Lees je ook soms in de Bijbel? Daar vind je heel wat mysteries figuren in terug. Mysteriekenner Carl Bries laat ons enkele opmerkelijke heerschappen kennen.
Bekende Bijbelfiguren
Doorheen de inhoud van de Bijbel worden talloze figuren genoemd die ieder op hun manier bekendheid hebben verworven. Denk maar aan Lazarus die uit de doden opstond, Mozes die zijn landgenoten uit Egypte bevrijdde en de ongelovige apostel Thomas. Heel wat van die personen zijn door en door gekend, maar van sommigen weten we heel wat minder.
En dat terwijl ze toch ook als muziek in onze oren klinken telkens hun naam valt of we hun bekendste daad nog eens noemen. Wie waren deze personen werkelijk en wat maakte hen zo speciaal?
De koningin van Sheba

Een eerste figuur die we graag zouden bespreken, is de koningin van Sheba. Zij wordt genoemd in tal van Bijbelboeken zoals in Koningen en Kronieken. Ze wordt zelfs ook in de Koran genoemd. Haar koninkrijk wordt door archeologen in Ethiopië of Jemen geplaatst.
In de Bijbel brengt de koningin een bezoek aan koning Salomo van Israël. Ze had allerlei verhalen gehoord over zijn wijsheid en was danig onder de indruk hiervan. Met een omvangrijke delegatie ging ze de reis aan en daarbij had ze allerlei waardevols bij zich zoals goud, specerijen en edelstenen om de wijze koning als geschenk te geven. Salomo maakte zo’n indruk op haar dat ze zijn God zegende waarop de koning haar “alles wilde geven wat ze maar verlangde”. Volgens de joodse historicus Flavius Josephus was dit vooral zijn liefde en zo zouden beide gekroonde hoofden een seksuele relatie met mekaar hebben gehad. De Ethiopiërs claimen vandaag dan nog steeds dat zij de nakomelingen zijn van deze relatie. Vandaar dat zij in het bezit zijn van de meest waardevolle schat die Israël ooit zou hebben gehad: de Ark van het Verbond. Die zou door Salomo zijn meegegeven met de zoon die beide staatshoofden samen hadden: Menelik. Volgens schrijver Graham Hancock was dit slechts een legende, want Menelik zou volgens hem nooit bestaan hebben. Maar dat de Ark zich in Ethiopië bevindt, daar twijfelt Hancock dan weer niet aan. Die zou daar gekomen zijn door joden die destijds op de vlucht waren geslagen voor een meedogenloze heerser enerzijds en een vijandig Egypte waar ze eerder hun toevlucht hadden gezocht maar niet meer welkom waren anderzijds. Daarop zochten de joden hun heil in de groene hooglanden van Ethiopië waar de Ark volgens Hancock een laatste rustplaats vond tot op vandaag.
Andere versies
Zo luidt dus de Bijbelse versie van het bezoek van de koningin van Sheba aan koning Salomo. In Ethiopië breien ze er het verhaal van Menelik dus nog aan.
Maar zo gaat het niet in andere versies. In de Koran heet het dat koning Salomo te horen krijgt van een koningin die de zon aanbidt. Hij stuurt haar een boodschap waarin hij een waarschuwing luidt over een invasie in haar koninkrijk. De koningin, die hier Bilqis wordt genoemd, stuurt als dank kostbare geschenken naar Salomo, die deze weigert. In plaats daarvan stuurt hij haar een nieuwe boodschap waarin hij zegt over iets veel kostbaarder te bezitten, met name het geloof in één God. Bilqis reist hierop af naar Israël en omarmt daar eveneens het monotheïstische geloof.
Vandaag geloven veel experts dat Sheba zich in Ethiopië moet hebben bevonden. Wie de mythische koningin is waarover in heel wat religies wordt verteld, is niet meteen duidelijk. De verschillende namen die ze krijgt zoals Bilqis en Makeda in Ethiopië, maken het mysterie alleen nog maar groter. Het verhaal van Menelik doen veel wetenschappers af als een verwijzing naar het feit dat heel wat mensen destijds de oversteek maakten van Arabië naar Ethiopië en dat beide inlandse talen sterk op mekaar gelijken.
