Mariette staat aan de keukentafel. Ze is 68, twee jaar met pensioen, en toch lijkt haar agenda soms meer op een spoorwegdienstregeling dan op haar eigen leven. Er ligt een wit blad voor haar. Naast het blad: een blauwe balpen, een half kopje koffie en een koekje dat ze eigenlijk voor straks bewaart. Maar 'straks' is bij Mariette een heel rekbaar begrip. Bovenaan schrijft ze drie woorden: “Voor later misschien.” Daaronder blijft het angstaanjagend stil.
Ze denkt aan de reis naar de Azoren die ze ooit met haar zus wil maken. Aan de oude familiefoto’s die nog altijd ongesorteerd in een kartonnen doos liggen. Aan het geheime recept van de chocoladetaart van haar moeder, dat niemand precies kent. En aan die cursus aquarel waar ze al vier keer naar heeft gekeken, maar nooit voor heeft ingeschreven.
Dan trilt haar telefoon. Een berichtje van een oud-collega:
“Weet je nog dat we het vroeger altijd hadden over die wandeltocht die we ooit eens samen zouden doen? Mijn wandelvriendin Annie is er onlangs niet meer. En ineens denk ik: waarom hebben we dat eigenlijk nooit gewoon gedaan?”
Mariette legt haar telefoon langzaam neer. Buiten rijdt de vuilkar door de straat. Binnen kijkt zij naar dat lege blad papier. Het is plotseling geen onschuldig lijstje meer. Het is een spiegel.
De vraag die we liever wegduwen
Veel 60-plussers leven een goed en gevuld leven. Ze zorgen plichtsgetrouw voor hun gezin, passen met liefde op de kleinkinderen, koken, rijden, regelen, helpen en onthouden moeiteloos wie welke medicatie op welk tijdstip moet nemen. En toch kan er diep vanbinnen een kleine, stille vraag blijven hangen: “Wat wil ík eigenlijk nog?”
Die vraag kan ongemakkelijk voelen. Alsof je ondankbaar bent. Alsof je op je leeftijd maar gewoon tevreden moet zijn met wat er is. Maar verlangen is geen ondankbaarheid. Het is het ultieme teken dat er nog iets in jou wakker is.
Je hoeft je leven er echt niet voor overhoop te halen en je hoeft geen totaal nieuwe mens te worden. Je mag wel aandacht geven aan wat nog wil groeien. Sommige dromen wachten namelijk niet op meer tijd. Ze wachten simpelweg op een concrete datum.
Maak geen bucketlist, maar een 'doe-lijst'
Het woord bucketlist klinkt voor veel mensen wat zwaar en luguber, alsof er iemand constant naast je staat met een zandloper. Noem het daarom liever een doe-lijst.
Neem een blanco blad papier en schrijf ongedwongen dingen op die je nog wilt doen, leren, maken, meemaken of doorgeven. Dat mogen er tien zijn, of twintig, of honderd als je goed op dreef bent. De eerste ideeën komen vaak snel, maar daarna wordt het pas echt interessant: dan verschijnen de verlangens die al jarenlang in een verstofferd hoekje van je geest zitten.
Denk aan een mix van kleine en grote levensdoelen:
- Een oude vriendschap die verwaterd is opnieuw oppikken.
- Goed leren werken met de fotofuncties en apps op je smartphone.
- Een handgeschreven brief sturen aan iemand die veel voor je betekend heeft.
- Een nieuwe taal leren (of opfrissen) voor op reis.
- Elke maand bewust een gans nieuwe wandeling ontdekken.
- De mondelinge geschiedenis en verhalen van je ouders definitief opschrijven.
- Beter en kordater leren omgaan met “nee” zeggen.
- Die ene rommelkamer opruimen die al te lang op actie wacht.
- Een creatieve cursus volgen waar je stiekem wat zenuwachtig van wordt.
- Eindelijk dat dikke boek lezen dat al jaren stof vangt.
