Het grote wielercircus 2024 is weer gestart. Zondag 31 maart was er de grote klassieker de Ronde van Vlaanderen. Die zondag stond gans Vlaanderen buiten want welke sterveling blijft binnen als de “Ronde“ ergens in je buurt voorbijkomt. En gisteren was het de beurt aan Parijs-Roubaix.
Gisteren was er er Parijs-Roubaix. Dit is wellicht één van de meest lastige wielerwedstrijden van het ganse wielerseizoen: de renners rijden daar over heel lange stukken kasseistroken. En laten die kasseien nu echt iets zijn waar de meeste renners absoluut niet graag over rijden….ik ook niet trouwens.
Ik ben een amateur van de wielersport. Helaas volg ik de meeste grote evenementen op mijn TV-scherm. Ik kan de Ronde van Frankrijk niet zomaar met een mobilhome volgen of in chique hotels verblijven. De Ronde van Italië is veel te ver en het wereldkampioenschap is soms zelfs in een ander werelddeel. Maar de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix….daar sta ik ‘s morgens vroeg voor op. Zoals elke fanatieke wielerfanaat kleed ik mij warm op. Met een documentatiebundel, waarbij ik het parcours tot in de details kan volgen en de lijst met de rugnummers van alle renners, ben ik al heel vroeg vertrokken.
Zoals vele fans van de Ronde van Vlaanderen ken ik de Vlaamse Ardennen omwille van hun toeristisch en gastronomisch aanbod. Met wat geluk kan je de renners vijf, zes maal onderweg onderscheppen. Maar dan nader je op een gegeven moment Oudenaarde en die hele streek is hermetisch afgesloten. Geen nood...er zijn wat horeca-zaken die grote schermen voorzien en dan met een pintje, soms met een bordje frieten met stoofvleessaus, een belegd broodje of doodsimpel met een hot-dog volg je dan de koers tot aan de aankomst. In dat café is iedereen vriend van mekaar. Of je nu een groot kenner bent of je ziet maar één keer per jaar een wielerkoers...iedereen praat er met iedereen. Heerlijk.
Parijs-Roubaix is wellicht even beroemd, even prestigieus en even moeilijk. De kasseistroken zijn absoluut martelwegen. Veelal zijn het geen echte straten maar gewoon een verloren weg in een bos ( zoals het bos van Wallers) of soms al eens een verbindingsweg tussen twee boerderijen of tussen uitgestrekte velden. En dat is ook zo in Orchies waar ik iedere keer een vaste staanplaats probeer in te palmen.
Orchies is een klein stadje in Noord-Frankrijk, een half uurtje rijden voorbij Lille (Rijsel). Daar ligt één van de moeilijkste kasseistroken van bijna vier kilometer lang. Maar vooral….de sportorganisaties van Orchies trekken daar iedere jaar een grote tent op en proberen daar hun inkomsten voor één jaar binnen te halen. Ze verkopen er streekbier en je kunt er super genieten van lokale gastronomische “heerlijkheden” . Hun “ Potjesvlees van Orchies” en hun “ Assiette froide met hesp van de streek” zijn er intussen “wereldberoemd!” Maar vooral de sfeer is er heerlijk. In de grote tent zitten enkele honderden wielerfans naast gewone nieuwsgierigen en dorpelingen van Orchies op een heel groot filmscherm de wedstrijd Parijs-Roubaix te volgen.
Een beetje voor de renners voorbij komen, stormt iedereen naar buiten. Het is zoeken om een goed plaatsje te hebben aan de zijkant van de kasseistrook. En dan wachten op de renners….
Eerst heb je een reeks auto’s van sportbestuurders, assistenten…dan pas merk je hoe stofferig de weg erbij ligt. Wat later de eerste colonne van de Franse politie die iedereen aanmaant de smalle “ Rue de l’ Abattoir “ vrij te houden. Dan volgt de auto van de koersdirectie met het deuntje dat we allemaal kennen “ Rodania “. En dan…..dan zie je de eerste renners. Martelaren van de weg. Hun gezichten vertonen vermoeidheid, pijn en je ziet alleen bestofte en verkrampte gezichten. Sommige met gescheurde truitjes, bebloede knieën…en doffe blik. Er zijn niet veel renners die in Orchies voorbij rijden en die “ nog fris zitten.”
Nauwelijks zijn de renners voorbij of iedereen stormt de tent weer binnen. Het is zoeken naar een zitplaats waar je het grote scherm goed kunt zien. De luidruchtigste supporters zijn de Vlamingen. Bij elke flits van Van Aert, Van Marke of Yves Lampaert worden de Vlamingen half gek. Maar al vlug concurreren ze met het geroep van Italianen, Britten, Schotten….Voor la petite histoire, In 2023 won Mathieu Van der Poel, ook daar alweer.
Op de zondagen 31 maart en 7 april mag je mij nergens verwachten.. We zitten ergens op het parcours van de Ronde van Vlaanderen of Parijs-Roubaix.
Misschien zien we mekaar daar wel? Ik trakteer het eerste pintje.
Enzo Farina kijkt altijd uit naar reacties van lezers van zijn cursiefjes. Je kan dit doen via het mailadres info.cursief@gmail.com.
Enzo schreef ook twee boeken. Eén met 55 volkse verhalen en een heuse vlot lezende roman “ Ludo en Carla “. Meer info? Even de cover van het boek aanklikken hiernaast.







