Marc (64) staat in de keuken. De aardappelen zijn bijna gaar, de wijn staat koud en straks komen zijn dochter en schoonzoon eten.
Dan belt iemand.
Het gesprek duurt nog geen vijf minuten. Eén opmerking valt verkeerd. Zo eentje die op papier misschien onschuldig lijkt, maar precies op de verkeerde plek landt.
Marc legt zijn telefoon neer.
“Allez. Typisch.”
Tien minuten later is er eigenlijk niets veranderd. De kinderen komen nog altijd. Buiten schijnt de zon. De wijn staat nog altijd koud.
En toch is zijn hele namiddag van kleur veranderd.
Het gesprek is voorbij. Alleen: in Marcs hoofd blijkbaar nog niet.
Herkenbaar? Soms is één zin genoeg om urenlang mee rond te lopen. Je herhaalt het gesprek onder de douche, in de auto of tijdens het afwassen. En bij elke herhaling klinkt die ene opmerking nét iets erger.
Kun je daar iets aan doen? Ja. Maar niet door jezelf streng toe te spreken met: “Kom, wees nu eens positief.”
Je gevoel heeft geen aan-uitknop
“Denk positief” klinkt eenvoudig zolang iemand anders slechtgezind is.
Wanneer je zelf kwaad, bezorgd of gekwetst bent, helpt het ongeveer evenveel als “je moet gewoon slapen” tegen iemand die om drie uur ’s nachts naar het plafond ligt te kijken.
Een emotie laat zich niet zomaar bevelen. Je kunt niet altijd beslissen: vanaf nu ben ik rustig.
Maar je bent ook niet volledig machteloos. Je kunt vaak wel beïnvloeden waar je aandacht naartoe gaat, hoe je tegen jezelf praat en wat je lichaam ondertussen doet.
De betere vraag is dus niet:
“Hoe krijg ik dit gevoel weg?”
Maar:
“Waar heb ik nu wél invloed op?”
Begin eens met drie kleine dingen.
1. Welk filmpje speel je telkens opnieuw af?
Marc heeft de aardappelen afgegoten. Het telefoongesprek draait ondertussen aan zijn derde herhaling.
Eerst hoort hij opnieuw wat er gezegd werd. Dan bedenkt hij wat hij had móéten antwoorden. En vervolgens haalt zijn hoofd, geheel gratis, nog een oud akkefietje van een paar jaar geleden boven.
Ons hoofd is soms een vreemde streamingdienst: vooral de afleveringen die we niet meer willen zien, worden automatisch opnieuw afgespeeld.
Merk daarom eerst gewoon op:
Hé, dit filmpje speel ik alweer af.
En stel jezelf daarna één vraag:
Is dit het enige beeld van mijn dag dat aandacht verdient?
Misschien was dat gesprek vervelend. Maar misschien komt straks ook je kleindochter binnen die zonder enig overleg je beste fauteuil inpikt.
Beide zijn waar. Alleen krijgt meestal één van de twee de grootste luidspreker.
Vraag jezelf:
- Wat blijf ik in gedachten herhalen?
- Word ik wijzer als ik dit nog één keer afspeel?
- Wat is er vandaag óók gebeurd dat mijn aandacht verdient?
Dat is geen geforceerd positief denken. Je maakt je blikveld gewoon weer wat breder.
2. Luister naar de toon van je innerlijke commentator
Er loopt bij de meeste mensen de hele dag iemand mee die commentaar geeft.
Soms behulpzaam:
Rustig. Eerst dit, dan dat.
Soms wat minder aangenaam:
Dat heb je weer goed aangepakt.
Waarom heb je nu niks gezegd?
Zie je wel.
Het merkwaardige is dat niet alleen de woorden tellen. Ook de toon maakt verschil.
Probeer het even. Zeg in gedachten: “Goed gedaan.”
Eerst alsof een zure leerkracht het zegt die duidelijk het tegenovergestelde bedoelt. En nu alsof iemand die je graag ziet het zegt en het meent.
De woorden zijn dezelfde. Het gevoel niet.
Veel mensen proberen hun gedachten te veranderen, maar laten de toon ongemoeid. Dan klinkt “Ik mag fouten maken” nog altijd alsof het wordt voorgelezen door een innerlijke kolonel.
Dat schiet niet geweldig op.
Vraag jezelf dus eens af:
Zou ik op deze toon spreken tegen iemand om wie ik geef?
Zo niet, dan hoef je jezelf niet plots te overladen met complimenten. Neutraler is soms al genoeg.
