Idd. Talisman. Doordat de Goden zich vermengden met de primitieve mens waren de nakomelingen niet Goddelijk meer. Er trad voor de Goden dus een fysieke degeneratie op.
In het epos werden de Goden erop gewezen dat de mens "vlees" was. De mens was fysiek dus niet zoals de Goden zelf . Jammer genoeg gaat Sitchin hier niet verder op in. Ik ben van mening vanuit geestelijk oogpunt dat de Annunaki zowel geestelijk/intellektueel/verstandelijk als fysiek gevorderde wezens waren. Hun lichamen waren al meer vergeestelijkt of etherisch/fijnstoffelijker van bouw. Door zich te vermengen met de grofstoffelijke mens kwamen zij weer in het vlees terecht. Genetisch gingen zij terug achteruit. Aangezien geest en materie altijd samengaan betekende dit ook dat de Goden op geestelijk gebied zouden degenereren. En dit moest een halt toegeroepen worden. Daarom besloot men de mens niet op de hoogte te brengen van een naderende wereldcatastrofe die de vier hoeken van de aarde zou treffen. Enkel Noach die als genetisch zuiver in zijn stamlijn werd gezien kon gered worden doordat hij gewaarschuwd werd van het komend onheil.
De nieuwe mens of de mens die zich bewust was van zijn naaktheid werd niet vernietigd omdat zij slecht of verdorven waren of overtredingen begingen. Het waren de Goden die de overtredingen begingen.
De verdorven/slechte mens slaat terug op de eerdere eerste primitieve werker die pas de seksualiteit had ontdekt en er op los paarde en sodomie beging. Het was eerder een dierachtig mens (zijn uitzicht wordt in het epos ook beschreven)Dit eerdere wezen was zich nog niet bewust van zijn naaktheid (net zoals de dieren) en die copuleerde ook met de andere dieren. Die mens was wild en verzette zich tegen de dommestikering. Er was boosheid in dat schepsel. En de Goden kregen spijt dat zij hem gemaakt hadden. Ze stuurden plagen op hen af, maar die konden hen niet verwoesten.
Het gaat hier over verschillende mensevolutie gaande over verschillende tijdperken.
Eerst was er de hybride mens die niet vruchtbaar was. Een soort van duplicaten van de Goden die zich niet konden voortplanten. Het waren de eerste werkers voor de Goden.
De Annunaki experimenteerden dan verder en namen het ei van de meest gevorderde aap (vermoedelijk de homo erectus) en bevruchtte dit met het Goddelijke zaad. Ze brachten hierdoor de aap op een hoger plan. De hieruit ontstane nieuwe mens was wel vruchtbaar maar had nog dierlijke neigingen. Dan kwamen de mensen die zich bewust waren van hun naaktheid en geen sodomie meer pleegden en zelfs afgewezen werden door de dieren zelf. Deze mensen hadden mooie nakomelingen waaraan de Goden zich vergrepen.
Het gaat hier over drie episodes in de evolutie van de mensheid.
Als men dit oorspronkelijk Summerisch relaas vergelijkt met de Bijbelverhalen dan kan men zien hoe de fragmenten door elkaar werden gehaspeld en verbasterd werden.
In het epos werden de Goden erop gewezen dat de mens "vlees" was. De mens was fysiek dus niet zoals de Goden zelf . Jammer genoeg gaat Sitchin hier niet verder op in. Ik ben van mening vanuit geestelijk oogpunt dat de Annunaki zowel geestelijk/intellektueel/verstandelijk als fysiek gevorderde wezens waren. Hun lichamen waren al meer vergeestelijkt of etherisch/fijnstoffelijker van bouw. Door zich te vermengen met de grofstoffelijke mens kwamen zij weer in het vlees terecht. Genetisch gingen zij terug achteruit. Aangezien geest en materie altijd samengaan betekende dit ook dat de Goden op geestelijk gebied zouden degenereren. En dit moest een halt toegeroepen worden. Daarom besloot men de mens niet op de hoogte te brengen van een naderende wereldcatastrofe die de vier hoeken van de aarde zou treffen. Enkel Noach die als genetisch zuiver in zijn stamlijn werd gezien kon gered worden doordat hij gewaarschuwd werd van het komend onheil.
De nieuwe mens of de mens die zich bewust was van zijn naaktheid werd niet vernietigd omdat zij slecht of verdorven waren of overtredingen begingen. Het waren de Goden die de overtredingen begingen.
De verdorven/slechte mens slaat terug op de eerdere eerste primitieve werker die pas de seksualiteit had ontdekt en er op los paarde en sodomie beging. Het was eerder een dierachtig mens (zijn uitzicht wordt in het epos ook beschreven)Dit eerdere wezen was zich nog niet bewust van zijn naaktheid (net zoals de dieren) en die copuleerde ook met de andere dieren. Die mens was wild en verzette zich tegen de dommestikering. Er was boosheid in dat schepsel. En de Goden kregen spijt dat zij hem gemaakt hadden. Ze stuurden plagen op hen af, maar die konden hen niet verwoesten.
Het gaat hier over verschillende mensevolutie gaande over verschillende tijdperken.
Eerst was er de hybride mens die niet vruchtbaar was. Een soort van duplicaten van de Goden die zich niet konden voortplanten. Het waren de eerste werkers voor de Goden.
De Annunaki experimenteerden dan verder en namen het ei van de meest gevorderde aap (vermoedelijk de homo erectus) en bevruchtte dit met het Goddelijke zaad. Ze brachten hierdoor de aap op een hoger plan. De hieruit ontstane nieuwe mens was wel vruchtbaar maar had nog dierlijke neigingen. Dan kwamen de mensen die zich bewust waren van hun naaktheid en geen sodomie meer pleegden en zelfs afgewezen werden door de dieren zelf. Deze mensen hadden mooie nakomelingen waaraan de Goden zich vergrepen.
Het gaat hier over drie episodes in de evolutie van de mensheid.
Als men dit oorspronkelijk Summerisch relaas vergelijkt met de Bijbelverhalen dan kan men zien hoe de fragmenten door elkaar werden gehaspeld en verbasterd werden.