Schrijf zonder te veel te oordelen. Dit blad hoeft op niemand indruk te maken. Het moet alleen jouzelf wakker maken. Vraag jezelf bij elk idee kritisch af: “Wil ik dit écht zelf? Of vind ik dat ik dit zou moeten willen?” Dat subtiele verschil bespaart je achteraf een hoop verloren tijd.
Leg je lijst in drie overzichtelijke manden
Als je lijst klaar is, verdwijnt de chaos en komt er structuur. Mariette neemt er drie gekleurde potloden bij. Ze maakt bewust geen ingewikkeld beheersysteem, want 'mooi maken' is vaak een handige manier van ons brein om uit te stellen. Ze verdeelt haar doelen in drie overzichtelijke manden:
- Dingen waarvoor je iets moet leren: Denk aan je Frans opfrissen, leren aquarelleren, soepeler leren bewegen of vlotter met de tablet werken. Hier gaat het absoluut niet over aangeboren talent; vaardigheden kun je simpelweg stap voor stap leren, ongeacht je leeftijd.
- Dingen die je snel kunt doen: Een vriendin opbellen, een specifiek boek reserveren in de bibliotheek, een datum prikken of die oude doos met foto's alvast op de keukentafel zetten. Deze acties vragen geen complex plan, ze vragen puur om een allereerste beweging.
- Dingen waarvoor je structureel tijd moet maken: Een familieverhaal uitschrijven, elke week een vaste wandeling maken of een oude hobby hernemen. Omdat deze dingen heel dicht binnen handbereik liggen, doen ze soms het meeste pijn: ze zijn perfect haalbaar, maar ze krijgen in de wekelijkse drukte nooit een vaste plek.
"Ik ben het nog aan het leren"
Mariette wil heel graag het levensverhaal van haar vader opschrijven. Haar eerste automatische gedachte was: “Ik kan dat niet.” Dat korte zinnetje sluit de deur meteen hermetisch af. Daarom schreef ze het anders op: “Ik ben het nog aan het leren.” Dat kleine verschil opent de deur naar actie en veerkracht.
Maak voor je leertraject een simpel actieplan op basis van drie concrete vragen:
- Wat wil ik leren? (Bijvoorbeeld: Levensverhalen schrijven)
- Welke eerste kleine stap kan ik deze week zetten? (Elke dinsdagochtend één herinnering uitschrijven)
- Hoe ver sta ik al? (Status: Gestart)
Meer hoeft dat in het begin absoluut niet te zijn. Een vaardigheid groeit uitsluitend door herhaling, door proberen, door af en toe hulp te durven vragen en door fouten te maken zonder meteen je hele plan in de vuilbak te gooien. Je leert immers ook niet fietsen door met een ernstig gezicht naar een fiets te blijven kijken.
Begin belachelijk klein
Wie te groot en te ambitieus begint, stopt helaas meestal heel snel. De doelstelling “Mijn leven radicaal omgooien” is veel te zwaar. Je brein hoort dat, raakt in paniek, en verzint meteen dat je dringend de strijk moet doen. Kies daarom liever voor micro-acties:
- Niet: “Ik ga vanaf nu veel gezonder leven.”
Wel: “Ik zet morgenochtend na het ontbijt meteen mijn wandelschoenen klaar aan de achterdeur.” - Niet: “Ik ga een heel boek schrijven.”
Wel: “Dinsdag om stipt 10.00 uur schrijf ik één anekdote op.” - Niet: “Ik moet dringend meer contact zoeken met familie.”
Wel: “Vrijdagmiddag bel ik mijn broer.”
Klein beginnen is geen zwakte, het is pure strategie. Het is het psychologische bewijs aan jezelf dat je daadwerkelijk in beweging bent gekomen. Wetenschappelijk onderzoek naar gewoontevorming toont aan dat de populaire '21 dagen-regel' een fabeltje is; het duurt vaak gemiddeld twee maanden of langer voordat een nieuwe gezonde gewoonte echt automatisch aanvoelt. Als je na drie weken dus nog steeds bewuste moeite moet doen, ben je niet mislukt. Je bent gewoon nog onderweg.
Waar lekt uw kostbare tijd ongemerkt weg?
