Ken je de woorden van Calimero nog: ‘Zij zijn groot en ik is klein’...
‘Wat zou ik graag groter willen zijn,’ zuchtte de vrouw, terwijl ze vruchteloos naar een boek reikte op de bovenste legplank van de plaatselijke bibliotheek.
Ik hielp haar het gewenste boek uit het rek te nemen, want over mijn lengte heb ik niet te klagen.
Enigszins verbaasd over haar verzuchting sprak ik sussend: ‘Een kleine gestalte zal ook wel zijn positieve kanten hebben’.
Bedenkelijk keek ze me aan: ‘Helemaal niet, ik kan met moeite iets uit onze bovenste keukenkastjes nemen en moet steeds op de eerste rij staan om te zien wat zich afspeelt, hetzij bij een stoet, hetzij bij een voorstelling.’
Mijn opmerking was blijkbaar misplaatst, want de dame zag haar kleine gestalte duidelijk als een last.
Nog nooit had ik me afgevraagd welke problemen kleine mensen kunnen hebben.
Het is zoals met alles, men moet het eerst zelf ervaren om werkelijk te weten hoe het voelt.
Spontaan dacht ik aan de woorden van Calimero: ‘Zij zijn groot en ik is klein’.
En lezer, het voorlaatste woord is geen grammaticale fout. Het is de veel gehoorde verzuchting in de tekenfilmserie van het kleine, zwarte kippenkuikentje dat het niet fijn vindt om klein te zijn.
In een wetenschappelijk artikel las ik ooit, dat grote mensen meer kans hadden op succes bij het solliciteren en ze maken doorgaans vlugger promotie.
Grote politici zouden eerder verkozen worden dan politici met een kleinere lengte.
Dat grote mensen meer bereiken in het leven, neem ik met een flinke korrel zout, want een bekende historische figuur, namelijk Napoleon, heeft het tot keizer gebracht van een immens keizerrijk, ook al werd hij ‘de kleine generaal’ genoemd.
Nochtans berust de aanname van zijn geringe lengte op een rekenfout.
De meeteenheid die gebruikt werd in historische documenten was de Franse inch en die is groter dan de Britse inch.
Met zijn 1,70 meter was Napoleon groter dan de gemiddelde Fransman.
Ook de perceptie speelde niet in zijn voordeel, want Napoleon liet zich omringen door grote soldaten, waardoor hij klein leek.
Sarkozy daarentegen deed er alles aan om zijn kleine gestalte te verdoezelen.
Zo ging hij meestal op de foto staan met mensen die kleiner waren dan hij.
Bovendien droeg hij verhogende inlegzooltjes en ging hij op een krukje staan als hij moest speechen.
Angela Merkel was met haar 1,65 meter niet echt van de grootsten, maar wat een ‘grote’ dame!
En bij acteurs als Al Pacino en Dustin Hoffman was hun geringe lengte geen hinderpaal om een schitterende carrière uit te bouwen.
Ook Kylie Minogue met haar 1,52 meter en Lady Gaga, 1,55 meter groot,zijn zonder problemen aan de top geraakt.
Zelf merk ik het vaak niet op of mensen groot zijn of klein, tenzij het echt buitensporig is.
Als ik met iemand kennis maak, hecht ik meer waarde aan persoonlijkheid, innemendheid en charisma.
Verder zou ik aan iedereen de raad geven zich niet druk te maken over dingen waaraan men toch niets kan veranderen, maar zich te focussen op de voordelen ervan.



