Piepauw,
In een vorige bijdrage schreef ik al: ik geef het op, jij schrijft beter dan ik, maar om een mij onbekende reden wilden mijn vingers toen helemaal niet ophouden, op het tempo van “Dansende Vingers” bleven ze maar op mijn toetsenbord tokkelen en de woorden werden zinnen waar ik verbaasd zat naar te staren en die zinnen werden ineen geweven tot een soort antwoord op wat jij niet hebt willen zeggen en dat waarschijnlijk volledig naast de kwestie was, als er tenminste al sprake was van enige kwestie waar alles mee begonnen is. Jij geeft immers nooit antwoord op vragen, eigenlijk zeg jij … helemaal niets, maar je zegt het wel heel mooi.
Jij koestert de taal, speelt ermee, kneedt de woorden, zoekt synoniemen, bouwt toespelingen in, haalt verborgen betekenissen te voorschijn, brengt ons in vervoering, gebruikt ingenieuze markeringen om te accentueren wat er niet staat, tovert van alles uit je hoge hoed tot zelfs een dode duif toe (de toif is toot meneir). Hoeveel tijd jij daaraan besteedt weet ik niet, misschien is het gewoon een natuurlijke aanleg, maar het zal wel veel dichter bij de waarheid zijn dat je voortdurend beter bent geworden, scherper, gevoeliger, door veel lezen, hard werken aan de taal en altijd maar schrappen en verbeteren.
Naast alle hand- en voetproblemen waar je reeds last van had, niet te vergeten een pijnlijke hernia waarmee je bij tijd en wijle toch de horlepiep kunt dansen, stel ik vast dat jij nu ook aan dezelfde besmettelijke afwijking begint te lijden als ik en dat ook jouw artikeltje bol staat van de vraagtekens. Mocht ik de oorzaak zijn van die besmetting dan wil ik mij daar graag voor verontschuldigen, je zult zien dat ik zelf probeer te genezen van die lelijke ziekte en behalve om aan te geven dat ik geen ?? wens te gebruiken zul je er dus geen aantreffen.
Ik heb ergens gelezen dat piepauw een lieveheersbeestje zou zijn in het West-Vlaams, en zoals jij bij hermano heb ik daar mijn bedenkingen bij. Veel weet ik niet over die diertjes behalve dat wij er elk voorjaar een paar honderd nieuwelingen bij hebben, gekweekt tussen de rubberen dichting van één bepaald raam en het houten kader. Alle jaren datzelfde raam, en alleen daar. Verder weet ik ook nog dat ze bladluizen eten, maar dat is dan ongeveer alles. Dat er bij lieveheersbeestjes mannetjes zowel als wijfjes bestaan lijkt mij evident, tenzij het hermafrodieten of hole(bi)’s zijn, en dan heet het wijfje waarschijnlijk wel een lievevrouwsbeestje, dus in jullie dialect vermoedelijk een mie-ma-uw.
Inderdaad, zoals je terecht opmerkt is hermano een Spaanse broer, toch eigenaardig dat zo één lettertje achter mijn voor-na-am een totaal nieuwe persoon kan creëren, en tegelijk geeft mij dat in de Europese Unie een enorme voorsprong op vele na-k-om-ers omdat “alle Menschen werden Bruder” en ik ben het dus al, terwijl zij nog een achterstand moeten wegwerken, zoals Piepauw ben ik ook bereid om met de helft van de wereldbevolking (las hermanas) te verbroederen/zusteren. Die ene kleine o heeft er voor gezorgd dat ik nu tot de koplopers behoor, dat ik in de race vooraan lig en de anderen op achtervolgen zijn aangewezen. Het geeft een mens een goed gevoel te weten dat hij voorop ligt en mocht Brombeer nu meelezen, dan zou hij dat direct vertalen naar een wielerkoers, een banddikte, een fietslengte, en ik zou hen dan het nakijken geven en hen mijn achterwiel laten zien.
Om bij het thema te blijven (Tilly!) zie ik het echter meer als een roeiwedstrijd en ik heb dan één of meer bootlengtes voorsprong genomen, bootlengtes die de afmetingen aannemen van de QE II of de Queen Mary. Buiten de tall ships race voor grote zeilschepen worden er geen wedstrijden meer georganiseerd voor schepen van dergelijke afmetingen alhoewel het enige schip dat het ooit heeft geprobeerd toch beroemd is gebleven.
