Terwijl het hier op 23 Maart,al twee dagen in de lente zijnde,
volop aan het sneeuwen is,vind ik tussen mijn schrijfsels
nog een verhaaltje dat ik schreef in 2007.
En omdat ik momenteel niks anders weet te verzinnen
plaats ik het hier dus nogeens.
Uit het leven gegrepen...
Wat ik nu ga vertellen is al wat jaartjes geleden
gebeurd,'t moet zowat midden de zeventiger jaren
van de vorige eeuw geweest zijn,maar telkens ik door
Antwerpen-stad wandel,en zie hoe ijverig men 't allen
kanten aan nieuwe bestrating bezig is,denk ik met
nauwelijks ingehouden binnenpretjes daaraan terug.
In de volkswijk waar ik toen woonde kregen de meeste
inwoners zo rond deze tijd,half Maart-begin April,net
zoals dat elders ook het geval was,last van de Lente-
kriebels.
Wie voor- en/of achtertuin bezat was die dagen druk
in de weer met de opsmuk er van.Er werd gespit en ge-
harkt,geplant en verplant,perken aangelegd of van
model veranderd,kortom de een wou voor de ander niet
achterblijven.
Ook "den Theo",een havenarbeider,van
geen kleintje vervaard,en voor wie niks te heet of te
zwaar was,kon onder de stille,doch gedreven dwang van
zijn echtgenote,niet ontsnappen aan die voorjaarsdrukte.
En nu hij dan toch bezig was,wou Rosalie dat hij meteen
het voetpaadje betegelde,dat van de straat naar de
voordeur leidde.Den Theo vondt dat ze daar eigenlijk wel
gelijk in had,zo zouden ze bij regenweer niet meer met
beslijkte voeten in huis aankomen.
Dus werd er uitgekeken naar geschikt materiaal om de
wens van mevrouw te vervullen.Toeval wilde dat enkele
straten verder een aannemer van wegeniswerken volop
bezig was de voetpaden her-aan te leggen met van die
klassieke betontegels van 30 op 30.Dat had den Theo ook
gezien natuurlijk,en op een late avond,wanneer het goed
en wel donker was en hij dacht dat iedereen al lang sliep,
plande hij zijn slag te slaan.Reeds in de loop van de na-
middag had hij zijn remorque'ske aangekoppeld,en bij
benadering wist hij hoeveel "dals" hij nodig zou hebben.
Met zo'n honderdvijftig zou hij al heel ver komen,voor
een paadje van 3 stenen breed.Lag daar in die straat
verderop toch wel juist wat hij nodig had zeker!Wat kon
het die aannemer schelen dat er een partij stenen weg
was,die rekende dat er wel bij aan de stad,zo vergoelijkte
Theo in zichzelf zijn daad.
Stil,om geen aandacht te trekken,en behoedzaam,om
geen stenen te breken,laadde hij zijn aanhangwagen.
In zijn ijver had hij echter niet in de gaten dat er twee
politieagenten genaderd waren,hij schrok zich bijna een
floeren aap toen hij een norse stem hoorde die zei;
-"Awel,maat,wat zijt gij hier aan 't doen?"
Wie dacht dat den Theo hierdoor uit zijn lood zou geslagen
zijn,of op zijn benen stond te bibberen van schrik,die kende
onze dokwerker echt niet goed.
- "Zeg,agent,ziede gij da na niet wa da 'k ik hier aan 't doen
ben?Ik had thuis nog een deel "dals" over,en ik dacht,ik zal
die daar maar bij de hoop gaan leggen,dan ben ik er vanaf."
De politieagenten bekeken elkaar eens,zich afvragend wat
ze daarmee moesten aanvangen,want in feite vonden ze de
uitleg van Theo wel raar,maar niks wees er op dat het ook
niet waar kon zijn.
-"Heu,dat feestje gaat hier niet door hé maat"zei de oudste
van de twee agenten.En de andere vervolgde;
-"Komaan hé jong,gene flauwekul hé,laad die stenen maar
allemaal schoon terug in uw remorque'ske,en maak dat ge
er mee weg zijt."
Den Theo dacht dat hij het in Keulen hoorde donderen,hij
kon zijn oren nauwelijks geloven,doch was wel zo slim het
spelletje mee te spelen.
-"Allez vooruit dan maar hé,als 't dan toch niet mag,dan
zal ik ze thuis wel ergens leggen,'k kan er misschien nog een
paadje mee aanleggen in mijne voortuin."zei Theo met zijn
meest uitgestreken pokergezicht.
-"Dat zal 't beste zijn,en wie weet hoe blij zal uw vrouw er
mee zijn." was het antwoord van de agenten.
Maar Theo die graag altijd het laatste woord had,kon zich
niet weerhouden te zeggen;
-"Hewel,'k wil nu niet tegendraads zijn,'k zal mijn goed
hart eens laten zien,als ik er nog moest van over hebben,
wil ik er bij een van jullie wel een paadje mee komen leggen."
En geloof het of niet,een van die agenten heeft nu in zijn
voortuin een betegeld paadje,mooi gelegd door den Theo!
Alterego
*Elke gelijkenis met bestaande personen en/of situaties
is louter toevallig.
To be or not to be,that's the question
Niemands meester,niemands knecht