Ja sdw, en toen was er de G P S nog niet hé.
Kreeg een mailtje binnen van een vriend die reageerde op
mijn varkens verhaal.
dag Jeroom,
Mooi werkstukje heb je daar geleverd.Ik was daar eigenlijk al een heleboel van ‘vergeten’. Nu komen er allerhande herinneringen boven, zoals:
-Midden oktober kreeg Pit van ons Finne absoluut verbod om met de jaarmarkt met een varken thuis te komen. Pit veegde daar glorieus zijn broek aan, en de avond van de jaarmarkt zat er haast zeker één, soms twee varkens in de koterij achter ons huis, waar ook ons gemak stond. Dit varken kreeg meestal alle tafeloverschotjes opgediend, soms gekookte rapen en pataten vermengd met een meel. Ik was als klein kind van pakweg 5 jaar absoluut niet op mijn gemak met die varkens in de buurt als ik naar het wc moest. Ze moesten maar eens uitbreken…
-Elk weekend werden die koten grondig gekuist, en met zo’n welriekend produkt (creoline? of zoiets..) ontsmet. Ondertussen liep dat varken vrij rond op de koer: mij niet meer gezien..
-Eens vetgemest was het tijd om afscheid te nemen van de varkens; dan was pa enkele dagen uit zijn doen, hij had warempel een hart voor die dieren gekregen, en deed zowaar aan stervensbegeleiding. Een goeie reden tot slachten was, als er alweer een trouwpartij zat aan te komen: zo’n varken was leverancier van vanalles en nog wat: zoals ge zegt: niets ging verloren.
-Van het slachten zelf herinner ik mij dat in mijn vroegste herinnering, het varken ten val werd gebracht, en levend gekeeld, daarna was er een periode dat het met een zware houten hamer vakkundig buiten westen werd geklopt, en daarna was er een periode dat het met een soort pistool (met enkel een slagpin) gebeurde.
-In de loop der jaren kregen wij verschillende slachters over de vloer: eerst was het onze buur: Mot, die een spekslagerij had in het huis dat nu verbouwd wordt. Daarna kwam er eentje vanuit Zierebeek of Zibbeek, en daarna eentje van Goudveerdegem. Namen zijn blowing in the wind
-De dagen voor het slachten was het voor een joenk gelijk ik veel beter om niet in de voeten te lopen: de voorbereidselen waren niet min. De dagen van slacht nog minder: zo kraaknet dat alles op voorhand was, zo vettig en vuil was nu het slachttoneel.
-Dagen op voorhand werd er in onze kelder het gereedschap nagegaan, en eventueel ontsmet: ik herinner mij dat er voor de ontsmetting van de houten pekelvaten zo’n soort solferwiek aan te pas kwam, om alle ongedierte uit het hout te verdrijven. Dat werd aangestoken, bleef daar dan met gesloten deksel een tijd in smeulen.
-Ons huis had een klein zijraam, van waaruit ik de dag van slachten vanop veilige afstand de operatie kon volgen. De vlammen en walmen kwamen soms vervaarlijk dicht in mijn buurt..
-In een vroegere periode werd er nogal wat gepekeld als bewaarmiddel, daarna had ons Finne met de hulp van de Boerinnenbond toch leren steriliseren, en kon zelfs zoet vlees een langere tijd bewaard blijven. Ook een ganse show, die Weckpotten..
-Bij ons werd na openrijten van het beest, op een rechtopstaande ladder, het kadaver buiten gelaten om te versterven: er trok wel iemand de wacht op, vergezeld van Lambik en Geuze. Er deden immers verhalen de ronde van dieren die onbewaakt achtergelaten waren, en ’s anderendaags ‘s morgens spoorloos verdwenen bleken te zijn.
-Het was inderdaad de gewoonte om de naaste buren en goeie vrienden te laten delen in een hutsepot. Wij woonden recht over de pastorie, en ook die viel regelmatig in de prijzen. Er zijn in schepdaal niet veel varkens hoekje om gegaan, zonder dat Van Mulders mee kon proeven. Ik geloof trouwens dat dat de hoofdreden was, waarom hij als één der eersten een reusachtige kofferdiepvries aanschafte.
-En als alles goed verlopen was werd er voor de medewerkers en vrienden, enkele weken nadat het huis terug opgeruimd was, een soort pensenkermis georganiseerd: witte pens met kriekskes…zalige koteletjes…ach, waar is de tijd…
Vincent
niet wat ge zegt telt maar hoe ge het zegt.