Lieve lezers,
Stel je voor: een zonnige ochtend, een verse kop koffie, en een man met levenservaring die geniet van de stilte – totdat hij op zijn telefoon een bericht krijgt: “Probeer onze nieuwe AI-chatbot voor een revolutionaire ervaring!” Nou, dat is precies het moment waarop ik diep zucht en me afvraag: moet alles revolutionair zijn?
Kunstmatige intelligentie, beste lezers, is tegenwoordig overal. Van slimme telefoons tot zelfrijdende auto’s tot apparaten die weten wat je wil eten voordat je zelf trek krijgt. En begrijp me niet verkeerd, ik ben geen technologiehater. Ik ben iemand die met verwondering kijkt naar hoe de wereld zich ontwikkelt, mits die vooruitgang niet mijn eigen denkkracht overbodig maakt.
Want laten we eens eerlijk zijn: denken is een kunst. De kunst van het zelfredzaam zijn, van kritisch zijn, van leren door te proberen. AI wil ons helpen, maar soms lijkt het eerder alsof het ons overneemt. Waarom zou ik een digitale assistent vragen wat ik moet koken, als ik zelf prima weet dat een stevig stuk vlees en een glas rode wijn de juiste keuze is? Waarom moet een chatbot mij vertellen wat ik moet lezen, als ik al jarenlang mijn eigen voorkeuren heb?
Vroeger had je gesprekken die echt ergens over gingen. Je had discussies in de kroeg, debatten aan de keukentafel, en filosofische mijmeringen tijdens lange wandelingen. Tegenwoordig krijg je een algoritme dat met statistieken op de proppen komt. Maar hier zit het hem in: levenservaring kun je niet berekenen. Nostalgie kun je niet programmeren. Intuïtie kun je niet in data vatten.
Toch moet ik toegeven dat ik soms zondig. Mijn telefoon helpt me de weg te vinden tijdens mijn wandelingen. AI voorspelt wanneer het gaat regenen en waarschuwt me dat ik mijn paraplu moet meenemen. Maar één ding zal ik nooit laten vervangen: het vermogen om zélf te denken.
Dus voor al die slimme technologieën die de wereld willen overnemen: ik blijf nadenken, met of zonder jullie hulp.
Groeten,
Ben Boomer
Professioneel nadenker, nostalgisch filosoof, en AI-scepticus