In termen van vooruit en achteruit is roeien trouwens een heel eigenaardige sport omdat je in feite verkeerd in die boot zit en hoe harder je roeit hoe meer je er op achteruit gaat, vanuit het oogpunt van de roeier dan toch, terwijl de boot zelf vooruit schiet. Gelukkig dat je de roeispanen stevig beet hebt en dat je goed vastzit want met die tegengestelde bewegingen zou je al ras het noorden kwijt raken en nog uit de boot vallen en dan ben je die voorsprong snel kwijt, tenzij de anderen ook kopje ondergaan natuurlijk. De voorste heeft dan wel een volledig zicht op het deelnemersveld, hij kan rustig zijn tong uitsteken of grimassen trekken naar diegenen die achter hem liggen, die zullen dat niet eens merken tenzij ze omkijken. De achterste van het peloton (of van de vloot) daarentegen heeft geen flauw benul van wat er voor hem gebeurt, hij kan alleen maar kijken naar de plaats waar ze daarstraks nog allemaal samen lagen te wachten op de start of hij moet flagrant achter-om kijken.
Voor dubbel, de 4 of 8 met of zonder stuurman heb je dan ook het bizarre verschijnsel dat de voorste man in de boot gemakkelijk kan controleren of de mannen achter hem wel hun deel van het werk doen, terwijl de persoon helemaal achterin maar moet vertrouwen op zijn teamgenoten die voor hem zitten. Brombeer zou terecht opmerken dat dit niet opgaat voor een tandem en MC zou dezelfde opmerking maken over een billenkar, omdat het daar meestal de voorste(n) is (zijn) die al het werk doet (doen), terwijl die achteraan meestal lijntrekkers zijn, die zich gewoon laten meedrijven en van de zon genieten.
Bij watersporten heb je dan nog rugslag, ook zo’n rare manier van voortbewegen, maar kajak en kano zijn dan weer sporten van het normale type, de persoon in de boot zit heel gewoon vooruit te kijken, in kano wel op één knie, met zijn paddel of pagaai martelt hij het water om zo snel mogelijk zijn 500 of 1.000 meter af te werken en als eerste over de streep te komen, het spreekwoord indachtig “vooruit met de geit, de eerste is de rapste en de anderen vissen achter het net”. In de huidige gevaarlijke omstandigheden zou ik een kajak verkiezen, omdat je die toch enigszins waterdicht krijgt door een spatdek te gebruiken en omdat er ook exemplaren zijn die speciaal geschikt zijn voor afdalingen. Je riskeert immers om rustig een wedstrijd te betwisten op de Damse vaart en ineens wordt je opgetild door een vloedgolf en ben je precies bezig aan het wereldkampioenschap afdalen op het moeilijkste stuk van de Verdon, als je de techniek van het eskimoteren onder de knie hebt dan is er nog een kans, maar met een kano is die zo goed als onbestaande. Twee minuten later is alles voorbij en lig je in het Middelheimpark als een verzopen kunstwerk.
Jij twijfelt ook aan het aantal personen dat met de ballon mee is waarmee we “de grote reis” maken en ik zal meteen van de gelegenheid gebruik maken om ook daarover klaarheid te scheppen. De voorbereiding liet te wensen over en voor het vertrek was er enige tweespalt ontstaan over het verloop en de deelnemers, maar iemand liet de ballon vertrekken en toen was het te laat. Pas na een drietal dagen raakte het misverstand opgelost en er was geen tijd meer om dat uitgebreid te vieren omdat we ondertussen al met veel vij(f)ven en zessen over Normandië en Blois waren gevaren en met zevenmijlslaarzen de Zwitserse Alpen naderden, waar we met een onzachte plof een noodlanding maakten in een dikke sneeuwlaag.
Heel de tijd in die ballon heb ik mij gedeisd gehouden, weggekropen achterin de mand omwille van mijn dieptevrees zat ik maar voor mij uit te staren en nu ga je misschien vragen waarom ik dan het aantal voeten niet heb geteld, de mijne inbegrepen, dat ik dan alleen maar door twee moest delen om het juiste aantal deelnemers te kennen. Wel, het enige dat ik weet is dat er een driemanschap bestaat dat de leiding heeft van onze expeditie, te weten Kwezel en Zandman (in die volgorde) en in dit geval ook T’stropke omdat hij de piloot was en ons bijgevolg moest brengen waar we niet wilden zijn. Nochtans was het zoals gewoonlijk Kwezel die de touwtjes strak in handen hield en toen zij in een onbewaakt moment de teugels vierde is het misgelopen, waarschijnlijk mede door de hoeveelheid bier die aan boord was of misschien beter, die niet meer in dezelfde verpakking aan boord was. Die mand vol stoere vijftig-plussers begon te zwalpen maar we merkten dat zelfs niet op omdat we zelf ook zwalpten en toevallig volgden we dezelfde cadans. Wan Tang en Ed in hun 4x4, hun zestien dus, deden hun best om ons te volgen maar dat bleek onbegonnen werk omdat zij probeerde te sturen van op de achterbank terwijl Ed alle moeite deed om de voorraad bier uit te krijgen, hij was er immers van overtuigd dat ook hij in die ballon zat en hij wilde absoluut ballast kunnen uitgooien om te stijgen. Nadien bleek dat onze zevende man, TLL, zo verstandig was geweest om oorspronkelijk thuis te blijven en ons achterna te razen met zijn 2x2, voordat het helemaal in het honderd liep, omdat niemand precies wist in welke tijd we terecht zouden komen en hoe we daar nog moesten uit geraken.