Mariette gaf vaak aan dat ze simpelweg "geen tijd" had voor haar dromen. Totdat ze een week lang ruw en zonder zelfkritiek begon op te schrijven wat ze nu eigenlijk deed met haar uren:
- Maandagavond: Het journaal kijken, daarna nogmaals het nieuws analyseren op de tablet, en eindigen met grappige video's van honden op internet.
- Dinsdagnamiddag: Online zoeken naar ingewikkelde kookrecepten die ze uiteindelijk nooit klaarmaakt.
- Woensdag: "Even" kijken op Facebook. Drie kwartier later klikt ze de app weg; ze voelt zich niet rustiger, maar vooral vermoeid en vol in haar hoofd.
Begrijp ons niet verkeerd: pure rust is cruciaal en heerlijk luieren in de zetel mag absoluut. Een mens is tenslotte een levend wezen, geen wasmachine met een strakke agenda. De vraag is dan ook niet hoe je elke minuut van de dag nuttig of productief kunt maken. De betere vraag is: “Welke gewoonte geeft mij échte diepe rust, en welke gewoonte zuigt mij ongemerkt leeg?”
Houd eens een paar dagen een logboekje bij en kijk er daarna met een milde, eerlijke blik naar. Waar verdwijnen die verloren kwartiertjes die u eigenlijk helemaal niet mist? Welk doelloos halfuurtje kunt u vandaag nog ruilen voor iets wat u écht nauw aan het hart ligt? Daar ligt uw ruimte.
Harder duwen of zachter kiezen?
Mariette had uiteindelijk drie opties. Ze kon haar wit blad papier met een zucht wegleggen en besluiten: “Op mijn leeftijd hoeft dat allemaal niet meer.” Die jas zit comfortabel, maar hij ruikt op de duur naar gemiste kansen. Ze kon ook extreem streng worden voor zichzelf: elke ochtend om zes uur opstaan en een rigide schema volgen. Dat houdt men meestal vol tot de eerste regenachtige dinsdag.
Mariette koos voor de derde weg: zachter en vriendelijker kiezen. Ze kiest nu elke zondagavond één piepkleine action voor de komende week. Elke maand evalueert ze rustig haar lijst en stuurt bij waar nodig.
Na zes maanden heeft Mariette geen totaal transformerend nieuw leven — gelukkig maar, dat zou doodvermoeiend zijn. Maar ze heeft inmiddels wel twaalf prachtige verhalen over haar vader op papier staan, ze wandelt weer tweewekelijks met haar zus en ze geniet intens van haar lessen aquarel. Haar allereerste schilderij leek volgens haar kleinzoon weliswaar op “een boom met acute stress”, maar ze heeft het toch trots omhooggehangen. Want het gaat in deze fase van het leven niet om perfectie. Het gaat om volop leven.
Begin daarom vandaag nog met één blanco blad papier. Schrijf bovenaan: “Dingen die ik nog wil doen, leren, maken of doorgeven.” Zet er vandaag gewoon eens tien op. Kies er vervolgens één belachelijk kleine actie uit. Niet voor later. Niet voor ooit. Gewoon voor deze week. Wat staat er bij u al jaren in het vakje “voor later misschien”?
Bronnen en referentielijst:
- Brinkhof, L. P., et al. (2023). Improving goal striving and resilience in older adults through personalized self-help. BMC Psychology.
- Singh, B., et al. (2024). Time to form a health behaviour habit: A systematic review and meta-analysis. Healthcare.
- Wang, G., et al. (2021). A meta-analysis of the effects of mental contrasting with implementation intentions on goal attainment. Frontiers in Psychology.
Disclaimer: De informatie in dit artikel is bedoeld als algemene, onafhankelijke duiding en kan persoonlijk of professioneel advies niet vervangen. Voor onze wetenschappelijke artikels baseren we ons steeds op betrouwbare bronnen en de laatste beschikbare inzichten. Bij vragen over je gezondheid, financiële situatie of andere belangrijke beslissingen neem je best contact op met een bevoegde professional.







