door Andreas Van Den Gheyn in Leuven in 1782, in 1820, en in 1822. In het veld van de topgevel staat het monogram van de naam Jezus: J.H.S. (Jesus Hominum Salvator, wat betekent Jezus Redder der Mensheid). Vroeger waren op de gevel nog beelden aangebracht die de verheerlijkte Sint-Franciscus en de vier werelddelen voorstelden. Al deze versieringen werden door de Franse revolutionairen verwijderd. In de nis boven de hoofdingang staat nu een beeld van de H. Petrus, vervaardigd door Jan Van Arendonck in 1876. Boven de twee kleine deuren zijn in halfreliëf beelden aangebracht van een Indische prins en prinses met het gezicht naar elkaar toegekeerd.
***
De kerkruimte.
***********

.
Het geheel vormt een mooie Barokkerk in echte jezuïetenstijl. Het ruimtegevoel wordt opgewekt door de composieten hoogoprijzende zuilen. Het kerkschip meet 60 m. bij 27 m. De middenbeuk eindigt op een ondiep koor in halve cirkelboog. Overal in de versiering wordt verwezen naar Franciscus Xaverius. Hierin komt de uitbundige devotie van de 17de eeuw tot deze Heilige tot uiting.
*****
Het Hoogkoor.
***********.

.
Het hoofdaltaar is laag en klein. Daarom werden de wanden van het halfrond rijkelijk versierd. In het bovendeel zien we God de Vader uitziend naar de H. Franciscus die geknield op een wolk naar Hem opstijgt. Onder de altaartafel ligt Franciscus op zijn sterfbed. Een engel laat een lichtstraal op hem vallen. Aan hoofd- en voeteinde zit een geknielde Indiër die tevens de altaartafel ondersteunt. In het midden van de altaartafel staat het tabernakel[foto 675] versierd met eucharistische symbolen. Naast het tabernakel staat links een engel die een jonge Indiër leidt, en rechts een engel die een Indisch kind de hemel wijst. Aan het uiteinde knielen serafijnen in aanbidding neer. Al deze beelden werden in marmer vervaardigd door de Antwerpenaar Melchior Hamers die in Mechelen overleed in 1723. In de nissen in de zijwanden staan beelden van Petrus, Paulus, Marcus en Lucas. Ze werden alle in 1867 vervaardigd door Jozef Geefs. Op het hoogkoor links vóór het altaar duidt een witte steen met bijna vergaan Maltezer kruis de plaats aan waar de ingewanden van Margaretha van Oostenrijk begraven liggen. Ze werden van de oude Sint-Pieterskerk naar hier overgebracht op 28 oktober 1778. Links en rechts in het koor staat een gestoelte met vier zitplaatsen. De gebeeldhouwde borstwering (voor de zetels) is uit de 18de eeuw. De vakken zijn voorzien van eucharistische symbolen: manna, lam Gods, ongedesemd brood, ark des verbond. Op de stijlen werden symbolen aangebracht van Priesterschap en eucharistie: druiventros, korenaren, kelk, kruis, stool. Waarschijnlijk was dit de communiebank van de oude Sint-Pieterskerk.
****
Kapel van de H. Maagd (links).
************************

.
Het altaar is uitgevoerd in wit en zwart marmer. Vooraan staat het monogram van de H. Maagd omringd door een stralenbundel. De groep engeltjes is het werk van Jan Gerrits (gestorven 1906). Op het altaar staat een kruisbeeld met ivoren Christus van Jeroom Ducquesnoy. In het midden boven het altaar in een nis van wit en zwart marmer staat een Mariabeeld met rechts het kind Jezus staande op een voetstuk. Dit is een werk van Maria Faid'herbe, tante van Lucas Faid'herbe, die architect en bouwmeester was van de kerk van Onze-Lieve-Vrouw van Hanswyck en van de kerk van Leliëndaal (de huidige Jezuïetenkerk in de Bruul). Aan weerszijden van het Mariabeeld staan pleisteren beelden van de H. Barbara en de H. Magdalena, vervaardigd door de Mechelse beeldhouwer Jan Frans Van Turnhout (18de eeuw)..
****
Kapel van de H. Apollonia (rechts).
******************************.

.
Vroeger was hier de kapel van de H. Ignatius. Het altaar is uitgevoerd in wit en zwart marmer door Jan Gerrits. In het midden van de altaarnis staat een beeld van de H. Apollonia uit de 18de eeuw. Het tabernakel is uitgevoerd in palissander met voet in schildpad. Links van het altaar staat een houten beeld van de H. Stanislas Kostka (jezuïet, heilig verklaard in 1726), vervaardigd door Jan Frans Van Turnhout. Rechts van het altaar een beeld van de H. Aloisius van Gonzaga, eveneens een jezuïet. Aan de muur hangt een schilderij van Lucas Franchoys de Jongere met 'n voorstelling van de H. Ignatius. In een nis aan de buitenmuur staat een miniatuurbeeldje van Onze-Lieve-Vrouw van Scherpenheuvel, gesneden uit het hout van de boom waarin het miraculeuze beeld werd gevonden.
****
De Communiebank.
**************
Deze werd vervaardigd in 1684 door J.F. Verbrugghen en stelt voor: het werk van de missionaris, de verheerlijking van Franciscus Xaverius en het Apostolaat van het Geloof. Op de stijlen tussen de panelen bevinden zich medaillons met hoofden van Indische prinsen en prinsessen. Als toneeltjes zien we van links naar rechts:
1. Missionaris in dienst van de inboorlingen;
2. Zinnebeelden van de pelgrim: buidel, staf, veldfles, hoed;
3. Roeping: kinderen verzameld bij klokgelui;
4. Ontwaken van het christendom: vrouw ontwakend bij de wekroep van de Apostel;
5. Toediening van het doopsel;
6. Vernieling van afgodsbeelden en oprichting van het Kruis;
7. Weldaden van het Geloof: het kruis brengt vrede;
8. Martelaarschap: voorbereidselen tot onthoofding;
9. Symbolen van priesterschap;
10. Doodsslaap onder de hoede van de Voorzienigheid.
****
De Preekstoel of Kansel.
*********************.