Ik begrijp eerlijk gezegd niet waarom jij twijfelt, het lijkt mij toch overduidelijk.
Nu blijkt dat je mij ineens weer naar Mallorca zou willen sturen, omdat ik daar volgens jou nog een grote broer zou hebben, jij doet echt alles om de mensen toch maar van L Plm weg te houden. Jij wist met zekerheid dat ik met mijn uitgebreide kennis van toeristenspaans zou merken dat een platja Baleaars is, als dat dialect tenminste bestaat want ik heb de indruk dat het dan in elk geval nauw verwant is aan het Catalaans. Mijn vakanties ga ik de volgende jaren veiligheidshalve toch doorbrengen in de Franse of de Beierse Alpen, de Vogezen, de Jura, Zwitserland, Tirol (Oostenrijks of Italiaans), de Vlaamse Ardennen en misschien in Heuvelland, dat klinkt allemaal hoog (Brombeer zou nu direct zijn bombartuba te voorschijn halen om te laten horen hoe hoog) alhoewel Tenerife ook nog altijd in aanmerking komt, maar dan wel vlak bij de Pico del Teide.
Ik lees ook dat jij een begaafd danser bent, vooral exotische dansen dan toch, maar ik zou je willen vragen in naam van die miljoenen mensen om het op L Plm toch enigszins rustig aan te doen. Een trage wals of een quickstep kan nog net, een slow of een trage op één tegel is zeker aan te bevelen, maar het zou toch beter zijn om geen overbodige risico’s te nemen zodat een flamenco zeker uit den boze is. Mocht jij later nog last hebben van je hernia, dan zou ik toch eens aan de arts vragen om geen brufen of voltaren meer voor te schrijven, maar drie jonge vrouwelijke atletes per week, te nemen met mate na de laatste maaltijd van de dag maar voor het in slaap vallen, als ze al zo’n effect hebben op 3.000 km dan moet het van zo vlakbij zeker een schokeffect teweeg brengen. Opnieuw: let op met dat effect op L Plm, wacht liever tot in Boston.
Zoals ik had beloofd staat er geen enkel ? in mijn schrijfsel behalve dan in het begin om te zeggen dat ik van die ziekte wil genezen en daarom zou schrijven zonder die ??, ik heb vorige keer alle nodige tips gegeven om je reis te overleven en ik heb alles verteld wat je diende te weten onder vraagvorm en dit keer heb ik van alles gevraagd in vertelvorm.
Rest mij nog om je een goede reis en een aangename vakantie te wensen, zowel op L Plm als in Boston, alhoewel ik je misschien beter een behouden vaart kan toewensen met de wind va-na-achter en mogen de sterren jou gunstig gezind zijn, vooral dan de 5 van je hotel en later de 50 van de vlag, zet in Amerika alle zeilen bij, laat je niet de loef afsteken en laat je bovenal niet verleiden om daar in troebel water te gaan vissen of om spijkers op laag water te gaan zoeken. Denk er aan dat ook daar de beste stuurlui aan wal staan, alhoewel het in dit geval niet de ideale keuze lijkt met een vloedgolf op komst (Tilly!). Een behouden terugkeer en mocht je toch beslissen om in Amerika te blijven om dezelfde reden als de missionarissen in Congo, dan wens ik je veel moed bij je beschavingswerk, want dat zul je nodig hebben. Stem dan in elk geval tegen Bush, zoals ook wij in Bommerskonten zouden doen, voor Kerry of Nader maakt niet uit, kip met is lekker en bij Ralph denkt Brombeer onmiddellijk aan den arrivée van de koers waar ik nu eindelijk ben geraakt, gelukkig nog altijd met voorsprong.
Herman