Barrabas

Nog zo’n mysterieuze figuur uit de Bijbel is Barrabas. Deze komt naar voren in het Nieuwe Testament en is degene die op Pesach wordt vrijgelaten in de plaats van Jezus. Barrabas wordt omschreven als een moordenaar. Sommigen denken dat hij lid was van een militante joodse vrijheidsbeweging en dat hij tijdens een gewapend treffen een moord had gepleegd. Het was een gewoonte van de Romeinse heerser Pontius Pilatus om tijdens het paasfeest een gevangene gratie te verlenen. Meestal ging het dan om een ter dood veroordeelde. De menigte, en dus niet per se het Joodse volk, werd opgehitst door hogepriesters om voornamelijk tegen Jezus te kiezen. En zodoende werd Barrabas, aldus het verhaal, vrijgelaten en Jezus gekruisigd. Maar wie was deze man werkelijk? Was hij een verzetsstrijder of helemaal niet? Sommigen denken zelfs dat hij niet eens heeft bestaan.
Verklaringen
Die laatste groep denkt dat de persoon Barrabas een verwijzing is naar de vraag wie de ware Zoon van God is: Jezus de verzetsstrijder of Jezus die ijvert voor vrede? Want volgens sommige geschriften dachten de apostelen dat Jezus een gewapende revolutie zou ontketenen en dus zou Barrabas deze kant van Jezus voorstellen. Daarbij geeft deze stroming nog een verklaring voor hun theorie. Zo zou Zoon van God in het oud-Hebreeuws Bar-abbâ geweest zijn en dus zou het volk om de vrijlating van Jezus hebben geschreeuwd.
Anderen denken dan weer dat Barrabas zeker geen verzetsstrijder kon zijn geweest, want Pontius Pilatus was een wreed heerser en die zou zeker niet overwegen om zulk een tegenstander van Rome gratie te verlenen. Wie hij dan wel kon zijn geweest, daar heeft deze groep mensen geen idee van.
Er zijn er ook die beweren dat zulk een vrijlating geen traditie was. Buiten de evangeliën is er immers nergens sprake van het verlenen van gratie aan een gevangene op Pesach.
Nog anderen denken dan weer dat Barrabas ofwel een trouwe volgeling van Jezus was of zelfs meer: het was diens zoon die hij samen met Maria Magdalena had. De voornaam van Barrabas was volgens sommige geschriften Jezus en Jezus Barrabas zou dan ‘zoon van vader Jezus’ betekenen.
Voor geen van deze beweringen is er hard bewijs gevonden. Het zal dus nog steeds een mysterie blijven wie deze raadselachtige figuur was die de voorkeur kreeg op Jezus om vrijgelaten te worden.
Longinus

Een andere opvallende figuur uit het Passieverhaal is Longinus. Zijn naam vind je niet terug in de Bijbel, maar hij staat voor altijd bekend om zijn meest bekende daad. Hij was de honderdman die bij de kruisiging op een gegeven moment de zijde van Jezus met een lans doorboorde om te zien of deze werkelijk gesneuveld was.
Het was namelijk zo dat de meeste gekruisigden pas na enkele dagen de dood vonden, maar bij Jezus was dit reeds na een paar uur. Omdat hij dit niet vertrouwde, ging Longinus dit na door zijn speer in de zijde van Jezus te steken. De honderdman, die volgens de legende slechtziend was, kreeg enkele druppels bloed van Jezus in zijn gelaat. Prompt daarop was zijn zicht volledig hersteld en zou Longinus geroepen hebben dat Jezus werkelijk de Zoon van God was. Wat de Romein op dat moment nog niet besefte, was dat hij hiermee aan de basis lag van één van de meest heilige relikwieën uit het christelijke geloof: zijn speer.
