Donderdag 23 Mei
Vanaf donderdag23 Mei komen daar in onafgebroken rij de jonge mannen terug in de richting van Menen om aldus om aldus hun haardstede te bereiken. In tegenovergestelde richting hollen de vluchtelingen nog steeds voort in de richting van Ieperen.
Nu komen ons gedurig nieuwe kennissen tegen.
In den nacht van donderdag en vrijdag trekt de Belgische artilerie en infanterie gestatig door in de richting van Ieperen, dus in vollen aftocht.
Vrijdag 24 Mei
De dag gaat kalm door. In den voormiddag spelen we een partijtje flok
(een groepsspel waarbij men geldstukken op een kurk legt en vanop een paar meter met een lood of koper schijf omver geworpen word, die er het dichtst bijligt krijgt het geld)
doen een wandeling naar Café Lourdes waar ook van onze dorpsgenoeten verblijven.
In den namiddag ga ik met Theofiel De Doncker en Frans Nuborg eens naar Meenen en naar de Leie, opeens zien wij een vliegtuigopduiken en we legden ons plat op den grond, het was een Fransch vliegtuig.
Ik dacht dat hij met zijne wielen op mijn rug bolde van schrik zoo laag was hij, en poef hij was ons nog maar 2a 3 minuten voorbij of het Duitsche afweergeschut trad in actie en de vlieger bolde zustig voort.
Ik was juist bezig met mijn kop te wasschen omdat het zoo warm was
en we lachten er ook mee dat het zou goed geweest zijn om mijn haar terug te doen groeien. Maar nu was het lachen gedaan, de duitschers zaten niet ver van ons in het riet en we trapten het algauw af.
Zo kwamen we in Gheluwe en daar hoorden we zeggen dat een Duitch
vliegtuig was neergeschoten en allé, ik den velo op en daar gaan naar zien, maar ik was nog maar 2 a 300 meters van het vliegtuig of wij moesten den gracht in onder een rij wilgen, er waren al een deel vliegers naar de begrafenis. In dat afgeshoten vliegtuig zat maar één piloot in van 23 jaar en die had daar een hele tijd ij Gheluwe alleman den schrik op het lijf gejaagd want hij was zeer dronken zoals ze ons hadden gezegd.
Het vliegmachien nog eens bekeken en daarmee terug naar ons logement maar hola, vijf minuten weg of daar dagen vier formaties vliegmachienen op, ze worden op 84 geteld maar het was alsof ooren en zien verging. Het luchtafweergeschut trad van verscheidene kanten in
actie en ik stoof daar in een schuilkelder nog een klein manneken onder mijn arm nemend om mee in den schuilkelder te dragen maar die was van geen klein gerucht verveerd, het tegenovergestelde was met zijn moeder en zusterkens, die zaten al te schreien;
Daar zoo 3 a 4 minuten geschuild en de donderwolk was over, de vliegers waren rechtdoor gevlogen en ik zette mijn weg voort.
Ik kom in mijn logement, vertel aan mijn mannenhet nieuws
dan ben ik beginnen eten en daarna met Frans Nuborg op cafe gegaan
rechover de kerk.
We hebben juist ons eerste pint vast of een ontploffing een tweede een derde en wij al de kelder in. Dit heeft een half uur geduurd en wij hebben nog een pint gedronken om den schtik van ons lijf te jagen
en terug naar ons kameraden, maar hoe groot was onze verbazing,
de ontploffing was geschied in een weide nabij ons logement en 3 koeien en een paard gedood alook de notelaar waar onze mannen onder zaten op de koer van Adolf werden de takken afgeslagen en ook twee ruiten
werden aan stukken geslagen.
Alsdan zei Theofiel Caesemans dat het geen zeeveren meer was. Zijn gat van zijn broek hing bijna op den grond en zoo moesten we nogeens den kelder in en dan hadden we bemerkt dat het geen bommen waren maar wel kanonballen die ons suizende voorbij vlogen.
't is ongetwijfeld het Duitse veldgeshut dat het wijkende Belisch leger bestookt. Alles is over, we bidden samen een paternoster en dan avondmalen wij en drinken nog 3 flessen goede wijn om goed te slapen zegden wij maar het lot wou het anders. We legden ons rond 10 uren ter ruste en rond 12 uren zaten we terug al in den kelder, het duurde tot rond 1 uur, wij hadden toen 3 paternosters gelezen. Het wierd stil en we gingen terug naar ons bed, we lagen nog tegen elkaar te praten toen alopeens een obus ontplofte tegen de gevel van 't huis, we stoven als hazen ons bed uit en den kelder in, het was rond 2 uren, we begonnen
terug een paternoster te lezen, juist aan ons tweede tientje gekomen hooren we opeens terug een losbranding en kort daarop pardaf, juist vóór ons keldervenster, het zand stuift in den kelder en er is min of meer een geur van rook waar te nemen en wij op handen en voeten
den kelder uit naar het naburig huis bij den broer van Adolf, wij kwamen daar binnen half dood van schrik en met een gezicht zoo bleek als.... eenen die in zijn broek....... heeft.
Daar zaten we met rond de 40 man in, vrouwen en kinderen, daar wierd gelezen den een en paternoster na den anderen, altijd elkaar aflossen, belooft !!! van al wat ge kunt denken terwijl de obussen hun vernielend werk voortzetten.
Het was rond 4 1/2 u geworden en de geur wierd slecht in den kelder
van te veel volk, er moest verse lucht ingelaten worden en we trokken met 5 a 6 man boven om eens te na kijken, we waren nog maar pas boven of we moesten weer den kelder in
Volgende keer zaterdag 26 Mei
niet wat ge zegt telt maar hoe ge het zegt.