Wat ben ik toch een idioot kan worden:
Dat liep niet zoals ik wilde.
Minder spectaculair dan een tegeltjeswijsheid. Wel een stuk geloofwaardiger.
3. Kijk wat je lichaam ondertussen doet
Een slecht humeur zit niet alleen in gedachten.
Kijk maar eens naar iemand die zich verslagen voelt. Schouders naar voren. Hoofd lager. Minder beweging. Blik naar beneden.
En kijk dan naar iemand die net geweldig nieuws heeft gekregen. Meestal heb je geen ondertitels nodig.
Je lichaam en je stemming beïnvloeden elkaar. Dat betekent niet dat je door twee minuten stoer te poseren plots zelfverzekerd wordt. Je hoeft dus niet midden in de supermarkt als Superman te gaan staan. Dat bespaart ook wat uitleg aan de kassierster.
Maar je kunt wel kijken of je lichaam je stemming helpt vasthouden.
Probeer dit:
- Zet beide voeten op de grond.
- Maak jezelf een beetje langer.
- Laat je schouders los.
- Kijk vooruit in plaats van naar beneden.
- Adem rustig uit.
En merk op wat er gebeurt.
Geen verschil? Prima. Een beetje verschil? Ook goed.
Je zoekt geen wonder. Vijf procent meer ruimte is soms al genoeg.
Moet je dan elk slecht gevoel veranderen?
Nee.
Boosheid kan duidelijk maken dat iemand een grens overschreden heeft. Verdriet toont soms hoeveel iets of iemand voor je betekende. Onrust kan aangeven dat er werkelijk iets moet gebeuren.
Een vervelende emotie is dus niet automatisch een fout die je zo snel mogelijk moet herstellen. Soms heeft ze iets te vertellen.
De vraag wordt pas interessant wanneer het oorspronkelijke signaal voorbij is, maar jij de emotie zelf nog urenlang van brandstof voorziet.
Het gesprek van Marc duurde vijf minuten. Moet het daarom ook drie uur zendtijd krijgen?
Daar zit je speelruimte. Niet in het bevelen van je gevoel. Wel in wat je daarna doet met je aandacht, je innerlijke stem en je lichaam.
Een oefening voor als je stemming blijft plakken
Stel dat je merkt dat iets blijft nazinderen. Dan kun je nog eens analyseren wat er gezegd werd. En nog eens. En daarna, voor alle zekerheid, nog eens.
Je kunt ook iets anders doen:
- Merk op hoe je erbij zit of staat.
- Geef je lichaam iets meer ruimte.
- Denk aan iemand bij wie je warmte of veiligheid hebt gevoeld.
- Kies één concreet moment: een hand op je arm, een lach, een geur, een zin.
- Blijf daar een halve minuut bij.
Je hoeft niets te forceren. Misschien verandert je stemming duidelijk. Misschien nauwelijks. Ook dat is informatie.
Het doel is niet om plots jubelend door de keuken te dansen. Je geeft één vervelende emotie gewoon niet meer het hele podium.
Niet alles wat je raakt, verdient de rest van je dag
Met de jaren kún je iets leren waar je vroeger misschien meer moeite mee had:
Niet alles moet uitgeklaard worden.
Niet elke opmerking verdient een antwoord.
Niet elk gevoel moet opgelost worden.
Sommige dingen mogen gewoon kleiner worden. Niet omdat ze onbelangrijk zijn, maar omdat jij bepaalt hoeveel plaats ze nog krijgen.
En Marc?
De voordeur gaat open. Zijn kleindochter stormt binnen, loopt hem voorbij en nestelt zich zonder pardon in zijn favoriete fauteuil.
Hij kijkt naar haar.
“Ah ja. Doe maar alsof ge thuis zijt.”
Ze grijnst. Hij ook.
Het telefoongesprek van daarnet is niet verdwenen. Wat gezegd werd, is nog altijd gezegd. Het is alleen niet langer het belangrijkste wat er vandaag gebeurd is.
Dus als je stemming de volgende keer kantelt, vraag jezelf dan eens af:
- Welk filmpje speel ik af?
- Op welke toon praat ik tegen mezelf?
- En wat doet mijn lichaam?
Je hoeft je gevoel niet weg te krijgen om er minder door bestuurd te worden.
Let er vandaag eens op wanneer je humeur omslaat. Misschien ontdek je dat één kleine verschuiving al genoeg is om de rest van je dag weer wat meer van jou te maken.
Lees ook: Waarom kan ik niet gewoon genieten?



