En hoe is het nu met u? Gaat het nog?
Een veel gestelde vraag onder senioren, die beginnen te beseffen dat ze niet meer zo vlot meekunnen. En die de jaren voelen wegen op hun zwakke schouders. De gelukkige zal met fiere kloekheid antwoorden dat het nog redelijk goed gaat. De ongelukkige zal een beetje schuchter het register van zijn ouderdomskwaaltjes opentrekken.
We nemen nu eenmaal niet allemaal dezelfde weg naar de eeuwigheid. Voor de een is dat een glad en effen wandelpad, maar voor de ander is dat vaak een hobbelig en vervelend parcours met pijn en ellende.
Toen ik onlangs mijn negentigjarige buurman, een luitenant-generaal en militair piloot met een indrukwekkende staat van dienst, die vraag stelde, kreeg ik een verrassend antwoord: “Zachtjes aan het touwtje trekken en het zal niet overgaan.” Wijze woorden uit de mond van iemand die vele gevaren heeft getrotseerd.
Van dat fameuze touwtje wordt ons elke dag een petieterig stukje afgeknipt. Zonder dat iemand ons vraagt of we daarmee akkoord gaan. Zelfs een stevige vloek of een zuur gezicht kunnen daaraan niet verhelpen.
“En op een dag ben je aan je laatste beetje toe”, zegt de betreurde Toon Hermans ergens in zijn gedichten.
Maar laten we optimistisch blijven. Dat zijn we toch aan ons leven verplicht. En wie weet ! Naar het schijnt leven optimisten langer dan pessimisten.
Ik heb mijn touwtje wijselijk opgeborgen in een schuifje, dat ik zelden nog opentrek. Zo blijft het uit mijn blikveld. Ik wil ervoor gaan, voor dat laatste eindje. We maken ons beter niet meer te veel zorgen of illusies. Het zijn vaak sporen van knarsende remmen op ons bejaard leven.
Natuurlijk komt bij elke verjaardag de eindmeet dichterbij, of wij bij de eindmeet. Het is maar hoe je het bekijken wil. Maar troost je, dat is toch voor ieder van ons hetzelfde, zonder enige uitzondering. Als dat al een troost mag wezen.
We kunnen het leven vele onvolmaaktheden en oneerlijkheden verwijten, maar eens wordt voor ieder mens de rekening vereffend. Het tragische is dat op datzelfde moment pech en geluk allebei schaamteloos verstek laten gaan. En dat we er staan of liggen zonder enige gunstige aanbeveling.
Gelukkig behoren wij senioren nog tot de categorie van mensen die hun laatste levensacte zelf mogen spelen op het levenstoneel.
“Elk speelt zijn rol en krijgt zijn deel” zegt Joost Van den Vondel. En Joost kon het weten. Toneel spelen deed ik in mijn jonge jaren. Met volledige overgave speelde ik mooie rollen uit befaamde toneelwerken. Misschien stak Vondels “Lucifer” onbewust het vuur aan de lont. Het kostte me wel veel opoffering en inzet. Maar een goede vertolking gaf achteraf een grote voldoening.
Is het met ons leven niet precies hetzelfde? We worden bestendig uitgedaagd om er iets van te maken. Maar doen we het ook? Vanzelfsprekendheid en luiheid helpt niemand vooruit. Een waarheid als een dinosaurus.
Op het toneel kruipt de acteur in een ander zijn leven., in een andere tijd, in een andere wereld. Dat maakt toneel zo bijzonder, zo boeiend ook. En als extra dimensie zit er nog een volle zaal “gluurders” op dat toneelleven toe te kijken en kritiek te leveren.
Heerlijk toch, als je de rol van “slechterik” mag spelen, zonder verantwoording af te leggen. Het valt immers buiten je echte leven. Heerlijk toch als je de vrek van Molière mag spelen, en je daardoor de antipathie van het publiek op de hals haalt.
Mensen willen in het echte leven vaak verscheidene rollen spelen. Niets mis mee, maar wel erg moeilijk. Ze kunnen vaak geen onderscheid maken tussen een toneelrol en een echte levensrol. Dat leidt wel eens tot zeer negatieve consequenties met veel spijt, spijt die natuurlijk altijd veel te laat komt. Vooral als de rest van hun leven erdoor getekend wordt, en ze verder moeten met zware littekens.
De slotacte van het toneel, het laatste eindje dus, levert meestal een mooie apotheose op voor spelers en publiek.
En wie droomt er niet van een mooie apotheose, een waardig slotakkoord, aan zijn leven? Is dat geen staande ovatie waard?
Stel u voor : een goede gezondheid op hoge leeftijd, fijne verzorging door je dierbaren, geen materiële tekorten, geen bittere ingrediënten. Een leven mooi afgewerkt en onberispelijk gegarneerd met crème fraîche van pure tevredenheid. De kers op onze levenstaart!



