Goeiedag,
Spiksin, ge hebt gelijk. Maar in dat winkeltje hebben meerdere families gewoond, afzonderlijk natuurlijk, maar wanneer precies, dat is wat anders.
En daar was den Bram bij, een horlogemaker (Willekens), een winkel genaamd "de Cooperatieve", een ander klein winkeltje, en nog anderen.
Wanneer juist weet ik niet, maar Bram heb ik ook nog weten wonen aan den overkant van de straat vlak tegenover het winkeltje.
Dat laatste klein winkelte, na den oorlog, heb ik nog gekend. Ik moest er al eens iets gaan halen. Een kleinigheid want veel hadden ze er niet, ik weet niet of er wel kaas of hesp was. Het verliep er altijd op dezelfde manier, zomer of winter, er stond zelden volk in de winkel. Achter den toog stond de Gust. In een grijze schort en met een beate glimlach.
"Wat zal het zijn.". Ik moest iets eenvoudig hebben, maar het maakte niets uit of ik een doos koekjes, 5 eieren, of een blik erwten moest hebben, de Gust zei voor zover ik weet altijd: "ik zal ons Julia eens gaan roepen". Want hij kon gewoonweg niet bedienen, de brave man kon niet lezen of rekenen, ik weet niet of hij eigenlijk wel iets meer kon dan zijn Julia te gaan roepen.
Dat winkeltje is niet lang gebleven; er waren genoeg winkels in de geburen.
Jaren later kwam ik toevallig in de Houthulststraat langs een klein winkeltje. Er was geen volk en binnen zag ik iemand achter den toog staan, in grijze schort. Ik heb er nog spijt van dat ik niet eens even binnen ben geweest voor een blikje erwten.
`
Ik herlees alleen mijn gewrocht, als het al opgestuurd is, met al zijn fouten en stommiteiten, ik weet het, slim is het niet, maar als ge oud wordt is het moeilijk om nog iets te verbeteren, ge moet er mee leren leven.
Alterego.. Jan Albert Goris was de échte naam van de correspondent uit Amerika, Marnix Goris was zijn pseudoniem als schrijver en dichter, en niet omgekeerd.
Tot de volgende keer;
Àmedee.
-----------------
Niets is zo eerlijk verdeeld als verstand iedereen denkt er genoeg van te hebben
(uit de Roets)