Ik ga het eerlijk bekennen: ik heb een flinke bewondering voor Sergio Herman. Er mogen veel kookprogramma’s zijn op de vele tv-zenders, maar als Sergio Herman in een programma zit, dan vind je mij vast en zeker voor het tv-toestel.
Je krijgt het gevoel dat alles wat Sergio Herman vast grijpt, meteen een succesverhaal wordt. Het mosselrestaurant van zijn vader in Sluis groeide uit tot een viersterrenrestaurant dat bezoekers van over de hele wereld kreeg. Maar niet alleen de bezoekers kwamen van overal, ook het personeel. Mogen werken met Sergio Herman in de keuken van “ Oud Sluis” was de waarborg dat alle deuren van de beste restaurants voor je werden open gezwaaid. De leerlingen die een eigen restaurant zijn begonnen na een opleiding bij Sergio Herman schoppen het ver in de wereld van de top-gastronomie.
Ik zie echter Sergio Herman vooral graag als hij de gastronomie kan combineren met reizen met een vriend of met een bekende Vlaming naar verre streken. Dan dartelt hij in de meest afgelegen streken van de wereld rond als een berggeit in de Alpen.
De vragen die ik daarbij wel heb is hoe ontdekt die man de beste bijenkweker in Colombia of de zeldzaamste mierensoort op de hoogvlakte van Peru? En geloof me of niet, ik heb toch binnenpretjes als ik zie hoe Sergio Herman lijkbleek en zeeziek op een klein vissersbootje zit ergens in Argentinië op zoek naar een zeldzame zee-egel. Of als zijn roeibootje kantelt op een kleine bergrivier maar het bezorgt mij wel een dosis humor en een flinke lach en wellicht ook bij iedereen die dat soort programma’s volgt.
Ik vraag me wel af of er achter de soms bizarre glimlach en het warme amicaal gevoel van Sergio Herman niet een man zit met een ijzeren discipline en een stevige research ploeg. Een keukenchef laten groeien van een mosselrestaurant tot een gerespecteerde tv-vedette die zijn eigen weg kan blijven gaan, wordt niet zomaar in de schoot geworpen.
Ik moet eerlijk bekennen dat ikzelf ook graag kokkerel. Zonder pretentie maar ik meen dat ik zelfs behoorlijk goed kan koken. Ik ben trouwens niet voor niets meer dan veertig jaar verantwoordelijk geweest voor alle diensten in grote vakantiecentra, incluis de keuken en de menu's. Als Sergio echter het alfabet van zijn kruiden en specerijen opentrekt, dan moet ik nederig passen.
Mijn keuken blijft een combinatie van de echte “Vlaamse “ keuken of die van mijn grootouders en dat is dan de Zuid-Italiaanse. Ik werk met bieslook, peterselie, oregano, dille en laurier maar Mexicaanse kruiden of bloemenmengeling uit het oerwoud van Ecuador zijn mij vreemd.
Ik hou van een stevige “ côte à l’os” van een rasbeest dat mocht grazen in de mooiste polders tussen Veurne en Diksmuide, of van een stukje verse vis dat door onze eigen vissers uit de Noordzee werd opgehaald en ‘s anderendaags in mijn pan ligt te bakken….of het mag zelfs een Gentse Waterzooi of onze lokale hutsepot zijn met wortelen, raapjes en kool. Ik hou van de eerlijke keuken van de Blankenbergse Oesterput waar je van de kreeft kunt genieten die op de meest natuurlijke en even smaakvolle kookwijze wordt bereid net zoals Sergio zo’n kreeft even grilt op een houtvuurtje in Clifton Beach in Zuid-Afrika. Ik hou van de fijne Italiaanse keuken die zo gul is in smaken en variatie.
En toch….moest Sergio Herman morgen in mijn buurt komen koken, ik weet het zeker….ik sta op de eerste rij om voor mijn vrouw en mezelf een tafeltje te reserveren….want ik wil toch ook eens weten hoe een Japanse Wagyu steak smaakt, of een Maimoa lamskroontje uit Nieuw Zeeland. Als het maar Sergio Herman is die het bereidt..
Ik moet hier wel afhaken. Mijn vrouw roept dat Jeroen Meus net een leuke maatijd klaarmaakt in het programma “ Dagelijkse Kost “.. Het kan niet altijd Sergio Herman zijn. Helaas.





