Dinsdag 8 december – wiskundige problemen en probleempjes,
1. Vijf bakjes staan naast elkaar en zijn genummerd a, b, c, d en e, in die volgorde. Een slimme hond neemt uit een grote mand telkens twee balletjes en legt die in twee aan elkaar grenzende bakjes. Na een tijdje liggen in bakje a twee balletjes, in bakje b drie balletjes, in bakje c vier balletjes en in bakje d vijf balletjes. Hoeveel balletjes liggen in bakje e?
3. Een getal bestaat uit zeven cijfers.
Het eerste cijfers geeft het aantal nullen in het getal,
het tweede cijfer geeft het aantal enen in het getal,
het derde cijfer geeft het aantal tweeën in het getal,
……..
het zevende cijfer geeft het aantal zessen in het getal.
Tracht het getal te schrijven ….. (puzzelwerk)
4. Door de cijfers 2, 3, 4, 6, 7, 8 telkens éénmaal te gebruiken schrijven we twee getallen van drie cijfers. De getallen moeten zo geschreven worden dat hun verschil zo klein mogelijk is.
Wat is het kleinst mogelijke verschil?
5. Als 4 . ( 7 . (5 + 6) . 8 + 9 – x) = 2008, dan is x = ???
6. a²x² + ax + 2 = 0 is een vierkantsvergelijking in x, met a een willekeurig getal, verschillend van nul.
Wat weet je over het aantal oplossingen van deze vergelijking?
A) nooit een oplossing,
B) altijd één oplossing,
C) altijd precies twee oplossingen
D) aantal oplossingen hangt af van de waarde van a.
7. Als 6/9, 10/35, 16/20, 8/12, 4/14, 12/n, zes breuken zijn met drie verschillende waarden en elke waarde komt tweemaal voor, wat is dan het getal n?
8. Van een rekenkundige rij is de som van de eerste n termen steeds gelijk aan 2n² + 3n, voor iedere waarde van n.
Bepaal de derde term van deze rij.
10. Als n een geheel getal is, verschillend van nul, hoeveel gehele getallen liggen er dan tussen -n en n ?
veel succes –
nieuwe leerlingen steeds welkom;
deze lezen wel eerst blz 1.
Tot morgen, denook