Ben Boomer worstelt met het een en ander. De digitale televisie en de supermarkt bijvoorbeeld, maar hij laat er zijn goed humeur niet door bederven.
Dag mijn medeboomers,
Zitten jullie er weer klaar voor, met een kopje koffie of thee in de hand? Laat mij jullie vandaag even meenemen in mijn dagelijkse strijd met de moderne wereld. Want ja, vooruitgang is leuk en aardig, maar het voelt soms alsof die vooral bedoeld is om ons – de ervaren generatie, zeg maar – het leven net dat tikkeltje moeilijker te maken. Ik weet het, ik mag zo niet denken, want dan vinden mensen mij maar een oude knorpot die blijft hangen in de tijd van toen. Maar goed, het doet me deugd om af en toe mijn gal te spuwen. Vergeeg me, het is de aard van het beestje.

Laten we beginnen met mijn meest recente vijand: de digitale televisie. Vroeger was het veel gemakkelijker, in de tijd van de antennes. Wat draaien aan de knop olm een min of meer zuiver beeld te krijgen met zo weinig mogelijk ‘sneeuw’ en vooral maar enkele zenders om uit te kiezen: heerlijk toch!
Maar me moeten mee met onze tijd en met de evolutie. Je weet wel, dat wonder der techniek dat ons oneindige zenders belooft. "Zoveel keuze, Ben, je zult nooit meer zonder vermaak zitten," vertelden ze me. Wem, ik heb geen idee hoe het met jullie zit, maar na een halfuur had ik zó veel zenders bekeken dat ik het verschil tussen een kookprogramma en een natuurdocumentaire niet meer kon onderscheiden. Uiteindelijk zat ik te kijken naar een Duitse spelshow, zonder ondertiteling. Tegen de tijd dat ik doorhad dat ik die per ongeluk had ingesteld, was mijn geduld al lang verdampt. Maar goed, het schijnt dat dit de toekomst is, dus ik blijf stug proberen. Vooruitgang, toch? Volgende week waag ik me aan de decoder. Dat ding is als een mysterieus kastje dat mij steeds opnieuw lijkt uit te dagen.

Dan de supermarkt. Of moet ik zeggen: het warenhuis van verwarring. Vroeger had je gewoon een rijtje brood en een koelvak met melk. Tegenwoordig moet je een halve studie afronden om te weten welke melk je moet kopen. Wil je koemelk, amandelmelk, havermelk, of misschien rijstmelk? Met of zonder extra calcium? Wat dacht je van lactosevrij? Dat is als een soort persoonlijke quiz. "Welke melk past bij jouw levensstijl?" Geen idee. Ik wil gewoon melk voor mijn koffie. De laatste keer dat ik boodschappen deed, werd ik zo overspoeld door keuzes dat ik uiteindelijk zonder melk thuiskwam en maar een scheutje water in mijn koffie gooide. Ik bedoel, water is toch ook biologisch?
En dan die zelfscankassa’s… Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar bij mij eindigt dat altijd in chaos. Er gaat iets mis bij elke appel die ik probeer te scannen, en dan begint dat ding te piepen alsof ik een bank aan het beroven ben. Ik roep dan maar een medewerker erbij, die altijd zuchtend uitlegt hoe het werkt, om vervolgens net iets te snel weer weg te lopen. De moraal van het verhaal? Ik mis de kassabediende die gewoon vrolijk met je babbelt terwijl ze je boodschappen afrekent. Efficiëntie ten koste van gezelligheid, noemen ze dat.

Maar nu genoeg gezeurd, want er zijn ook dingen die ik nog wél wil doen. Zweefvliegen, bijvoorbeeld. Ja, jullie lezen het goed, ik – Ben Boomer – droom ervan om boven de wolken te zweven, als een vrije vogel. Het idee dat ik door de lucht zoef, zonder enige belemmering, trekt me enorm aan. Maar het probleem is, zoals jullie misschien al vermoeden, ik durf niet. Toch spookt het door mijn hoofd: ik zie mezelf al zweven boven de Vlaamse velden, met de wind door mijn grijze haren. "Boomer gespot boven de Kempen," zullen de krantenkoppen zeggen. Misschien moet ik gewoon klein beginnen. Een ballonvaart misschien, of nog beter, ik koop een vlieger en begin op het strand. Stap voor stap, zo is het leven, nietwaar?
En dan hebben we nog de moderne communicatie. Oh, hoe kon ik die vergeten? Vroeger belde je gewoon naar iemand, of stuurde je een brief. Nu krijg ik elke week te horen dat ik WhatsApp moet installeren, "want dat is toch veel handiger, Ben." Handiger? Misschien voor de jeugd. De eerste keer dat ik een bericht probeerde te sturen, had ik per ongeluk op de microfoonknop gedrukt en kreeg de ontvanger een geluidsopname van mijn gejammer over de kat die op mijn toetsenbord sprong. En als ik mijn kleinkinderen wil bellen, sturen ze me een berichtje terug: "Opa, kun je videobellen?" Videobellen? Waarom moet ik ineens ook nog te zien zijn terwijl ik probeer te praten? Laat me gewoon bellen, zoals vroeger. Weet je, soms verlang ik gewoon terug naar die goeie ouwe vaste telefoon, waar je nog een nummer moest draaien. Herinneren jullie je die nog?

Maar goed, lieve boomers, we blijven ons aanpassen, zij het met wat tegenzin en een lichte grijns. Want ondanks alles moeten we toegeven: we houden ook wel een beetje van de uitdagingen. Misschien zitten we dan niet helemaal op de eerste rij bij de digitale revolutie, maar we zitten er tenminste nog steeds bij. En dat, beste lezers, is al een prestatie op zich.
Tot de volgende keer,
Ben Boomer