.
Deze werd in 1700 vervaardigd door J.F. Verbrugghen. Hij stelt de verspreiding van het Geloof voor over alle vier werelddelen (het vijfde werelddeel, Oceanië, werd pas uitgebreid ontdekt in de jaren 1770-1778). De voet is een wereldbol waarop zeeën, continenten en lengte- en breedtegraden afgebeeld staan. Vier figuren verpersoonlijken de vier werelddelen. Europa is een rijkgeklede vrouw met de rechterhand leunend op de hoorn van overvloed (= bezit) en een scepter (= macht), de linkerhand leunend op een boek (= kennis), en aan haar voeten een hinde. Azië is een vrouw met op het hoofd de tulband der heidenen, op de schouder een geldkistje, symbool van de Arabische handel, in de schoot een wierookvat, symbool van de Arabische reukwaren. Zij heeft blote voeten die doen denken aan het brandend zand van de woestijn. Afrika is een gespierde neger bedekt met de huid van een olifant en met een krokodil aan zijn voeten. Amerika is een indiaan met een hoofddeksel met pluimen, met boog en pijlkoker op de blote borst en een schildpad aan zijn voeten. Op de stijlen van de kuip staan de symbolen van de vier evangelisten. Op de panelen van de kuip zien we medaillons met de borstbeelden van beroemde jezuïeten. Op de omlijsting van het klankbord staan o.m. een borstbeeld van Ignatius van Loyola. Onderaan de trap staan beelden van Sint-Petrus en Paulus, waarschijnlijk van de hand van Nicolaas Van Der Veken.
***
De Biechtstoelen.
**************.

.
Niet minder dan 14 biechtstoelen getuigen van het grote Godsbesef en zondebesef van de gelovige mens uit de 17de eeuw. De biechtstoelen vormen langs beide zijden van de kerk een grote gebeeldhouwde lambrisering. Zij werden ontworpen door Nicolaas Van Der Veken (1637-1704).
***
De onderwerpen van de biechtstoelen aan de linkerzijde (indien gezicht gekeerd naar het koor) en van voor naar achter:
1. Symbolen van goddelijke deugden en gebed;
2. Symbolen van tijd, eeuwigheid en verdriet;
3. Symbolen van boetedoening;
4. Symbolen van beheersing, maat en wroeging;
5. Tekens van het lijden van Ons Heer;
6. Priesterlijke en pauselijke macht in de biecht;
7. Liefde tot God.
8. Meditatie en spijt;
Onderwerpen van de biechtstoelen rechts van voor naar achter:
9. Berouw;
10. Laatste oordeel: bijeenroepen van uitverkorenen en verworpenen;
11. De dood;
12. De Almachtige God;
13. De eigenlijke biecht;
14. De triomf van het Goede.
******.
De Schilderijen
*************
Langs de zijmuren boven de biechtstoelen hangen tien doeken van 3,5 m. bij 4,75 m. met episoden uit het leven van Franciscus Xaverius. Zij werden alle speciaal gemaakt als versiering van deze kerk tussen 1680 en 1704 en geschonken door particulieren. Zij werden geschilderd door verschillende meesters, allen navolgers van Rubens, zoals J. Erasmus Quellin, Lucas Franchoys de jongere, Jan Michiel De Coxie. De onderwerpen van de schilderijen zijn duidelijk leesbaar aangebracht op plaatjes onderaan elke schilderij. Achteraan tegen de buitenmuren hangen eveneens schilderijen met beelden uit het leven van Franciscus Xaverius.
*****
De Kruisweg.
***********.
De veertien staties uitgevoerd in halfverheven beeldhouwwerk werden gemaakt in 1867 door Jozef Geefs uit Antwerpen.
****.
De Apostelbeelden.
***************.

.
Tegen de pilasters boven de Kruiswegstaties prijken apostel beelden eveneens van de hand van Jozef Geefs. De beelden werden geleidelijk geplaatst volgens de vrijgevigheid van de Mechelaars. Het laatste beeld kwam er in 1871.
***.
De Doopvont (bij het altaar).
***********************
Zij bestaat uit een ronde kuip in zwart marmer rustend op een voet versierd met vier witmarmeren mascarons (groteske mensenkoppen) in Lodewijk XIV stijl. Het deksel is in gedreven Iatoen (geelkoper) afwisselend versierd met holle eierlijsten, akant en lofwerk. De kuip en het deksel hebben een diameter van 91 cm. De hoogte van de kuip is 90 cm., deze van het deksel 80 cm. De doopvont werd vervaardigd door Jan Smets rond 1655.
***
De Crypte.
*********.
Onder het koor en een deel van de kerkruimte is een crypte (niet toegankelijk) die gediend heeft als begraafplaats voor de overleden paters jezuïeten. Ook pater Antoon Losson werd hier begraven. De grafschriften vermelden data van 1678 tot 1782, wat bewijst dat ook na het vertrek van de jezuïeten in 1773, en toen de kerk al parochiekerk was (vanaf 1777), er nog begraven werd in de crypte.
*********
http://www.kerkmechelen.be/sintpieter.html#8