Heilige Lans
De speer van Longinus werd vooral tijdens de Middeleeuwen een voorwerp van aanbidding. Het werd op hetzelfde voetstuk geplaatst als de Heilige Graal. Maar terwijl die laatste onvindbaar bleek, werd de Heilige Lans, zoals de speer vanaf toen werd genoemd, wel gevonden. Vreemd genoeg werd ze zelfs meerdere keren gevonden. Zowel Rome als Parijs, Wenen, Krakau, Aken en het Armeense Ejmiatsin beweerden de Lans in hun bezit te hebben.
In Rome ligt de Heilige Lans onder de koepel van de Sint-Pietersbasiliek. Het was paus Innocentius VIII die erin slaagde de relikwie naar Rome te halen. De Lans was op dat moment via heel wat omwegen bij de Ottomaanse sultan beland en de paus had diens broer in gevangenschap. Een ruil was toen aan de orde. De paus zelf twijfelde aan de echtheid van de speer, maar nam ze toch voor waar aan.
De lans in Parijs zou door kruisridder Boudewijn in 1244 zijn geschonken aan de Franse koning. Het ging overigens om de punt van de lans, niet de lans op zijn geheel. Het voorwerp verdween tijdens de Franse Revolutie. De doornenkroon die er samen werd mee bewaard is er nog steeds.
De speer in Wenen bevat een inscriptie waarop staat dat ze aan een zekere Mauritius had toebehoord. Het was dus wellicht niet de speer van Longinus, al behoort de spijker die erin verwerkt is wel tot de juiste periode. Mauritius behoorde tot een ander Romeins legioen wiens soldaten later allemaal de marteldood zijn gestorven omdat ze zich hadden bekeerd tot het christendom. De Amerikanen haalden deze lans tijdens WO II uit handen van de nazi’s waarop kort daarna de oorlog was beslecht in hun voordeel.
De lans in Ejmiatsin zou degene geweest zijn die door een zekere Peter Bartholomeus in een rivierbedding in Antiochië werd ontdekt tijdens een kruistocht. Over welke lans nu de echte Heilige Lans is, is er nog steeds geen zekerheid.
Longinus zelf
Over het verdere leven van Longinus bestaan er ook verschillende versies. Eén daarvan luidt dat Joodse overheden hadden getracht hem om te kopen. Ze wilden namelijk dat hij zou verklaren dat het lichaam van Jezus was gestolen door de apostelen en dat Christus dus niet uit de doden was verrezen. Longinus weigerde echter en dan zou er een complot tegen hem zijn gesmeed. Zo wilden ze hem uit de weg ruimen. Maar Longinus kreeg hiervan hoogte en zou gevlucht zijn. Hij zou zich hebben aangesloten bij volgelingen van Jezus. Hij liet zich dopen en ging samen met twee vrienden van hem naar zijn geboortestreek Cappadocië, waar hij het geloof verkondigde. De Joodse farizeeërs kwamen dit echter te weten en overtuigden Pontius Pilatus om er soldaten naartoe te sturen om Longinus te doden. Deze laatste bood de soldaten onderdak om hen daarna te zeggen dat hij degene was die ze zochten. Na enige aarzeling werd het vonnis voltrokken en werden Longinus en zijn twee vrienden onthoofd.
Een andere versie luidt dat Longinus als monnik naar zijn geboortestreek was getrokken en daar werd gearresteerd. Zijn tanden werden er uitgeslagen en zijn tong afgesneden, maar hij bleef duidelijk praten. Hij weigerde de Romeinse goden te eren en werd ter dood veroordeeld. De Romeinse provoost Octavius, die zelf slechtziend was, zou van Longinus te horen hebben gekregen dat hij van zijn oogkwaal zou genezen door enkele druppels van diens bloed. En zo gebeurde het ook.
Welke versie het dichtst bij de waarheid aanleunt, zullen we wellicht nooit te weten komen. Wat wel een feit is, is dat Longinus als een heilige werd opgenomen in het christelijke geloof. Op heel wat middeleeuwse afbeeldingen wordt hij vaak afgebeeld als Romeins veldheer onder een kruis waarbij hij naar zijn ogen wijst.




