Verliefd
Het woord zelf springt als een donzige knuffel naar je toe. Het tilt je lachend op en voert je mee naar een andere wereld. Een soort sprookjeswereld.
Wie zich de verliefdheid niet meer kan herinneren, is waarschijnlijk nooit écht verliefd geweest. En heeft dan toch een heel bijzondere ervaring gemist.
De grijze alledaagsheid lijkt onder je voeten weg te zinken. Je gaat zweven op een wattige roze wolk, alsof een onzichtbare toverfee je met haar staf heeft aangetikt.
Het is een gevoel dat niemand in je omgeving op dat ogenblik helemaal met je kan delen.
Verliefdheid opent de deur naar een wereld die alleen jij op dat moment kunt zien.
Een engeltje in het zesde leerjaar
Voor mij begon het al heel vroeg, in het zesde leerjaar.
Ze zat voor me in de klas: een volmaakt engeltje, zoals die waarover in de catechismusles werd verteld. Ze had lange zwarte vlechten, opgestoken op het achterhoofd, met daarboven een grote witte strik.
Je kon er niet naast kijken.
Dat deed ik dan ook niet.
Een blik in haar grote, lachende ogen was elke dag opnieuw een bijzonder genot. Geen wonder dat ik zo graag naar school ging. Hoe mooi kon het leven toen al zijn!
En wat er nog niet was, droomde je er eenvoudigweg bij. Voor mij leek het aards paradijs nooit veraf.
Helaas betekende het einde van onze lagere schooltijd meteen ook het bruuske einde van die eerste idylle.
Het strenge internaatsleven bood weinig gelegenheid om in extase weg te zeilen naar paradijselijke eilanden.
Hoewel…
Toen de liefdesfee terugkeerde
Het was een tijdje wachten voordat de liefdesfee opnieuw in mijn leven verscheen.
Deze keer was ze glansrijker, zwieriger en bekoorlijker. Geen zwarte vlechten meer, maar een sportief kapsel en een vrouwelijke charme die mijn intense bewondering afdwong.
Ze stapte uitdagend rond op modieuze schoentjes met hoge hakken. Geen lachende kinderogen deze keer, maar twee diepblauwe oceanen vol vraagtekens, waarop ik geen antwoord wist.
Gelukkig begreep ze mijn klungelige gehunker.
Woorden waren overbodig.
Cupido zat aan de zijlijn te gniffelen. Hij had alweer raak geschoten. Het voelde alsof de bliksem insloeg en ons beiden minutenlang in een verblindend licht aan de grond vastplakte.
Daarna zweefden we zachtjes weg op de vleugels van de liefdesfee.
Maar waarheen?
We probeerden allebei een schuchtere glimlach te onderdrukken. Er volgden tal van afspraakjes op de meest romantische plekjes.
Cupido vraagt nooit of het ogenblik geschikt is. Hij schiet gewoon.
Toen mijn vader lucht kreeg van dat romantische gedoe, wees hij mij erop dat mijn studies nog niet voltooid waren.
Maar wat trekt verliefdheid zich van studies aan?
Toch was het zijn plicht om het vaderlijke gezag te laten gelden. Er volgde een pijnlijk intermezzo. We zouden onze vurigheid wat temperen en elkaar nog slechts eenmaal per week ontmoeten.
Tot hart en verstand elkaar steeds meer begonnen tegen te werken.
Dan maar een time-out.
Een zitje op het balkon van mijn hart
We verloren elkaar uit het oog, maar ze verdween niet helemaal.
Ze had zich handig een zitje weten te verwerven op het balkon van mijn hart. Van daaruit liet ze nog geregeld iets van zich horen.
Soms zeggen we het heel oprecht:
“Ik zal je nooit vergeten.”
Maar hoelang duurt nooit?
En eindigt nooit uiteindelijk toch niet ooit?
De menselijke natuur spoort ons aan om lief te hebben en elkaar op te zoeken. Ze waakt immers over het voortbestaan van de mensheid. En dus moeten we daar maar werk van maken.
Laat de verliefdheid maar komen. We zullen haar teder omarmen.
Al doen we soms beter een beroep op ons gezond verstand om die verliefdheid een beetje binnenskamers te houden. Kwestie van de kerk in het midden te laten.
Cupido gaat niet met pensioen
Wanneer hart en geest wat meer gerijpt zijn, wagen we ons misschien minder gemakkelijk in het schootsveld van Cupido.
Hij hoeft het ook niet altijd te gemakkelijk te hebben.
We mogen zelf kiezen hoe we met dit heerschap omspringen. Want ondanks alle liefdevolle bedoelingen kan het nog altijd verkeerd gaan. Maar dat mogen we niet zomaar op rekening van de verliefdheid schrijven.
Twee mensen krijgen de verliefdheid cadeau als fundering voor de bouw van een liefdesleven. Dat is altijd een ernstige onderneming, die overleg, geduld en wederzijdse afspraken vraagt.
En zelfs dan kunnen onverwachte gebeurtenissen nog roet in het liefdesleven strooien.
Verliefdheid krijg je cadeau. Van liefde moet je samen iets maken.
We hebben behoefte aan dat wonderlijke chemische proces van de verliefdheid, aan het dartelende spel van hormonen en boodschapperstoffen in ons lichaam.
Liefst meer dan eens.
Ze houden ons wakker en maken iets speels in ons los. We lachen en zouden soms willen kraaien van plezier, zoals een baby in moeders armen.
Heerlijk toch, om verliefd te zijn!
Het is een tijdloos verschijnsel waarvoor we ons zeker niet hoeven te schamen. Het dekseltje mag af en toe best eens van het keteltje wippen.
Verliefdheid kent geen leeftijd
Laatst zag ik twee mensen op leeftijd elkaar omhelzen alsof ze voor het eerst verliefd waren.
Het was een hartverwarmend tafereel. Ik werd er zowaar lyrisch van, ja, misschien zelfs een beetje verliefd.
Diep in ons hart willen we de liefdesfee nog weleens stiekem aan het werk zetten, ongeacht onze leeftijd.
Och mijnheer, ik zal nooit vergeten hoe ik toen zingend en dansend naar huis liep. En dat zou ik nog weleens willen overdoen!
Intussen zit ik aan mijn bureau en kijk ik diep in de sprookjesogen van mijn liefste. Haar neusje en haar kusmondje zijn enig mooi. Ze houden mijn verliefdheid moeiteloos op peil.
Bovendien beschikt ze over een bijzonder talent om mij aan het verliefde lijntje te houden.
En dus blijf ik maar…
verliefd!
Al blijft er nog één vraag over:
Wat als artificiële intelligentie straks kan voorspellen op wie we verliefd zullen worden?
Zou Cupido zich dan laten vervangen door een algoritme?
Ik hoop van niet.
Thieu Vanhees
Dit is een persoonlijke mening van de auteur. Ze nodigt uit tot nadenken, niet tot gelijk krijgen.








