Heb je net als Viviane Burssens ook last van slakken?
Als je zoals ik een halve eeuw in een plattelandsgemeente woont, heb je al menige ongewenste specimen in je tuin of in en rond het huis gespot.
De voorbije vijftig jaar werden we vergast op allerhande ongedierte en insecten.
Passeerden de revue: woelmuizen, mollen, kikkers, wespen, mieren en vliegmieren, muggenzwermen, vleermuizen, fruitvliegjes, kevers, spinnen, hommels en noem maar op.
Meestal slaag ik erin vredig samen te leven met dat speciale volkje en als hun gedrag echt de spuigaten uitloopt, probeer ik ze op een zachtzinnige manier te verdrijven.
Maar de invasie die ons de voorbije zomer te beurt viel, sloeg werkelijk alles.
Het begon tijdens de regenperiode met enkele exemplaren huisjesslakken die zich doodgemoedereerd op ons terras geposteerd hadden.
Nietsvermoedend ging ik er nog van uit dat die vlug weer zouden verdwijnen als het uitzicht hen ging vervelen.
Dat was helaas een grote inschattingsfout van mij.
Naarmate het regenseizoen maar bleef duren, schenen die enkel exemplaren zich vliegensvlug te vermenigvuldigen. Ze kregen gezelschap van vette naaktslakken.
Met weerzin moest ik vaststellen dat geen enkel plekje in onze tuin gevrijwaard werd van hun aanwezigheid.
Alle soorten slakken hadden het idee opgevat dat onze tuin een luxe resort was waar het goed toeven was. Zonder scrupules vraten ze planten op, deden zich tegoed aan bladeren en vruchten en namen bezit van ieder plekje. Tuinmeubels, fietsen, muren kinderspeelgoed… niets was veilig voor hen.
Met afgrijzen stond ik te kijken naar de troep weekdieren die oprukte op onze oprit.
Toegegeven, ze hebben hun uiterlijk niet mee. Het slappe, bruine lijf van de naaktslak en het vieze, glibberige slijmspoor dat ze achterlaten deden me haast kokhalzen.
Stel je voor dat je besloten hebt onkruid te wieden en je grijpt met je blote handen in het sompige lijf van een slak….
Of je trapt niets vermoedend op zo’n dier en je schoen hangt vol met bruine smurrie die je dan meedraagt naar binnen, waar je een spoor van vieze prut achterlaat op het vloerkleed.
De koude rillingen lopen over mijn rug als ik eraan denk. Pure horror!
Vrijpostig kropen ze omhoog op deuren en ramen en bleven daar doodgemoedereerd zitten tot ze verwijderd werden.
Dagelijks bevolkten ze onze brievenbus die ze gebruikten als all in restaurant
Zonder scrupules verorberden ze reclamefolders als voorgerecht, stukken van onze krant werden weggevreten als hoofdgerecht en de briefwisseling werd hun dessert.
De maat was vol! Er moest iets gebeuren vooraleer dit onbehouwen volkje nog meer van ons territorium inpalmde.
En dus gingen wij op zoek naar afweermethodes. Het internet leerde ons om barrières te maken met kapotte schelpen, sparrennaalden, fijngemaakte eierschalen of koffiedik.
Dit hielp helaas geen zier.
Dan maar een zelf gefabriceerde slakkenval met een emmertje in de grond gevuld met bier. Ook dat was boter aan de galg.
Zelfs ons allerlaatste offensief, het strooien van blauwe slakkenkorrels had maar matig succes.
Geregeld zaten er nog slakken tussen onze post die we dan niets vermoedend mee naar binnen brachten.
Nu de zomer naar zijn einde loopt, wordt de slakkenplaag minder intensief. Blijkt dat die diertjes niet tegen lage temperaturen kunnen en zich ingraven voor hun winterslaap..
Nog nooit heb ik de komst van de koude winter zo omarmd.



