Ik geloof dat ik moet spreken,
dat ik niet meer zwijgen kan,
voortaan schrijf ik gedichten als brieven,
als draadloze boodschappen,
gedichten als een doorzichtige code,
herkenbaar voor sommigen.
En ik wil je zeggen
dat ik nog hou
van bomen, rivieren en tedere dingen,
van wolken en hun schaduw op bloemen en groen,
van een vrouw die zacht is,
van een vrouw die lief is,
van een vrouw die vrouw is,
van de vriend die vriend is,
van de vriend die weelde is,
dat ik nog hou
van schoonheid die niet meer is dan eenvoudige ontroering
zoals een lied dat ik meezing,
maar ook zeggen dat ik haat
de zwakheid in een schijn van eigenwaan verschanst.
Voortaan schrijf ik
gedichten die het licht niet vrezen.
Ik ben geen duistere bode,
geen gegrendeld boek.
Voortaan schrijf ik
gedichten openhartig als mijn hart,
die geen vergulde schutting zijn
voor menselijke kwetsbaarheid,
die niet sluieren in trotse raadsels
het machteloos reiken naar het onbereikbare,
ik schrijf voortaan
gedichten die mijn gedachten zijn
naakt maar eerlijk,
die enkel van zichzelf getuigen zijn
zonder overmoed of schaamte.
Dit wou ik zeggen
en ook dat ik geen woord zal verzwijgen
maar ook dat ik geen woord verkopen zal
aan spandoeken of stoeten,
dat ik geen koopwaar ben,
geen volgzame vol verdriet.
Voortaan zijn
de bomen mijn bomen,
de rivieren mijn rivieren,
de gedachten mijn gedachten,
onder mijn wolken met hun schaduw
op mijn bloemen en groen,
de vrouw mijn zachtheid,
de vriend mijn vriend en weelde,
voortaan
schrijf ik wat ik schrijf
gedichten als de waarheid,
gedichten als open handen,
als lippen van mijn geliefde,
als lichaam van eerlijkheid.
Dit wou ik zeggen
en slechts dit bezitten:
mijn woord en de hoop
dat ik mijn woord geloof.
!
Laatst gewijzigd door lutim op 19 dec 2009, 15:42, 4 keer totaal gewijzigd.