Ons voedselveiligheidssysteem heeft vandaag een uitstekende reputatie, zowel in binnen- als buitenland. Deze reputatie willen we ook in de toekomst behouden. Voedingsbedrijven bereiden zich daarom voor op verschillende uitdagingen die op ons afkomen.
Hoe gaan we om met nieuwe voedingsmiddelen en met technologieën die zorgen voor meer transparantie in de keten? Hier zijn vier trends die de toekomst van ons voedselveiligheidssysteem kunnen veranderen.
1. Naar een grotere voedselveiligheidscultuur
Het Belgische autocontrolesysteem, dat werd ingevoerd na de dioxinecrisis in 1999, heeft onze voedingsbedrijven betrouwbare partners gemaakt in het produceren van veilige voeding. Nu kunnen ze een stap verder gaan om toonaangevend te blijven in voedselveiligheid. "Er is nog veel potentieel in het uitbouwen van een voedselveiligheidscultuur binnen voedingsbedrijven," zegt Kristien Neyts, kwaliteitscoach bij Quality Coaching.
Kwaliteit en voedselveiligheid moeten niet alleen de verantwoordelijkheid van de kwaliteitsdienst zijn. Iedereen binnen het bedrijf, van operatoren tot directieleden, moet voedselveiligheid als prioriteit beschouwen en hier proactief over communiceren. Silo’s tussen verschillende afdelingen moeten doorbroken worden, zodat communicatie en bewustzijn over voedselveiligheid door de hele organisatie stromen. De betrokkenheid van het management is hierbij cruciaal.
Om bedrijven te ondersteunen, werken academici en de voedingssector samen in het innovatieproject Q-DNA.
2. Nieuwe voedingsmiddelen, nieuwe uitdagingen
Kweekvlees, gele meelwormen en algen zijn slechts enkele voorbeelden van nieuwe voedingsmiddelen die we in de toekomst vaker op ons bord zullen zien. Deze nieuwe voedingsmiddelen stellen ons huidige voedselveiligheidssysteem echter voor uitdagingen. Bedrijven die nieuwe producten willen introduceren, moeten aantonen dat deze veilig zijn voor menselijke consumptie. Hierom is de Europese novel food-wetgeving in het leven geroepen, legt Lore Knaepen, program manager New and Shifting Resources bij Flanders’ FOOD, uit.
Het indienen van een aanvraag is vaak een langdurig en kostbaar proces. Eenmaal goedgekeurd als novel food, kan de toelating voor vijf jaar exclusief aan de aanvrager worden verleend. De aanvraagprocedure is de laatste jaren echter vereenvoudigd en gecentraliseerd.
De eiwittransitie is een belangrijke drijfveer voor innovatie met nieuwe eiwitbronnen. Volgens Wim Geeraerts, Food Policy Advisor bij Fevia, bieden insecten steeds meer mogelijkheden als alternatieve eiwitten. De huiskrekel is sinds maart erkend als novel food, naast de gele meelworm en de treksprinkhaan. Insecten zijn rijk aan essentiële voedingsstoffen en kunnen gebruikt worden in diverse producten zoals koekjes, pasta en sauzen. EFSA evalueert momenteel ook andere insectenproducten.

3. Blockchaintechnologie biedt meer transparantie
Blockchaintechnologie, bekend van de digitale munt Bitcoin, biedt ook mogelijkheden in onze sector. Blockchain werkt via een decentrale, chronologische 'boekhouding' waarin alle transacties worden bijgehouden. Dit maakt het mogelijk om een hele keten te certificeren, van de grondstof tot het afgewerkte product, zonder tussenkomst van derden. Blockchain kan helpen voedselfraude te bestrijden, voedselincidenten te voorspellen en het consumentenvertrouwen te verhogen.
De transparantie in de productieketen wordt hierdoor groter: je kunt nagaan welke weg een product heeft afgelegd en wie verantwoordelijk was voor welke schakel in de keten. Bedrijven krijgen steeds meer data te verwerken en kunnen kunstmatige intelligentie (AI) gebruiken om deze gegevens te analyseren en verbanden te leggen. Régis Coli, manager bij de Waalse innovatiepool Wagralim, benadrukt de voordelen hiervan.
Om data delen in de agrovoedingsketen te faciliteren, biedt ILVO, het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek, het datadeelplatform DjustConnect aan. Bedrijven kunnen zo de kansen van de data-economie ontdekken en benutten zonder de controle over hun data te verliezen.
4. Ziektekiemen sneller in de kiem smoren met WGS
Whole genome sequencing (WGS) is een techniek waarmee het volledige DNA van een organisme in kaart wordt gebracht. "Deze techniek is nog niet verplicht in de wetgeving, maar kan de voedingsindustrie veel informatie opleveren," zegt kwaliteitscoach Kristien Neyts.
Door WGS-analyseresultaten van bacteriën in een databank op te nemen, kan sneller een uitbraak worden gedetecteerd en een link worden gelegd tussen besmet voedsel, een menselijke infectie en de besmettingsbron in de voedselketen. Dit maakt gerichte maatregelen mogelijk om escalatie te voorkomen.
WGS is een krachtige tool die waarschijnlijk de voorkeursmethode wordt voor bacterieel voedselveiligheidsonderzoek. Toch is voorzichtigheid geboden bij het trekken van conclusies uit grote databanken, vooral als het gaat om verantwoordelijkheden bij een uitbraak. Voedingsbedrijven zijn vaak terughoudend met deze technologie en het delen van data. Maar het levert voordelen op: gerichtere risicoanalyses, vroegtijdige probleemdetectie en het voorkomen van uitbraken. Alles begint met de juiste mindset en transparante communicatie, zowel door exploitanten als de overheid.
Dit artikel is gebaseerd op informatie van Fevia, de vertegenwoordiger van de Belgische voedingsindustrie.
Stefaan Van Laere



