Onze plechtige komunie,
Gedurende twee jaar kregen we catechismuslessen als voorbereiding op de grote dag.
Dit werd gegeven door onze pastoor na de mis van 7.30, tenminste als hij niet “ziek?” was, dan kwam hij even bij ons, een spoor van alcoholgeur achterlatend ,om te zeggen dat we konden gaan spelen.Ja, dit was eens een gelegenheid dat jongens en meisjes mochten samen spelen al draaide het dikwijls uit op ruzie waarbij de meisjes op het kerkhof gesloten werden,dan kwam de onderpastoor hen bevrijden waarbij we uitgescholden werden voor nietsnutten en vagebonden.
Na de les trokken die van het centrum nog voor een half uurtje naar huis, wij van de gehuchten hadden al een half uur te stappen en konden we niet op tijd terug geraken.
In de winter viel dat echt niet mee, de meisjes konden naar een verwarmd klaslokaal gaan, wij de jongens bleven wat rondhangen vermits de schoolpoorten maar om kwart voor negen opengingen. Ons boterhammeken hadden we dan ergens in de inham van een voordeur of garagepoort opgegeten, ja de koffie was nog goed warm vermits moeder het kruikske in een “ grauwpapier” gewikkeld had.
‘t Was het laatste oorlogsjaar, 1945, toen we ons komunie deden en veel viel er nog niet te kopen, zo had moeder mijn kostummeke met korte broek, schoenen en kousen reeds maanden op voorhand gekocht met rantsoeneringzegels
Ja in die tijd was het nog eens iets speciaals, een .”feest “ waarbij iedereen u proficiat wenste al wist velen niet wat antwoorden en het bleef gewoonlijk bij” vans gelijken”
Dat men” dank u” moest zeggen had niemand ons gezegd, of was het gewoon “ jaa”.
Veel plezier kan ik me van die dag niet herinneren, Met mijn grootmoeder te voet naar de eerste mis met mijn te kleine schoenen, mijn broekje waarin mijn billen spanden en kousen die maar tot half mijn benen kwamen , ja ons moeder had alles voorzien, ze zou rond die tijd bevallen en ja moeder lag die dag in het ziekenhuis.
Na de eerste mis kregen de communicanten uit onze wijk de kans om per auto, een fort T , met zo’n twee gasflessen op het dak, naar de hoogmis te rijden waar we plechtig onze doopbeloften vernieuwden.
We hadden een liedje aangeleerd dat door 27 jongens en 23 meisjes “gezongen” werd, hard werd er wel gezongen maar hoe??.
Na het middageten waarbij vader een paar kippen geslacht had, en peter en meter uitgenodigd waren, gingen weer te voet met gans de bende naar het lof met vespers.
Na deze viering werden we uitgenodigd op de pastorij voor een glas wijn met een koekje maar ik kon er niet heen, grootmoeder stond te wachten om met de tram
naar Brussel bij ons moeder te rijden.
Nu volgt er iets wat men in deze tijd voor onmogelijk houdt.
Bij onze aankomst in het ziekenhuis lag moeder daar “ met een gebroken been”
Toen ik het deken wou wegtrekken om mij te overtuigen hoe erg het was, kreeg ik te horen “ halt menneken ge gotj ma ziedoen”.( ge gaat mij pijn doen)
Later vernam ik dat ze opgenomen was voor een miskraam.
Aan de jongere lezers om een gedacht te vormen over onze seksuele opvoeding!!!!
De goede oude tijd ?????
niet wat ge zegt telt maar hoe ge het zegt.