... minder dan 24 uur en toch 392 lezers later ...
met dank aan
- bo, voor je moedgevende groet en alles daarvoor
- ria, voor je open stellingname en de rest
Mag ik vandaag nog even doorbomen over de ganse zaak?
Toen ik meer dan 25 jaar geleden in Zellik belandde en er in
een klein appartementje een minder mooie periode in mijn leven
startte, volgde ik wekelijks de mis in de bewuste kapel. Alhoewel dit
geen parochiekerk was, hadden de vieringen daar veel succes.
De reden? De echte parochiekerk, een prachtig oud kerkje, staat er
een beetje verweesd bij. Honderden jaren geleden is er een epidemie
uitgebroken in de streek en alle huizen rond de kerk werden verbrand.
Later kwam er de grote baan Brussel-Aalst, die dwars door Zellik loopt.
Aan die baan werd er gebouwd, geleefd, gewerkt. De buurt rond de
kerk is nooit meer in ere hersteld. Ook nu nog staan er maar enkele
woningen rond de kerk, terwijl overal elders de kerk een beetje het
centrum van het dorp is.
Voor oudere mensen is de kapel beter bereikbaar; vandaar ...
Omdat er tijdens de diensten geen muziek was - een oudere man gaf
in de micro vooraan ter ondersteuning de toon aan -en omdat ik graag
speel en zing, stelde ik voor om de vieringen mee op te luisteren. De
kapel is stemmig, heeft een doksaal en er stond een klein oud Philips-
Philicordia orgeltje.
De zusters, aan wiens klooster de kapel behoorde, waren meteen en-
thousiast. Zuster-overste wou me ook een vergoeding ervoor geven.
Ik weigerde, omdat ik me dan verplicht voelde om ieder week aan-
wezig te zijn. Besluit: ik was wél elke week aanwezig doch had geen
vergoeding. Laat me er direct aan toevoegen dat zuster-overste alles
deed om me te bedanken. Elke gelegenheid, Pasen, begin verlof, Kerst,
Sint-Niklaas, plaatselijke heilige,... waren een aanleiding om me te
verwennen met een rijk gevulde mand. Nogmaals dank zuster Thadé.
Ondertussen zijn de laatste zusters vertrokken naar hun moeder-huis
in Wetteren. De kloostergebouwen kregen een nieuwe bestemming:
een 'Welzijnshuis', met een raad van bestuur die alles, ook de kapel,
beheert. Ik bleef er spelen, onder meerdere pastoors uit het omlig-
gende, die er een wekelijkse mis bleven verzorgen. Drie jaar geleden
waren er pastoor Boulanger en pater Lucien die om beurten de dienst
leidden. Tot pater Lucien plots overleed. Om de veertien dagen is er
sindsdien een gebedsviering, die na wat zoeken en tasten, een vaste
leiding heeft gekregen: de gezusters, met hun tomeloze inzet.
Waar liep het nu mis?
Ik koos de liedjes voor de viering en hield daarbij rekening met de tijd
van het jaar: advent / vasten / Kerst- en Paasperiode ... Ook bij ande-
re feestdagen maakte ik een aangepaste keuze. Zo stond ieder jaar,
tijdens de twee zaterdagen na Allerheiligen steevat het 'Blijf mij nabij'
en het 'Nader bij U mijn God' op het programma. De keuze werd ook
gemaakt in functie van mijn publiek: oudere mensen die graag mee-
zingen als ze de liedjes kennen. Doorheen het jaar waren er telkens
vier liedjes, die drie weken werden gezongen, en dat tot ieders vol-
doening, meer dan 25 jaar na elkaar.
Tot men (= de zussen) plots vond dat het niet goed was: er moesten
elke week andere liedjes zijn / ik moest al eens een nieuw lied zingen,
de mensen zouden wel volgen / ik moest meer rekening houden met
een lijst, per zondag, van het bisdom uit ...
De volgende week had ik een compromis: iedere week andere liederen,
doch nog drie per week ipv vier + nu en dan een nieuw lied.
Zo toonde ik mijn goeie wil, alhoewel geheel tegen mijn goesting.
De nummers van de liederen, cijfer per cijfer, staan op stevige houten
plankjes. Deze worden via kleine gaatjes opgehangen aan fijne nagel-
tjes op een groot bord vooraan in de kapel.
Dat ophangen deed ikzelf, doch dat ging steeds moeilijker. Ik vroeg
daarom aan de zussen, omdat het nu om de week moest gebeuren, of
zij dat niet zouden doen. Ik kreeg een categoriek 'neen'; en dat was er
teveel aan. Na die 'neen' heb ik gezegd dat ik alles zou blijven doen,
tot Kerstdag, en dan gedaan.
Nu ik dit alles nog eens overloop, al typende, vind ik toch dat het goed
is geweest. Er zijn inderdaad nog kerken (-hé bo-) waar ik me verdien-
stelijk kan maken. En nee, ria, ik weet niet of ze iemand anders hebben.
En nog ria, ik ga en sta er wanneer ik wil; ik heb geen contract, geen
statuut, geen benoeming. En nog ria, ik zing noch speel vals (nu toch
nog );dat laatste wil gustilpe misschien bevestigen.
Ondertussen zijn we meer dan 24 uur na mijn vorig schrijven; maar ja,
ik typ ook zo traag. Ik word er nu zelfs moe van. Daarom,
groeten in vriendschap - -denook- -