
Er is veel tegenstrijdigs in het leven.
De voortdurende ontdekking dat dit leven niet het echte leven is. Om knagende machteloosheid. Om de kinderen, die altijd maar het kind van de rekening zijn, in allerlei situaties, op allerlei plaatsen. Ze kijken je aan: Help me, Help me, ik ben zo alleen, ik ben zo gewond, ik heb zo'n honger.
Pijn om de nooit eindigende stroom van je verjaagden en vluchtelingen met hun lege ogen en verscheurende herinneringen.
Pijn om chaotische samenleving waaruit God verdreven lijkt en om de mensen die uitgeblust zijn of feestvieren in een kraakpad.
Pijn om ons eigen kwaad.
Midden in de wereld waarin we staan met een hoofd vol verwarde gevoelens en een onrustig hart.
Mensen wat houdt jullie toch zo bezig?
Een zuiver hart doet goed aan eigen en andermans leven, maar haat en nijd bederven alles. (Spreuken 14:30)